• Mauvais document ? Échangez-le gratuitement
  • Rédigé par des étudiants ayant réussi
  • Disponible immédiatement après paiement
  • Lire en ligne ou en PDF
Vendre
Où étudie-tu ?
La langue
Document preview thumbnail
Aperçu 4 sur 66 pages
Resume

Samenvatting Histologie-Cytologie-Biochemie | Histologische Technieken | UGent | 2026/27

Document preview thumbnail
Aperçu 4 sur 66 pages

Heel uitgebreide samenvatting van alle weefsels: bindweefsel (bot, KB, bloed, ...), epitheel, spierweefsel, zenuwweefsel, kleuringen, ...

Aperçu du contenu

HISTOLOGIE
H1. HISTOLOGISCHE TECHNIEKEN (FIXATIE, INBEDDEN, SNIJDEN, KLEUREN/CONTRASTEREN)

1.FIXATIE

 Denatureren v EW’en = bewaren v weefsel met behoud v oorspronkelijke structuur  stilleggen vd afbraakreacties
 Permeabiliseren v celmembraan: maken v gaatje id membraan
 Weefsel hard en poreus maken

1. Chemische fixatie:
o Meeste werk, beste morfologie
o Immersie (onderdompeling) of perfusie (inspuiten) v weefsel met fixatief
o Fixator dringt volledig in weefsel door (maakt gaatjes)

o Zuivere fixators: formaldehyde, glutaaraldehyde, osmiumtetroxide, ethanol, azijnzuur
 nadelen bij zuivere fixators, drm meestal mengsel v fixators gebruiktk

2. Koude fixatie:
o Invriezen vh weefsel  afbraakprocessen id cel stilgelegd
o Bv. bij tumor

 Artefact = veranderingen die ontstaan ih weefsel wnr je het gaat snijden, bewerken, …
 Komt veel voor in KB

2.INBEDDEN

 Het gefixeerde materiaal omwikkelen en doordringen met inbedmiddel  w hard
o Bv. paraffine (= kaarsvet), hars, plastics

 inbedmiddelen = hydrofoob
 maar weefsel bevat veel water dus: weefsel eerst dehydrateren/ontwateren
o Weefsel in stijgende reeks alcoholbaden brengen (30°, 50°, 70°, 90°, absolute ethanol)
o Clearing in tolueen: zdd weefsel mengbaar w met alcohol en inbedmiddel



3.SNIJDEN

 dr hardheid v inbedmateriaal  weefsel w snijdbaar in dunne coupes

 Paraffine: 5 µm
o LM
o Stalen mes

 Hars, plastics
o 50nm-2µm: halfdunne coupes  LM, glazen mes
o 50-100 nm: EM  glas-of diamantmes


1

,4.1.KLEUREN - LM

Helderveld LM (= bright field LM)

 Parafine: waterafstotend
 Kleurstoffen zijn vaak waterige oplossingen
 maar weefsels bestaan uit parafine: = hydrofoob
 drm deparafinneren (tolueen, alcoholreeksen van 90% nr water)

 Kleurstof bestaat uit
o Chromofoor: eigenlijke kleurdrager
o Auxochroom: maakt kleurstof wateroplosbaar en bindt chromofoor aan het te kleuren weefsel, hydrofiel

 Amfoliet = molecuul met base én zure groepen

 Haematoxyline-Eosine
o Haematoxyline:
 = Basische kleurstof → bindt op zure groepen (pos. geladen, kation, kan H+ afgeven)
 Blauw/paars
 Bindt op zure groepen: GAG’s, kern: veel zure (fosfaat)groepen dr DNA
 = basofiel

Eosine:
 = zure kleurstof  bindt op basische groepen (neg. geladen, anion, kan H+ opnemen)
 Roze
 Cytoplasma: veel basische groepen
 = eosinofiel (= weefselcomponent, reageert met basische kleurstof)

 Goede kleuring: balans tss zure en basische groepen
Slechte kleuring: pH te laag/hoog → verkeerde lading v eiwitten

 pH bepaalt bindingsrichting v kleuropl.
o Lage pH → veel H⁺ → basische groepen raken verzadigd
o Hoge pH → weinig H⁺ → zure groepen overwegen

o IEP (iso-electrisch punt) = pH waarbij het AZ/eiwit elektrisch neutraal is



 Metachromasie
o Basische kleurstoffen (bv. Toluidineblauw) kleuren niet in hun oorspronkelijke kleur:
 Oplossing = blauw → weefsel = paars/rood

o Oorzaak: kleurstofmoleculen (monomeren) vormen dimeren bij binding: komt voor bij:
 Zure glycosaminoglycanen (GAGs) in KB
 Mestcellen met zure GAG’s in granules




2

,  Weefselbestanddelen & kleurbaarheid
o Vetten / lipiden
 Lossen op in alcohol → niet zichtbaar bij routine-HE
 Neutrale vetten (triglyceriden): kleurbaar met vetoplosbare kleurstoffen
- = indifferente kleurstof: lost vetten op (vb. Soudan black)  neutraal, niet-ionisch

 Witte gaten of bollen = vetcellen (lege gaten blijven over)
 Speciale kleuring: vetoplosbare, indifferente kleurstof → Soudan black (vr vriescoupes)



o Koolhydraten / suikers
 Meestal slecht kleurbaar met H&E
 Fixatie beïnvloedt kleuring
 Aankleuren met basische kleurstoffen


Speciale histochemische technieken

 Feulgen: Kleuring DNA
 PAS:
o Kleurt glycolgroepen (glycogeen, glycoproteïnen, mucines)
o Wnr weefselstukje in contact met perjoodzuur  glycol groepen wn omgezet in aldehydegroepen
 Reageren met de Schiff-kleurstof (roze)

 Enzymkleuringen
o Toont enzymactiviteit aan
o Substraat aanbieden waarop enzym kan inwerken

 Immunohistochemische kleuring (IHC):
o Specifieke eiwitten aantonen
o Specifieke binding tss Ag/Al
o Al krijgt merker  zo kn we plaats waar antistof op Ag bindt visualiseren

 In Situ Hybridisatie (ISH)
o Nucleotidenvolgorden in DNA/RNA



 Fluorescentie LM
 Bij IH en ISH
 Kleurstof = fluorochromen:
 Zetten excitatielicht (kortere golflengte, bv. blauw) om in
→ emissielicht (langere golflengte, bv. groen/rood)

 Fluorescerende delen lichten op tegen donkere achtergrond

 Typische eiwitten (voor IHC / spierweefsel)
o Actine, myosine



3

, LM

 Max 1000x
 Scheidend ResolutieVermogen (= kwaliteit v lenzen): afh. v golflengte + Numerieke Apertuur vd lens
o RV = 0,61 λ / NA
 Golflengte v wit licht: altijd zelfde (dus enkel noemer verandert)

o NA = n. sin⍺ (n = brekingsindex medium)
o Max 250 nm

 Beeld: rechtstreeks op oog
 NOOIT mitochondriën, golgi-apparaat te zien op LM




4.2.CONTRASTEREN - EM

 EM:
o Altijd zwart-wit
o Gedetaileerder (hogere resolutie)
o Scheidend vermogen 2-3 nm

 Elektronen (maar 1 golflengte) wn versneld – geen kleur
 golflengte veel korter dan zichtbaar licht  niet zichtbaar vr mens

 Beeldvorming: verschillen in elektronenstrooiing op de atomen vh doorstraalde weefsel
o Elektronenstrooiing doen toenemen: toevoeging zware metalen ah weefsel  groter contrast

 Verhogen v densiteitsverschillen = contrasteren

 Contrasteringsvloeistof = uranylacetaat + loodcitraat

 Electrodense structuren: donker
Niet-electrodense structuren (geen zware metalen, laten e- door): bleek  zorgen vr ‘belichting’




ALGEMENE HISTOLOGIE

 Tussen cellen: acellulair compartiment  ECM

 Microvilli  veel zaken opgenomen of afgegeven worden + oppervlaktevergroting




4

Table des matières

  1. 01 H1. histologische technieken (fixatie, inbedden, snijden, kleuren/contrasteren) 1
    1. 1.fixatie 1
    2. 2.inbedden 1
    3. 3.snijden 1
    4. 4.1.kleuren - LM 2
    5. 4.2.contrasteren - EM 4
  2. 02 H2. epitheel 5
    1. 1.bedekkend epitheel 6
    2. klierepitheel 14
    3. myo-epitheel 16
    4. neuro-epitheel 16
  3. 03 H3. bind- en steunweefsels 16
  4. 04 H3.2 eigenlijke bindweefsel 17
    1. cellen 18
    2. Extracellulaire matrix (ECM) (van eigenlijk bindweefsel) 23
    3. vet bindweefsel 26
    4. vezelrijk bindweefsel (‘connective tissue proper) 27
    5. embryonaal bindweefsel 28
    6. reticulair bindweefsel 28
  5. 05 kraakbeen 29
    1. 3.1.histogenese (vorming en opbouw) v KB 30
    2. 3.1.typen kraakbeen (afh. v vezeltype) 32
  6. 06 4. bot 33
  7. 07 bloed 40
    1. bloedcomponenten 40
    2. bloedvorming = hematopoiesis 45
  8. 08 skeletspierweefsel 47
  9. 09 hartspierweefsel 52
  10. 10 glad spierweefsel 53
  11. 11 1. Inleiding 56
  12. 12 2. neuronen 56
    1. perikaryon 58
    2. Dendriet 58
    3. het axon en de zenuwvezels 58
    4. synapsen 61
  13. 13 Neuroglia = steunweefsel 63

Infos sur le Document

Publié le
10 août 2026
Nombre de pages
66
Écrit en
2026/2027
Type
Resume
€19,16

Mauvais document ? Échangez-le gratuitement Dans les 14 jours suivant votre achat et avant le téléchargement, vous pouvez choisir un autre document. Vous pouvez simplement dépenser le montant à nouveau.
Rédigé par des étudiants ayant réussi
Disponible immédiatement après paiement
Lire en ligne ou en PDF

Seller avatar
sarahdevos1
3,0
(2)
Vendu
6
Abonnés
0
Éléments
17
Dernière vente
16 heures de cela



Pourquoi les étudiants choisissent Stuvia

Créé par d'autres étudiants, vérifié par les avis

Une qualité sur laquelle compter : rédigé par des étudiants qui ont réussi et évalué par d'autres qui ont utilisé ce document.

Le document ne convient pas ? Choisis un autre document

Aucun souci ! Tu peux sélectionner directement un autre document qui correspond mieux à ce que tu cherches.

Paye comme tu veux, apprends aussitôt

Aucun abonnement, aucun engagement. Paye selon tes habitudes par carte de crédit et télécharge ton document PDF instantanément.

Student with book image

“Acheté, téléchargé et réussi. C'est aussi simple que ça.”

Alisha Student

Foire aux questions