• Mauvais document ? Échangez-le gratuitement
  • Rédigé par des étudiants ayant réussi
  • Disponible immédiatement après paiement
  • Lire en ligne ou en PDF
Vendre
Où étudie-tu ?
La langue
Document preview thumbnail
Aperçu 4 sur 53 pages
Resume

Volledige samenvatting Moleculaire Immunologie | Hoofdstuk 1 | UA | 2025/26

Document preview thumbnail
Aperçu 4 sur 53 pages

Vak deels gevolgd met diergeneeskunde en farmacie Dit document bevat gedetailleerde studiemateriaal voor Moleculaire en Cellulaire Immunologie aan de Universiteit Antwerpen, gericht op Biochemie En Biotechnologie-studenten. Hoofdstuk 1 behandelt de inleiding tot het immuunsysteem met kernconcepten zoals antigenen, antilichamen, cytokines, aangeboren en adaptieve immuniteit, klonale selectie, en de verschillende verdedigingsmechanismen tegen pathogenen. Het materiaal is goed gestructureerd met terminologie, tabeloverzichten en praktische voorbeelden van hoe verschillende pathogenen binnendringen, wat essentieel is voor examenvoorbereiding en het begrijpen van immunologische processen.

Aperçu du contenu

Hoofdstuk 1: Inleiding tot het immuunsysteem (p7 - p42)
Terminologie
Antigeen (Ag) Molecule die bindt aan Al (geproduceerd door B-cellen) of TCR (op T-cel)
Antilichaam (Al) / antistof (As) Glycoproteïne, enkel geproduceerd door B cellen maar werken op veel cellen, bindt op antigenen
/ immunoglobuline (Ig)
Cytokinen Eiwitten die zorgen voor communicatie tussen cellen van het immuunsysteem. Worden door veel versch. cellen aangemaakt
Bv. Chemokines trekken cellen naar plaats met hoge concentratie van dat chemokines (CCL… op CCLR… / CXCL… op CCCLR…)


Belang van het immuunsysteem
Fysiologisch belang Uitleg
Verdediging tegen versch. micro-organismen - Virussen
→ dus ook versch. verdedigingsmechanismen nodig - Bacteriën
- Fungi
- Parasieten (protozoaire & multicellulaire)
Verdediging tegen tumoren
Weefselregeneratie en littekenvorming Na schadegeval

Immuunpathologie = falen van immuunsysteem, bv. auto-immuniteit, allergieën, inflammatoire aandoeningen
Normale immuunantwoord als ‘probleem’, bij orgaantransplantatie (kans op afstoting) en gentherapie (geschreven eiwit wordt niet herkend)
Hoe pathogenen binnendringen
Weg Voorbeeld pathogeen
Respiratoire mucosa Influenza
GI mucosa Salmonella GI = gastro-intestinaal
Wond Clostridium Tetani, bv. door een verroest nagel te pakken
Insectenbeet Plasmodium
Intacte huid Hoekworm
IV druggebruik HepB, HIV = humaan immunodeficiëntievirus
Seksueel contact HepB, HIV

The One Health Triad: Humaan gebruik van geneesmiddelen heeft invloed op omgeving en dieren

Aangeboren en adaptieve (verworven) immuniteit
Immuun antwoorden worden in 2 groepen gedeeld: verdedigingsmechanisme die er al zijn & die pas na paar dagen

,Let op: ze zijn niet sterk gescheiden → aangeboren immuniteit blijft een rol spelen
Aangeboren immuniteit Adaptieve (verworven) immuniteit
Zorgt voor 1ste verdediging Bescherming komt pas na een aantal dagen
Moeten zich ombouwen nadat ze Antigeen herkennen
- Epitheliale barrière
- Mest cellen: geven histamine vrij - B lymfocyten
- Dendritische cellen: APC’s (Ag presenterende cellen) - T lymfocyten
- Fagocyten: is een functionele benaming, nemen micro- - AL: geproduceerd door plasmacellen
organismen of dode cellen op bv. neutrofielen, - Plasma cellen: effectorcellen van B-
Monocyten cellen
- NK cellen: doden virus-geïnfecteerde cellen en - Effector T cellen: geactiveerde T-cellen
tumorcellen
- ILCs (innate lymphoid cells): lymfoïde cellen zonder
AgR (geen B en T cellen)




Adaptieve immuniteit: types
Humorale immuniteit Celgemedieerd immuniteit
Functies AL voorkomt infecties en elimineert Cytokines geactiveerd fagocyt CTL’s doodt geïnfecteerde
extracellulaire microben doodt opgenomen microben cellen + elimineert infectie
reservoirs



Microbe Extracellulaire microben Gefagocyteerde microben in macrofaag Intracellulaire microben replicerend in
geïnfecteerd cel
Responderend lymfocyt B lymfocyten Helper T lymfocyt Cytotoxisch T lymfocyt (CTL)
Effector mechanisme Gesecreteerd AL Cytokines activeren macrofaag T doodt geïnfecteerd cel

Veel interacties tussen versch. immuniteiten
Effector cellen = cellen die het werk doen: fagocyterende cellen (macrofagen, neutrofielen, monocyten) + cytotoxische cellen (CT T-cel, NK cellen)




2 manieren waarop immuniteit kan ontstaan
Actieve immuniteit Passieve immuniteit

, Je immuunsysteem bouwt zelf respons op Je krijgt AL van iemand anders
1) Microbiële Ag (vaccin of infectie) 1) Dien serum (met AL) toe van al
2) Infectie geïmmuniseerde individu’s
3) Herstel door immuunsysteem 2) Infectie
3) Herstel door immuunsysteem
WEL specificiteit & Geheugen
WEL specificiteit &
GEEN geheugen: want je brengt AL die een bepaalde halfwaardetijd hebben
Natuurlijk of artificieel Artificieel bv. vaccin (verzwakt, gedood, RNA, deel van virus)
Vertraagde bescherming, kan geboost worden Onmiddellijke bescherming
Vaak langdurend: ~ jaren Kortdurend: ~ weken

Adaptieve immuunrespons: eigenschappen en fasen
Klonale selectie
= hoe 1 specifieke B of T-lymfocyt wordt geactiveerd omdat haar receptor exact past op 1 antigeen
1) In beenmerg ontstaan veel lymfocyten (B en T) met verschillende receptoren
2) Rijpe lymfocyten gaan naar lymfe organen (lymfeklieren, milt en bloed) en wachten op hun 1 specifieke antigeen
3) Antigeen bindt met hun specifieke lymfocyt → activeert
4) Geactiveerd lymfocyt deel → klonale expansie
 immuunsysteem zeer specifiek en krachtig
Specificiteit en geheugen
= hoe het immuunsysteem specifieker en sneller wordt bij 2 de blootstelling aan hetzelfde Ag
1ste blootstelling: bij Ag X
1) Alleen B-cellen die specifiek zijn voor X worden geactiveerd
2) Naïeve B cellen differentiëren tot plasmacellen → maken AL tegen X
3) Een deel wordt geheugen-B-cellen

2de blootstelling: bij Ag X (door geheugen)
1) Geheugen-B-cellen voor X worden onmiddellijk geactiveerd
2) Geheugen-B-cellen delen veel sneller dan naïeve-B-cellen
3) Plasmacellen maken veel sneller en meer AL aan

Titer = maat voor concentratie van specifieke AL in bloed
Seroconversie = moment waarop AL voor het eerst detecteerbaar worden in het bloed

, Cellen van het immuunsysteem
Inleiding
Hematopoëtische stamcellen = multipotente stamcellen, de moedercellen van alle bloedcellen, vooral in beenmerg
2 families van immuuncellen:
Myeloïde cellen Lymfatische cellen (lymfocyten)
Aangeboren immuniteit Adaptieve immuniteit
Neutrofielen = (belangrijkste) fagocyteren B-lymfocyten = maken Al aan, worden plasmacellen of geheugen-B-cellen
Macrofagen = fagocyteren T-lymfocyten
Dendritische cellen = belangrijkste antigeenpresenterende cellen - CD4 T-cellen = helper cellen, helpen andere immuuncellen
Mestcellen = secreteren inflammatoire mediators, bv. histamine - CD8 T-cellen = cytotoxische cellen, doden geïnfecteerde cellen
Monocyten: grote, niervormige kern Grote, ronde kern met heel weinig cytoplasma
Neutrofielen: meerlobbige kern




Verloop van de hematopoëse : Zie powerpoint
Overzicht witte bloedcellen (WBC)
- Granulocyten of polymorfonucleairen: eosinofielen, neutrofielen, basofielen
- Mononuclairen: monocyten, lymfocyten
PBMC = perifeer bloed mononucleaire cellen: monocyten en lymfocyten (B en T)
Plasma Serum
Anti-coagulant is nodig Anti-coagulant is NIET nodig
(EDTA) Fibrinogeen is afwezig
Fibrinogen is aanwezig
Je laat bloed stollen
Ideaal voor biobank




Focus op lymfocyten
Klasse lymfocyt Wat ze herkennen Wat ze doen Gevolg

Table des matières

  1. 01 Hoofdstuk 1: Inleiding tot het immuunsysteem (p7 - p42) 1
    1. Terminologie 1
    2. Belang van het immuunsysteem 1
    3. Aangeboren en adaptieve (verworven) immuniteit 1
    4. Adaptieve immuniteit: types 2
    5. Adaptieve immuunrespons: eigenschappen en fasen 3
    6. Cellen van het immuunsysteem 4
    7. Organen en Weefsels van het immuunsysteem 6
    8. Verwevenheid met het Centraal Zenuwstelsel 7
  2. 02 Hoofdstuk 2: Aangeboren immuniteit en ontsteking (p44 – p91) 8
    1. Kenmerken van het aangeboren immuunsysteem 8
    2. Herkenning door en eigenschappen van aangeboren versus adaptieve immuniteit 8
    3. Componenten van de aangeboren afweer 9
    4. Functies van de aangeboren immuunrespons 13
    5. Ontsnappen van micro-organismen aan aangeboren respons 14
    6. Ontsteking = inflammatie 14
    7. Sepsis en septische shock 15
  3. 03 Hoofdstuk 3: Opname van antigenen en presentatie aan lymfocyten (p90 – 108) 16
    1. Antigeenherkenning door T-lymfocyten 16
    2. Opname van eiwitantigenen door antigeenpresenterende cellen (APCs) 16
    3. Structuur en functie van MHC-moleculen 17
    4. Verwerking (processing) van eiwitantigenen 18
    5. Antigenen herkend door B cellen en andere lymfocyten 19
    6. Oefeningen 19
  4. 04 Hoofdstuk 4: Antigeenherkenning in het adaptieve immuunsysteem (p109 – p127) 20
    1. Antigeenreceptoren op lymfocyten 20
    2. Ontwikkeling van B en T lymfocyten 22
    3. Vragen 23
  5. 05 Hoofdstuk 5: Celgemedieerde immuunresponsen: activatie van T-cellen door cel-geassocieerde antigenen (128– 145) 24
    1. Fasen in een T-cel antwoord 24
    2. Antigeenherkenning en co-stimulatie 25
    3. Biochemische pathways van T cel activatie 26
    4. Functionele T-cel antwoorden op Ag en costimulatie 26
    5. Migratie van T lymfocyten in celgemedieerde reacties 26
    6. Afname van de immuunrespons 26
    7. Oefeningen 26
    8. Polyklonale T cel activatoren 26
  6. 06 Hoofdstuk 6: Effectormechanismen van T-cel gemedieerde immuniteit (146 – 161) 28
    1. Types celgemedieerde immuniteit 28
    2. Ontwikkeling en functies van CD4+ effector T-lymfocyten 28
    3. Differentiatie en functies van CD8+ cytotoxische T cellen 30
    4. Resistentie van pathogene micro-organismen t.o.v. cel gemedieerde immuniteit 30
    5. TBC: illustratie belang cellulaire immuniteit 31
  7. 07 Hoofdstuk 7: Humorale immuunresponsen: (161 – 173) 32
    1. Fasen en types humorale immuun antwoorden 32
    2. Stimulatie van B-cellen door antigeen 33
    3. Functies van TH-lymfocyten in de humorale immuunresponsen 33
    4. Antilichaam responsen tegen T-cel onafhankelijk antigenen 35
    5. Regulatie van de humorale respons: antilichaam feedback 35
  8. 08 Hoofdstuk 8: Effectormechanismen van humorale immuniteit (174 – 191) 36
    1. Algemene effectorfuncties van antilichamen 36
    2. Neutralisatie van micro-organismen en microbiële toxinen 36
    3. Opsonisatie en fagocytose 37
    4. Antilichaam-afhankelijk cellulaire cytotoxiciteit 37
    5. IgE en eosinofiel/mestcel gemedieerde reacties 37
    6. Het complementsysteem (Zie ook H2) 37
    7. Functies van antilichamen op specifieke anatomische plaatsen 38
    8. Ontsnapping van microben aan humorale immuun antwoorden 39
    9. Vaccinaties, type vaccins 39
    10. Samenvattend: Humorale en cellulaire responsen werken samen en resulteren in 3 types immuunantwoorden 39
  9. 09 Immunologische tolerantie: principes en belang 40
  10. 10 Centrale T-cel tolerantie 40
  11. 11 Perifere T-cel tolerantie 40
  12. 12 B-cel tolerantie 41
  13. 13 Tolerantie t.o.v. commensale microben en foetale antigenen 41
  14. 14 Auto-immuniteit 41
  15. 15 Hoofdstuk 10: Immuunantwoorden tegen tumoren en transplanten (212 – 231) 43
    1. Immuunantwoorden tegen tumoren 43
    2. Immuunantwoorden tegen transplanten 45
  16. 16 Hoofdstuk 11: Pathologieën veroorzaakt door immuunantwoorden (231 – 241) 46
    1. Types overgevoeligheidsreacties 46
    2. Type I of onmiddelijke respons 47
    3. Type III overgevoeligheid: immuun complex aandoeningen 48
    4. Voor de overige types overgevoeligheid wordt verwezen naar vervolglessen per studierichtin 48
    5. Neuro-immunologie 48
  17. 17 Hoofdstuk 12: Congenitale en verworven immuundeficiënties (241 – 254) 49
    1. Kenmerken van immuundeficiënties 49
    2. Congenitale (primaire) immuundeficiënties 49
    3. Verworven (secundaire) immuundeficiënties 52

Infos sur le Document

Publié le
26 septembre 2026
Nombre de pages
53
Écrit en
2025/2026
Type
Resume
€6,99

Mauvais document ? Échangez-le gratuitement Dans les 14 jours suivant votre achat et avant le téléchargement, vous pouvez choisir un autre document. Vous pouvez simplement dépenser le montant à nouveau.
Rédigé par des étudiants ayant réussi
Disponible immédiatement après paiement
Lire en ligne ou en PDF

Vendu
1
Abonnés
0
Éléments
4
Dernière vente
1 mois de cela




Pourquoi les étudiants choisissent Stuvia

Créé par d'autres étudiants, vérifié par les avis

Une qualité sur laquelle compter : rédigé par des étudiants qui ont réussi et évalué par d'autres qui ont utilisé ce document.

Le document ne convient pas ? Choisis un autre document

Aucun souci ! Tu peux sélectionner directement un autre document qui correspond mieux à ce que tu cherches.

Paye comme tu veux, apprends aussitôt

Aucun abonnement, aucun engagement. Paye selon tes habitudes par carte de crédit et télécharge ton document PDF instantanément.

Student with book image

“Acheté, téléchargé et réussi. C'est aussi simple que ça.”

Alisha Student

Foire aux questions