Hoofdstuk 1 - Grenzeloze communicatie
----------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------
|| Introductie
| Praktisch
● Ufora cursus opgebouwd per hoofdstuk (met materiaal zoals zelftests en een proefexamen)
● zelfstudie: Ufora leerpad: basis voor interferentiële statistiek (niet op punten) → zelfstandige oefeningen
● In Balans handboek doornemen
| Examen
● reeks meerkeuzevragen (A,B,C,D) met hogere cesuur (62,5%)
● reeks open vragen
|| De vertaalwereld: Soorten vertalingen en vertalers
| Professionele vertalers en tolken
● voorbeelden van professionele vertalers:
○ Kiki Coumans, vertaler van proza en poëzie uit het Frans naar het Nederlands.
○ Veronica, helpt anderstalige ouders tijdens oudercontacten
○ Bert De Kerpel, vertaler bij de Kamer van Volksvertegenwoordigers
● onzichtbaar beroep in maatschappij (bv. literaire vertaler staat niet op de cover van een boek)
● beëdigde vertaler of tolk: vertaling van officiële documenten
bv. paspoorten, rijbewijzen, politieverhoren (vaak in gerechtelijke omgeving)
→ vertaling geldt als het originele document (en geen vertaling van)
bv. Belgische wetteksten zijn dus strikt genomen geen vertaling
| De basisclassificatie van Roman Jakobson
● klassieke driedeling (groepering van vertalingen)
○ gebaseerd op taal- en tekensysteemverschillen (1896-1962) On linguistic aspects of translation
→ bron en doel verschillen van elkaar op vlak van taal of tekens
interlinguale vertaling vertaling tussen verschillende talen, van ene naar andere
■ L1 (language 1) → L2 (language 2) (prototypisch)
■ translation proper (typische, eigenlijke vertaling)
bv. boekvertaling van het Afrikaans naar het Hindi
bv. Nederlandse ondertiteling van Engelstalige serie
intralinguale vertaling vertaling binnen één taal, van de ene variëteit naar andere
■ L1 (language 1) → L1’ (language 1 variety/accent)
■ parafrase
bv. juridische tekst → eenvoudiger te begrijpen tekst
bv. NN tekst → BN tekst
bv. hertaling Middelnederlandse roman in Nieuwsnederlands
bv. dialect omgezet naar standaardtaal
intersemiotische vertaling vertaling tussen tekensystemen, van ene communicatieve
gebeurtenis binnen bepaald tekensysteem naar andere
> semiotiek: leer van tekensystemen
■ TS1 (tekensysteem 1) → TS2 (tekensysteem 2)
■ bewerking
bv. van gesproken taal naar gebarentaal (tolk bv. nieuws)
bv. verfilming van een boek
,● verschil tussen een taal en een tekensysteem
○ tekensysteem: geheel van tekens waarmee betekenis wordt overgebracht
bv. spraak, handgebaren, fluitsignalen (akoestisch tekensysteem)
○ taal: natuurlijke of artificiële (bedacht) tekensysteem dat gebruikt wordt voor communicatie en dat gesproken
en/of geschreven kan zijn
■ elke taal is dus per definitie een tekensysteem, maar niet elk tekensysteem is een taal
bv. Nederlands, Esperanto (artificiële taal)
bv. een politiefluitje is wel een tekensysteem, maar geen taal
● naast talen bestaan er dus ook andere tekensystemen
visuele tekensystemen → gebaseerd op zichtbare, visuele signalen
bv. verkeersborden, kledingstijl, vlaggen, gelaatsuitdrukkingen,
logo’s, uniformen, etc.
auditieve tekensystemen → gebaseerd op geluid
bv. sirene van ambulance, fluitsignalen agent, klokgelui
motorische tekensystemen → gebaseerd op bewegingen/handelingen
bv. gebaren, handdruk, zoen, knuffel
⚠ een taal (natuurlijk of artificieel) wordt beschouwd als 1 tekensysteem, ongeacht of ze gesproken
of geschreven is
→ een ondertitel op tv kan dus geen intersemiotische vertaling zijn, omdat men binnen eenzelfde
tekensysteem blijft, namelijk taal (van gesproken naar geschreven taal)
| Indeling volgens modus
● de indeling van Jakobson levert een erg rudimentaire driedeling op, en kan dus nog verder
aangescherpt worden door aan zijn schema een tweede classificatiecriterium toe te voegen…
○ modus: de wijze waarop gecommuniceerd (vertaald) wordt, de gebruikte communicatiesignalen
(akoestische, geschreven, visueel-gestuele signalen…)
monomodaal - vertaling binnen één modus (bron en doel blijven dezelfde modus)
→ er is 1 soort communicatiesignaal en die is dezelfde in bron- en doelproduct
→ gesproken of geschreven
○ monomodaal interlinguaal: boekvertaling, dubbing, sociaal tolk, voice-over of
half dubbing
○ monomodaal intralinguaal: hertaling Middelnederlandse roman in
Nieuwsnederlands
intermodaal - vertaling tussen twee modi
of cross-modaal → er is 1 soort communicatie-signaal en dat is niet hetzelfde in bron- en
doelproduct
→ gesproken naar geschreven en omgekeerd
bv. NN tekst → BN tekst
bv. hertaling Middelnederlandse roman in Nieuwsnederlands
○ intermodaal interlinguaal: ondertiteling van Engels naar Nederlands op tv,
vertaling van het blad van het Roemeens in het Nederlands
○ intermodaal intralinguaal: ondertiteling van dialect op tv in SNL
multimodaal - vertaler moet rekening houden met meerdere modi of tekensystemen in de
bron en of doeltaal: er zijn verschillende communicatiesignalen in zowel bron-
als doelproduct, verschillende tekenensystemen tegelijkertijd
→ meestal intersemiotisch
○ multimodaal intersemiotiek: audiodescriptie Vlaamse serie voor blinden en
slechtzienden
○ multimodaal interlinguaal: aanpassen PS4 game lokalisatie
→ volledig (visueel) aangepast aan de toegepaste doelpubliek (dus
multimodaal, niet enkel woorden die vertaald worden)
,| Derde classificatiecriterium: gesproken vs. geschreven
● enkel van toepassing op vertaaltypes die te maken hebben met talen, niet met tekensystemen
● talen komen typisch in 2 modi voor:
○ geschreven taal
○ gesproken taal
● op basis daarvan kan men 2 hoofdtypes van ‘talige’ (niet-intersemiotische) vertaling onderscheiden:
○ monomodale vertaling
○ intermodale vertaling
● daarnaast onderscheiden we ook nog een derde type: multimodale vertaling
→ overlapt meestal volledig met semiotisch
| Oefening
Fragment 1 MONOMODAAL, INTERLINGUAAL (dubbing of lipsynchronisatie)
Fragment 2 INTERSEMIOTISCH, MULTIMODAAL (audiodescriptie)
Fragment 3 INTERLINGUAAL, MONOMODAAL (sociaal tolken)
Fragment 4 INTERLINGUAAL, MONOMODAAL (conferentietolken) (zie ook fragment 4’)
Fragment 5 INTERSEMIOTISCH (gebarentaaltolken)
Fragment 6 INTERLINGUAAL, MONOMODAAL (voice-over of half-dubbing)
Fragment 7 INTERLINGUAAL, MONOMODAAL (voice-over of half-dubbing)
INTERLINGUAAL, MONOMODAAL (juridische vertaling)
FR9: MULTIMODAAL (lokalisatie)
INTERLINGUAAL MONOMODAAL (literaire vertaling)
|| Een overzicht van gesproken (+ gestuele) vertalingen
● gesproken vertalingen staan beter bekend als tolken
○ Het Nederlandse woord ‘tolken’ komt waarschijnlijk uit het Russisch (“interpreteren, interpretatie”)
= Frans (interprétation) & Engels (interpretation)
● tolken: meer dan (‘blind’) woorden vertalen, een tolk interpreteert de brontekst zodat die de
boodschap optimaal kan overbrengen in de doeltaal
○ Wat is de bedoeling van deze zin / deze alinea / deze tekst?
○ Wat wil de schrijver ermee zeggen?
○ Wie is het doelpubliek?
○ Wat is de context waarin de brontekst verschenen is?
○ In welke context zal de vertaling verschijnen?
, ● soorten tolken, ingedeeld volgens context en wijze:
○ context: bv. conferentie, sociaal, gerechtelijk
○ wijze: simultaan of consecutief (met fluistertolken als specifieke variant van het simultane tolken)
Conferentietolken - conferentietolken treden op tijdens (grote) vergaderingen van
(conference interpreting) internationale organisaties (bv. EU Commissie, bedrijven)
➤ deelnemers hebben meestal een gelijke maatschappelijke status
bv. parlementsleden, bedrijfsvertegenwoordigers
➤ doel: iedereen kan spreken en luisteren in de eigen moedertaal
(meer nuance, preciezer)
- dit type tolken is pas ontstaan na WO II (o.a. Neurenbergprocessen)
- conferentietolken zijn hoogopgeleide professionals (gespecialiseerde
opleiding, examens) & genieten hoog prestige (en hogere loon)
simultaan (meest voorkomende type)
tolken = tolk vertaalt tegelijk met de spreker
➤ moet luisteren, interpreteren en vertalen terwijl de
spreker aan het praten is
➤ werkt meestal in een geluidsdichte cabine met
hoofdtelefoon en microfoon
➤ toehoorders luisteren via een hoofdtelefoon
➤ EVS (Ear-Voice Span) / décalage: tijd tussen het
eerste woord van de spreker en de vertaling door
de tolk (gemiddeld 2–4 seconden)
⚠ zeer intensief
→ tolken wisselen elkaar af (+- om 30–40 m)
→ meerdere tolken per talencombinatie
- variant: fluistertolken (chuchotage)
→ simultaan zacht ingefluisterd
consecutief ➤ tolk luistert eerst en neemt ondertussen nota’s
tolken ➤ daarna geeft hij/zij de vertaling wanneer de
spreker pauzeert (er wordt na elkaar gepraat)
→ vooral gebruikt bij kleinere bijeenkomsten waar
het publiek meestal = moedertaal heeft
Sociaal tolken - tolken in kleinschalige gesprekken tussen een anderstalige burger en
(community interpreting) een openbare dienst (politie, ziekenhuis, school, gerecht, gemeente)
➤ meestal consecutief (door kleinschaligheid)
➤ deelnemers hebben vaak statusverschil (burger ↔
overheid/instantie)
➤ uitgeoefend door professionele en natuurlijke tolken (bv. kind, vriend)
gelegenheidstolk/natuurlijke tolk: iemand die (enigszins) de bron-
en doeltaal kent, maar geen opleiding tot tolk heeft genoten
⚠ risico’s natuurlijke tolken:
- kwaliteitsproblemen
- gebrek aan neutraliteit (aangezien vaak band met betrokkene)
≠ verschil met conferentietolken
●kleinschalig (kleiner aantal gespreksdeelnemers)
●duidelijk status-en dus machtsverschil
●vaak consecutief
Gebarentaaltolken - manier van tolken tussen een (gesproken) natuurlijke brontaal en een
gebarentaal (bv. de Vlaamse of Nederlandse Gebarentaal)
→ vorm van intersemiotische vertaling (Jakobsonsterminologie)