DEEL I: PUBLIEKRECHT IN PERSPECTIEF, H1 BASISBEGRIPPEN PUBLIEK RECHT
Taken en bevoegdheden binnen eenzelfde OH verband aan verschillende organen
Horizontale machtenscheiding toedelen
WM: opstellen algemene regels
UM: regels doen naleven
RM: geschillen beslechten
Bestuur = organen & instellingen van de UM, ook lokale besturen
handelingen met materieel wetgevende inhoud, bestuurlijke rechtscolleges (rvs)
zijn geen besturen, ook WM en UM nemen bestuurlijke beslissingen
Bureaucratie Hiërarchie met aan het hoofd een minister, Max Weber, minister moet zich
verantwoorden, depersonaliseren onderlinge verhoudingen
Evolutie bestuur 1. Organiek criterium: hoedanigheid betrokken personen
2. Inhoudelijk criterium: functie van de rechtsregels
3. Instrumenteel criterium: gehanteerde technieken
Gelaagde rechtsorde Elke burger maakt deel uit van verschillende OH banden (verticale machtenscheiding)
Federalisme: spreiding van bevoegdheden tussen verschillende autonome
rechtsordes
Decentralisatie: centrale OH kent taken toe aan ondergeschikte besturen
(hebben eigen rechtspersoonlijkheid, bestuurlijk/administratief toezicht)
o Territoriaal: bevoegdheden toegekend aan OH bevoegd voor bepaald
grondgebied (politieke vtw)
o Functioneel: specifieke bevoegdheden aan OH diensten die in bepaald
beleidsdomein de expertise hebben (doel is besluitvorming op
efficiëntere en van de politieke instelling afhankelijk wijze
organiseren)
Deconcentratie: overdragen van bepaalde taken vanuit het centrale bestuur
naar lagere instanties/ambten (centrale niveau, geen rechtspersoonlijkheid,
hiërarchisch toezicht centrale niveau)
Functionele decentralisatie Publieke taken geven aan RP met publieke of private rechtsnorm die
imperiumbevoegdheid hebben, prerogatief OH om eenzijdige bindende beslissingen
te nemen tav derden
Bestuurlijke verzelfstandiging Overdracht OH taken aan interne/externe diensten
Motie van wantrouwen Regering en zijn leden dwingen tot ontslag door gebrek aan politieke steun
Controle administratie Spoils system: verkozen president ontslaat administratie & vervangt ze met
eigen personen op wie hij kan vertrouwen
Partijpolitisering administratie: greep op ambtenarij, selectie via objectieve
procedures en onafhankelijke selectiebureaus
Ministeriele kabinetten (beleidcellen): ambtenaar geniet vertrouwen van
minister / zijn partij en slaat brug tussen politiek & de administratie
Rekenplichtigheid = verplichting administratie om rekenschap af te leggen voor beslissingen & kan
verantwoordelijk gesteld worden
1. Rekenschap afleggen: plicht tot openbaarheid van bestuur en uitdrukkelijke
motivering
2. Administratieve & tuchtrechtelijke verantwoordelijkheid: ambtenaren kunnen
verantwoordelijk worden gesteld voor verkeerd handelen / verzuim
burgers naar ombudsdienst
1
, parlementaire onderzoekscommissie (publiek belang)
tuchtprocedure: formeel proces om naleving
regels/voorschriften/gedragscodes te handhaven (disciplinaire maatregels)
Bestuursrecht = algemene regels voor bestuursorganen- en instelling & beslechten administratieve
geschillen
Bijzonder = rechtsregels die bestuursdomeinen van ruimtelijke ordening, OH
opdrachten, ambtenarenrecht, milieurecht,… beheersen
Algemeen = regels van toepassing op bestuursorganen en procedures
Taak van algemeen belang in publiek recht worden bevoegdheden aan een overheid toegekend om algemeen
belang te dienen (vb NMBS)
Discretionaire bevoegdheid: bestuur heeft ruime beoordelingsruimte
Gebonden bevoegdheid: resultaat OH handelen afhankelijk van de loutere
toepassing van wettelijke voorwaarden en procedures
Voorrang algemeen belang op = bestuur neemt bijzondere positie in rechtsverkeer
privaat belang Bijzonder statuut van OH goederen: immuniteit van uitvoering, openbare
dienst kan niet failliet gaan, algemeen belang beschermd tegen SE
Eenzijdige bestuurlijke RH: bestuur kan handelingen stellen die eenzijdig de
rechtstoestand bestuurde wijzigen zonder instemmen bindende kracht
Voorrechten bestuurlijke Verbindende kracht: RH respecteren zonder dat rechter wettigheid vaststelt
handeling Dwingende kracht: eerst gehoorzamen alvorens protesteren
Uitvoerbare kracht: op zichzelf uitvoerbaar, zonder tussenkomst rechter
Bijzondere verplichtingen Wetten openbare dienst
bestuur o Benuttigingsgelijkheid: eerlijke toegang tot middelen of kansen
o Continuïteitsbeginsel: openbare dienst mag nooit stilliggen
o Veranderlijkheid: wetten moeten kunnen evolueren / veranderen
BBB
Advies inwinnen bij andere instantie
Formele motiveringsplicht
Interne/externe controle & hiërarchisch/bestuurlijk toezicht (vb rekenhof)
Horizontale verhouding bestuur Participatievormen op bestuursniveau
en burger Recht van burger op inspraak bij milieubeslissing
Voor uitvoerplan kan burger bezwaar indienen op ontwerp openbaar
onderzoek
DLB & provinciedecreet
Publiekrecht Kan rechter UM/WM beslissing ongrondwettig verklaren?
Centraal toetsingsstelsel: mechanisme dat toetst van wetten, regelgeving of
OH besluiten aan hogere normen door GH
Diffuus toetsingsstelsel: elke rechter kan zich uitspreken over grondwettigheid
van wetgeving
Marbury vs Madison: GW perkt OH macht in
Checks and balances
Vervagende grens publiek en - Publieke taken overgelaten aan publieke of private rechtsvorm met
privaat imperiumsbevoegdheid beschikt = het prerogatief van OH eenzijdige beslissingen te
nemen
- Bestuurlijke verzelfstandiging: overdracht taken aan interne of externe diensten,
instellingen of ondernemingen
- autonome economische OH bedrijven: taken openbare dienst + zuiver commerciële
zaken
2
, H2: BRONNEN VAN HET PUBLIEKRECHT
Internationaal recht Deelnemende staten blijven soeverein & behouden hun nationale
beslissingsbevoegdheid
Supranationaal Staten dragen een deel van hun soevereiniteit over aan een hogere instantie,
maatregelen die in overeenstemming moeten zijn met het hogere recht
Algemeen kader 1. Organisatie: democratische organisatie OH macht, legitimatie van macht –
rechtsstaat
2. Bescherming: beperking OH macht, machten verdelen
Verticale machtenscheiding: gelaagde rechtsorde: GW gaat op
juridische wijze de macht legitimeren
Horizontale: trias politica, GW gaat beschermen tegen té grote OH
macht
GW = geheel van fundamentele regel over de organisatie & beperking van OH gezag,
spelregels, bevoegdheden,…
Koning als hoofd (federale) UM
Eenheid verordenende bevoegdheid, alle machten uitgeoefend op de wijze bij
de GW bepaald
Territoriale decentralisatie: lokale besturen onder toezicht van de centrale OH
Functionele decentralisatie: instanties met grote zelfstandigheid / RP die
volledig autonoom zijn (vb NMBS, Bpost)
Fundamentele rechten in relatie burger-bestuur
Rechtsbescherming van de burger
De gewapende macht
Wetten/decreten/ordonnanties Wet in materiele zin: elke rechtsregel, door OH, onbepaald aantal gevallen
Wet in formele zin: regel uitgevaardigd door WM
! art 608 GER W: HvC enkel materiele wetten
Reglementen en besluiten Besluiten en verordeningen: UM van het land en de territoriaal & functioneel
gedecentraliseerde besturen & diensten
- reglementaire besluiten/verordeningen = besluiten die RR formuleren (materiële)
- organieke besluiten: organiseren openbare dienst, zijn institutioneel
- individuele besluiten: RR toepassen op concrete situatie
Subcategorie KB: UM door Koning, pas geldig bij medeondertekenen minister
MB: individuele draagwijdte / verordening, omzendbrieven
Gedecentraliseerde besturen: provinciale & gemeentelijke reglementen en
politieverordeningen
Gewoonterecht & billijkheid Gewoonterecht: vaste gedragslijn, aanvullend
Billijkheid: rechtvaardigheid, eerlijk en redelijk beslissen
ARB = ethische, staatkundige, socio-economische of culturele basisbeginselen die ten
3