Deel 2 R. De Henau
Wat is een verstandelijke beperking 79
A. Inleiding 79
B. Prevalentie - etiologie 80
C. Diagnostiek 82
D. Modellen 85
Ergotherapie bij verstandelijk beperking 88
A. Motorische ontwikkeling - verstandelijke beperking 88
B. Basale stimulatie 90
C. Communicatieve vaardigheden 91
D. ET behandeling 95
ADHD - Attention Deficit Hyperactivity Disorder 101
A. DSM-V 101
B. Kenmerken 101
C. Etiologie 102
D. Prevalentie 103
E. ICF 103
F. MD-therapie 103
G. Ergotherapie 104
H. Omgangsvormen en tips 105
NLD - Non-verbal Learning Disability 106
A. Definitie 106
B. Kenmerken 106
C. Etiologie 106
D. Prevalentie 106
E. ICF 106
F. MD therapie 107
G. Ergotherapie 107
H. Omgangsvormen en tips 108
CVI - Cerebraal Visuele Impairment 109
A. Definitie 109
B. Kenmerken 109
C. Etiologie 109
D. Prevalentie 109
E. ICF 109
F. MD therapie 110
G. Ergotherapie 110
H. Omgangsvormen en tips 111
DCD - Developmental Coordination Disorder 112
A. Definitie 112
B. DSM-V 112
77
, C. Kenmerken 112
D. Etiologie 113
E. Prevalentie 113
F. ICF 113
G. MD therapie 114
H. Ergotherapie 114
I. Omgangsvormen en tips 115
CP - Cerebrale parese 116
A. Wat is CP? 116
B. Classificatie 117
C. ICF + Assessments 119
D. Behandeling 121
EMB - Ernstig Meervoudige Beperking 123
A. Wat is EMB? 123
B. Behandeling 124
C. Hulpmiddelen 124
78
,Wat is een verstandelijke beperking
A. Inleiding
→ Vroeger (DSM): Achterlijke, debielen, imbecielen, … → Mentale handicap
→ Nu (DSM-V): verstandelijke beperking
Definitie
Verstandelijke beperking verwijst naar aanzienlijke beperkingen in het huidige functioneren
1. Gekenmerkt door een significant beneden gemiddeld intellectueel functioneren
2. Komt gelijktijdig voor met een verwante beperking in 2 of meer van de gebieden van
sociaal aanpassingsgedrag: Conceptuele domein, sociale domein en praktisch domein.
(Communicatie, zorg voor zichzelf, vaardigheden met betrekking tot het wonen, het werken en de vrije tijd,
sociale vaardigheden, gebruik van de voor iedereen toegankelijke maatschappelijke diensten, zelfgerichtheid,
gezondheid en veiligheid, en functionele schoolse vaardigheden.)
3. Verstandelijke beperking manifesteert zich vóór het 18de levensjaar“.
1. Beneden gemiddeld intellectueel functioneren
→ Vroeger: IQ < 70 (zegt niets over de omgangsvorm met de CL)
→ Nu (DSM-V): Deficiënties in het adaptief functioneren (bepalen hoeveel ondersteuning nodig is)
2. Beperking in 2 of meer gebieden van sociaal aanpassingsgedrag
→ Conceptuele domein (onderwijs)
= Competenties op het gebied van het geheugen, taal, lezen, schrijven, rekenkundig redeneren,
het verwerven van praktische kennis, probleem oplossen en het beoordelen van nieuwe situaties.
(Leren omgaan met geld, openbaar vervoer nemen, ...)
→ Sociale domein
= Het besef van de gedachten, gevoelens en ervaringen van anderen (empathie), interpersoonlijke
communicatieve vaardigheden, het vermogen om vriendschap te sluiten en het sociale
oordeelsvermogen.
(Aangaan van relaties, omgaan met gevoelens, seksualiteit, vermogen om vriendschappen te leggen, …)
→ Praktische domein (handelingsgebieden)
= Het leervermogen en zelfmanagement in verschillende levenssituaties, waaronder
zelfverzorging, de verantwoordelijkheden van een baan, geldbeheer, vrijetijdsbesteding,
zelfmanagement van gedrag, en het plannen van taken op school en het werk.
3. Voor 18e levensjaar manifesteren
= Een stoornis in het ontwikkelingsproce
→ Na 18j = NAH
79
, Classificatie binnen verstandelijke beperking (VAPH)
Benoeming IQ Verstandelijke leeftijd
Licht 50/55 - 70/75 < 3 jaar
Matig 35/40 - 50/55 3 - 7 jaar
Ernstig 20/25 - 35/40
Diep 20/25 7 - 12 jaar
→ Benadering bij elke groep is zeer anders
B. Prevalentie - etiologie
Prevalentie
→ 1% van de bevolking (heel hoog)
→ 2-3% in het buitengewoon onderwijs
→ Licht = 85% / Matig = 10% / Ernstig = 3% / Diep = 1-2%
→ Afhankelijk van
- Leeftijdsgroep (diagnose vaak gesteld op 6j → Schoolse vaardigheden)
- Geslacht (M:V → 2:1)
- Milieu / maatschappij
- De medische zorg
- Preventie en prenatale diagnostiek (abortus)
Etiologie
- Meervoudige, aangeboren misvorming syndromen
- Structurele hersenbeschadigingen
- Al dan niet erfelijke stofwisselingsstoornissen
- Disfuncties CZS (Zuurstoftekort, hersenbloedingen, prematuriteit...)
- Infecties
Organische afwijking
→ Matige, ernstige en diepe verstandelijke beperking (snel zichtbaar)
- Pre-, peri- en postnataal (Foetaal alcoholsyndroom, zuurstoftekort en hersenletsel / vergiftiging)
- Beschadigingen in de hersenen
- Genetische afwijkingen:
- Aantal/vorm van de chromosomen (Klinefelter XXY)
- Deletie: een stukje ontbreekt (Prader-Willi-syndroom 15, Williams Beuren syndroom 7)
- Translocatie: deel vastgehecht aan ander (Syndroom van Down, T21)
- Monosomie (Syndroom van Turner, XO)
- Trisomie (Syndroom van Down, T21)
- Genafwijkingen (erfelijk)
80
Wat is een verstandelijke beperking 79
A. Inleiding 79
B. Prevalentie - etiologie 80
C. Diagnostiek 82
D. Modellen 85
Ergotherapie bij verstandelijk beperking 88
A. Motorische ontwikkeling - verstandelijke beperking 88
B. Basale stimulatie 90
C. Communicatieve vaardigheden 91
D. ET behandeling 95
ADHD - Attention Deficit Hyperactivity Disorder 101
A. DSM-V 101
B. Kenmerken 101
C. Etiologie 102
D. Prevalentie 103
E. ICF 103
F. MD-therapie 103
G. Ergotherapie 104
H. Omgangsvormen en tips 105
NLD - Non-verbal Learning Disability 106
A. Definitie 106
B. Kenmerken 106
C. Etiologie 106
D. Prevalentie 106
E. ICF 106
F. MD therapie 107
G. Ergotherapie 107
H. Omgangsvormen en tips 108
CVI - Cerebraal Visuele Impairment 109
A. Definitie 109
B. Kenmerken 109
C. Etiologie 109
D. Prevalentie 109
E. ICF 109
F. MD therapie 110
G. Ergotherapie 110
H. Omgangsvormen en tips 111
DCD - Developmental Coordination Disorder 112
A. Definitie 112
B. DSM-V 112
77
, C. Kenmerken 112
D. Etiologie 113
E. Prevalentie 113
F. ICF 113
G. MD therapie 114
H. Ergotherapie 114
I. Omgangsvormen en tips 115
CP - Cerebrale parese 116
A. Wat is CP? 116
B. Classificatie 117
C. ICF + Assessments 119
D. Behandeling 121
EMB - Ernstig Meervoudige Beperking 123
A. Wat is EMB? 123
B. Behandeling 124
C. Hulpmiddelen 124
78
,Wat is een verstandelijke beperking
A. Inleiding
→ Vroeger (DSM): Achterlijke, debielen, imbecielen, … → Mentale handicap
→ Nu (DSM-V): verstandelijke beperking
Definitie
Verstandelijke beperking verwijst naar aanzienlijke beperkingen in het huidige functioneren
1. Gekenmerkt door een significant beneden gemiddeld intellectueel functioneren
2. Komt gelijktijdig voor met een verwante beperking in 2 of meer van de gebieden van
sociaal aanpassingsgedrag: Conceptuele domein, sociale domein en praktisch domein.
(Communicatie, zorg voor zichzelf, vaardigheden met betrekking tot het wonen, het werken en de vrije tijd,
sociale vaardigheden, gebruik van de voor iedereen toegankelijke maatschappelijke diensten, zelfgerichtheid,
gezondheid en veiligheid, en functionele schoolse vaardigheden.)
3. Verstandelijke beperking manifesteert zich vóór het 18de levensjaar“.
1. Beneden gemiddeld intellectueel functioneren
→ Vroeger: IQ < 70 (zegt niets over de omgangsvorm met de CL)
→ Nu (DSM-V): Deficiënties in het adaptief functioneren (bepalen hoeveel ondersteuning nodig is)
2. Beperking in 2 of meer gebieden van sociaal aanpassingsgedrag
→ Conceptuele domein (onderwijs)
= Competenties op het gebied van het geheugen, taal, lezen, schrijven, rekenkundig redeneren,
het verwerven van praktische kennis, probleem oplossen en het beoordelen van nieuwe situaties.
(Leren omgaan met geld, openbaar vervoer nemen, ...)
→ Sociale domein
= Het besef van de gedachten, gevoelens en ervaringen van anderen (empathie), interpersoonlijke
communicatieve vaardigheden, het vermogen om vriendschap te sluiten en het sociale
oordeelsvermogen.
(Aangaan van relaties, omgaan met gevoelens, seksualiteit, vermogen om vriendschappen te leggen, …)
→ Praktische domein (handelingsgebieden)
= Het leervermogen en zelfmanagement in verschillende levenssituaties, waaronder
zelfverzorging, de verantwoordelijkheden van een baan, geldbeheer, vrijetijdsbesteding,
zelfmanagement van gedrag, en het plannen van taken op school en het werk.
3. Voor 18e levensjaar manifesteren
= Een stoornis in het ontwikkelingsproce
→ Na 18j = NAH
79
, Classificatie binnen verstandelijke beperking (VAPH)
Benoeming IQ Verstandelijke leeftijd
Licht 50/55 - 70/75 < 3 jaar
Matig 35/40 - 50/55 3 - 7 jaar
Ernstig 20/25 - 35/40
Diep 20/25 7 - 12 jaar
→ Benadering bij elke groep is zeer anders
B. Prevalentie - etiologie
Prevalentie
→ 1% van de bevolking (heel hoog)
→ 2-3% in het buitengewoon onderwijs
→ Licht = 85% / Matig = 10% / Ernstig = 3% / Diep = 1-2%
→ Afhankelijk van
- Leeftijdsgroep (diagnose vaak gesteld op 6j → Schoolse vaardigheden)
- Geslacht (M:V → 2:1)
- Milieu / maatschappij
- De medische zorg
- Preventie en prenatale diagnostiek (abortus)
Etiologie
- Meervoudige, aangeboren misvorming syndromen
- Structurele hersenbeschadigingen
- Al dan niet erfelijke stofwisselingsstoornissen
- Disfuncties CZS (Zuurstoftekort, hersenbloedingen, prematuriteit...)
- Infecties
Organische afwijking
→ Matige, ernstige en diepe verstandelijke beperking (snel zichtbaar)
- Pre-, peri- en postnataal (Foetaal alcoholsyndroom, zuurstoftekort en hersenletsel / vergiftiging)
- Beschadigingen in de hersenen
- Genetische afwijkingen:
- Aantal/vorm van de chromosomen (Klinefelter XXY)
- Deletie: een stukje ontbreekt (Prader-Willi-syndroom 15, Williams Beuren syndroom 7)
- Translocatie: deel vastgehecht aan ander (Syndroom van Down, T21)
- Monosomie (Syndroom van Turner, XO)
- Trisomie (Syndroom van Down, T21)
- Genafwijkingen (erfelijk)
80