• Mauvais document ? Échangez-le gratuitement
  • Rédigé par des étudiants ayant réussi
  • Disponible immédiatement après paiement
  • Lire en ligne ou en PDF
Vendre
Où étudie-tu ?
La langue
Document preview thumbnail
Aperçu 8 sur 146 pages
Resume

Samenvatting Biologische Psychologie II | Juliet Scales | VUB | 2026/27

Document preview thumbnail
Aperçu 8 sur 146 pages

Alle mensen die ze tot nu toe hebben gebruikt zijn geslaagd voor dit vak! Dit is een volledige samenvatting van Biologische Psychologie II: functies (BA2 Sem 1) aan de Vrije Universiteit Brussel. Deze samenvatting bevat uitgebreide informatie samengesteld adhv de powerpoint presentaties en de HOC's. Het document behandelt vijf hoofdstukken: zicht (retina, visuele cortex, kleur- en vormperceptie), gehoor en evenwicht, tastzin en smaak, motoriek (spieren, reflexen, corticale structuren) en stress met biologische ritmes en slaap. Uitstekend voor examenvoorbereiding en het structureren van alle kernconcepten uit de cursus.

Aperçu du contenu

Biologische Psychologie II
Juliet Scales
SEM 1 BA2

, 2


Inleiding​ 6
1. structuren en voorkennis​ 6
2. Netwerkstructuren voorbeelden​ 6
Netwerkstructuren: feedback – feedforward – …​ 7
3. Inleiding zintuigen​ 9
Definitie​ 9
Receptoren​ 10
Zintuiglijke verwerking​ 10
H1: Het zicht​ 13
1. Het oog​ 13
1.1. De stimulus: licht​ 13
Licht​ 13
Fotonen​ 13
1.2. Anatomie van het oog​ 14
1.2.1. Macro-anatomie​ 14
1.2.2. Fixatie en oogbewegingen​ 15
1.2.3. Evolutie​ 15
1.3. De retina​ 16
1.3.1. Opbouw​ 16
1.3.2. Fotoreceptoren​ 17
1.3.3. Bipolaire cellen​ 19
1.3.4. Ganglioncellen​ 20
1.3.5. Horizontale en amacrine cellen​ 21
1.3.6. Centraal en perifeer zicht​ 22
1.2. Hersenregio’s betrokken bij visuele processen​ 23
1.2.1. Overzicht van het visueel circuit​ 23
2.2.2. LGN​ 24
2.2.4. cortex (extra)striata​ 25
1.3. Kleurperceptie​ 26
1.3.1. Ganglioncellen: licht en donker (= waarneming van helderheid)​ 26
1.3.2. Rol van de retina (= waarneming van tint)​ 30
1. Aantal kegeltjes​ 30
2. Evolutie van kleurzicht​ 30
3. Fotoreceptoren en kleurenblindheid​ 31
4. Koppeling met ganglioncellen​ 32
5. Nabeelden​ 33
1.3.3. Cortex striata​ 34
1.3.4. Cortex extrastriata​ 34
1.4. Vormperceptie​ 35
1.4.1. Spatiale frequentie​ 35
1. Hoge en lage spatiale frequenties​ 37
2. onderzoeken​ 40
1.4.2. Cortex striata​ 42
1.4.3. Cortex extrastriata​ 43
1. Cortex extrastriata bij primaten​ 43

, 3
2. Cortex extrastriata bij mensen​ 43
1.5. Perceptie van spatiale locatie​ 46
1.5.1. Rol van de retina​ 46
1.5.2. Cortex striata​ 46
1.5.3. Cortex extrastriata​ 46
1.6. Perceptie van oriëntatie en beweging​ 48
1.6.1. Cortex striata​ 48
1.6.2. Cortex extrastriata​ 48
1. Dierenproeven​ 48
2. Mensen​ 49
H2: Gehoor, evenwicht, tast, smaak en geluid​ 50
2.1. Gehoor​ 50
2.1.1. De stimulus: geluid​ 50
2.1.2. Anatomie van het oor​ 51
1. Buitenoor​ 51
2. Middenoor​ 52
3. Binnenoor​ 52
2.1.3. Haarcellen en transductie​ 54
1. Basismechanisme van transductie​ 54
2. Buitenste haarcellen​ 54
3. Binnenste haarcellen​ 55
4. Cochleair implantaat​ 55
5. Transductie​ 55
2.1.4. Het auditieve circuit​ 56
1. De gehoorzenuw​ 56
2. Subcorticale structuren​ 56
3. Auditieve cortex​ 57
2.1.5. Toonhoogte​ 58
2.1.6. Volume​ 59
2.1.7. Timbre​ 59
2.1.8. Spatiale locatie​ 59
1. Lokalisatie door binaurale verschillen​ 60
2. Lokalisatie door timbre​ 61
2.1.9. Complexe geluiden​ 61
2.2. Evenwicht​ 62
2.2.1. Anatomie van het vestibulair systeem​ 62
1. Semicirculaire kanalen van het Dynamische Labyrint​ 63
2. Vestibulaire zakjes van het Statische Labyrint​ 64
3. Transductie​ 64
2.2.2. Het vestibulaire circuit​ 64
1. Praktische/klinische toepassingen​ 65
2.3. Voelen​ 65
2.3.1. De stimuli​ 65
2.3.2. Anatomie van de huid​ 66
1. Epidermis, dermis, onderhuidse vetlaag​ 66
2. Receptoren​ 66

, 4
2.3.3. Stimulatie van de huid​ 68
1. Aanraking​ 68
2. Temperatuur​ 69
3. Pijn​ 69
2.3.4. Het somatosensorische circuit​ 70
1. Subcorticaal​ 70
2. Corticaal​ 71
2.3.5. Pijn​ 72
1. Fantoompijn​ 72
2. Endogene analgesie​ 73
3. Endogene analgesie: placebo​ 74
4. Endogene analgesie: functie​ 74
5. Chronische pijn​ 75
6. Zelfverwondend gedrag (NSSI)​ 75
2.4. Smaak​ 78
2.4.1.De stimuli​ 78
2.4.2. Anatomie van de smaakpapillen en smaakcellen​ 79
2.4.3. Smaakperceptie​ 79
2.4.4. Het smaakcircuit​ 80
2.5. Geur​ 81
2.5.1. De stimulus​ 81
2.5.2. Anatomie van het olfactieve apparaat​ 83
2.5.3. Transductie​ 85
2.5.4. Perceptie van geuren​ 86
H3: Motoriek​ 87
3.1. Skeletspieren​ 87
3.1.1. Anatomie​ 87
3.1.2. Contractie​ 87
3.1.3. Sensorische feedback​ 88
3.2. Motoriek en het ruggenmerg​ 88
3.2.1. Monosynaptische stretchreflex​ 88
3.2.2. Polysynaptische reflexen​ 90
3.3. Motoriek en het brein​ 91
3.3.1. Dalende banen​ 91
1. Laterale groep​ 91
2. Ventromediale groep​ 92
3.3.2 Corticale structuren​ 92
1. Primaire motorische cortex – Broadman Area 4​ 92
3.3.3. De motorische associatiecortex​ 93
1. SMA​ 94
2. Pre-SMA​ 95
3.3.4. Subcorticale structuren​ 97
1. Reticulaire formatie​ 97
2. Cerebellum (de kleine hersenen)​ 98
3. Basale ganglia​ 99
3.4. Complexe motoriek​ 103

, 5
3.4.1 Spiegelneuronen​ 103
3.4.2 Corollary discharge​ 107
H4: Stress​ 111
4.1. De stress respons​ 111
4.1.1. Fysiologie​ 111
4.2. Stress en evolutie​ 113
4.3. Prenatale stress​ 114
4.3.1. De rol van zorg​ 115
4.3.2. Hippocampus​ 115
4.4. Stress, de mens en psychopathologie​ 116
4.4.1. Adaptiviteit van de stressrespons​ 116
4.4.2. Invloeden op mentale stress​ 116
4.4.3. Psychopathologie​ 117
4.4.4. Adaptiviteit​ 117
4.5. Gezondheid en stress​ 118
4.5.1. Lange termijn gezondheidseffecten van stress​ 118
4.5.2. Psycho-neuro-immunologie​ 118
H5: Biologische ritmes en slaap​ 120
5.1. Wat is slaap?​ 120
5.1.1. Slaapstadia​ 120
De stadia​ 122
Slaapspoelen & K-complex​ 124
Verloop slaap​ 125
5.2. Waarom slapen we?​ 127
5.2.1. Functies van de SWS-slaap​ 127
Slaapdeprivatie​ 127
Fysieke activiteit en SWS-slaap (= trage-golf slaap)​ 128
Mentale activiteit​ 128
5.2.2. Functies van de REM-slaap​ 129
5.2.3. Slaap en leren​ 129
5.4. Fysiologische slaap-/waakmechanismes​ 131
5.4.1. Neurale controle van slaap​ 131
5.4.2. Neurale controle van waakzaamheid​ 132
Acetylcholine​ 132
Noradrenaline​ 133
Serotonine​ 134
Histamine​ 135
Orexine​ 135
5.4.3. Neurale controle van slaap/waak overgangen​ 136
5.4.4. Neurale controle van REM-transitie​ 138
5.5. Slaapstoornissen​ 140
1. Insomnie​ 140
2. Narcolepsie​ 142
5.5.3. REM-slaap gedragsstoornis​ 143
5.5.4. SWS problemen​ 143
5.6. Biologische klokken​ 143

, 6
5.6.1. Circadiaanse ritmes​ 143
5.6.2. Nucleus suprachiamsaticus​ 145
5.6.3. Pijnappelklier en melatonine​ 147
5.6.4. Shiften en jet lag​ 147
Het examen​ 148



Inleiding
1. structuren en voorkennis
Biologische psychologie I:
Evolutie en gedragsgenetica: overerfbaar DNA (eiwitten) → fysieke structuren → gedrag
vb. heritabiliteit IQ geschat op 50%

→ Kennis over deze keten is belangrijk omdat:
Ingrijpingen op lichaam = Psyche veranderen (vb: medicatie)
Bepaalde denkprocessen = fysieke reacties (vb: breinactivatie in bepaalde regio)
= lichaam en psyche beïnvloeden elkaar

●​ Micro- en macrostructuur van het zenuwstelsel
= een samenwerking, geen entiteit op zich (kan samenwerken met andere processen, maar die
worden niet behandeld)

Belangrijkste onderzoeksmethoden → herhalen

Biologische psychologie II: functies
= Toepassing van kennis uit Bio psychologie I
●​ Inzoomen op processen in specifieke deelstructuren
○​ Zintuigen: meest basale psychische functies
○​ Motoriek: bijna alle gedrag is motorisch van aard (vb: spreken)
○​ Slaap en biologische ritmes: beïnvloedt globale toestand van de psyche
○​ Stress

●​ Uitermate breed en gespecialiseerd vakgebied; kennis verandert voortdurend
●​ Algemeen over belangrijkste functies, dieper ingaan op specifieke aspecten ter illustratie
(e.g. zicht)
●​ Belang van netwerkstructuren in psyche <> functies hebben locatie in het brein

⇒ Specifieke gedragingen linken aan specifieke delen/functies van het brein: alles hangt samen
maar bekijken het apart


2. Netwerkstructuren voorbeelden


figuur:
-​ Neuron A stuurt via axon informatie over de synaps naar de dendrieten van neuron B
-​ Hier exciterende invloed (+)
-​ Basistoestand is extreem negatief; kortstondig positief dan actiepotentiaal; Alles of niets

, 7
-​ Negatief in rusttoestand kost energie om negatief te blijven, maar dit heeft een voordeel –
het onderdrukt ruis. M.a.w. een actiepotentiaal dat niet bedoeld was, wordt niet verder
doorgegeven.

Eenvoudige keten:




Convergentie ●​ info. dat in verschillende neuronen zit, wordt naar 1 neuron
gestuurd
●​ Aantal neuronen daalt!

-​ kwantitatieve integratie; samenvoegen van gelijkaardige
informatiebronnen
-​ doel: versterken zwak signaal
vb. fotoreceptoren bij schemering
-​ kwalitatieve integratie; verschillende soorten info bundelen
-​ doel: betere interpretatie van de omgeving
vb. fotoreceptor + oogbeweging = waar is object

Herverdeling van ●​ N.B.: totaal aantal neuronen in het netwerk blijft hetzelfde bij
informatie zowel convergentie als divergentie
○​ → aantal neuronen die informatie dragen veranderen

●​ info bundelen (convergentie) vs info herverdelen (divergentie)




Divergentie ●​ Het aantal neuronen stijgt
●​ Functies:
-​ Opsplitsen vb. info moet naar Ce en Cortex
-​ Versterken vb.een neuron die volledige spiergroep doet bewegen



Netwerkstructuren: feedback – feedforward – …

Feedback Minimaliseren van ruis
●​ Neuron A doet B en C vuren
○​ B en C worden geëxciteerd door A
○​ B geeft deze info naar de volgende neuronen door
●​ Negatieve projectie van neuron C naar A
○​ C gaat A inhiberen
○​ hierdoor wordt het signaal van A meer specifiek
●​ bemoeilijkt het vuren A, maakt de kans op temporele summatie bij
B kleiner.
●​ B zal wss ook info van andere neuronen moeten krijgen om tot
vuren te komen.

Feedforward Minimaliseren van ruis
●​ Neuron A doet B en C vuren (A exciteert B en C)
●​ Negatieve projectie van neuron C naar B, bemoeilijkt het vuren B.
●​ Grote activiteit in A, zal tot meer beperkte activiteit leiden in B
wanneer C actief is.

, 8
●​ A kan bv zeer sensitief zijn, feedforward zorgt dan dat er geen
valse negatieven worden geregistreerd.

Scherpe en doffe Feedforward netwerk
pijn ●​ Komt voor in het pijnnetwerk
●​ A voelt druk, wordt in B gedetecteerd als scherpe pijn op
nauwkeurige plek
○​ functie = waarschuwing!
●​ C zal acute pijnregistratie dempen
○​ = evolutionair adaptief
●​ Neuron D is trager, minder gemyeliniseerd, zal demping C op B
opheffen zodat toch doffe, diffuse, zeurende pijn wordt ervaren
○​ functie = wees voorzichtig!
> biologische achtergrond van iets zo simpel als pijn, kan heel complex
zijn

Laterale inhibitie Minimaliseren van ruis
●​ eerste laag neuronen geeft exciterende informatie aan de tweede
laag (A,C,E)
●​ neuronen in de eerste laag inhiberen elkaar (C)
Vb. spatiale nauwkeurigheid bij tastreceptoren om twee punten op huid te
onderscheiden. Lukt beter op handen vs rug.

Er gaat maar 1 specifiek signaal winnen en dat is de info die uiteindelijk
doorkomt tot het brein =
Winner takes it all netwerk.

Coïncidentie Vb. Spatiale lokalisatie van geluid zonder zicht.
Detector
●​ Axonen van rechter en linker oor geven beide info aan neuronen
(beige bollen) over het horen van geluid.
●​ Locatie van de bron van geluid, bepaalt wanneer het geluid toe
komt aan elk oor. Specifiek neuron zal vuren afhankelijk van het
verschil in tijd tussen de twee oren.

> relatief simpele netwerkstructuren kunnen worden ingezet voor
uiteenlopende functies!
>> zelfde bouwstenen met andere architectuur kan een helemaal andere
functie hebben

Infos sur le Document

Publié le
29 septembre 2026
Nombre de pages
146
Écrit en
2026/2027
Type
Resume
€10,16

Mauvais document ? Échangez-le gratuitement Dans les 14 jours suivant votre achat et avant le téléchargement, vous pouvez choisir un autre document. Vous pouvez simplement dépenser le montant à nouveau.
Rédigé par des étudiants ayant réussi
Disponible immédiatement après paiement
Lire en ligne ou en PDF

Seller avatar
Les scores de réputation sont basés sur le nombre de documents qu'un vendeur a vendus contre paiement ainsi que sur les avis qu'il a reçu pour ces documents. Il y a trois niveaux: Bronze, Argent et Or. Plus la réputation est bonne, plus vous pouvez faire confiance sur la qualité du travail des vendeurs.
julietscales
5,0
(4)
Vendu
13
Abonnés
0
Éléments
10
Dernière vente
3 mois de cela



Pourquoi les étudiants choisissent Stuvia

Créé par d'autres étudiants, vérifié par les avis

Une qualité sur laquelle compter : rédigé par des étudiants qui ont réussi et évalué par d'autres qui ont utilisé ce document.

Le document ne convient pas ? Choisis un autre document

Aucun souci ! Tu peux sélectionner directement un autre document qui correspond mieux à ce que tu cherches.

Paye comme tu veux, apprends aussitôt

Aucun abonnement, aucun engagement. Paye selon tes habitudes par carte de crédit et télécharge ton document PDF instantanément.

Student with book image

“Acheté, téléchargé et réussi. C'est aussi simple que ça.”

Alisha Student

Foire aux questions