Leerdoelen – hoofdstuk 6: ZIJN
1. Je situeert de zorgethische competentie ‘zijn’ binnen het zorg ethisch
handelen
1. ZIJN is de grond en bron van alle zorgethische competenties
De powerpoint zegt letterlijk dat ZIJN de grond is van het zorgethisch handelen.
Dat betekent:
ZIJN is de basis waarop zien, weten, reflecteren en doen rusten.
Zonder ZIJN kan je de andere competenties niet op een zorgethische manier
uitvoeren.
Het gaat om wie jij bent als persoon in de zorgrelatie.
ZIJN is dus geen aparte vaardigheid, maar de onderliggende ethische
houding die alles draagt.
2. ZIJN gaat over wie jij bent in relatie tot de ander
De slides benadrukken:
“Slechts in relatie slagen we erin te zijn wie we zijn.”
Relatie ontplooit en voedt.
Dat betekent:
ZIJN is altijd relationeel: je wordt een zorgethische zorgverlener in contact met
de zorgontvanger, collega’s en naasten.
Zorg is betrokken handelen: je persoon speelt altijd mee.
3. ZIJN maakt ethische gevoeligheid mogelijk
De powerpoint koppelt ZIJN aan:
raakbaarheid (kunnen geraakt worden door de kwetsbaarheid van de ander),
authenticiteit,
oprechte belangstelling,
ethische spaarzaamheid (het “totaal goede” kunnen beperken tot het “beste
in de gegeven situatie”),
eigen behoeften kunnen uitstellen,
zich verbinden,
grenzen kennen en middelmatigheid.
Deze elementen vormen samen de ethische gevoeligheid die nodig is om
zorgethisch te handelen.
4. Waarom ZIJN een voorwaarde is voor de andere competenties
Zien vraagt openheid en gevoeligheid → dat komt uit ZIJN.
Weten krijgt pas betekenis als het gedragen wordt door wie jij bent.
, Reflecteren vraagt eerlijkheid, kwetsbaarheid en zelfkennis.
Doen wordt pas zorgethisch wanneer het voortkomt uit verbinding,
authenticiteit en raakbaarheid.
ZIJN zorgt ervoor dat zorg niet technisch of procedureel wordt, maar
menselijk, relationeel en ethisch.
Samenvatting
De zorgethische competentie ZIJN situeert zich als de fundamentele basis
van zorg-ethisch handelen. Ze is de bron en voorwaarde voor alle andere
zorgethische competenties, omdat zorg begint bij wie jij bent als persoon in
relatie tot de zorgontvanger. Vanuit raakbaarheid, verbinding, authenticiteit
en het kunnen uitstellen van eigen belangen ontstaat de ethische
gevoeligheid die nodig is om te zien, weten, reflecteren en doen op een
1. Legt uit waarom “ZIJN” een voorwaarde is voor de andere ZE
competenties.
zorgethische manier.
1. ZIJN gaat over wie jij bent als persoon in de zorg
De powerpoint benadrukt:
“Wie ben ik (als persoon)?”
Zorg is betrokken handelen.
Je kan niet neutraal of technisch “zorg uitvoeren”.
ZIJN bepaalt dus hoe jij kijkt, denkt, voelt en handelt.
Daarom is het de basis van alles wat volgt.
2. ZIJN creëert ethische gevoeligheid
De slides koppelen ZIJN aan:
raakbaarheid
oprechte belangstelling
authenticiteit
ethische spaarzaamheid
kunnen uitstellen van eigen behoeften
grenzen kennen
middelmatigheid (weten dat zorg nooit perfect is)
Zonder deze gevoeligheid kan je:
niet goed zien wat er moreel speelt,
niet juist weten wat nodig is,
niet eerlijk reflecteren,
1. Je situeert de zorgethische competentie ‘zijn’ binnen het zorg ethisch
handelen
1. ZIJN is de grond en bron van alle zorgethische competenties
De powerpoint zegt letterlijk dat ZIJN de grond is van het zorgethisch handelen.
Dat betekent:
ZIJN is de basis waarop zien, weten, reflecteren en doen rusten.
Zonder ZIJN kan je de andere competenties niet op een zorgethische manier
uitvoeren.
Het gaat om wie jij bent als persoon in de zorgrelatie.
ZIJN is dus geen aparte vaardigheid, maar de onderliggende ethische
houding die alles draagt.
2. ZIJN gaat over wie jij bent in relatie tot de ander
De slides benadrukken:
“Slechts in relatie slagen we erin te zijn wie we zijn.”
Relatie ontplooit en voedt.
Dat betekent:
ZIJN is altijd relationeel: je wordt een zorgethische zorgverlener in contact met
de zorgontvanger, collega’s en naasten.
Zorg is betrokken handelen: je persoon speelt altijd mee.
3. ZIJN maakt ethische gevoeligheid mogelijk
De powerpoint koppelt ZIJN aan:
raakbaarheid (kunnen geraakt worden door de kwetsbaarheid van de ander),
authenticiteit,
oprechte belangstelling,
ethische spaarzaamheid (het “totaal goede” kunnen beperken tot het “beste
in de gegeven situatie”),
eigen behoeften kunnen uitstellen,
zich verbinden,
grenzen kennen en middelmatigheid.
Deze elementen vormen samen de ethische gevoeligheid die nodig is om
zorgethisch te handelen.
4. Waarom ZIJN een voorwaarde is voor de andere competenties
Zien vraagt openheid en gevoeligheid → dat komt uit ZIJN.
Weten krijgt pas betekenis als het gedragen wordt door wie jij bent.
, Reflecteren vraagt eerlijkheid, kwetsbaarheid en zelfkennis.
Doen wordt pas zorgethisch wanneer het voortkomt uit verbinding,
authenticiteit en raakbaarheid.
ZIJN zorgt ervoor dat zorg niet technisch of procedureel wordt, maar
menselijk, relationeel en ethisch.
Samenvatting
De zorgethische competentie ZIJN situeert zich als de fundamentele basis
van zorg-ethisch handelen. Ze is de bron en voorwaarde voor alle andere
zorgethische competenties, omdat zorg begint bij wie jij bent als persoon in
relatie tot de zorgontvanger. Vanuit raakbaarheid, verbinding, authenticiteit
en het kunnen uitstellen van eigen belangen ontstaat de ethische
gevoeligheid die nodig is om te zien, weten, reflecteren en doen op een
1. Legt uit waarom “ZIJN” een voorwaarde is voor de andere ZE
competenties.
zorgethische manier.
1. ZIJN gaat over wie jij bent als persoon in de zorg
De powerpoint benadrukt:
“Wie ben ik (als persoon)?”
Zorg is betrokken handelen.
Je kan niet neutraal of technisch “zorg uitvoeren”.
ZIJN bepaalt dus hoe jij kijkt, denkt, voelt en handelt.
Daarom is het de basis van alles wat volgt.
2. ZIJN creëert ethische gevoeligheid
De slides koppelen ZIJN aan:
raakbaarheid
oprechte belangstelling
authenticiteit
ethische spaarzaamheid
kunnen uitstellen van eigen behoeften
grenzen kennen
middelmatigheid (weten dat zorg nooit perfect is)
Zonder deze gevoeligheid kan je:
niet goed zien wat er moreel speelt,
niet juist weten wat nodig is,
niet eerlijk reflecteren,