Vak enkel samenvatten in titels en belangrijke termen:
H1. Algemene inleiding
Algemene inleiding
Anatomie= studie van inwendige en uitwendige structuren van organismen
Microscopische anatomie histologie= weefselstudie
Klassieke lichtmicroscoop:
- Optische onderdelen
- Fijn-mechanische onderdelen
BORDSCHEMA
Resolutie/ oplossend vermogen= minimale afstand nodig tussen 2 punten om
ze afzonderlijk waar te nemen afhankelijk van objectief
Numerieke apertuur (NA)= waarde die in waarde de resolutie bepaalt
NA =n ×sinμ
= brekingsindex . grootste invalshoek tov de normaal
Gebruik van immersie-olie: n(immersie-olie)= n(glas)
Köhler verlichting in 6 stappen!
Soorten weefselcoupes
1) Paraffine coupes (langdurige opslag)
2) Vriescoupes (snelle diagnose)
Kleuring & contrastvorming principes!
- Hematoxyline-eosine kleuring
Interpretatie microscopische beelden: Artefacten (= coupe ontstaat na
ingrijpende behandelingen van het weefsel eindresultaat stemt niet altijd
overeen met werkelijkheid)
- Autolyse
- Krimp artefact
- Neerslag van fixatieven
- Plooien
- Scheurtjes in de coupe omdat snijvlak vd microtoom onvoldoende scherp is
- Ruwe behandeling van het weefsel
1
Student: Janne Weyers
Prof: Wouters Mira
,Anatomische posities en richtingen
Standaard anatomische posities
4 denkbeeldige vlakken (gebruikt in radiologie en
nucleaire geneeskunde):
1) Sagittaal vlak
2) Midsagittaal vlak
3) Frontaal vlak
Dorsum
Venter
4) Transversaal vlak
Cranium
Cauda
Anatomische richtingen:
Richting Tegenovergesteld
e
Anterior Posterior
Ventraal Dorsaal
Superior Inferior
Craniaal Caudaal
Mediaal Lateraal
Proximaal Distaal
Anatomische richtingen voor handpalm/ voetzool:
Richting Tegenovergesteld
e
Palmair (hand) Dorsaal
Plantair (voet)
Anatomische richtingen van het hoofd:
Richting
Rostraal
Caudaal
Nasaal
Occipitaal
Temporaal
Anatomische gebieden:
Structuur Gebied
Cephalon (hoofd) Cefaal gebied
Cervicis (hals) Cervicaal gebied
Thorax (borstkas) Thoracaal gebied
Abdomen (buik) Abdominaal gebied
Pelvis (bekken) Bekkengebied
2
Student: Janne Weyers
Prof: Wouters Mira
, Lendenen (onderrug) Lumbaal gebied
Billen Gluteaal gebied
Pubis (voorste deel van het bekken) Schaamstreek
Lies Inguïgnaal gebied
Axilla (oksel) Axillair gebied
Brachium (arm) Brachiaal gebied
Dij Femoraal gebied
Relatieve posities:
- Ipsilateriaal ↔ contralateraal
- Bilateraal ↔ unilateraal
- Visceraal ↔ pariëtaal
- Superficiaal ↔ profundus
Inleiding opbouw van organismen, cellen als kleinste functionele
eenheid
Organen & orgaansystemen weefsels cellen
- Cellen: kleinste levende eenheid onafhankelijk bestaan
- Elke cel: structurele kenmerken aangepast aan eigen functie
- Sommige cellen: flexibel (passen zich zowel structureel als functioneel aan
voor omgeving)
Bloedcellen, botcel, eicel, zaadcel, zenuwcellen, vetcel,…
Weefsel= op een specifieke manier geordende verzameling van cellen met
extracellulaire matrix (ECM)
4 primaire weefseltypes
1) Epitheel
2) Bindweefsel
3) Spierweefsel
4) Zenuwweefsel
+ eigenschappen
Weefsel Cellen Extracellulaire Functie
matrix
Epitheel Aaneengesloten Zeer weinig Bedekking van
lichaamsoppervla
k en
lichaamsholten,
klierfunctie
Bindweefsel Verschillende Zeer veel Steun en
types van vaste bescherming
en vrij bewegende
cellen
Spierweefsel Contractiel Matige Beweging
hoeveelheid
Zenuwweefsel Zeer veel Geen Voorgeleiding en
3
Student: Janne Weyers
Prof: Wouters Mira
, uitlopers zenuwimpulsen
Orgaan= anatomische eenheid, opgebouwd uit groep weefsels, die specifieke
functie vervullen
Orgaansysteem=
- Cellen met gelijkaardige functie die verspreid om verschillende plaatsen in
lichaam voorkomen
- Groep organen met gelijkaardige of gerelateerde functies
H2. Epitheelweefsel
Dekepitheel
Embryologie:
Zygote 2 cellen na 24u 4 cellen na 36u 5 cellen na 48u morula na 60u
blastula na 4 dagen gastrula late gastrula organisme met
spijsverteringskanaal
Weefsel- embryologie:
- Ectoderm/ buitenste kiemblad
- Mesoderm/ middelste kiemblad
- Endoderm/ binnenste kiemblad
Epitheel= weefsel dat het lichaamsoppervlak en de inwendige holte van
organen bedekt
1) Mesotheel
2) Endotheel
Kenmerken:
- Aaneengesloten laag cellen onderling verbonden door intercellulaire
verbindingen + geen extracellulaire stof/ ruimte
- Basale membraan: afgrenzing epitheelcellen van onderliggend
bindweefsel (als velcro)
- Onder epitheelweefsel een laag bindweefsel/ lamina propria
- Functie: sluit organen af van pathogenen = MUCOSA
3 delen mucosa:
1) Epitheellaag
2) Lamina propria
3) Muscularis mucosae
Hystofysiologie van epitheel:
4
Student: Janne Weyers
Prof: Wouters Mira