THEMA 1: KENNISMAKING EN HISTORIEK
KENNISMAKING
Ontwikkelingspsychologie= Wetenschappelijke studie van patronen van groei,
verandering en stabiliteit
• Van conceptie tot hoge ouderdom
• Verschillende ontwikkelingsdomeinen:
o Fysiek
o Cognitief
o Sociaal-emotioneel
Wij kennen verschillende ontwikkelingsfasen:
1. prenataal
2. babytijd
3. peuter- en kleutertijd
4. schooltijd
5. adolescentie
6. opkomende volwassenheid
7. volwassenheid
8. ouderdom
➔ Nuancering nodig:
• Sociale constructies, ze zijn gebaseerd op onderzoek uit de westerse wereld
(WEIRD samenleving)
• Sterke individuele verschillen, we moeten ons hiervan bewust blijven
HISTORIEK
“Standing on the shoulder of giants” (Isaac Newton)
⇨ Als ik verder gekeken heb dan anderen is dat omdat ik op de schouders van
reuzen stond -> Hij bedoelde dat de wetenschap vooruitgang boekt door op
eerdere inzichten te baseren, door het werk van eerdere denkers komen we zo
ver
,1. Philippe Ariès
Deed cultuurhistorische studie over kind en kindertijd aan de hand van beschikbare
bronnen (afbeeldingen, dagboeken, …)
• “Ontdekking van het kind” rond begin 17e eeuw (begin van de nieuwe tijd)
➔ Met zijn werk onderscheid hij kinderen niet alleen op kwantitatief niveau (Lengte,
gewicht, …) zoals voorheen, maar ook op kwalitatief niveau
➔ Volgens hem echte breuk met middeleeuwen waar kind gezien werd als mini
versie van volwassenen
➢ Kinderen moesten toen snel meedraaien in de volwassenenwereld, er was
bijna geen overgang tussen babytijd en volwassenentijd
➔ Later genuanceerd: het was geen plotse breuk, wel geleidelijke verkinderlijking
doordat er meer aandacht kwam voor het kind
• Deze nieuwe visie op het kind brengt vragen mee over hoe kinderen zich
ontwikkelen en wat ze nodig hebben
➔ Er is nood aan bijzondere behandeling, een periode van afzondering om
voorbereid te worden op het volwassen leven
➔ Zo ontstaan verschillende visies over hoe opvoeding en vorming best aangepakt
worden, onder andere bij de verlichtingsfilosofen
2. John Locke
Mensen worden geboren als tabula rasa (onbeschreven blad), zonder aangeboren
ideeën
• Kinderen kunnen dus in principe tot gelijk wat gevormd worden
• Alle verschillen tussen mensen zijn toe te schrijven aan verschillende
ervaringen/ omgevingen
• Je wordt dus niet “zo geboren”
, • Locke -> empirist dus = zintuiglijke waarneming stond centraal
• Invloed van omgeving het sterkst in vroege kinderjaren: dan is de geest het
meest kneedbaar volgens hem
• Doel van opvoeding/onderwijs: zelfcontrole verwerven
• Lag aan de basis van latere behavioristische theorieën
3. Jean-Jacques Rousseau
Kinderen waren geen “lege containers” zoals Locke beweerde
➔ Kinderen worden geboren met inherent potentieel en talenten (“aangeboren
goedheid”)
• Kinderen verzorgd/beschermd= ze bereiken vanzelf hun volle potentieel
• Wanneer ze beperkingen ervaren bij het ontwikkelen van die aangeboren
goedheid -> Negatieve ontwikkeling uitkomst ( koppigheid,
ongehoorzaamheid, agressie, …)
• Rousseau gelooft dat kinderen niet gemaakt moeten worden, maar dat ze
zich van nature ontwikkelen volgens een soort "innerlijk groeiplan".
• Dat plan dwingt hen in verschillende fasen verschillende capaciteiten te
ontwikkelen
Bv: 2-6 jaar -> oorzaak-gevolg snappen
• De volgorde van die fasen is voor iedereen hetzelfde
• Opvoeding moet aangepast zijn aan de fase waarin het kind zich bevindt: Je
mag een kind niet pushen naar kennis waar het nog niet klaar voor is
• Grondslag latere rijpingstheorieën
START WETENSCHAPPELIJKE ONTWIKKELINGSPSYCHOLOGIE
Vanaf wanneer is iets een wetenschappelijke discipline?
3 criteria:
a) Inspirerend theoretisch idee
, b) Empirische mentaliteit
c) Methodologie
Voor ontwikkelingspsychologie voldaan rond einde 19e eeuw
A) Evolutionair denken en meer specifiek de recapitulatietheorie
Charles Darwin met zijn boekje “Origin of Species”
• Evolutietheorie als verklaring voor ontstaan van de mens
• Survival of the fittest
• Observatie dat prenatale ontwikkeling bij veel soorten gelijkaardig verloopt
Ernst Haeckel
• Verspreidde de ideeën van Darwin
• Formuleerde recapitulatietheorie
➔ Ontwikkelingen van individuen binnen een soort
(ontogenese) is een versnelde recapitulatie van hoe de
soort zelf zich ontwikkeld heeft (fylogenese)
• illustreerde zijn theorie met illustraties van de
ontwikkeling van embryo’s in verschillende soorten
• Nadien bleken de tekeningen niet te kloppen en werd Haeckel beschuldigd van
wetenschapsfraude
➔ Ondertussen duidelijk dat deze theorie niet klopt
• Blijft wel van historisch belang voor de ontwikkelingspsychologie:
❖ Stimuleerde gebruik van systematische observatiemethoden
❖ Legitimeerde onderzoek naar de ontwikkeling van kinderen (om de evolutie van
de menselijke soort te begrijpen)
❖ Theoretische inspiratiebron voor belangrijke grondleggers van de
ontwikkelingspsychologie
b) Ontstaan van empirische mentaliteit