Aardrijkskunde havo 5 hoofdstuk 1 globalisering (domein B wereld CE)
paragraaf 1 globalisering: one world
globalisering= toenemende verwevenheid tussen gebieden
transporttechnologie= globalisering door vervoer (trein, vliegtuig, schepen)
globaal village= de sociale functie van dorp is overgenomen door sociale media
Sins 1980 zijn er 3 ontwikkelingen gedaan:
1. reistijden zijn gedaald
2. Transport en communicatie zijn goedkoper.
Door: toeneme capaciteit en komst van containers voor schepen
3. infrastructuur rond transport
De motor van globalisering zijn de mno’s (multinationale onderneming)
paragraaf 2 economische oorzaken
vrijemarkteconomie is leidend in globalisering
Gevolg: 1. veel uitwisseling van productie en internationaal karakter
2. economisch hechter verbonden
mno’s twijfelen voortdurend of ze op de juiste locatie zitten
Door: arbeidsmarkt en belasting(welk land heeft laagste lonen)
ligging en bereikbaarheid
politieke stabiliteit (corruptie, onrustige landen)
Het productieproces wordt gedaan in de lage lonen landen. De
productieketen is daarbij verspreid over meerde landen en
continenten. Hiervoor moet de handel en vervoer snel gegroeid
zijn.
, paragraaf 3 economisch gevolg
triade= economische grootmachten waartussen internationaal transport afspeelt:
Noord-Amerika, Europa en japen
global shift= de verplaatsing van economisch zwaartepunt (Europa naar Azië)
Door: meer banen in Azië
Geografische gevolgen snelle globalisering:
● nieuwe internationale arbeidsverdeling
Oorzaak: goedkopere lonen
● internationale markten veroveren regionale markten
● locatie van bedrijven verplaatsen naar goedkopere locaties
● grote sociale en regionale ongelijkheden
In rijke landen zijn de laaginkomen het slachtoffer van globalisering
paragraaf 4 one culture
Culturele effecten van globalisering:
1. Homogenisering (culturen gaan op elkaar lijken)
2. Heterogenisering (mix van cultuur elementen, mengcultuur)
Door: migratie, transport
Veel internationale informatie-uitwisselingen via het triadisch netwerk.
Paragraaf 5 sociale globalisering: migratie
Arbeidsmigratie= van het zuiden van de wereld naar het noorden emigreren arbeiders om in
het noorden te komen werken in de arbeid.
Migratie neemt toe door globaliseren door:
1. Welvaartsverschillen nemen toe waardoor mensen op zoek zijn naar betere landen
2. Demografisch verschil tussen arm en rijk groot
3. Transporttechnologie zorgt ervoor dat gebieden beter verbonden zijn.
4. Vrije verkeer van personen
Migranten beter verbonden met geboorte land:
● financieel maken ze geld over naar huis
● transnationale netwerken (migranten gaan samenwonen met migranten)
paragraaf 1 globalisering: one world
globalisering= toenemende verwevenheid tussen gebieden
transporttechnologie= globalisering door vervoer (trein, vliegtuig, schepen)
globaal village= de sociale functie van dorp is overgenomen door sociale media
Sins 1980 zijn er 3 ontwikkelingen gedaan:
1. reistijden zijn gedaald
2. Transport en communicatie zijn goedkoper.
Door: toeneme capaciteit en komst van containers voor schepen
3. infrastructuur rond transport
De motor van globalisering zijn de mno’s (multinationale onderneming)
paragraaf 2 economische oorzaken
vrijemarkteconomie is leidend in globalisering
Gevolg: 1. veel uitwisseling van productie en internationaal karakter
2. economisch hechter verbonden
mno’s twijfelen voortdurend of ze op de juiste locatie zitten
Door: arbeidsmarkt en belasting(welk land heeft laagste lonen)
ligging en bereikbaarheid
politieke stabiliteit (corruptie, onrustige landen)
Het productieproces wordt gedaan in de lage lonen landen. De
productieketen is daarbij verspreid over meerde landen en
continenten. Hiervoor moet de handel en vervoer snel gegroeid
zijn.
, paragraaf 3 economisch gevolg
triade= economische grootmachten waartussen internationaal transport afspeelt:
Noord-Amerika, Europa en japen
global shift= de verplaatsing van economisch zwaartepunt (Europa naar Azië)
Door: meer banen in Azië
Geografische gevolgen snelle globalisering:
● nieuwe internationale arbeidsverdeling
Oorzaak: goedkopere lonen
● internationale markten veroveren regionale markten
● locatie van bedrijven verplaatsen naar goedkopere locaties
● grote sociale en regionale ongelijkheden
In rijke landen zijn de laaginkomen het slachtoffer van globalisering
paragraaf 4 one culture
Culturele effecten van globalisering:
1. Homogenisering (culturen gaan op elkaar lijken)
2. Heterogenisering (mix van cultuur elementen, mengcultuur)
Door: migratie, transport
Veel internationale informatie-uitwisselingen via het triadisch netwerk.
Paragraaf 5 sociale globalisering: migratie
Arbeidsmigratie= van het zuiden van de wereld naar het noorden emigreren arbeiders om in
het noorden te komen werken in de arbeid.
Migratie neemt toe door globaliseren door:
1. Welvaartsverschillen nemen toe waardoor mensen op zoek zijn naar betere landen
2. Demografisch verschil tussen arm en rijk groot
3. Transporttechnologie zorgt ervoor dat gebieden beter verbonden zijn.
4. Vrije verkeer van personen
Migranten beter verbonden met geboorte land:
● financieel maken ze geld over naar huis
● transnationale netwerken (migranten gaan samenwonen met migranten)