Algemene praktijk Heup
anatomie
SIAS: hier hecht M. sartorius mediaal en M. TFL lateraal aan. Deze twee spieren vormen trigonum
femorale laterale
Trigonum femorale laterale: in diepte is SIAI, met hier de rectus femoris die erop aanhecht
Trigonum femorale mediale: lateraal de M. sartorius, mediaal de addcutor longus, de top gevormd
door lig inguinale en de bodem door M. iliopsoas en M. pectineus.
A. femoralis: midden Lig. Inguinale
V. femoralis ligt mediaal van de a. femoralis
N. femoralis ligt vlak lateraal van de A. femoralis.
Lateraal + in de diepte van de A. femoralus : M. iliopsoas
Mediaal + in de diepte van de A. femoralis: M . pectineus
Mediaal van de M. adductor longus: M. gracilis
Mediaal van de M. gracilis, ligt de M. adductor Magnus.
Gluteus medius hecht aan op de top van de trochantor major
De exorotatoren hechten ook aan thv trochantor major.
Tuberculum ischiadicum: oorsprong Hamstrings. Meer naar mediaal is de oorsprong van de M.
adductor Magnus.
Tussen tuberculum ischiadicum en de trochantor major: ligt N. ischiadicum
LPP = 30° flexie + 30° abductie + 10° exo
CPP = extensie + abductie + endo
Kapsulair patroon : endo> flexie > abd > hyperextensie
1
,Anamnese
Lokalisatie van de klacht is belangrijk bij de heup
Pijn vanuit heupgewricht: thv liesregio
Ook anterieure peri articulaire structuren kunnen klachten geven thv de lies
Vaak uitstralingspijn in L3-dermatoom: kniepijn!
Laterale-posterieure heuppijn: kan door tendinopathie van heupabductoren.
Refered pain: vanuit LWZ kan uitstralen naar anterieur, lateraal en posterieur thv heupregio.
Heuppijn kan zelf ook uitstralen naar LWZ.
Hoe zijn de klachten ontstaan? Trauma, spontaan….
Zijn de klachten over de tijd verergerd?=> kan je te maken hebben met overbelastingsletsel
Symptoom provocerende zaken
Symptoom reducerende zaken
Rode + gele vlaggen
Risico-inschatting
Pijnmechanisme
Tijdslijn
Structuur
Persoonlijke en omgevingsfactoren
Weefselherstel
PO na prothese: geen tractie!! Nog angulaire translatiess!!
Coxarthrose p met lage irriteerbaarheid mag hoog belast worden tijdens oefentherapie
Inspectie
Algemene inspectie
In stand en ruglig
Algemene houding : swayback, kyfolordotische houding, flat back
In ruglig: kijk naar exo/endo rotatie stand van OL. => rotatie stand van OL kan eventueel wijzen op
congenitale ante-/ retroversie stand van het bekken. Ga dit klinisch gaan testen met de Graig’s
test!!
Stand voeten
Stand knie: carum, valgum, hyperextensie…
Stand femur en tibiae
LWZ en bekken: SIAS, SIPS
Trofiek musculatuur, kleurverandering, …
Beenlengte verschil
L-R asymmetrie
Nek-schouder lijn
Claviculae
Okselcontact
Luchtfiguren tussen armen en borst
Tepellijn
Ribbenboog
SIAS
Stand scapulae
Stand calcaneus
2
, Specifieke inspectie
Zowel in belaste, als onbelaste UH.
Info over oorzaak, ernst en actualiteit
Stand gewricht
Symmetrie
Atrofie/hypertrofie
Zwelling
Kleurverandering
Liesplooi en bilplooi controleren op asymmetrie
Functionele inspectie
Statiek-zwelling-trofiek-tonus
Interactie kinetische keten
Gangpatroon: voorwaarts, achterwaarts (paslengte, steunname).
Unipodaalstand ( Trendelenburg => bij unipodaalstand L, test je linker gluteus medius).
Trendelenburg march ( door zwakte abductoren)
Duchenne-gang: bij belastingsgebonden heuppijn=> p zal LF van romp maken naar aangedane zijde,
zo moeten abductoren van die zijde minder aanspannen en kan dit pijnreductie geven.
Andere functionele testen kunnen worden uitgevoerd in TO.
Oriënterende palpatie
Zwelling-tonus-trofiek-temperatur
Heupgewricht ligt diep: warmte en zwelling moeilijk te palperen (PO kunnen deze wel aanwezig
zijn).
Actualiteit en aard van het letsel
BFO
Actief onderzoek
Pijn
ROM
Bewegingskwaliteit
Bewegingskwaliteit
3
, - Flexie
P in ruglig op de tafel, voer flexie uit met knie gebogen
Compensaties: Kijk naar compensaties thv LWZ + evalueer ook been dat op de tafel blijft liggen!
Indien bij het liggende been een heupflexie optreed ( kan zijn door verkorting psoas, rectus of
kapsel)
- Extensie
Vanuit buiklig, strek de heup met gestrekte knie
Compensaties: LWZ = lordoseren => dit kan door misuse van de spieren of door zwakte van de
heupextensoren
- Abductie en adductie
P in ruglig en voert ab/adductie uit
Compensaties en spierzwakte bekijken
- Endorotatie en exorotatie
P in zit met onderbenen afhangend en voert een endorotatie uit ( onderbeen naar buiten) en een
exorotatie ( onderbeen naar binnen)
Compensaties en spierzwaktes bekijken
Passief onderzoek
Pijn
Trajectweerstand
Eindgevoel ROM
Begin altijd met de niet aangedane zijde!
- Flexie
Onderdeel van het kapsulair patroon
P in ruglig, vingers van de T worden thv SIAS geplaats en voelen zo wnr deze meebeweegt. De
andere hand thv de knie kuil en voert flexie uit, het OB van de p rust op de OA van de T.
Eindgevoel: zacht (musculair). Vanaf de SIAS meebeweegt, is flexiemobiliteit opgebruikt in de heup:
vanaf dit moment voer je lumbale flexie uit.
Anterieure structuren worden gecomprimeerd. Pijn posterieur duidt op rek pijn (hamstrings, glutei,
neurogeen)
Compensaties: LWZ, heterolateraal been. Leg hand op homolateraal cristae om compensaties waar
te nemen.
4