• Mauvais document ? Échangez-le gratuitement
  • Rédigé par des étudiants ayant réussi
  • Disponible immédiatement après paiement
  • Lire en ligne ou en PDF
Vendre
Où étudie-tu ?
La langue
Document preview thumbnail
Aperçu 4 sur 79 pages
Resume

Samenvatting Beschrijvende Statistiek | Kwantitatieve Onderzoeksmethoden | UA | 2025/26

Document preview thumbnail
Aperçu 4 sur 79 pages

Overzichtelijke en praktische samenvatting van Kwantitatieve Onderzoeksmethoden voor Schakeljaar Organisatie en Management, Semester 1. Hiermee heb ik een 20 behaald.

Aperçu du contenu

Sv: Kwantitatieve onderzoeksmethode


Hoofdstuk 2: beschrijvende statistiek – één variabele



1. Meetniveaus
- Variabele = een kenmerk (dat je wilt meten)
- Meetniveau/meetschaal: bepaalt de aard van de variabele
o Gaan we als eerst bepalen.
o Hebben een hiërarchie: verdere meetniveaus hebben telkens
dezelfde eigenschappen, maar telkens nog één meer.
 Je kan meet doen met de meetschaal hoe hoger je gaat.

1.1. Nominaal
= laagste kwalitatieve meetschaal
- Vb. favoriete vakantiebestemming, lievelingseten, beroep, postcode (wel
cijfers, maar kan hier niet mee rekenen)

Eigenschappen:
- Gegevens bestaan uit enkele losse categorieën (groepen)
o Vb. beroep in horeca
- Er zijn een beperkt aantal waarden  = discreet
o Er is niet tussenin
- Je kan er niet mee rekenen
- Je kan wel frequenties/percentages berekenen
o Verder kan je er niets mee doen

1.1.1. Speciale nominale gegevens
- Dichotoom: er zijn enkel 2 mogelijkheden
o Vb. kop/munt, succes/falen…
- Dummy’s: er is een lijst met meerdere antwoordmogelijkheden
o Vb. wat zijn je hobby’s
o Je maakt een dummy voor elke keuzemogelijkheid
 1 = aangeduid, 0 = niet aangeduid




1

, 1.2. Ordinaal
= tweede kwalitatieve meetschaal
- Vb. opleidingsniveau, waardering (slecht-matig-goed), salarisschaal (niet
bedrag)
Eigenschappen:
- Eigenschappen van nominaal
- Ze hebben een rangorde (logische volgorde)
- Je kan er niet mee rekenen
- Je kan er een midden bepalen van de gerangschikte gegevens

1.2.1. Speciale ordinale gegevens
- Likert-items: je kan er een mening aan geven (mee eens of niet mee eens)
o Keuze van 1 = helemaal oneens, tot 7 = helemaal eens
o In de praktijk wordt hier toch mee gerekend (mag niet in theorie)



1.3. Interval
= laagste kwantitatieve meetschaal
- Vb. temperatuur (in graden Celsius!), uur op de klok
Eigenschappen:
- Eigenschappen van ordinaal
- Afstanden kunnen geïnterpreteerd worden  zinvolle intervallen tussen
de waarden
o Vb. verschil tussen 1u en 2 u is even groot als verschil tussen 2u en
3u.
- Je kan ermee rekenen  getalwaarden
- Kan discreet zijn of continu
o Discreet: er zijn beperkt aantal mogelijke waarden voor deze
variabele.
o Continu: er zijn oneindig veel mogelijk waarden voor deze variabele.
- Je kan niet met verhoudingen werken  er is geen natuurlijk nulpunt
o Vb. je kan niet zeggen 4u is dubbel zoveel als 2u



1.3.1. Speciale intervalgeschaalde gegevens
- Likertschaal: combinatie (som, gemiddelde) van Likert-items
o Gecombineerde variabele heeft meer mogelijk waarden
 Vb. bij het berekenen van het gemiddelde
o Je kan hierop de technieken toepassen die geschikt zijn voor
intervalgeschaalde gegevens (niet in deze cursus)




2

, 1.4. Ratio
= hoogste, kwantitatieve meetschaal
- Vb. aantal werkuren in de week, inkomen in euro, afstand woon-
werkverkeer in km…
Eigenschappen:
- Eigenschappen van interval
- Je kan ermee rekenen
- je kan werken met verhoudingen  er is een natuurlijk nulpunt


Opmerkingen:
- In de cursus maken we geen verschil tussen interval en ratio
o = metrisch
- Meetschaal kan veranderen!
o Vb. leeftijd  is ratio (metrisch), maar je kan het ook opdelen in
leeftijdscategorieën (=ordinaal)
o Je moet op voorhand nadenken over wat je met je gegevens wilt
doen!
- De meetschaal bepaalt welke statistische methoden toepasbaar zijn
o De meetschaal bepaalt welke statistische methoden toepasbaar zijn
 Wat je kan doen met de verzamelde gegevens.


Schema meetniveaus:




 Kijk checkpoint ppt “H2 beschrijvende statistiek” slide 12




3

, 2. Frequentieverdelingen
- Frequentie: hoe vaak een bepaalde waarde voor komt.
o Je kan ze sorteren van goed naar slecht.
- Percentages: hoe vaak een waarde voor ten opzichte van het totaal voor
komt
= relatief aantal
o Aan de hand van het percentage berekend op het totaal kan je
inschatten of de frequentie van die waarde goed of slecht is.
o Want: je weet niet of frequentie 35 goed is als je het totaal niet kent.




(beoordeling van 70 wijnen)


 Stel dat je missende beoordelingen hebt
o Vb. enkele wijnen waarvoor de beoordeling nog niet is gegeven)
 Hierdoor zal het percentage een vertekend beeld geven (aangezien
het totaal verhoogt, maar er niet zoveel beoordelingen zijn)
 Oplossing: een extra kolom toont de percentages zonder missende
beoordelingen




4

Infos sur le Document

Publié le
22 septembre 2026
Nombre de pages
79
Écrit en
2025/2026
Type
Resume
€17,36

Mauvais document ? Échangez-le gratuitement Dans les 14 jours suivant votre achat et avant le téléchargement, vous pouvez choisir un autre document. Vous pouvez simplement dépenser le montant à nouveau.
Rédigé par des étudiants ayant réussi
Disponible immédiatement après paiement
Lire en ligne ou en PDF

Seller avatar
amliederoeck
3,0
(1)
Vendu
2
Abonnés
0
Éléments
25
Dernière vente
3 mois de cela



Pourquoi les étudiants choisissent Stuvia

Créé par d'autres étudiants, vérifié par les avis

Une qualité sur laquelle compter : rédigé par des étudiants qui ont réussi et évalué par d'autres qui ont utilisé ce document.

Le document ne convient pas ? Choisis un autre document

Aucun souci ! Tu peux sélectionner directement un autre document qui correspond mieux à ce que tu cherches.

Paye comme tu veux, apprends aussitôt

Aucun abonnement, aucun engagement. Paye selon tes habitudes par carte de crédit et télécharge ton document PDF instantanément.

Student with book image

“Acheté, téléchargé et réussi. C'est aussi simple que ça.”

Alisha Student

Foire aux questions