Rédigé par des étudiants ayant réussi Disponible immédiatement après paiement Lire en ligne ou en PDF Mauvais document ? Échangez-le gratuitement 4,6 TrustPilot
logo-home
Document preview thumbnail
Aperçu 4 sur 47 pages
Resume

Samenvatting PowerPoint 1 Armoedebestrijding | Sociale ongelijkheid | Hogeschool Gent | 2026/27

Document preview thumbnail
Aperçu 4 sur 47 pages

Dit is PowerPoint-materiaal voor het maatschappelijk project 'Armoedebestrijding en sociale ongelijkheid' aan Hogeschool Gent, gericht op studenten Sociaal Werk. De presentatie behandelt kernconcepten zoals armoede als multidimensionaal fenomeen, sociale reproductie volgens Bourdieu, capability-analyse volgens Sen en Nussbaum, en praktische werkvormen in het sociaal werk (empowerment, navigeren door systemen, stress verlagen, verbinden en pleiten voor rechtvaardigheid). Ideaal voor voorbereiding op het vak en om van 'buikgevoel' naar echte analyse te gaan.

Aperçu du contenu

MP: ARMOEDEBESTRIJDING EN SOCIALE ONGELIJKHEID
POWERPOINT 1 - INLEIDING
Pwp’s, theatervoorstelling, film- en videomateriaal, artikels, bijdragen door
gastdocenten, getuigenissen en leerpaden
POWERPOINTS
1) Start en oriëntatie
- "Armoede overwinnen is geen gebaar van naastenliefde. Het is een daad
van rechtvaardigheid. Het is de bescherming van een fundamenteel
mensenrecht, het recht op waardigheid en een fatsoenlijk leven.” – Nelson
Mandela
- Armoede bestaat ook in een welvaartsstaat
- Ongelijkheid groeit  SW staat hier middenin

1.1) Van buikgevoel naar analyse
- Buikgevoel ≠ analyse
- Beeldvorming ≠ werkelijkheid
- Dit OLOD: leren kijken voorbij dominante verhalen
 “SW vraagt dat je leert twijfelen aan je eerste indruk.”
Opdracht
Vraag: welke spontane gedachte komt bij jou op als je de titel leest?
- Wanneer burgers deze titels lezen, ontstaan vaak spontane reacties zoals:
 “Dat is toch niet zo veel?”
 “België is een rijk land, hoe kan dat?”
 “Dan moeten ouders beter werken.”…
 = intuïtieve, emotionele of morele reacties
 niet per definitie fout, maar ze zijn nog een analyse




1

,Vraag: wat zegt het cijfer werkelijk?
- 13% van de kinderen
- 1 op 8 jongeren

Armoede als multidimensionaal fenomeen
- Dit cijfer wijst niet allen op inkomensarmoede, maar op:
 Sociale uitsluiting
o Ongelijke ontwikkelingskansen
o Capability (vermogen)-beperkingen (Sen)
o Sociale reproductie (Bourdieu) – sociale positie van de ouders
is bepalend voor het kind
- Kinderen missen niet enkel materiële zaken, maar:
o Cultureel kapitaal (= kennis, vaardigheden, opleiding…)
o Sociale participatiekansen (= arbeid, dagbesteding,
onderwijs…)
o Symbolisch kapitaal (= erbij horen)

Capability-analyse (vermogensanalyse)
- Volgens Sen en Nussbaum gaat het hier om beperking van capabilities:
 Ontwikkelingsmogelijkheden
 Onderwijsdeelname
 Sociale integratie
 Toekomstperspectief
- Het probleem is dus niet enkel “lage koopkracht”, maar beperkte reële
vrijheid

Sociale reproductie
- Wanneer kinderen structureel minder toegang hebben tot:
 Boeken
 Schooluitstappen
 Culturele activiteiten
dan wordt ongelijkheid over generaties heen gereproduceerd
 armoede wordt dan intergenerationeel

1.2) Beeldvorming versus werkelijkheid
Video
- 1 op 7 mensen in België leeft in armoede
- Armoede wordt voorgesteld als een verhaal van kansen en gemiste
kansen, niet van schuld
- De film wil kijkers bewust maken dat armoede dichtbij is en iedereen kan
treffen

2) Wat is armoede?
2.1) Tijdlijn – armoede en hulpverlening, iets uit alle tijden?

2

, - Prehistorie en oudheid:
 Armoede = bestaansonzekerheid, ongelijkheid, afhankelijkheid
 Hulpverlening = informeel, vooral in familieband, stamverband
- Middeleeuwen:
 Armoede = collectieve ervaring, religie, stigmatisering
 Hulpverlening = familie en dorpsgemeenschap, armenzorg (kloosters,
armenhuizen…)

- Vroegmoderne Tijd (1500-1800):
 Armoede = door groei van steden en economische crisis,
overheidsbemoeienis
 Hulpverlening = familie als eerste vangnet, armenzorg door steden,
armenwetten (GB – Poor Laws), registratie van de armen, werkhuizen
voor werklozen, tuchthuizen voor “luie armen”

- 19de eeuw:
 Armoede = massale arbeidersarmoede, slechte woon- en
werkomstandigheden
 Hulpverlening = caritas en parochiale armenzorg (gehoorzaamheid en
goed gedrag), gemeentelijke armenzorg, werkhuizen en controle,
eerste vakbonden en mutualiteiten)

- 20ste eeuw:
 Armoede = structurele kwetsbaarheid (= meer verborgen), 2
oorlogen, groeiende rol overheid  nieuwe armoede
(éénoudergezinnen, migratie…)
 Hulpverlening = voedselbedeling, OCMW (1976), sociale zekerheid 
hulp wordt een recht

- 21ste eeuw:
 Armoede = multidimensioneel en complex (digitale kloof, sociale
uitsluiting, migratie en vluchtelingen…)
 Hulpverlening = sociale kruidenieren, voedselbanken, digitale inclusie,
lokale hulp, hulp via middenveld, integratie, preventie…
2.2) Leerpad: armoede is meer dan geld tekort
- Armoede betekent tekorten op meerdere levensdomeinen:
 Inkomen
 Wonen
 Gezondheid
 Onderwijs
 Vrije tijd
 Sociale relaties…

2.3) Leven in armoede is leven met stress
- Constante zorgen: rekeningen, huur, eten, onverwachte kosten…
- Onzekerheid: niet weten of je het einde van de maand haalt
- Keuzes onder druk en schaamte: het gevoel niet mee te kunnen doen

3

, - Mentale belasting: stress vreet energie – het maakt plannen, leren en
beslissen moeilijker  schaarste en tunnelvisie
- Gezondheidseffecten: burn-out, depressie en lichamelijke klachten
 chronische geldstress beperkt tijdelijk het denken, plannen en beslissen, niet
door gebrek aan motivatie, maar door overbelasting

2.4) Cumulatie van problemen
- “Armoede is zelden één probleem”
 Problemen versterken elkaar
 Geen losse puzzelstukjes
 Vicieuze cirkel

- Speelt je postcode vandaag een belangrijkere rol dan je DNA?
 Hoe woon je?
 Hoe werk je?
 Heb je onderwijs?
 Is je leefomgeving gezond?
 Heb je zorg?
 Wat is je aanleg, je genetica?
 Hoe zit je DNA in elkaar?...

- Vb cumulatie:
 Slechte woning  gezondheidsproblemen  school/werkproblemen 
inkomensverlies

2.5) Soorten armoede
- Absolute armoede
 Onvoldoende om te overleven
 Basisbehoeften niet verzekerd
o Onvoldoende voedsel
o Schoon drinkwater
o Onderdak
o Basisgezondheidszorg
o Kleding en bescherming tegen weersomstandigheden
  vooral in lage- inkomenslanden
  vaak gemeten met een inkomensgrens

- Relatieve armoede
 Niet volwaardig kunnen deelnemen
 Achterblijven t.o.v. samenleving – tekort aan middelen
o Moeite hebben om sport, cultuur, sociale activiteiten te betalen
o Geen geld voor laptop, schoolreis en/of verjaardag
o Energie en/of woonkosten die te groot deel van het inkomen
opslokken
o Steeds moeten kiezen tussen noodzakelijke uitgaven




4

Table des matières

  1. 01 1) Welke beelden en mythes over armoede worden doorprikt? 36
  2. 02 2) Hoe wordt de verhouding “mens met geld” – “mens in armoede” voorgesteld? 36
  3. 03 3) Hoe positioneert Tim ’S Jongers zichzelf t.o.v. het publiek? 37
  4. 04 4) Welke rol speelt ironie/ongemak/confrontatie? Wat raakte, irriteerde of verraste je? 37
  5. 05 5) Waarom werkt theater hier anders dan academische literatuur? 37
  6. 06 6) Wat zeggen je stellingen na het bekijken van de voorstelling? 37
    1. “Armoede is geen probleem van mensen, maar van systemen.” 37
    2. “Het sociaal werk reproduceert soms de ongelijkheid die het wil bestrijden.” 37
    3. “Empowerment zonder herverdeling is leeg.” 37
    4. “Beleid vertrekt te vaak vanuit wantrouwen tegenover mensen in armoede.” 38
  7. 07 7) Hoe versterken het web van armoede, resonantietheorie en framing elkaar? 38
    1. Web van armoede 38
    2. Resonantietheorie (Rosa) 38
    3. Framing 38
  8. 08 8) Wat helpt deze voorstelling jou beter begrijpen over armoede? 38
  9. 09 9) Wat maakt het web van armoede een nuttig denkkader voor sociaal werkers? 38
    1. Welke stem of welk fragment blijft bij mij hangen? 39
    2. Waar hoor je stilte (twijfel, aarzeling, pauzes, omwegen)? 39
    3. Welke sporen van het verleden hoor je in het heden? 39
    4. Hoe beïnvloedt opgroeien in armoede hun kijk op de toekomst? 39
    5. Welke “keuzes” lijken van buitenaf logisch, maar worden complex of onmogelijk? 40
    6. Welke vormen van eenzaamheid komen aan bod? 40
    7. Waar hoor je momenten van uitsluiting door systemen of instanties? 40
    8. Wat betekent “erbij horen” in de verhalen? 40
    9. Wanneer lijkt zwijgen een vorm van bescherming? 40
    10. Wat wordt niet expliciet gezegd, maar is voelbaar aanwezig? 40
    11. Welke ervaringen met hulpverlening worden benoemd? 41
    12. Wat helpt volgens de vertellers wél, en wat juist niet? 41
    13. Welke houding van een sociaal werker klinkt wenselijk door? 41
  10. 10 Waarom zeggen de sprekers dat wonen steeds meer een luxe wordt in plaats van een basisrecht? 42
  11. 11 Welke drempels ervaren mensen in armoede op de woonmarkt? 42
  12. 12 Hoe beïnvloedt geld of financieel kapitaal de keuzevrijheid van mensen op vlak van wonen? 42
  13. 13 Welke gevolgen heeft een onzekere of slechte woonsituatie voor andere domeinen van het leven? 42
  14. 14 Wat leren de getuigenissen of ervaringen ons over de link tussen wonen en sociale uitsluiting? 42
  15. 15 Welke structurele problemen in Vlaanderen komen in de podcast aan bod? 43
  16. 16 Welke rol kunnen overheid, hulpverlening en samenleving spelen in het aanpakken van de wooncrisis? 43
    1. Overheid 43
    2. Hulpverlening 43
    3. Samenleving 43
  17. 17 Welke oplossingen of voorstellen noemen de gasten zelf? 43
  18. 18 Met welke uitspraak of gedachte uit de podcast ben jij het meest eens? Waarom? 43
  19. 19 Wat zegt deze aflevering volgens jou over de samenleving waarin we vandaag leven? 43
  20. 20 Dat we leven in een samenleving waar: 43
    1. 1. Schaarstetheorie (Mullainathan & Shafir) 45
    2. 2. Structureel armoedeperspectief 45
    3. 3. Capability Approach (Amartya Sen & Martha Nussbaum) 45
    4. 4. Stress- en copingtheorie 45
    5. 5. Leefwereld vs. systeemwereld (Baart, presentietheorie) 45
    6. Financiële ondersteuning 45
    7. Wonen 46
    8. Gezondheid 46
    9. Werk en opleiding 46
    10. Kinderopvang 46
    11. Schuldhulpverlening 46
    12. Nabijheid en presentie 46
    13. Structureel werken 46
    14. Empowerment 46
    15. Navigeren door systemen 46
    16. Stress verlagen 46
    17. Verbinden 47
    18. Pleiten voor rechtvaardigheid 47

Infos sur le Document

Publié le
2 septembre 2026
Nombre de pages
47
Écrit en
2026/2027
Type
Resume
€12,66

Mauvais document ? Échangez-le gratuitement Dans les 14 jours suivant votre achat et avant le téléchargement, vous pouvez choisir un autre document. Vous pouvez simplement dépenser le montant à nouveau.
Rédigé par des étudiants ayant réussi
Disponible immédiatement après paiement
Lire en ligne ou en PDF

Vendu
0
Abonnés
0
Éléments
6
Dernière vente
-



Pourquoi les étudiants choisissent Stuvia

Créé par d'autres étudiants, vérifié par les avis

Une qualité sur laquelle compter : rédigé par des étudiants qui ont réussi et évalué par d'autres qui ont utilisé ce document.

Le document ne convient pas ? Choisis un autre document

Aucun souci ! Tu peux sélectionner directement un autre document qui correspond mieux à ce que tu cherches.

Paye comme tu veux, apprends aussitôt

Aucun abonnement, aucun engagement. Paye selon tes habitudes par carte de crédit et télécharge ton document PDF instantanément.

Student with book image

“Acheté, téléchargé et réussi. C'est aussi simple que ça.”

Alisha Student

Foire aux questions