Rédigé par des étudiants ayant réussi Disponible immédiatement après paiement Lire en ligne ou en PDF Mauvais document ? Échangez-le gratuitement 4,6 TrustPilot
logo-home
Document preview thumbnail
Aperçu 10 sur 122 pages
Resume

Samenvatting Theorie Bovenste Extremiteit | Schouder & Elleboog | UA | 2026/27

Document preview thumbnail
Aperçu 10 sur 122 pages

Samenvatting voor het vak Bovenste Extremiteit en Cervicothoracale Regio aan de Universiteit Antwerpen.

Aperçu du contenu

THEORIE: BOVENSTE EXTREMITEIT EN CERVICOTHORACALE REGIO


FILIP STRUYF​ 4
FROZEN SHOULDER​ 4
1. ALGEMEEN​ 4
2. EPIDEMIOLOGIE​ 5
3. PROGNOSE​ 5
4. FACTOREN​ 6
5. STAPPEN​ 8
6. PATHOFYSIOLOGISCH SAMENGEVAT​ 9
7. KUNNEN WE DIT ZIEN OP ECHOGRAFIE?​ 9
8. KLINISCH ONDERZOEK​ 9
9. DIFFERENTIAALDIAGNOSTIEK​ 12
10. KINESITHERAPIE​ 12
ROTATOR CUFF RELATED SHOULDER PAIN (RCRSP)​ 17
1. ROTATOR CUFF​ 17
2. DIAGNOSTISCHE SHOULDER TESTS​ 17
3. IMAGING​ 18
4. TERMINOLOGIE​ 19
5. DUS, WAT IS RCRSP?​ 19
6. ASSESSMENT VAN RCRSP​ 21
7. EVIDENTIE VAN BEHANDELING​ 22
7. CONCLUSIES OVER RCRSP REVALIDATIE​ 23
GASTCOLLEGE TESSA MARIJNISSEN​ 24
REVALIDATIE VAN HAND-EN POLSAANDOENINGEN​ 24
1. MORBUS DUPUYTREN​ 24
2. TRIGGER VINGER​ 27
3. DUIMPROTHESE (DUIMBASISARTROSE)​ 29
4. DISTALE RADIUS FRACTUUR​ 33
5. CRPS I​ 37
6. CHRONISCHE, ASPECIFIEKE POLSKLACHTEN​ 38
7. SPECIFIEKE POLSKLACHTEN​ 40
GASTCOLLEGE VERSTREKEN​ 40
POLSPROBLEMEN BIJ SPORTERS​ 40
1. ANATOMIE​ 40
2. SCAPHOID FRACTUUR​ 41
3. SCAPHOLUNAIR LETSEL → EXAMEN​ 41
4. ULNAIRE POLSPIJN​ 42
5. TFCC → EXAMEN​ 42


1

, 6. ECU TENOSYNOVITIS (SUB)LUXATIE​ 44
7. SKIËRS DUIM​ 44
8. PULLEY LETSELS​ 45
9. PIP DISLOCATIE​ 45
GASTCOLLEGE ROGER VAN RIET​ 46
ELLEBOOG PATHOLOGIE​ 46
1. TENNIS- EN GOLFELLEBOOG​ 46
TENNISELLEBOOG - LATERALE EPICONDYLITIS​ 46
GOLFELLEBOOG - MEDIALE EPICONDYLITIS​ 49
ONTSTAAN​ 49
BEHANDELING​ 50
2. BICEPS​ 51
BICEPS PEES SCHEUR​ 51
BURSITIS = TENDINOSE = PARTIËLE RUPTUUR​ 51
VOLLEDIGE SCHEUR​ 53
3. TRICEPS​ 53
TRICEPS RUPTUUR​ 53
4. ARTROSCOPIE​ 53
5. STIJVE ELLEBOOG​ 54
6. ZENUWEN​ 56
NERVUS ULNARIS​ 56
SNAPPING ULNARIS​ 57
NERVUS RADIALIS ONDERARM​ 58
RADIAAL TUNNEL SYNDROME​ 59
NERVUS MEDIANUS​ 59
CONCLUSIE​ 60
7. INSTABILITEIT​ 60
SIMPELE LUXATIE​ 62
LCL RECONSTRUCTIE​ 62
CHRONISCH MEDIAAL​ 62
CONCLUSIE ELLEBOOG INSTABILITEIT​ 64
WILLEM DE HERTOGH​ 65
KLINISCH REDENEREN, SCREENING EN RICHTLIJNEN​ 65
1. KLINISCH REDENEREN​ 65
2. SCREENING EN KLINISCHE BASISREGELS​ 72
3. KLINISCH REDENEREN - VERSCHILLENDE CONCEPTEN​ 74
4. UPDATE EN RELEVANTIE ANAMNESTISCHE GEGEVENS​ 75
MOTORISCHE CONTROLE​ 76
1. NEKKLACHTEN​ 76


2

, 2. NEUROMUSCULAIRE VERANDERINGEN​ 76
3. THERAPIE​ 81
MOTOR CONTROL THERAPIE EN UITSTRALING NAAR BL​ 86
1. BLANPIED/ APTA RICHTLIJN ONDERZOEK​ 86
2. BLANPIED/ APTA RICHTLIJN THERAPIE​ 87
3. THERAPIE EFFECT​ 88
3.1 EFFECT OP ACTIVATIE DIEPE NEKFLEXOREN​ 88
3.2 EFFECT OP SPECIFIEK ACTIVEREN, ERVAREN BEPERKING, PIJN​ 90
3.3 STUDIE BIJ CHRONISCHE WAD = TRAUMATISCHE START NEKKLACHTEN​ 91
4. OEFENTHERAPIE​ 94
5. THERAPIE RICHTLIJNEN​ 95
CERVICOGENE HOOFDPIJN​ 100
1. INLEIDING​ 100
2. ANAMNESE​ 101
3. CERVICOGENE HOOFDPIJN (CEH)​ 103
4. THERAPIE​ 104
5. BEHANDELING​ 105
6. CONCLUSIE​ 107
WHIPLASH ASSOCIATED DISORDERS (WAD)​ 108
1. WHIPLASH ASSOCIATED DISORDERS: WAD​ 108
2. CLINICAL PREDICTION RULE​ 113
3. CASUSSEN​ 114
4. MANAGEMENT​ 116
CASUSSEN​ 117
1. CASUS 1​ 117
2. CASUS 2​ 118
3. CASUS 3​ 119
4. CASUS 4​ 120




3

,FILIP STRUYF

FROZEN SHOULDER
1. ALGEMEEN
Waar gaat het over?
●​ Constante, diepe, pijnlijke pijn
○​ Patiënten worden wakker van de pijn (!! in anamnese vragen naar nachtelijke pijn)
○​ Constante pijn ⇒ dus NIET bewegings- of belastingsafhankelijk
●​ Pijn lijkt op andere schouderaandoeningen
○​ Tendinopathie, bursitis, acute tendinitis, … ⇒ WEL bewegings- of belastingsafhankelijk
●​ Impact op
○​ Werk, slaap, persoonlijke hygiëne, interpersoonlijke relaties, gevoel van zelfstandigheid

Gevolgen
●​ Angst
●​ Inkomensverlies
●​ Laag zelfbeeld & moeilijke acceptatie
●​ Prikkelbaarheid
●​ Depressie
●​ Sociaal isolerend gevoel

Nut van begrip en empathie van anderen
●​ Betere communicatie
●​ Betere afstemming op de prioriteiten van de patiënt (NIET veralgemenen!)

○​ Verbeterde therapietrouw
○​ Hogere patiënttevredenheid
○​ Betere behandeling?
○​ Betere outcome?

Waar loopt het dan mis?
●​ Het uitblijven van een diagnose
●​ Tegenstrijdige adviezen
●​ Onnodige onderzoeken
●​ Diagnose, prognose en behandelplan eindelijk opgesteld?
○​ Hoop
○​ Opluchting
○​ Geruststelling




4

,2. EPIDEMIOLOGIE
●​ 2-5% lifetime prevalentie
●​ 70% van de patiënten zijn vrouwen
●​ 53 jaar is de gemiddelde leeftijd ⇒ 40-65j
○​ Piek eigenlijk naar beneden getrokken door grote groep diabetici
●​ FS aan 1 zijde doet risico toenemen voor de andere zijde ⇒ 17% krijgt een FS aan de andere
zijde binnen de 5 jaar
○​ Vaak patiënten een jaar later terug in je praktijk met andere zijde
○​ Als je beide kanten meemaakt, krijg je het wel nooit meer
●​ Zelden (nooit?) dezelfde zijde opnieuw
●​ Uniek voor de schouder (knie, heup, enkel zelden)
●​ Zelflimiterend?
○​ Voor 2010: dachten dat FS vanzelf over ging
○​ Na 2010: zagen restletsels (vb: 10° bewegingsbeperking)
-​ Bij 50% gaat FS vanzelf over zonder restletsels
-​ Bij 50% gaat FS vanzelf over met restletsels
Als patiënt dan vraagt ‘Waarom zou ik dan therapie moeten volgen als het vanzelf over kan gaan?’ zeg je: ‘Je
hebt ½ kans op restletsels.
●​ Duurt 1-3 jaar (of langer)
○​ 1 jaar zijn degene zonder risicofactoren of metabole problemen
○​ Diabetici wat langer ⇒ meer pijn, meer beperkingen, …
●​ Even vaak aan de niet-dominante zijde
●​ Diabetici hebben tot 34% meer kans om een FS te ontwikkelen (& een slechtere prognose)
○​ Piek is vroeger, rond 42 jaar
○​ Lifetime prevalentie bij diabetici 30-60%
●​ Vaak patiënten met een sedentaire job/levensstijl

3. PROGNOSE
1 INFLAMMATIE EN/OF FREEZING
Geleidelijk toenemende pijn, met later verminderde
bewegingsvrijheid en/of stijfheid
Duur: 3-9 maanden

2 FROZEN
Stijfheid, verlies van okselholte en minimale synovitis
Duur: 3-9 maanden

3 THAWING/ONTDOOIEN
Verbetering in bewegingsvrijheid en pijn
Duur: 12 maanden of langer
Rode lijn: pijn patiënt Blauwe lijn: bewegingsbeperking patiënt


Je kan op basis van de eerste fase een voorspelling maken door te vragen wanneer de eerste pijn begon.
Vb: De eerste pijn begon 3 maanden geleden en nu begint de patiënt wat mobiliteit te verliezen (zit in fase
2). Dus fase 1 duurde 3 maanden, fase 2 zal ongeveer ook 3 maanden duren en fase 3 een jaar of langer.



5

,4. FACTOREN
Prognose beïnvloedende factoren
●​ Diabetes Mellitus (DM)
○​ Langer, erger, …
○​ Voorkom dus dat je diabetes type 2 krijgt (minder suikerinname)
●​ Schildklieraandoeningen
●​ Hogere score op een SPADI vragenlijst (meer pijn en beperkingen)
●​ Depressie
●​ Pijn catastroferen
●​ Pijngerelateerde angst

Metabole risicofactoren
●​ Obesitas
●​ Diabetes Mellitus type 1 en 2 (meest voorkomende comorbiditeit)
●​ Patiënten met FS screenen op bloedsuiker?
○​ Discussie goed/slecht
○​ Je kan vroegtijdig andere zaken vinden in het bloed
●​ Ook matig normale nuchtere glucosewaarden?
○​ 90-94 mg/dL
●​ Hypercholesterolemie en hyperlipidemie
○​ 1.5 x meer kans om FS te krijgen

Neurologische risicofactoren
●​ Ziekte van Parkinson
○​ Incidentie van FS: 12,7%
○​ Risicofactoren lopen gelijk
○​ Rigiditeit, onderliggende oorzaken, …
●​ CVA
●​ Chirurgische behandeling voor subarachnoïdale bloedingen
○​ Incidentie van FS: 25%

Hormonale en endocriene risicofactoren
Incidentie hyper- en hypothyreoïdie in FS: ⅓
●​ Significante risicofactor voor FS
●​ Calcitonine (=schildklierhormoon) deficientie in FS en in schildklierdysfuncties
●​ Postmenopauzale vrouwen behandeld tegen osteoporosis met (intranasaal) calcitonine (zalm derivaat)
en toonden verbetering in FS symptomen
●​ Hoe?
○​ (Zalm-) calcitonine ↓ TGFβ
○​ Testosteron ↓ ook TGFβ (reden vrouwen>mannen?)




6

,Medische interventies risicofactoren
Medicatie
●​ Actieve antiretrovirale therapie voor HIV patiënten
○​ Versterking van de TGFβ pathway
●​ Antituberculose geneesmiddelen
○​ Verstoring collageen metabolisme
○​ Remming van serotonine afbraak
●​ Sommige antibioticum
○​ Onbekend mechanisme
●​ Barbituraten​
○​ Activering fibroblasten
●​ Antitumorale geneesmiddelen die MMP homeostasen beïnvloeden

Medisch ingrepen
●​ Hartkatheterisatie & intraveneuze infusies
●​ Vaccins
○​ Vermoedelijk door ongeschikte vaccinatietechniek
○​ Irritatie bursa subacromialis deltoidea
●​ Vb: COVID-19-pandemie
○​ Aanzienlijke ↑ FS patiënten
○​ Ook een rol van de ziekte zelf?
●​ Vb: Herpes Zoster
●​ Schouderoperaties
○​ Secundaire (postoperatieve) FS

Andere risicofactoren
●​ Ziekte van Dupuytren (x8.27 meer kans)
●​ Roken


SYSTEMISCHE RISICOFACTOREN EXTRINSIEKE RISICOFACTOREN

-​ Diabetes mellitus -​ Cardiopulmonaire aandoening
-​ Hypothyroidisme -​ Cervicale degeneratieve discusaandoening
-​ Hyperthyroidisme -​ Cerebrovasculaire aandoening
-​ Hypoadrenalisme -​ Humerus fractuur
-​ Hyperlipidemie -​ Parkinson
-​ Axillaire operatie (borstcarcinoom)
INTRINSIEKE RISICOFACTOREN -​ Radiotherapie

-​ Rotator cuff tendinopathie
-​ Rotator cuff scheur
-​ Biceps tendinopathie
-​ Calcificatie tendinopathie
-​ Acromioclaviculaire artritis




7

,1-2 comorbiditeiten worden gezien bij 80% van de FS patiënten.
> 3 comorbiditeiten worden gezien bij 35% van de FS patiënten.

FS als risicofactor op oncologische aandoeningen?
●​ Incidentie van FS in oncologie patiënten is 15-17.8%
●​ Predicitie Long & Non-Hodgkin’s lymphoma > x 2

Glenohumerale gewrichtskapsel = collageen type 1 + elastische vezels + fibroblasten vormen ECM “stug
maar flexibel”

5. STRUCTURELE VERANDERINGEN
FASE 1: GEZONDE SCHOUDER
●​ Gezonde situatie: immuuncellen en bindweefselcellen in homeostase
●​ Homeostase verstoorders
○​ Chronische inflammatie
○​ AGEs
○​ Diabetes
○​ Hormonale disbalans
○​ …
●​ Onevenwicht + trigger (immobilisatie, letsel, immuunrespons, …) = FS ?

FASE 2: VROEGE FASE (PIJN)
●​ Fibrose en verdikking van het synovium
●​ Immuunrespons
○​ T-lymfocyten, B-lymfocyten, macrofagen,
mastcellen
○​ Hyperlipidemie & AGE’s (vb: diabetici) trekken
WBC aan die pro-inflammatoire cytokines
vrijzetten
●​ Inflammatie
○​ Interleukine-1, tumor necrose factor, TGFβ,
cyclo-oxygenase
○​ ECM proteïne productie, fibroblastproliferatie extra myofibroblast differentiatie
●​ Neo-angiogenese
○​ hypervascularisatie
●​ Neo-innervatie
○​ Pijn!

Fibreus & laks ⇨ fibrotisch & hypervasculair
Calcitonine-gen-gerelateerd peptide (CGRP) en neurotransmitter substantie P ⇨ hyperalgesie




8

,FASE 3: LATERE FASE (STIJFHEID)
●​ Infiltratie van myofibroblasten & fibroblasten
●​ Verdikking articulair kapsel
●​ Disbalans MMP/TIMP
○​ Effect van o.a. AGE’s
○​ Reguleren matrix vorming
○​ Vb: ½ ontwikkeling van FS bij patiënten die een TIMP
derivaat kregen voor hun anti-kanker behandeling
●​ Collageen (type 3) expressie ↑

6. PATHOFYSIOLOGISCH SAMENGEVAT




7. KUNNEN WE DIT ZIEN OP ECHOGRAFIE?
●​ Verdikking van het Coracohumeraal Ligament (CHL)
●​ Afwijkingen rond de Lange Bicepspees (LHBT)
●​ Neovascularisatie in het Rotator Interval (hypervasculaire synovitis)
●​ Verdikking van de Posterior Recess

8. KLINISCH ONDERZOEK
Definitie FS
●​ Zowel /a/ als /p/ bewegingsverlies (ROM) van >25% in ten minste 2 vlakken
●​ Extern rotatieverlies van >50% van de niet aangedane schouder
●​ Bewegingsbeperking moet gedurende minstens 1 maand stabiel zijn of verergeren

Werkwijze
●​ Screening rode- en gele vlaggen
●​ Voorgeschiedenis
●​ Patroonherkenning
●​ Klinisch onderzoek
●​ Bloedafname
●​ Radiografie/echografie

Patroonherkenning




9

,Kenmerken patiënt
●​ 2-5% lifetime prevalentie
●​ 70% van de patiënten zijn vrouwen
●​ 53 jaar is de gemiddelde leeftijd ⇒ 40-65j
○​ Piek eigenlijk naar beneden getrokken door grote groep diabetici
●​ FS aan 1 zijde doet risico toenemen voor de andere zijde ⇒ 17% krijgt een FS aan de andere
zijde binnen de 5 jaar
○​ Vaak patiënten een jaar later terug in je praktijk met andere zijde
○​ Als je beide kanten meemaakt, krijg je het wel nooit meer
●​ Zelden (nooit?) dezelfde zijde opnieuw
●​ Uniek voor de schouder (knie, heup, enkel zelden)
●​ Zelflimiterend?
○​ Voor 2010: dachten dat FS vanzelf over ging
○​ Na 2010: zagen restletsels (vb: 10° bewegingsbeperking)
-​ Bij 50% gaat FS vanzelf over zonder restletsels
-​ Bij 50% gaat FS vanzelf over met restletsels
Als patiënt vraagt ‘Waarom zou ik therapie volgen als het vanzelf over kan gaan?’ zeg je: ‘½ kans op restletsels.’
●​ Duurt 1-3 jaar (of langer)
○​ 1 jaar zijn degene zonder risicofactoren of metabole problemen
○​ Diabetici wat langer ⇒ meer pijn, meer beperkingen, …
●​ Even vaak aan de niet-dominante zijde
●​ Diabetici hebben tot 34% meer kans om een FS te ontwikkelen (& een slechtere prognose)
○​ Piek is vroeger, rond 42 jaar
○​ Lifetime prevalentie bij diabetici 30-60%
●​ Vaak patiënten met een sedentaire job/levensstijl

Pijn type en locatie
●​ Locatie is geen diagnostische parameter
●​ Pijn intensiteit positief gecorreleerd met verspreidingsgebied van de pijn
●​ Dof, kloppend en zeurend in rust, altijd aanwezig, scherp en “hevig” bij plotse bewegingen
●​ Gemiddeld VAS 6.4-7.3/10

ROM
●​ FS tast het gehele GH kapsel aan ⇒ ROM verlies in alle richtingen
●​ Externe en interne rotatie !
●​ ROM testing staand, zittend of in rugligging
●​ Gecombineerd abductie en externe rotatie
●​ Een shrug teken
○​ Compensatie scapula voor GH ROM beperking?
●​ Beoordeel in # houdingen met # steunniveaus ⇒ verschil in ROM?
○​ Kinesiofobie of bewegingsinhibitie?
●​ Beoordeel CWZ om mogelijke cervicogene pathologie uit te sluiten


10

Table des matières

  1. 01 THEORIE: BOVENSTE EXTREMITEIT EN CERVICOTHORACALE REGIO 1
  2. 02 FILIP STRUYF 4
  3. 03 FROZEN SHOULDER 4
    1. 1. ALGEMEEN 4
    2. 2. EPIDEMIOLOGIE 5
    3. 3. PROGNOSE 5
    4. 4. FACTOREN 6
    5. 5. STRUCTURELE VERANDERINGEN 8
    6. 6. PATHOFYSIOLOGISCH SAMENGEVAT 9
    7. 7. KUNNEN WE DIT ZIEN OP ECHOGRAFIE? 9
    8. 8. KLINISCH ONDERZOEK 9
    9. 9. DIFFERENTIAALDIAGNOSTIEK 12
    10. 10. KINESITHERAPIE 12
  4. 04 ROTATOR CUFF RELATED SHOULDER PAIN (RCRSP) 17
    1. 1. ROTATOR CUFF 17
    2. 2. DIAGNOSTISCHE SHOULDER TESTS 17
    3. 3. IMAGING 18
    4. 4. TERMINOLOGIE 19
    5. 5. DUS, WAT IS RCRSP? 19
    6. 6. ASSESSMENT VAN RCRSP 21
    7. 7. EVIDENTIE VAN BEHANDELING 22
    8. 7. CONCLUSIES OVER RCRSP REVALIDATIE 23
  5. 05 GASTCOLLEGE TESSA MARIJNISSEN 24
  6. 06 REVALIDATIE VAN HAND-EN POLSAANDOENINGEN 24
    1. 1. MORBUS DUPUYTREN 24
    2. 2. TRIGGER VINGER 27
    3. 3. DUIMPROTHESE (DUIMBASISARTROSE) 29
    4. 4. DISTALE RADIUS FRACTUUR 33
    5. 5. CRPS I 37
    6. 6. CHRONISCHE, ASPECIFIEKE POLSKLACHTEN 39
    7. 7. SPECIFIEKE POLSKLACHTEN 40
  7. 07 GASTCOLLEGE VERSTREKEN 41
  8. 08 POLSPROBLEMEN BIJ SPORTERS 41
    1. 1. ANATOMIE 41
    2. 2. SCAPHOID FRACTUUR 41
    3. 3. SCAPHOLUNAIR LETSEL → EXAMEN 42
    4. 4. ULNAIRE POLSPIJN 43
    5. 5. TFCC → EXAMEN 43
    6. 6. ECU TENOSYNOVITIS (SUB)LUXATIE 45
    7. 7. SKIËRS DUIM 45
    8. 8. PULLEY LETSELS 46
    9. 9. PIP DISLOCATIE 46
  9. 09 GASTCOLLEGE ROGER VAN RIET 47
  10. 10 ELLEBOOG PATHOLOGIE 47
    1. 1. TENNIS- EN GOLFELLEBOOG 47
    2. 2. BICEPS 52
    3. 3. TRICEPS 55
    4. 4. ARTROSCOPIE 55
    5. 5. STIJVE ELLEBOOG 55
    6. 6. ZENUWEN 58
    7. 7. INSTABILITEIT 62
  11. 11 WILLEM DE HERTOGH 66
  12. 12 KLINISCH REDENEREN, SCREENING EN RICHTLIJNEN 66
    1. 1. KLINISCH REDENEREN 66
    2. 2. SCREENING EN KLINISCHE BASISREGELS 73
    3. 3. KLINISCH REDENEREN - VERSCHILLENDE CONCEPTEN 75
    4. 4. UPDATE EN RELEVANTIE ANAMNESTISCHE GEGEVENS 76
  13. 13 MOTORISCHE CONTROLE 77
    1. 1. NEKKLACHTEN 77
    2. 2. NEUROMUSCULAIRE VERANDERINGEN 77
    3. 3. THERAPIE 82
  14. 14 MOTOR CONTROL THERAPIE EN UITSTRALING NAAR BL 86
    1. 1. BLANPIED/ APTA RICHTLIJN ONDERZOEK 86
    2. 2. BLANPIED/ APTA RICHTLIJN THERAPIE 87
    3. 3. THERAPIE EFFECT 88
    4. 4. OEFENTHERAPIE 94
    5. 5. THERAPIE RICHTLIJNEN 95
    6. 6. NEKPIJN MET UITSTRALING 95
  15. 15 CERVICOGENE HOOFDPIJN 101
    1. 1. INLEIDING 101
    2. 2. ANAMNESE 102
    3. 3. CERVICOGENE HOOFDPIJN (CEH) 104
    4. 4. THERAPIE 106
    5. 5. BEHANDELING 106
    6. 6. CONCLUSIE 108
    7. 7. CASUS 108
  16. 16 WHIPLASH ASSOCIATED DISORDERS (WAD) 109
    1. 1. WHIPLASH ASSOCIATED DISORDERS: WAD 109
    2. 2. CLINICAL PREDICTION RULE 114
    3. 3. CASUSSEN 115
    4. 4. MANAGEMENT 117
  17. 17 CASUSSEN 118
    1. 1. CASUS 1 118
    2. 2. CASUS 2 119
    3. 3. CASUS 3 120
    4. 4. CASUS 4 121

Infos sur le Document

Publié le
17 septembre 2026
Nombre de pages
122
Écrit en
2025/2026
Type
Resume
€15,16

Mauvais document ? Échangez-le gratuitement Dans les 14 jours suivant votre achat et avant le téléchargement, vous pouvez choisir un autre document. Vous pouvez simplement dépenser le montant à nouveau.
Rédigé par des étudiants ayant réussi
Disponible immédiatement après paiement
Lire en ligne ou en PDF

Seller avatar
Les scores de réputation sont basés sur le nombre de documents qu'un vendeur a vendus contre paiement ainsi que sur les avis qu'il a reçu pour ces documents. Il y a trois niveaux: Bronze, Argent et Or. Plus la réputation est bonne, plus vous pouvez faire confiance sur la qualité du travail des vendeurs.
EG12345
4,3
(6)
Vendu
43
Abonnés
0
Éléments
20
Dernière vente
7 mois de cela



Pourquoi les étudiants choisissent Stuvia

Créé par d'autres étudiants, vérifié par les avis

Une qualité sur laquelle compter : rédigé par des étudiants qui ont réussi et évalué par d'autres qui ont utilisé ce document.

Le document ne convient pas ? Choisis un autre document

Aucun souci ! Tu peux sélectionner directement un autre document qui correspond mieux à ce que tu cherches.

Paye comme tu veux, apprends aussitôt

Aucun abonnement, aucun engagement. Paye selon tes habitudes par carte de crédit et télécharge ton document PDF instantanément.

Student with book image

“Acheté, téléchargé et réussi. C'est aussi simple que ça.”

Alisha Student

Foire aux questions