STRAF- EN STRAFPROCESRECHT
DEEL 1 ALGEMENE ORIËNTATIE
H1: WAT IS STRAFRECHT?
VOORBEELDEN STRAFRECHT IN DE ACTUALITEIT
Bv. verkrachtingszaak Gent : toestemmingskwestie & bewijs
Bv. mannen Gent vervolgd voor video van de politie verspreiden : strafbaar gedrag?
Bv. zaak Chovanec : buitenvervolgingstelling voor de politieagenten involved, staat ook
gestraft?
Bv. Sarkozy ex-president FR veroordeeld voor fraude : niet-schorsend dus zelfs in
gevangenis ook als beroep aangetekend
ó BEL
Bv. zaak dood De Poortere en man bekent lijk te hebben verborgen 30j geleden :
bewijskwestie , reconstructie maar verdachte wil niet meedoen kan deze gedwongen
worden?
Bv. proces Aquino
Bv. onderzoek naar misbruik in de kerk huiszoeking in de kathedraal : maar kardinaal
enkel verdacht van te weinig doen
Bv. man steelt auto met baby erin : ook ontvoering?
AFDELING 1: HET VERSCHIJNSEL STRAFRECHT
Strafrecht = recht dat strafacties en de reacties erop aan banden legt , strafimpulsen
tempert & bestraffingsrituelen aan strenge scenario’s bindt
= werktuig om wraakprocessen onder controle te brengen
Recht beteugeld wraak : wraak wordt beperkt/ gedoseerd ( oog om oog, tand om
tand)
Strafrecht = beleidsinstrument : strafrechtelijke aansprakelijkheid om mensen te dwingen
wetgeving andere sectoren na te leven gedragsbeheersing ( normconform gedrag
afdwingen)
Bv. milieunormen, scams bij verkoop
instrumentele dimensie = instituut van maatschappelijke ordening en sociale controle
rechtsbeschermingsdimensie = aan banden leggen van ordenings- en
controlebevoegdheid door rechtsnormen
,AFDELING 2 : HET BEGRIP “STRAFRECHT”
strafrecht in de ruime zin
= geheel van rechtsregels die
Bepalen onder welke voorwaarden de OH voor specifieke gedragingen (=
misdrijven) specifieke sancties (= strafrechtelijke sancties) kan opleggen en
uitvoeren
Omschrijven deze gedragingen en sancties
Bepalen wie deze wel/niet kunnen krijgen
Schrijven voor hoe de bevoegde instanties hun recht (& plicht) om voor deze
gedragingen sancties op te leggen en uit te voeren moeten uitoefenen
Begrip misdrijf = gedrag waar straf op staat
Bv. Karel Pinxten ( politicus ) pleegt fraude met EU geld : verliest 2/3 e pensioen maar
technisch gezien geen straf
Omvat materieel & formeel strafrecht
materieel strafrecht
= geheel van de rechtsregels die de voorwaarden om van een misdrijf te spreken bepalen
+ die bepalen met welke strafrechtelijke sancties daarop gereageerd moet worden
+ die de tijdelijke, ruimtelijke & personele toepassingssfeer van de normen vastleggen
Belangrijkste bron : Nsw.
formeel strafrecht ( strafprocesrecht/strafrechtspleging)
= geheel van de rechtsregels m.b.t. de vaststelling van misdrijven
+ de opsporing, vervolging & berechting van personen ervan verdacht
+ de rechtsregels m.b.t. organisatie, bevoegdheid en werking van de publiekrechtelijke
instellingen & organen ermee belast (= het gerechtelijk apparaat)
Belangrijkste bronnen : Wetboek van Strafvordering + WVH + Europees
Aanhoudingsbevel
SAMENHANG MAT.& FORM :
beschermende functie : vermijden ongerechtvaardigd strafrechtelijke
overheidsingrijpen
toelating: legitimering van overheidsoptreden tegen criminaliteit
Bij strafprocesrecht :
In vonnisfase accusatoir
In onderzoeksfase inquisitoir:
, In onderzoeksfase : opsporingsonderzoek of gerechtelijk onderzoek
(Twitterwetten = politieke reactie op incident bv. aanpassen wrakingsprocedure)
H2: CODIFICATIE
AFDELING 1: HET BELGISCH STRAFWETBOEK
Sw. 1867
Kern van het Sw. : drieledige indeling misdrijven in : misdaden, wanbedrijven en
overtredingen
Wet op de verzachtende omstandigheden 1867: misdaad wanbedrijf: naar
correctionele Rb.
Nsw. 2024
Boek I: algemene regels
Boek II: misdrijfomschrijvingen en straffen per misdrijf
Treedt in werking op: 8 april 2026
Schoont op, hernummert, zet op volgorde
Rechtspraak wordt “verwettelijkt”
Drieledige indeling verdwijnt misdrijven op 8 strafniveaus
AFDELING 2: HET BELGISCH WETBOEK VAN STRAFVORDERING
Gemengd systeem van inquisitoire en accusatoire procedures :
Onderzoek : vnl. Inquisitoire
Vonnis : vnl. Accusatoire
Wet van 12 maart 1998 “tot verbetering van de strafrechtspleging in het stadium van het
opsporingsonderzoek en het gerechtelijk onderzoek”:
1. Gedeeltelijke codificatie opsporingsonderzoek
2. Omschrijving rol van de onderzoeksrechter
3. Geheime karakter van het opsporings- en gerechtelijk onderzoek + wettelijke
uitzonderingen
4. Plaats van het slachtoffer in de procedure van het opsporings- en gerechtelijk
onderzoek
5. De rechtsmiddelen tijdens het opsporings- en gerechtelijk onderzoek
6. Toezicht op de regelmatigheid door de onderzoeksgerechten
7. Versterkte gezag PK & onderzoeksrechter over de politiediensten en de
verduidelijking van hun plichten en verantwoordelijkheden
Potpourriwetten : justitie menselijker, sneller & straffer
, H3: SITUERING VAN HET STRAFRECHT TUSSEN ANDERE RECHTSDISCIPLINES
AFDELING 1: AUTONOMIE VAN HET STRAFRECHT
§1: FUNCTIONELE AUTONOMIE
AUTONOME RECHTSVORMENDE FUNCTIE
Strafrecht draagt bij aan de rechtsvorming door eigen grenzen te trekken tussen recht &
onrecht in een # materies niet geregeld door andere rechtstakken :
Bv. Nalaten hulp te verlenen aan een persoon in gevaar, valsheid in geschriften,
lidmaatschap criminele organisatie, ….
Schept eigen exclusief strafrechtelijke gedragsnormen
AUTONOME RECHTSHANDHAVING
Strafrecht spreekt rechtsonderhorige aan als deelnemer aan het rechtsverkeer
: bij sanctionering van strafrechtelijke inbreuken is niet enkel de geschonden norm in het
geding maar OOK het feit vd schending zelf als inbreuk op de rechtsordening
Functionele autonomie is nauw verbonden md strafrechtelijke afhandeling van
inbreuken op de rechtsordening = eigen handhavingsapparaat ( politie,
gerechtelijke politie, …)
Art 27, 1° Nsw. : rechter moet in de eerste plaats maatschappelijke afkeuring
uitdrukken md opgelegde straf
§2: DE CONCEPTUELE AUTONOMIE VAN HET STRAFRECHT
= strafrechters moeten bij de interpretatie van de strafwetten en bij de toepassing vd
strafbepalingen NIET noodzakelijk aan de begrippen, definities en instellingen uit de
andere rechtstakken dezelfde betekenis/draagwijdte geven als in deze rechtstakken
Bv. Strenger foutbegrip bij strafrechtelijke AH dan bij burgerrechtelijke AH
Verantwoording: bescherming van fundamentele maatschappelijke waarden
Uitzonderingen: schikking naar de regels van het burgerlijk recht
Bv. Art 16 V.T. Sv.
Bv. X dient een klacht in voor diefstal auto Y dacht dat het een gift was en X dacht
dat het bruikleen was eerst gaan kijken naar contractenrecht
§3: AUTONOMIE VAN HET STRAFRPOCESRECHT TEN AANZIEN VAN HET
GERECHTELIJK RECHT
Art. 2 Ger. W : gerechtelijk recht is aanvullend voor zover verzoenbaar met de
fundamentele beginselen vh SPR
DEEL 1 ALGEMENE ORIËNTATIE
H1: WAT IS STRAFRECHT?
VOORBEELDEN STRAFRECHT IN DE ACTUALITEIT
Bv. verkrachtingszaak Gent : toestemmingskwestie & bewijs
Bv. mannen Gent vervolgd voor video van de politie verspreiden : strafbaar gedrag?
Bv. zaak Chovanec : buitenvervolgingstelling voor de politieagenten involved, staat ook
gestraft?
Bv. Sarkozy ex-president FR veroordeeld voor fraude : niet-schorsend dus zelfs in
gevangenis ook als beroep aangetekend
ó BEL
Bv. zaak dood De Poortere en man bekent lijk te hebben verborgen 30j geleden :
bewijskwestie , reconstructie maar verdachte wil niet meedoen kan deze gedwongen
worden?
Bv. proces Aquino
Bv. onderzoek naar misbruik in de kerk huiszoeking in de kathedraal : maar kardinaal
enkel verdacht van te weinig doen
Bv. man steelt auto met baby erin : ook ontvoering?
AFDELING 1: HET VERSCHIJNSEL STRAFRECHT
Strafrecht = recht dat strafacties en de reacties erop aan banden legt , strafimpulsen
tempert & bestraffingsrituelen aan strenge scenario’s bindt
= werktuig om wraakprocessen onder controle te brengen
Recht beteugeld wraak : wraak wordt beperkt/ gedoseerd ( oog om oog, tand om
tand)
Strafrecht = beleidsinstrument : strafrechtelijke aansprakelijkheid om mensen te dwingen
wetgeving andere sectoren na te leven gedragsbeheersing ( normconform gedrag
afdwingen)
Bv. milieunormen, scams bij verkoop
instrumentele dimensie = instituut van maatschappelijke ordening en sociale controle
rechtsbeschermingsdimensie = aan banden leggen van ordenings- en
controlebevoegdheid door rechtsnormen
,AFDELING 2 : HET BEGRIP “STRAFRECHT”
strafrecht in de ruime zin
= geheel van rechtsregels die
Bepalen onder welke voorwaarden de OH voor specifieke gedragingen (=
misdrijven) specifieke sancties (= strafrechtelijke sancties) kan opleggen en
uitvoeren
Omschrijven deze gedragingen en sancties
Bepalen wie deze wel/niet kunnen krijgen
Schrijven voor hoe de bevoegde instanties hun recht (& plicht) om voor deze
gedragingen sancties op te leggen en uit te voeren moeten uitoefenen
Begrip misdrijf = gedrag waar straf op staat
Bv. Karel Pinxten ( politicus ) pleegt fraude met EU geld : verliest 2/3 e pensioen maar
technisch gezien geen straf
Omvat materieel & formeel strafrecht
materieel strafrecht
= geheel van de rechtsregels die de voorwaarden om van een misdrijf te spreken bepalen
+ die bepalen met welke strafrechtelijke sancties daarop gereageerd moet worden
+ die de tijdelijke, ruimtelijke & personele toepassingssfeer van de normen vastleggen
Belangrijkste bron : Nsw.
formeel strafrecht ( strafprocesrecht/strafrechtspleging)
= geheel van de rechtsregels m.b.t. de vaststelling van misdrijven
+ de opsporing, vervolging & berechting van personen ervan verdacht
+ de rechtsregels m.b.t. organisatie, bevoegdheid en werking van de publiekrechtelijke
instellingen & organen ermee belast (= het gerechtelijk apparaat)
Belangrijkste bronnen : Wetboek van Strafvordering + WVH + Europees
Aanhoudingsbevel
SAMENHANG MAT.& FORM :
beschermende functie : vermijden ongerechtvaardigd strafrechtelijke
overheidsingrijpen
toelating: legitimering van overheidsoptreden tegen criminaliteit
Bij strafprocesrecht :
In vonnisfase accusatoir
In onderzoeksfase inquisitoir:
, In onderzoeksfase : opsporingsonderzoek of gerechtelijk onderzoek
(Twitterwetten = politieke reactie op incident bv. aanpassen wrakingsprocedure)
H2: CODIFICATIE
AFDELING 1: HET BELGISCH STRAFWETBOEK
Sw. 1867
Kern van het Sw. : drieledige indeling misdrijven in : misdaden, wanbedrijven en
overtredingen
Wet op de verzachtende omstandigheden 1867: misdaad wanbedrijf: naar
correctionele Rb.
Nsw. 2024
Boek I: algemene regels
Boek II: misdrijfomschrijvingen en straffen per misdrijf
Treedt in werking op: 8 april 2026
Schoont op, hernummert, zet op volgorde
Rechtspraak wordt “verwettelijkt”
Drieledige indeling verdwijnt misdrijven op 8 strafniveaus
AFDELING 2: HET BELGISCH WETBOEK VAN STRAFVORDERING
Gemengd systeem van inquisitoire en accusatoire procedures :
Onderzoek : vnl. Inquisitoire
Vonnis : vnl. Accusatoire
Wet van 12 maart 1998 “tot verbetering van de strafrechtspleging in het stadium van het
opsporingsonderzoek en het gerechtelijk onderzoek”:
1. Gedeeltelijke codificatie opsporingsonderzoek
2. Omschrijving rol van de onderzoeksrechter
3. Geheime karakter van het opsporings- en gerechtelijk onderzoek + wettelijke
uitzonderingen
4. Plaats van het slachtoffer in de procedure van het opsporings- en gerechtelijk
onderzoek
5. De rechtsmiddelen tijdens het opsporings- en gerechtelijk onderzoek
6. Toezicht op de regelmatigheid door de onderzoeksgerechten
7. Versterkte gezag PK & onderzoeksrechter over de politiediensten en de
verduidelijking van hun plichten en verantwoordelijkheden
Potpourriwetten : justitie menselijker, sneller & straffer
, H3: SITUERING VAN HET STRAFRECHT TUSSEN ANDERE RECHTSDISCIPLINES
AFDELING 1: AUTONOMIE VAN HET STRAFRECHT
§1: FUNCTIONELE AUTONOMIE
AUTONOME RECHTSVORMENDE FUNCTIE
Strafrecht draagt bij aan de rechtsvorming door eigen grenzen te trekken tussen recht &
onrecht in een # materies niet geregeld door andere rechtstakken :
Bv. Nalaten hulp te verlenen aan een persoon in gevaar, valsheid in geschriften,
lidmaatschap criminele organisatie, ….
Schept eigen exclusief strafrechtelijke gedragsnormen
AUTONOME RECHTSHANDHAVING
Strafrecht spreekt rechtsonderhorige aan als deelnemer aan het rechtsverkeer
: bij sanctionering van strafrechtelijke inbreuken is niet enkel de geschonden norm in het
geding maar OOK het feit vd schending zelf als inbreuk op de rechtsordening
Functionele autonomie is nauw verbonden md strafrechtelijke afhandeling van
inbreuken op de rechtsordening = eigen handhavingsapparaat ( politie,
gerechtelijke politie, …)
Art 27, 1° Nsw. : rechter moet in de eerste plaats maatschappelijke afkeuring
uitdrukken md opgelegde straf
§2: DE CONCEPTUELE AUTONOMIE VAN HET STRAFRECHT
= strafrechters moeten bij de interpretatie van de strafwetten en bij de toepassing vd
strafbepalingen NIET noodzakelijk aan de begrippen, definities en instellingen uit de
andere rechtstakken dezelfde betekenis/draagwijdte geven als in deze rechtstakken
Bv. Strenger foutbegrip bij strafrechtelijke AH dan bij burgerrechtelijke AH
Verantwoording: bescherming van fundamentele maatschappelijke waarden
Uitzonderingen: schikking naar de regels van het burgerlijk recht
Bv. Art 16 V.T. Sv.
Bv. X dient een klacht in voor diefstal auto Y dacht dat het een gift was en X dacht
dat het bruikleen was eerst gaan kijken naar contractenrecht
§3: AUTONOMIE VAN HET STRAFRPOCESRECHT TEN AANZIEN VAN HET
GERECHTELIJK RECHT
Art. 2 Ger. W : gerechtelijk recht is aanvullend voor zover verzoenbaar met de
fundamentele beginselen vh SPR