Rédigé par des étudiants ayant réussi Disponible immédiatement après paiement Lire en ligne ou en PDF Mauvais document ? Échangez-le gratuitement 4,6 TrustPilot
logo-home
Document preview thumbnail
Aperçu 4 sur 61 pages
Resume

Samenvatting Van Plant tot Geneesmiddel met eigen notities

Document preview thumbnail
Aperçu 4 sur 61 pages

Aantekeningen voor het vak Van Plant tot Geneesmiddel aan de Universiteit Gent, gericht op Farmaceutische Wetenschappen. De nota's dekken de historische ontwikkeling van plantaardige geneesmiddelen, van empirische praktijken tot moderne farmacognosie, inclusief onderwerpen als fytochemie, fytotherapie, etnofarmacologie, en metabolic engineering van terpenoïden. Behaald in 1ste zit!

Aperçu du contenu

VAN PLANT TOT GENEESMIDDEL

1. Inleiding: de plantenwereld als bron van geneesmiddel
• 1ste GM: plantaardige oorsprong
> empirische basis (nog te weinig info): “trail and error”
-> mondelinge doorgave van generatie op generatie
-> soms schriftelijk vastgelegd in beschavingen
• oudste info over planten als GM:
- Sumeriers: Mesopotamie (3000 vC)
- Ebers Papyrus: Egypte (1550 vC)
• Griekenland
Hippocrates
- vader vd geneeskunde
- ziekte: natuurlijke ipv bovennatuurlijke oorzaken
Dioscorides
- de materia medica
- 600 medicennale planten
• Europa
Rembert Dodoens
- Cruydt boek
- 16de-17de E: ontdekkingsreizen -> veel nieuwe planten
begin 19de eeuw
- overgang van botanische nr chemische discipline (random thee kijken hoe komt dat het geneest)
- v ruwe natuurproducten nr opgezuiverde actieve bestanddelen
- Serturner: isolatie v morfine uit opium
- Pelletier en Caventou: isolatie v kinine uit kina bast (malaria) – standbeeld in PAR
Anatheus Seydler
-> FARMACOGNOSIE (pharmakon=GM , gnosis=kennis)
= de studie v natuurproducten gebruikt zls GM vr de productie v GM en vr het onderzoek nr nieuwe GM
• natuurproducten
- volledig organisme (plant,dier,micro-organisme) geheel of een deel (wortel, bladeren, dierlijk orgaan)
als zodanig of verwerkt (meestal gedroogd -> blijft langer stabiel)
- extravcten of andere bereidingen
- zuiver (geïsoleerde) producten
• fytochemie = de chemie van plantenstoffen hun biosynthese en metabolisatie
fytotherapie = het gebruik v plantenpreparaten door hun geneeskrachtige werking (bekijkt werking,
nevenwerkingen, toxiticiteit,.)
•  wetenschappelijke velden
- synthetische geneesmiddelen -> medicinale chemie
- producten van microbiële oorsprong -> ^^
o vb. Antibiotica: Alexander Fleming – penicilline
o afgescheiden dr een schimmel
- biologicals -> farmaceutische biotechnologie
o vb. hormonen, cytokines, antilichamen
o proteinen
o subsitutietherapie
- natuurproducten -> fytotherapie
o zuivere natuurstoffen
o plantaardige preparaten / fytotherapeutica
• etnofarmacologie = de studie vd GM gebruikt in de volksgeneeskunde of traditionele geneeskunde
- interviews met traditionele healers

, -> lijst met planten van interesse bij bep aandoening -> collectie plantenmateriaal -> extractie en
testen activiteit (in vitro) -> fractionering en isolatie (actieve) inhoudsstoffen
- klinische studie om traditioneel gebruik te valideren
- vb.
o TCM = Traditional Chinese Medcine: kruidengeneeskunde
o Ayurveda = Traditionele geneeskunde vh indiase subcontinent
o Unani = Perzisch-Arabisch traditionele geneeskunde
o Afrika/Z-AM = minder gestructureerde systemen (mondelinge overlevering
• dieren ook gebruik v GM (vb. oerang-oetan in indonesie at bep plant met antiflamattoiere krachten en genas)
• toenemende interesse in producten v natuurlijk basis -> zie VS marktwaarde kruidengeneeskune, idem EUR
-> Newman and Cragg grafiek: fytotherapeutische mengsels komen meer op markt




• drogerij = ruw plantaardig materiaal (gedroogd)
- als zodanig gebruiken
- als uitgangspunt vr bereiding (thee, exrtact,..)
- om zuivere producten te isoleren
!! kwaliteitscriteria
- de Farmacopee beschrijft kwaliteitscriteria
- monografie = document waarin de kwaliteitscontroles v 1 bep product zijn beschreven
-> zowel vr plantenmaterialen als vr zuivere GM
- vaste opbouw monografie:
o definitie: oorsprong – plantendeel – belangr vereiste vr inhoudsstoffen
o eigenschappen: organoleptisch: kleur, geur, smaak
o identificatie: macroscopisch, microscopisch, kleurreacties, dunne laag chromatografie
o testen: zuiverheid
o bepalingen: gehaltebepaling (kwantitatieve)
o eventueel: instructies vr bewaring, contaminatie, schimmelvorming, degradatie,..
• chromatografie
= chemische scheidingstechniek
- mengsels v stoffen scheiden obv.  polariteit
- producten verdelen zich tussen:
stationaire fase (vaste stof)
mobiele fase (vloeistof / gas)
- elk product heeft typische eig: elutiesnelheid -> snelheid waarmee ze voortbewegen (retentietijd = tijd
hoelang ze vastblijven)
vb. dunne laag chromatografie vb. kolomchromatografie

,• drogen v vers plantenmateriaal
technieken:
- bij kamer- of buitentemperatuur
- droogoven bij 60-80 graden (!! niet te hoge temp anders afbraak stoffen)
- sproeidrogen (vernevelen met warme lucht -> fijn poeder)
- vriesdrogen/lyfolisatie (vriezen -> ijsvorm nr gasvorm laten gaan (sublimeren)
• extractie
= inhoudsstoffen extraheren met een solvent (water of organisch)
technieken:
- maceratie = plantenmateriaal laten weken in solvent
- percolatie = solvent dr het plantenmateriaal laten lopen (koffie)
- infusie = kokend water op plantenmateriaal gieten (thee)
- decoctie = plantenmateriaal opkoken met water
• concentratie = solvent verwijderen (verdampen) onder verminderende druk (Rotvapor)




- vloeibare extracten
- zachte extracten (15-25% residueel water)
- droge extracten (solvent verwijderd)
- tinctuur (vloeibaar extract met alcohol/water)
• drug/extract ratio (DER)
= de hoeveelheid startmateriaal tov. hoeveelheid eindproduct
-> bij verpakkingen v kruidengeneesmiddelen, voedingssupplementen
vb. 100g gedroogd plantenmateriaal geeft 20g droog extract
=> DER = 5:1 (aanconcentreren)
• primaire en secundaire metabolieten

primaire metabolieten secundaire metabolieten
- suikers - polyketiden
- eiwitten - polyfenolen, flavenoïden
- vetten - alkaloïden
- nucleïnezuren - terpenen
essentieel voor het in stand houden vh organisme niet essentieel vr het in stand houden vh organisme
de basis vh leven in alle organismen typisch vr planten en micro-organismen (schimmels
en bacteriën)
biochemie nut vr de plant ??: bescherming (vaat, infectie),
voorplanting, evolutionair voordeel, ecologische
functie
-> onderzoek
verantwoordelijk vr meest geneeskrachtige eig
=> dr grote chemische diversiteit

, 2. Ontstaan van het leven op aarde
• tijdlijn bij benadering:
hydrosfeer = het geheel v water op,
onder en boven het opp van een planeet




• vorming v aarde: 4,6 milj jaar geleden
- door botsingen en samenkitten v kleine brokstukken (enorme warmteontwikkeling)
- elemnten met grote dichtheid stapelden op in centrum -> scheiding tussen kern en mantel
- dr inslag v groot hemellichaam deel v aarde weggeslingerd -> de maan
-> warmte vrijgekomen: aardmantel volledig gesmolten
- afkoeling aarde: onstaan korst
- ontstaan hydrosfeer (atmosfeer): samengesteld uit materiaal v inslaande kometen en meteorieten uit
materiaal v vloeistoffen/gassen v vulkanische oorsprong
- primitieve atmosfeer: H2, CO2, N2, SO2, CO, NH3, CH4, HCl, H2
- afkoeling: veroozaakt condensatie v waterdamp -> zware regenval: ontstaan waterlopen en zeeën
• abiogenese (a=zonder, bios=leven, genese=ontstaan)
= producten ontstaan zonder leven
• leven: 8 kenmerken
- celullaire opbouw (minstens eencelling) !! virus niet levend
- stofwisseling (primaire metabolieten, water)
- groei
- reacties op prikkels
- reproductie (onafhankelijk v gastheer) !! virus geen leven
- homeostase
- mutaties en reproductie v deze mutaties
- een uit- of inwendige beweging
-> lastig de definiëren: enkele omschrijvingen;
- systeem dat reageert op interne en externe veranderingen waardoor het kan blijven voortbestaan
- open systeem dat inwendige entropie kan verminderen
- mogelijkheid tot reproductie en adaptatie
- energie kan openemen om zichzelf te reproduceren en kan evolueren
• prebiotische chemie
Experiment van Miller-Urey (1953)
-> kunnen simpele moleculen spontaan omvormen tot meer complexe moleculen
set-up: primitieve atmosfeer met gassen + watercyclus + elektrische ontladingen
resultaten: complexe strucutren (amionzouren, purinen, pyrimidine, lipiden,..)
• pre-RNA wereld
- eenvoudige polynucleotiden
- voorlopers v RNA: TNA= threosenucleïnezuur / PNA=peptidenucleïnezuur
- spontane replicatie
- ribose in prebiotische omstandigheden weinig stabiel -> andere suikers of ribose derivaten
• RNA wereld
= ribonucleinzuur
- RNA ketens kunnen lussen vormen
- 3D structuur met enzymatische eig (ribozymen)
- kan zichzelf reproduceren

Infos sur le Document

Publié le
23 août 2026
Nombre de pages
61
Écrit en
2025/2026
Type
Resume
€11,16

Mauvais document ? Échangez-le gratuitement Dans les 14 jours suivant votre achat et avant le téléchargement, vous pouvez choisir un autre document. Vous pouvez simplement dépenser le montant à nouveau.
Rédigé par des étudiants ayant réussi
Disponible immédiatement après paiement
Lire en ligne ou en PDF

Vendu
0
Abonnés
0
Éléments
3
Dernière vente
-



Pourquoi les étudiants choisissent Stuvia

Créé par d'autres étudiants, vérifié par les avis

Une qualité sur laquelle compter : rédigé par des étudiants qui ont réussi et évalué par d'autres qui ont utilisé ce document.

Le document ne convient pas ? Choisis un autre document

Aucun souci ! Tu peux sélectionner directement un autre document qui correspond mieux à ce que tu cherches.

Paye comme tu veux, apprends aussitôt

Aucun abonnement, aucun engagement. Paye selon tes habitudes par carte de crédit et télécharge ton document PDF instantanément.

Student with book image

“Acheté, téléchargé et réussi. C'est aussi simple que ça.”

Alisha Student

Foire aux questions