Hoorcollege 3: grenzen, identiteit en verbondenheid
grens als afbakening: ‘borders on the ground’, afbakening nationaal
territorium
grens als differentiatie: ‘borders in the mind’, sociale en ruimtelijke
differentiaties
grens als verbinding: plekken voor interactie en verbinding, een ‘begin’
ipv einde
De identiteit van een regio: gevormd door natuur, cultuur en inwoners
wordt ingezet in discourse/politiek, om regio’s te onderscheiden (zie
Paasi, p. 140)
identiteit van regio: top-down, wat maakt overheid er van?
selectief: wat neem je wel of niet mee in regionale identiteit?
entrepreneurial region
Versus regionale identiteit: identificatie van bewoners met
regiobottom-up, open;
vaak kritiek op top-down, en het selectieve van de regionale marketing
‘identiteit van regio is een politiek project voor economische groei’
ontwikkeling regionale identiteit door fysieke infra:
grensoverschrijdende mobiliteit, culturele festivals
(grens)regionale identiteit kan voorbij nationale classificaties gaan!
zo vormen grensregio’s; met wel/ geen
verbondenheid: dispassionate border, of verhoogde
immobiliteit ipv. grensoverschrijdende mobiliteit
en: stereotype classificaties (sociaal-ruimtelijke
differentiaties)
Assymetrische mobiliteit: verbinding met
‘thuisland’, terwijl je woont/werkt over de grens dagelijks leven
hoofdzakelijk in thuisland
Conclusies: Identiteit kan een grens bevestigen door sociale
differentiaties, o.b.v. stereotypen, of door desinteresse over ‘de andere
kant’
Identiteit kan ook grens vervagen, door sociale verbinding van ‘hybride’
identiteit
Regionale context is belangrijk voor begrijpen van verschillen!
Reader (leo Paul), Hoofdstuk 5: grens Ierland-Noord Ierland: nooit
meer barrière?
1648: Vrede van Westfalen streven naar natiestaat ontwikkelen
‘nationale minderheid’: groep die onderdrukt voelt door heersende macht
van de meerderheid
, Hoofdpunten van een territoriaal conflict
- elke partij (selectief) eigen historie om claims te verantwoorden (wij
waren hier eerst)
versterkt door gebruik nationale symboliek/eigen tradities/invented
traditions
gebruik eigen taal en religie; onderdrukking roept conflict op
Er is altijd machtsstrijd tussen heersende en (ervarend)
onderdrukte groepering
- hoger schaalniveau met externe ideologie (bijv. communisme in Koude
Oorlog) ‘invloedssferen’ staten die macht over hebben gedragen aan
hoger schaalniveau (EU)
Insiders & outsiders: lokale kennis niet naar buitenwereld, (Westerse)
media verspreid stereotype beeld
Hoe pas je dit toe op het Noord-Ierse conflict?
Iers-Nationalistisch narratief: ‘wij zijn hier het langste’, met eigen taal en
religie. de Engelsen & Schotten hebben ons gekoloniseerd (1200)
Waarschijnlijk niet de oorspronkelijke bevolking; ‘kolonisering’ ligt
genuanceerder
vanaf 1800: Ierland wil zelfbestuur (behaald in 1921, afhankelijkheid in
1937).,
N-Ierland is buitengehouden, in 1921 werd er in-twee-delende grens
getrokken.
Noord-Ierland voelt zich van oudsher afwijkend legitimeert eigen
identiteit
Katholieke Ieren vind grens illegaal: heel Ierland moet samensmelten
maar, als ze grens illegaal vinden, is aanwezigheid N-Ieren ook ongewenst.
Britse Koning Hendrik VIII kroonde zichzelf tot Ierse koning semi-
onafhankelijk Ierland tot 1800 hij zorgde voor breuk tussen Anglicaanse
en RK-kerk.
Anglicaanse kerk werd Engelse staatskerk, RK werd protestants (tijd v
Luther) godsdienstige scheiding vooral culturele kloof!
En, externe machthebbers / ‘invloedssferen’ hebben invloed gehad
op hoe de landen met elkaar omgingen: angst voor Franse revolutie vanuit
Engeland, die bang was dat Ierland zich heel hard zou gaan afzetten
of: geïnspireerd door Amerikaanse Onafhankelijkheidsstrijd
Tussen 1800 en 1921 ontwikkelde Ierland zich positiever met Engeland:
meer transport, mobiliteit, betere handelsrelaties etc. maar:
economische voordelen gaven steeds meer het gevoel van uitbuiting
1845-1850: hongersnood Ierland: versterkte gevoel 1870: Ierland
had nog sterkere roep voor zelfbestuur
grens als afbakening: ‘borders on the ground’, afbakening nationaal
territorium
grens als differentiatie: ‘borders in the mind’, sociale en ruimtelijke
differentiaties
grens als verbinding: plekken voor interactie en verbinding, een ‘begin’
ipv einde
De identiteit van een regio: gevormd door natuur, cultuur en inwoners
wordt ingezet in discourse/politiek, om regio’s te onderscheiden (zie
Paasi, p. 140)
identiteit van regio: top-down, wat maakt overheid er van?
selectief: wat neem je wel of niet mee in regionale identiteit?
entrepreneurial region
Versus regionale identiteit: identificatie van bewoners met
regiobottom-up, open;
vaak kritiek op top-down, en het selectieve van de regionale marketing
‘identiteit van regio is een politiek project voor economische groei’
ontwikkeling regionale identiteit door fysieke infra:
grensoverschrijdende mobiliteit, culturele festivals
(grens)regionale identiteit kan voorbij nationale classificaties gaan!
zo vormen grensregio’s; met wel/ geen
verbondenheid: dispassionate border, of verhoogde
immobiliteit ipv. grensoverschrijdende mobiliteit
en: stereotype classificaties (sociaal-ruimtelijke
differentiaties)
Assymetrische mobiliteit: verbinding met
‘thuisland’, terwijl je woont/werkt over de grens dagelijks leven
hoofdzakelijk in thuisland
Conclusies: Identiteit kan een grens bevestigen door sociale
differentiaties, o.b.v. stereotypen, of door desinteresse over ‘de andere
kant’
Identiteit kan ook grens vervagen, door sociale verbinding van ‘hybride’
identiteit
Regionale context is belangrijk voor begrijpen van verschillen!
Reader (leo Paul), Hoofdstuk 5: grens Ierland-Noord Ierland: nooit
meer barrière?
1648: Vrede van Westfalen streven naar natiestaat ontwikkelen
‘nationale minderheid’: groep die onderdrukt voelt door heersende macht
van de meerderheid
, Hoofdpunten van een territoriaal conflict
- elke partij (selectief) eigen historie om claims te verantwoorden (wij
waren hier eerst)
versterkt door gebruik nationale symboliek/eigen tradities/invented
traditions
gebruik eigen taal en religie; onderdrukking roept conflict op
Er is altijd machtsstrijd tussen heersende en (ervarend)
onderdrukte groepering
- hoger schaalniveau met externe ideologie (bijv. communisme in Koude
Oorlog) ‘invloedssferen’ staten die macht over hebben gedragen aan
hoger schaalniveau (EU)
Insiders & outsiders: lokale kennis niet naar buitenwereld, (Westerse)
media verspreid stereotype beeld
Hoe pas je dit toe op het Noord-Ierse conflict?
Iers-Nationalistisch narratief: ‘wij zijn hier het langste’, met eigen taal en
religie. de Engelsen & Schotten hebben ons gekoloniseerd (1200)
Waarschijnlijk niet de oorspronkelijke bevolking; ‘kolonisering’ ligt
genuanceerder
vanaf 1800: Ierland wil zelfbestuur (behaald in 1921, afhankelijkheid in
1937).,
N-Ierland is buitengehouden, in 1921 werd er in-twee-delende grens
getrokken.
Noord-Ierland voelt zich van oudsher afwijkend legitimeert eigen
identiteit
Katholieke Ieren vind grens illegaal: heel Ierland moet samensmelten
maar, als ze grens illegaal vinden, is aanwezigheid N-Ieren ook ongewenst.
Britse Koning Hendrik VIII kroonde zichzelf tot Ierse koning semi-
onafhankelijk Ierland tot 1800 hij zorgde voor breuk tussen Anglicaanse
en RK-kerk.
Anglicaanse kerk werd Engelse staatskerk, RK werd protestants (tijd v
Luther) godsdienstige scheiding vooral culturele kloof!
En, externe machthebbers / ‘invloedssferen’ hebben invloed gehad
op hoe de landen met elkaar omgingen: angst voor Franse revolutie vanuit
Engeland, die bang was dat Ierland zich heel hard zou gaan afzetten
of: geïnspireerd door Amerikaanse Onafhankelijkheidsstrijd
Tussen 1800 en 1921 ontwikkelde Ierland zich positiever met Engeland:
meer transport, mobiliteit, betere handelsrelaties etc. maar:
economische voordelen gaven steeds meer het gevoel van uitbuiting
1845-1850: hongersnood Ierland: versterkte gevoel 1870: Ierland
had nog sterkere roep voor zelfbestuur