Deel1: het dagelijks leven van de nefroloog
1. Hoe nierfunctie meten?
2. Hoe interpreteer je de verschillende tests voor de nierfunctie?
3. Hoe evalueer je hematurie en proteïnurie en waarom is dat belangrijk?
4. Alarmsymptomen in de nefrologie
1 & 2:
Glomerulair filtratie rate GFR
- Wordt gebruikt:
o Om nierfunctie te kwantificeren
o Voor opvolging
o Om dosisaanpassingen te berekenen (medicatie)
(Cockroft Gault: wordt in praktijk niet gebruikt – enkel door firma’s voor
dosisaanpassingen op bijsluiter)
mGFR (measurement) = meting
- Plasmaklaring van een exogene molecule
o Chroom EDTA * klaring
Zelden gebruikt in klinische praktijk
Cave eiwitbinding: onderschatting van GFR ongeveer 10%
- Plasmaklaring van een endogene molecule
o GFR (ml/min)= U(mg/dl) x urinair V (ml/min) / P (mg/dl)
U: conc in de urine
V: urinair volume
P: conc in plasma
- Creatine als endogene merker:
o Belangrijk product van spier turnover
o Constante productie (afh van spiermassa)
o Vrij gefiltreerd
o Tubulaire secretie: 10-20% !!!!! geen ideale merker
mGFR overschat GFR
o serum creatinine
man: 0.7-1.2 mg/dl
vrouw: 0.5-1.0 mg/dl
- dagelijks routine voor meting GFR via creatinineklaring
o gebeurd via 24u urinecollectie
o is omslachtig en tijdrovend + gevoelig voor fouten!
eGFR (estimation) = schatting
- via creatinineklaring en serum creatine
o Creatinineklaring = (urinecreatinine × urinestroom) /
serumcreatinine
o Creatinineklaring is omgekeerd evenredig aan serumcreatinine →
Hoger serumcreatinine = slechtere nierfunctie
1
, o Er bestaan verschillende eGFR-formules:
CKD-EPI, MDRD, Cockcroft-Gault (CKD-EPI het best gevalideerd bij
slechte nierfunctie)
- Factoren die serumcreatinine
beïnvloeden
o Interindividuele variabiliteit
o 1 serum creatinine waarde kan overeenkomen met verschillende
nierfuncties
o Verschil is afh van spiermassa en dus creatinine productie
- Dus inschatting spiermassa noodzakelijk (via leeftijd, geslacht, ras)
- MDRD/CKD EPI formules resulteren in GFR in ml/min/1.73 m2
THM:
- Exogene moleculen: zelden gebruikt in dagelijkse praktijk
- Interpretatie creatininegebaseerde formules
o mGFR creatinineklaring nuttig bij eerste visite
o eGFR gebaseerd op serum creatinine (CKD EPI) belangrijk vr
onderzoek/epidemiologie/richtlijnen + acceptabel bij normaal
fenotype en follow-up
o serum creatinine nuttig bij follow up (vb bij transplant patiënt)
filtratie regulatie:
- Afferente vasoconstrictie (GM↓): ↓RBF, ↓P_GC, ↓GFR
- Afferente vasodilatatie: ↑RBF, ↑P_GC, ↑GFR
- Efferente vasoconstrictie (GM↓): ↓RBF, ↑P_GC, ↑GFR
- Efferente vasodilatatie: ↑RBF, ↓P_GC, ↓GFR
- NSAID: verantw voor afferente vasoconstrictie GFR daalt
- ACEI & ARB: verantw voor efferente vasodilatatie GFR daalt
3:
Eiwitten in de urine = proteïnurie
- Filtratiebariëre laat geen EW toe!
- Albumine komt moeilijk door GBM (beide negatief geladen; te groot voor
slit diaphragm)
o GBM= glomerulair basaalmembraan
- Alleen bij podocytbeschadiging (podocytopathie) lekt albumine →
pathologische proteinurie
- 99% van gefilterd eiwit wordt gereabsorbeerd in de proximale tubulus
- Normale (fysiologische) proteïnurie:
o max. 0,15 g/24u, bestaande uit ± 40% albumine en 40% Tamm-
Horsfall-eiwit (beschermt tegen infecties)
- belang van proteïnurie
o =merker voor ziekte-activiteit
o Risicofactor voor progressie van nierlijden
2
, o Onafhankelijke risicofactor voor cardiovasculaire morbiditeit en
mortaliteit
(antiproteïnuretische GM: antihypertensiva (druk in glomerulus verminderen) +
sartanen en ACEi (GFR minder onder druk -> minder eiwitten in urine))
Rode bloedcellen in de urine = hematurie
- Als je bloed in de urine ziet met het blote oog, moet je niet onmiddellijk
aan de nieren denken, kan ook gyneacologisch zijn of van de blaas
- Geïsoleerde hematurie: urologische, nefrologische en gynecologische
oorzaken
4:
- Nierlijden: silent killer
- Vroege diagnose is vaak toevallig
o Albuminurie/ proteinurie
o Hematurie
o Creatinine toename
- Late diagnose: aspecifieke symptomen/ uremisch syndroom
Belangrijkse nefrologische symptomen:
1. Hematurie
2. Pijn
3. Oligoanurie
4. Polyurie
5. Oedeem
6. Hypertensie
Hematurie:
Pijn: (door nierproblemen)
- Koliekpijn: urologisch probleem (zoals nierstenen of infarct)
- Acute pijn (pulserend): bij acute nefritis, door oedeem → druk in de nier →
pijn
- Flank- en buikpijn: bij polycystose (genetische aandoening met cysten in
de nieren)
- Belangrijk:
o “pijnlijke nieren” betekent meestal geen nierziekte, maar lumbago
(lage rugpijn)
Urine volume
- Normaal: 0,5–1,5 L/24u
3