• Mauvais document ? Échangez-le gratuitement
  • Rédigé par des étudiants ayant réussi
  • Disponible immédiatement après paiement
  • Lire en ligne ou en PDF
Vendre
Où étudie-tu ?
La langue
Document preview thumbnail
Aperçu 4 sur 52 pages
Resume

Samenvatting Communicatiewetenschap | UA | 2026/27

Document preview thumbnail
Aperçu 4 sur 52 pages

Een overzichtelijke en heldere samenvatting van de belangrijkste theorieën, begrippen en modellen uit het vak Communicatiewetenschappen. De leerstof wordt op een gestructureerde en begrijpelijke manier uitgelegd, met aandacht voor communicatieprocessen, mediatheorieën en de invloed van media op mens en maatschappij. Ideaal om de lessen bij te houden, de belangrijkste inzichten te verwerken en je efficiënt voor te bereiden op het examen. Met gebruik van deze samenvatting haalde ik voor het examen een 13/20.

Aperçu du contenu

Communicatiewetenschappen

30/09/2025
HT1: Inleiding
- communicatiewetenschap = bepaalde modellen, theorieën en empirisch onderzoek
gebruiken om fenomenen uit realiteit te testen
→ kwantitatief: inhoudsanalyse, survey, experiment, meta-analyses
→ kwalitatief (hoe & waarom): inhoudsanalyses, diepte-interviews,
focusgroups
⇒ wetenschappelijke literatuur, journals
vb: social learning theory met analyse

= op stand gekomen na WO2
→ 4 bouwstenen v Heath & Bryanth:
- retoriek: taalgebruik, kenmerken v publiek, persoonlijkheid, inhoud & structuur
→ Aristoteles: 3 intrinsieke middelen om publiek te overtuigen
● ethos
● pathos
● logos
- propaganda & media-effecten:
- informatietheorie:
- groepsdynamica:

HT2: Basisconcepten
- Wat is communicatie?
= overdracht of uitwisseling v informatie
→ overdracht = klemtoon op zender die informatie overdraagt aan ontvanger,
eenrichtingsverkeer
→ uitwisseling = gemeenschappelijk maken v ideeën → dynamisch proces, beide
mensen gelijkwaardig
- wetenschappelijke definities → niet kennen, maar weten dat ze afhangen
v tijdsgeest en plaats = verschillende invalshoeken
- 2 belangrijke perspectieven:
1. processchool: communicatie = transmissie v boodschappen
→ comm = beïnvloedingsproces
→ nadruk hoe zender & ontvanger encoderen & decoderen, hoe kanalen & media
efficiënt en accuraat kunnen ingezet
- verschil output & input = fout

2. betekeniscreatieschool: communicatie = productie & uitwisseling v betekenissen
→ nadruk op hoe boodschappen interageren met mensen om betekenissen tot
stand te brengen
- afwijking zender & ontvanger ≠ fout

,→ richt zich op materiële = producten v communicatie, vb: krantenartikels,
reclamespots, etc.



Breek- of discussiepunten
- Intentionaliteit
→ teleologische opvatting = intentie bij zender & ontvanger
→ gedragsopvatting = intentie hoeft er niet te zijn ( niet communiceren = ook communiceren)
⇒ probleem: intentionaliteit = moeilijk vast te stellen
- passief-actief model v McQuail
(GC = geslaagde communicatie)
- Geslaagdheid
→ Fauconnier: GC = transmissie v boodschap die aankomt bij bedoelde
ontvanger, die juist geinterpreteerd wordt & juiste uitzerking heeft

- Richting
→ eenrichtings- of tweerichtingsverkeer?
- processchool = 1, want je bent beide tot er iemand antwoordt
- gedragscommunicatie = 2

- Observatieniveau
→ algemeen of enkel menselijke communicatie
→ niveaus:
1. intrapersoonlijk: met jezelf
2. interpersoonlijk: met ander persoon
3. communicatie in groepen
4. organisatiecommunicatie: hiërarchisch
5. massacommunicatie: krant, radio, TV, etc.
- technologische evoluties: observatieniveau, vb: AI

Elementen v communicatieproces
1. Bron / zender
- als er onderscheid is: bron = communicator, zender = medium
→ zo niet? zender = communicator
- zender encodeert & stuurt door
→ macht v zender is groot
2. Ontvanger
- onderscheid: bestemmeling = communicator, ontvanger = medium
→ zo niet? ontvanger = communicator
- ontvanger decodeert & interpreteert
→ na zenderdominantie, meer aandacht voor ontvanger
3. Boodschap
= datgene wat wordt uitgedrukt door zender & overgedragen naar ontvanger
- tekens = verbale / non-verbale stimuli, vb: wenkbrauw die fronst

,→ signifiant (: visuele voorstelling/ woord = ook voorstelling) vs
signifie (: wat er in je hoofd zit, idee v iets, mentaal concept)
- symbolen: geen natuurlijke relatie ( geen relatie tussen taal en een concept zelf, hond
noemen na er een afspraak over is gemaakt ), vb: middelvinger
- iconen: fysieke gelijkenis tussen betekenaar & betekende ( foto is een icoon van uzelf)
- indices: sensorische ervaring A verwijst naar B, vb: het ruikt naar
versgebakken koekjes → mama heeft koekjes liggen bakken
4. Signaal
- dragers v tekens (vb:
→ primair = natuurlijk : zintuiglijke prikkels
→ secundair = technisch
- mechanische wijze = pen, potlood
- elektronische wijze = elektronische s
- troomstootjes
5. Kanaal
= drager v signalen, overbrugt scheiding zender & ontvanger
= weg/ materie, vb: lucht waardoor mijn woorden vliegen naar het oor van Kirsten

6. Medium
= object dat boodschap draagt / technisch middel om boodschap om te zetten in signalen die
verzonden & ontvangen kunnen worden via kanaal dat tijd &/ruimte overbrugt
→ onduidelijkheid over face-to-face comm = stem als medium? / niet-
gemedieerd?

- classificatie obv soort signaal / graad interactiviteit/tweerichtingsverkeer die ze toelaten
1. Allocutie: controle over overgedragen info & tijd + keuze van object = centraal
2. Registratie: controle over tijd = centraal, controle over overgedragen info = individueel
vb: survey v Youtube, kijkcijfers, niet-noodzakelijke cookies → je kiest
of je het wilt laten registreren
3. Consultatie: controle over tijd & onderwerp = centraal + controle over overgedragen info
= individueel
vb: Netflix, Wikipedia, Google
4. Conversatie: controle over tijd & overdragen info = individueel + keuze v object =
individueel

- sociale media = media?
→ onderverdeling onder druk: alle 4 classificaties in 1 platform
→ meta medium

7. Ruis
= elke stimulus die ontvangst v boodschap belemmert
- soorten ruis:
● fysieke/mechanische ruis
● psychologische ruis

, ● fysiologische ruis
● semantische ruis = gebrek aan kennis v gebruikte codes / verkeerde connotatie

8. Feedback
- verbaal / non-verbaal
- onmiddellijk / uitgesteld
- mogelijkheid verschilt sterk per kanaal / medium

HT2: Communicatiemodellen
= vereenvoudigde voorstelling die voornaamste elementen v communicatieproces &
onderlinge relaties tonen
- functies:
● Organiseren: realiteit voorstellen/ordenen → abstractie maken,
voornaamste elementen verbinden
● Verklaren: hoe het verloopt en in welke condities het is geslaagd / niet
● Voorspellen: hoe denk je dat de relaties kunnen zijn & dan testen adhv onderzoek
- Structurele modellen: elementen apart ontleden, oplijsting zender ontvanger medium &
boodschap
- Functionele modellen: bekijken de relaties tussen die elementen

Basismodellen Op examen→
model kunnen uitleggen & plaatsen in de tijd
1. Communicatieformule v Lasswell, 1948
- propaganda werd ingeschakeld om iets te bereiken
→ Formule: wie zegt wat, via welk kanaal, tegen wie, met welk effect?
● Wie? = communicator / zender = controlestudies, vb: analyse v pol leiders die
propaganda inschakelen
● Zegt wat? = boodschap = inhoudsanalyse, analyse v woorden
● Via welk kanaal? = medium = media-analyse, welk medium bij bepaald onderwerp
● Tegen wie? = ontvanger = publiekanalyse, onderzoek doen naar wie de mensen zijn
en hoe je deze het best kan bereiken
● Met welk effect? = effect = effectenanalyse, vb: verkiezingscampagne op
stemresultaten
→ massacommunicatie = propaganda, processchool = eenrichtingsverkeer, geen
aandacht op ontvanger & zender heeft duidelijk doel
= structureel, afzonderlijke elementen

2. Model v Shannon & Weaver, 1949 → KENNEN
- ontstaan in tijd v telefoon, dit wordt ook voorgesteld
→ bellen naar iemand
- mech. & fys. ruis = gelinkt aan kanaal, vb: GSM plat, wifi die
wegvalt
→ processchool = eenrichtingsverkeer, zender
heeft doel, beïnvloedingsproces kan fout lopen =

Infos sur le Document

Publié le
13 octobre 2026
Nombre de pages
52
Écrit en
2026/2027
Type
Resume
€10,99

Mauvais document ? Échangez-le gratuitement Dans les 14 jours suivant votre achat et avant le téléchargement, vous pouvez choisir un autre document. Vous pouvez simplement dépenser le montant à nouveau.
Rédigé par des étudiants ayant réussi
Disponible immédiatement après paiement
Lire en ligne ou en PDF

Vendu
0
Abonnés
0
Éléments
4
Dernière vente
-



Pourquoi les étudiants choisissent Stuvia

Créé par d'autres étudiants, vérifié par les avis

Une qualité sur laquelle compter : rédigé par des étudiants qui ont réussi et évalué par d'autres qui ont utilisé ce document.

Le document ne convient pas ? Choisis un autre document

Aucun souci ! Tu peux sélectionner directement un autre document qui correspond mieux à ce que tu cherches.

Paye comme tu veux, apprends aussitôt

Aucun abonnement, aucun engagement. Paye selon tes habitudes par carte de crédit et télécharge ton document PDF instantanément.

Student with book image

“Acheté, téléchargé et réussi. C'est aussi simple que ça.”

Alisha Student

Foire aux questions