HST 1: A TOUR OF THE WORLD
Duurtijd (in mnd v recessies in de VS)
Recessies w vaak veroorzaakt door onevenwichtigheden die
een eco in de loop der jaren heeft opgebouwd en die op een
gegeven moment onhoudbaar blijken te zijn
Hoelang het duurt, hangt af hoelang het duurt om de
onevenwichtigheden op te lossen
1.1 DE PANDEMIE VAN 2020
➢ Nieuw virus in Wuhan (China) → lockdown
➢ RoW eerst bezorgd over impact op Chinese eco en handelspartners → global supply chains
o Dacht niet eerst aan globale gezondheidscrisis
➢ Virus in RoW → lockdown in meeste landen
Oorsprong crisis uitzonderlijk:
➢ Normaal: onevenwichten (huismarkt, dot.com bubble)
➢ Nu: exogene en onverwachte schok door virus
3 kanalen waren oorzaak v zware recessie die volgde wereldwijd
1. Productieketens werden verstoord
2. Bedrijven/sectoren waar telewerk nt mogelijk was gingen dicht
3. Daling v/d inkomens leidde tot daling vraag
Hoelang zal recessie duren? (vgl spaanse griep 1918)
➢ Harde lockdown → voorrang geven aan gezondheid mens
o Hoe langer lockdown, hoe lager mortality rate, maar hoe langer recessie zal duren
➢ Lengte recessie tov omvang
Verband tss aantal doden i/e land en grootte v/d eco recessie?
Willekeurige puntenwolk
= gn verband tss de 2 variabelen
1
,GDP bijna terug op oorspronkelijke niveau
Sterke daling, maar ku ook sterk herstel verwachten
Geopol instabiliteit, energiecrisis, inflatie → oorspronkelijk
groeipad nt bereikt
1.2 DE FINANCIËLE CRISIS
Situering:
➢ Tss 2000 en 2007 kende de wereldeconomie een periode van eco groei
➢ In 2007 stortte de huizenmarkt in de VS in
o Grootschalige finan crisis → sterke eco recessie → kelderen aandelenprijzen
o In 2008 3de kwartaal VS output groei neg tot eind 2009
o Door internationale handel en finan verwevenheid → wereldwijde crisis
o Bijna niemand zag crisis aankomen
Hoe?
➢ Wou meer Amerikanen toelaten om huizen te komen (premies + lagere interest voeten)
➢ Vraag nr woningen en = aanbod → prijzen stijgen
➢ Hypotheek leningen werden gegeven aan mensen met risico
o Banken krijgen woning omdat lening nt werd terugbet
o Woning minder waard dan lening
➢ Gevolg:
o Waarde actief zijde banken gingen achteruit
o Banken vertrouwden elkaar niet
o Finan systeem stortte in
o Banken moesten activa verkopen
Vergelijking met coronacrisis:
≠ oorsprong
Finan crisis: Schok in VS in 2008 was relatief beperkt (instorting huizenmarkt)
➢ Balansen v banken werden getroffen + daling aandelenkoersen mt 4%
➢ Crisis legde aantal problemen in finan wereld bloot
o Wat moest w hersteld waren banken
o Bedrijven en consumenten werden niet direct getroffen door de schok
o Het beleid begon bij de banken
2
,Covid-pandemie: daling v output (door lockdowns)
➢ Eerst: gezondheidscrisis, nadien focus op ondersteuning
➢ Beperkte impact op finan systeem
➢ Korte doorlooptijd?
Energiecrisis van 2022-2023:
Gelijkenissen met de oliecrisis vd jaren 70’?
➢ Ja, zeer sterke toename van energieprijzen op zeer korte tijdspanne
o Nu: prijsstijging blijft (voorlopig) beperkt
➢ Maar,
o Recessie blijft uit
o Begrotingstekort minder opgelopen, maar initiële schuldgraad was hoger
➢ Redenen:
o Energie/BBP is vandaag lager dan in de jaren 70’
▪ Naar dienstensamenleving → minder energie-intensieve input vd overheid
o Snellere reactie monetair beleid vandaag
▪ Monetair beleid verandert in jaren 90’
Inflatie:
Hoog tss mid 2021 en mid 2023: Redenen:
➢ Relance na de pandemie en problemen aan aanbodzijde (tekorten van goederen/grondstoffen)
➢ Verergerd door expansief herstelbeleid ???
➢ Vooral: toename energie- en voedselprijzen na Russische inval in Oekraïne (2022)
➢ Graaiflatie = Bedrijven lieten prijzen niet zakken bij daling van productiekosten
o = greedlfation of sellers’ inflation
➢ Klassieke kanaal van loon-prijsspiraal
1.3 DE VERENIGDE STATEN
Situering:
De Amerikaanse eco is groot & Levensstandaard in de VS hoog
Economen kijken naar:
➢ Outputgroei (Gy)
o De snelheid waarmee de productie verandert
➢ Werkloosheidsgraad (u)
o % werknemers in de eco dat geen baan heeft en op zoek is nr werk
➢ Inflatiegraad (π)
o Tempo waarin de gemid prijs van goederen in de eco in de loop vd tijd stijgt
Effecten financiële crisis:
➢ Niet of nauwelijks meer voelbaar in de Amerikaanse eco
➢ Was interestvoet al terug aan het verhogen vr corona
o ECB deed dit nog niet (EU)
3
,Aandachtspunten VS:
➢ Lage beleidsrente
➢ Lage productiviteitsgroei
➢ Tekort op de handelsbalans
o Import > export
o Stijgende schuld vd VS aan andere landen
o Trump probeert hieraan iets te doen adhv tarieven
Federal Funds Rate:
Fed = centrale bank VS
Waarom kan de Fed rate niet onder 0?
➢ Beperking is gekend als de zero lower bound
➢ Wnr de nominale interestvoet neg zou w, zou ied verkiezen om cash te houden (waar je min 0% op
krijgt) ipv obligaties aan te kopen (=liquiditeitsval)
Waarom zijn te lage intrestvoeten een potentieel probleem?
➢ Lage intrestvoeten beperken de mogelijkheden vd Fed om adequaat te reageren op neg schokken
in de toekomst
o Ku gn traditioneel monetair beleid voeren door interestvoet te dalen om crisis te helpen
➢ Lage intrestvoeten ku ervoor zorgen dat investeerders meer risico nemen
Productiviteitsgroei:
➢ Speelt een belangrijke rol in de LT toenames vd output per capita
o Maar groei vertraagt sinds 2010
➢ Daling productiviteitsgroei zorgwekkend omdat ze de levensstandaard vd armeren in de
maatschappij onevenredig overtreft
➢ Stijging dienstensector → daling productiviteitsgroei → mindere groei eco
➢ Hvl groei is genoeg?
1.4 DE EUROZONE
Situering:
Europese Unie = Groep van 27 Europese landen met een gem markt
1999: oprichting muntunie: € in 2002
In tegenstelling tot de VS, EU minder snel hersteld vd finan crisis
➢ EU onderliggend andere problemen: beleidsrente die moet afgestemd w op meerdere landen
➢ Output groei nog steeds lager dan gemid vr crisis
Problemen Europese Unie:
➢ Hoe kan de werkloosheidsgraad teruggedrongen worden?
➢ Hoe kan de gem munt op een efficiënte manier gebruikt worden?
4
,Werkloosheidsgraad:
➢ Gemiddelde werkloosheidsgraad in 2018 hoog
o Maar grote verscheidenheid op landenniveau
➢ Hoge werkloosheid was een direct gevolg vd fin-eco crisis
o Enkele economen geloven dat arbeidsmarktrigiditeiten aan de basis liggen van deze
problemen (vb. te hoge bescherming van wn)
o Arbeidsmarktrigiditeiten: structurele obstakels op de arbeidsmarkt die economische
aanpassing vertragen
➢ Ooit omgekeerd dat onze lager was dan VS
De euro (€):
Voorstanders euro:
➢ De eco voordelen door het wegvallen van wisselkoersrisico’s
➢ Haar bijdrage tot het aanzien van Europa als een belangrijke economische wereldspeler
Tegenstanders euro:
➢ De nadelen v/e gem monetair beleid vr een grote diversiteit aan eurolanden
➢ Het verlies vd wisselkoers als aanpassingsinstrument binnen de eurozone
ECB = Europese Centrale Bank
➢ 0% vr uitbreken coronacrisis, dus konden gn traditioneel beleid uitvoeren door het te verlagen
Europese Green Deal
➢ Plan van de EU om in 2050 klimaatneutraal te w
➢ Moeilijk proces
Brexit:
Vooral oudere mensen stemden vr de Brexit
Jongere mensen waren tegen
1.5 CHINA
Situering:
➢ Levensstandaard lager dan in VS en EU
➢ Output 60% vd VS, terwijl bevolking 4x zo groot
➢ Output per capita 15% vd VS
➢ Eco groei reeds 4 decennia een zeer sterke groei (inhaalbeweging)
5
,Economische groei:
Sterke groei door een sterke kapitaalaccumulatie en technologische vooruitgang
Na finan crisis: groeivertraging
➢ Wordt gezien als een gewenste beleidsinterventie (bewuste keuze)
o Groot deel vd output gaat nr consumptie ipv investeringen
1.6 VOORUITBLIK
Draghi Rapport
➢ Europa’s economische actieplan vr het komende decennium
➢ Gericht op een investeringsgolf en industriële versterking om de Unie concurrerend te houden
tegenover Amerika en China
Nationally Determined Contributions
= nationaal vastgestelde (klimaat)doelstellingen
Een eco die groeit → meer energieuitstoot
OESO = Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling
➢ Verzamelen data vr de rijkste landen
IMF = Internationaal monetair fonds
➢ Vr landen die geen lid zijn vd OESO
➢ Omvatten belangrijke bronnen v info
➢ Publiceren 2x per jaar een World Economic Outlook
o Een analyse vd macro-economische ontwikkelingen op wereldniveau
Eurostat:
➢ Omvat veel economische info vr de EU
HST 2: A TOUR OF THE BOOK
2.1 (GEAGGREGEERDE) OUTPUT
Systeem van Nationale Rekeningen (SNR):
= Een boekhoudsysteem dat de totale eco activiteit meet, ontwikkelt aan het einde van WOII
De maatstaf vr de geaggregeerde output in de SNR is het Bruto Binnenlands Product (BBP)
6
,Def geaggregeerde output in eco
➢ Productie (finale goederen of toegevoegde waarde), Inkomen en Bestedingen
➢ Equivalente
o De uitkomsten v/d drie manieren zijn aan elkaar gelijk → ze leveren hetzelfde BBP op
Intermediair goed: goed dat gebruikt wordt i/h productieproces v/e ander goed
1) Het BBP is de waarde vd finale G&D die in een eco geproduceerd worden in een bepaalde periode:
➢ Enkel kijken nr finale goederen, niet intermediaire goederen
➢ Goederen ku zowel finaal als intermediair zijn
o Bv. Aardappel:
▪ Intermediair: gebruikt om frieten te maken
▪ Finaal: kan op zichzelf gebruikt worden om te eten
2) Het BBP is de som vd toegevoegde waarde in een eco gedurende een bepaalde periode
➢ Toegevoegde waarde = Waarde v/d output – waarde v/d intermediaire goederen gebruikt in
productieproces
➢ Productiezijde
➢ Het BBP is de som van alle toegevoegde waarde in de hele eco
3) Het BBP is de som vd inkomens in een eco gedurende een bepaalde periode
➢ Geaggregeerde productie = geaggregeerde inkomen
➢ Aanbieden van productiefactoren:
o Arbeid
o Kapitaal
➢ Inkomensperspectief: toegevoegde waarde = som van arbeidsinkomen en inkomen uit kapitaal/
winsten
Daling loonsaandeel
Kan aandachtspuntn zijn
Soorten BBP:
1) Nominaal BBP (€Yt)
= De som vd hoeveelheden geproduceerde finale goederen * huidige prijs
7