Healthy Lifestyle: Exercise
Physiology & Physical Activity
HC 1: Metabolic unit
Energie productie
ATP
70% ATP lichaam warm houden - 30% ATP
fysiologische functies
Spiercel in rust = nauwelijks ATP – Spiercel in actie = veel ATP
DUS stapsgewijze ATP productie:
1) Fosfocreatinine systeem: PC + ADP C + ATP
o Anaeroob
o Heel inefficiënt: 1 ATP per
fosfocreatinine
o Binnen de 10 seconden op
o In het cytoplasma
2) Anaerobe ademhaling: glucose pyruvaat
lactaat (= glycolyse)
o Inefficiënt: 2-3 ATP per glucose
Glucose uit het bloed = 2 ATP
(glycolyse)
Glucose uit glycogeen = 3 ATP (glycogenolyse)
De eerste stap van de glycolyse moet je niet doen (1
ATP investering niet nodig)
Hier gaat de voorkeur naar in anaerobe
omstandigheden
o Binnen de 15-90 seconden op
o In het cytoplasma
3) Aerobe ademhaling: glucose pyruvaat Acetyl CoA citroenzuurcyclus
en elektronentransport keten
o Aanmaken van een H+-gradiënt die ATP aanmaakt
Uit glucose: 36 – 38 ATP
Uit vetten: afhankelijk van de lengte van de vetzuurketen (2
vetzuren maken 1 Acetyl CoA = 10 – 12 ATP
o Vanaf 60 seconden op gang
o In de mitochondriën
Cellulaire respiratie
,Koolhydraat metabolisme
C6H12O6 + O2 H2O + CO2 + ATP
Eigenschappen:
- Energie kan aeroob en anaeroob verbrand
worden (zeer goed)
- Geeft 4 kcal/g energie (neutraal)
- Energierijk voedingsmiddel (zeer goed)
o Heeft minder zuurstof nodig
(gunstigere zuurstofbalans dan vet)
- Opgeslagen in spieren en lever (=
glycogeen) (slecht)
o Aaneenkoppeling van glucose
o Volledige voorraad kan 1,5 tot 2 uur
joggen
- Energiesubstraat met een lage capaciteit in
vergelijking met vet (slecht)
0: Opname van glucose in de spieren
- Hoe glucose iin het bloed?
o Uit het eten gehaald
o Uit de lever gehaald: glucagon zet leverglycogeen om in glucose
Als de bloedglucose laag is – ’s ochtends, als je vast, als je
sport zonder gegeten te hebben
Hypoglycemie: niet goed want de hersenen krijgen dan hun
enige brandstof, glucose, niet meer
- Hoe glucose opnemen in de spieren: gefaciliteerde diffusie
o GLUT4: insuline en contractie
afhankelijke glucose opnamen
Door contractie Ca²+
Door insuline (in rust –
zorgt dat de transporters in
het membraan gaan)
1 glucose voor 1
insuline
o GLUT1: niet-insuline afhankelijke
glucose opname
o Glucose in de spier omgezet in
glycogeen als er geen ATP nodig
is OF onmiddellijk omgezet in ATP
o Veel glucose in de bloedvaten
sticky caramel aderverkalking
, 1: Glycolyse
Gebruikte enzymen:
- Hexokinase
- Fosfoglucose isomerase
- Fosfofructoninase
- Aldolase
- Triose fosfaat isomerase
- Pyruvaatkinase
- In het cytoplasma
In totaal 10 reacties 3 onomkeerbare reacties (deze reguleren door de nodige
enzymen te fosforyleren en defosforyleren)
1) Glucose fosforylatie ATP voor nodig
o Onomkeerbare stap gefosforyleerd glucose kan niet door het
celmembraan
o Hexokinase I-III: in de meeste weefsel het enzym
Geïnhibeerd door het reactieproduct
(glucose-6-fosfaat)
Lage MM-constante, hoge affiniteit voor
glucose
o Hexokinase IV (= glucokinase): lever
parenchymcellen en β-cellen van de pancreas
In β-cellen als sensor insuline secretie reguleren
Hogere MM-constante, lagere affiniteit voor glucose
Hoge vmax
Indirect geïnhibeerd door fructose 6-fosfaat, indirect
geactiveerd door glucose
3) Fructose 6-fosfaat fosforylatie ATP voor nodig
o Onomkeerbare stap, vanaf hier moet de glycolyse
doorgaan
o PFK-1 is het enzym dat hier werkt (heel belangrijk enzym)
gereguleerd door
Intracellulaire energieniveau: ATP
inhibeert het, AMP activeert het
Fructose 2,6-bifosfaat activeert
het
o PFK-2 is een bifunctioneel
enzym dat fructose 2,6-
bifosfaat maakt en afbreekt
Kinase en fosfatase
Physiology & Physical Activity
HC 1: Metabolic unit
Energie productie
ATP
70% ATP lichaam warm houden - 30% ATP
fysiologische functies
Spiercel in rust = nauwelijks ATP – Spiercel in actie = veel ATP
DUS stapsgewijze ATP productie:
1) Fosfocreatinine systeem: PC + ADP C + ATP
o Anaeroob
o Heel inefficiënt: 1 ATP per
fosfocreatinine
o Binnen de 10 seconden op
o In het cytoplasma
2) Anaerobe ademhaling: glucose pyruvaat
lactaat (= glycolyse)
o Inefficiënt: 2-3 ATP per glucose
Glucose uit het bloed = 2 ATP
(glycolyse)
Glucose uit glycogeen = 3 ATP (glycogenolyse)
De eerste stap van de glycolyse moet je niet doen (1
ATP investering niet nodig)
Hier gaat de voorkeur naar in anaerobe
omstandigheden
o Binnen de 15-90 seconden op
o In het cytoplasma
3) Aerobe ademhaling: glucose pyruvaat Acetyl CoA citroenzuurcyclus
en elektronentransport keten
o Aanmaken van een H+-gradiënt die ATP aanmaakt
Uit glucose: 36 – 38 ATP
Uit vetten: afhankelijk van de lengte van de vetzuurketen (2
vetzuren maken 1 Acetyl CoA = 10 – 12 ATP
o Vanaf 60 seconden op gang
o In de mitochondriën
Cellulaire respiratie
,Koolhydraat metabolisme
C6H12O6 + O2 H2O + CO2 + ATP
Eigenschappen:
- Energie kan aeroob en anaeroob verbrand
worden (zeer goed)
- Geeft 4 kcal/g energie (neutraal)
- Energierijk voedingsmiddel (zeer goed)
o Heeft minder zuurstof nodig
(gunstigere zuurstofbalans dan vet)
- Opgeslagen in spieren en lever (=
glycogeen) (slecht)
o Aaneenkoppeling van glucose
o Volledige voorraad kan 1,5 tot 2 uur
joggen
- Energiesubstraat met een lage capaciteit in
vergelijking met vet (slecht)
0: Opname van glucose in de spieren
- Hoe glucose iin het bloed?
o Uit het eten gehaald
o Uit de lever gehaald: glucagon zet leverglycogeen om in glucose
Als de bloedglucose laag is – ’s ochtends, als je vast, als je
sport zonder gegeten te hebben
Hypoglycemie: niet goed want de hersenen krijgen dan hun
enige brandstof, glucose, niet meer
- Hoe glucose opnemen in de spieren: gefaciliteerde diffusie
o GLUT4: insuline en contractie
afhankelijke glucose opnamen
Door contractie Ca²+
Door insuline (in rust –
zorgt dat de transporters in
het membraan gaan)
1 glucose voor 1
insuline
o GLUT1: niet-insuline afhankelijke
glucose opname
o Glucose in de spier omgezet in
glycogeen als er geen ATP nodig
is OF onmiddellijk omgezet in ATP
o Veel glucose in de bloedvaten
sticky caramel aderverkalking
, 1: Glycolyse
Gebruikte enzymen:
- Hexokinase
- Fosfoglucose isomerase
- Fosfofructoninase
- Aldolase
- Triose fosfaat isomerase
- Pyruvaatkinase
- In het cytoplasma
In totaal 10 reacties 3 onomkeerbare reacties (deze reguleren door de nodige
enzymen te fosforyleren en defosforyleren)
1) Glucose fosforylatie ATP voor nodig
o Onomkeerbare stap gefosforyleerd glucose kan niet door het
celmembraan
o Hexokinase I-III: in de meeste weefsel het enzym
Geïnhibeerd door het reactieproduct
(glucose-6-fosfaat)
Lage MM-constante, hoge affiniteit voor
glucose
o Hexokinase IV (= glucokinase): lever
parenchymcellen en β-cellen van de pancreas
In β-cellen als sensor insuline secretie reguleren
Hogere MM-constante, lagere affiniteit voor glucose
Hoge vmax
Indirect geïnhibeerd door fructose 6-fosfaat, indirect
geactiveerd door glucose
3) Fructose 6-fosfaat fosforylatie ATP voor nodig
o Onomkeerbare stap, vanaf hier moet de glycolyse
doorgaan
o PFK-1 is het enzym dat hier werkt (heel belangrijk enzym)
gereguleerd door
Intracellulaire energieniveau: ATP
inhibeert het, AMP activeert het
Fructose 2,6-bifosfaat activeert
het
o PFK-2 is een bifunctioneel
enzym dat fructose 2,6-
bifosfaat maakt en afbreekt
Kinase en fosfatase