Personen- en familierecht
Algemeen personenrecht: regels die van toepassing zijn op personen
zonder dat er hier een onderscheid in wordt gemaakt
PERSONENRECHT
Hoofdstuk 2: personen
AFDELING 1: Waarover gaat het?
Wettelijke aanknopingspunten
§ De wet definieert het rechtsbegrip personen niet
onrechtstreekse aanwijzigingen die inhoud ervan bepalen
3 categorieën:
1. Personen – natuurlijke en rechtspersonen
2. Voorwerpen art. 3.38 BW
3. Dieren
alles zit maar in 1 categorie
niets kan tot 2 categorieën behoren
van elkaar te onderscheiden – strikte verdeling
Persoon
§ Gaius introduceerde het woord persona
o Etymologische Lantijnse betekenis
o = “toneelmasker” / rol op een toneel
o Bundel van rechten en verplichtingen sterke verschillen
Antropocentrisch recht
§ Gemaakt door en voor mensen
§ 2 soorten entiteiten:
o Natuurlijke personen
Mensen zelf
o Rechtspersonen
door en met mensen gecreëerd
= de juridische persoon
Mogelijkheid rechten en plichten dragen
§ deze antropocentrische benadering in het recht volstaat niet meer
Natuurlijke persoon
, § = personen achter wier juridisch masker een menselijke persoon
‘van vlees en bloed’ schuilgaat
§ Bestaat uit 2 facetten:
o Mens van vlees en bloed met de persoonlijkheid die daarachter
zit
o Juridische persoon: de manier waarop de persoon in ons recht
verschijnt
Rechtspersoon
§ = elke andere identiteit dan de natuurlijke persoon van wie het recht
een deelnemer aan de rechtsgemeenschap maakt
§ Publieke- en privaatrechtelijke entiteiten krijgen
rechtspersoonlijkheid
o Vb. OH, vennootschappen, stichtingen, …
o door en met natuurlijke personen gecreëerd
§ Dieren of voorwerpen kunnen ook rechtspersoonlijkheid
toegekend krijgen
o niet door of met natuurlijke persoon gecreëerd
FOCUS 2. Over personen, voorwerpen en dieren
deze 3 beïnvloeden elkaar
§ Basisonderscheid categorieën
§ Dieren
o Moeten rechten hebben
Bescherming van en zorg voor dieren als wezens met gevoel
(artikel 3.38-3.39 BW)
MAAR weinig praktisch nut
Eerder symbolisch
o Eigen belang! NIET algemeen belang
o Voorbeeld: verblijfsregeling voor hond invoeren (net zoals
kinderen week om week)
§ Andere dragers van leven
o Objectiefrechtelijke bescherming
o Zoals lucht, water, aarde
o zo ontstaan rechtspraken over rechten van natuurlijke
fenomenen
§ Levenloze entiteiten
o Algemeen belang
o Immateriële waarde
o Voorbeeld: gebouwen beschermen cultuur herdenken en
overdragen
AFDELING 2: de natuurlijke persoon
“Bestaan”:
1. Wie
, 2. Vanaf wanneer
3. Tot wanneer
1 DE MENS
Als mens (cf. ‘monstres’; cyborgs)?
Elke entiteit
die uit een mens is geboren
op basis van menselijke gameten
2 VANAF DE GEBOORTE
A) Uitgangspunt: Levende (en levensvatbare) geboorte
§ Situering
o De natuurlijke persoon verkrijgt pas rechtspersoonlijkheid op de
dag en het uur van de levende (en levensvatbare) geboorte
(onrechtsreeks afleiden uit wetsbepalingen)
§ Begrip (art. 42 oud BW)
o Geboorte geen rechtsbegrip (gewone woord “bevalling” is van
toepassing)
o = Levend (en levensvatbaar) uit baarmoeder gekomen
vaststelling door arts/vroedvrouw
o Levend = enig teken van leven: hij heeft in-en uitgeademd
o Levensvatbaar
na 180 dagen/6 maanden
GEEN algemene vereiste (enkele uitzonderingen)
Wel vereiste wanneer rechter vindt dat het niet-evenredig zou
zijn dat rechtgevolgen intreden na een niet-levensvatbare
geboorte
§ Akte van geboorte (art. 44 oud BW)
o Levende geboorte wordt vastgesteld in medisch attest
o Opgesteld door arts/vroedvrouw
Eerste werkdag erna ter kennis brengen aan ambtenaar
vd burgerlijke stand van de gegboorteplaats (art. 43 oud
BW)
o Ouders moeten bij dezelfde ambtenaar aangifte doen
Binnen de 15 dagen na de bevalling
o Ambtenaar stelt akte van geboorte op
Vereisten (art. 44 oud BW)
§ Akte van geboorte en van overlijden
o Wanneer het kind overlijdt na de vaststelling maar voor de
aangifte van de levende geboorte
o Kind verwerft rechtspersoonlijkheid
B) Doodgeboorte
§ = Levenloze geboorte van een kind
§ Evolutie:
, o Vanuit juridisch oogpunt: lange tijd onbelangrijk
o Vanuit menselijk oogpunt: veel weerstand
o Sinds 1999: aandacht voor rouwverwerking met de volgende
oplossingen
Begrafenis of crematie
Geen minimumzwangerschapsduur vereist
Alle kinderen die levensvatbaarheidsgrens nog niet
hebben bereikt mogelijk op verzoek van ouders
Verplicht wanneer wettelijke levensvatbaarheidsgrens
is bereikt
Akte van een levenloos kind
voor rouwverwerking
Ambtenaar moet dit opstellen (art. 58-59 oud BW)
Zwangerschapsduur > 180 dagen: aangifte
doodgeboorte verplicht + ambtenaar moet akte
opstellen
Zwangerschapsduur > 140 dagen: akte slechts op
verzoek van ouders
Zwangerschapsduur < 140 dagen: juridisch niet
relevant, geen akte
Vermeldingen: verplichte / voornamen / naam
Geen rechtspersoonlijkheid
* anders zou er een familierechtelijke band gevestigd
worden
C) Nog geen geboorte
§ Infans-conceptusregel: retroactieve toekenning van
rechtspersoonlijkheid aan het verwekte kind
o verwekt kind wordt als reeds geboren (als natuurlijke persoon)
beschouwd als dit in zijn belang is
o Fictieregel
Het kind is nog niet geboren, maar voor de toepassing vn
rechtsregels doen we alsof dat wel zo is
Geldt slechts als bewarende maatregel, onder de
opschortende voorwaarde dat;
het kind nadien levend en levensvatbaar wordt geboren
Pas op dat ogenblik krijgt de fictie volle uitwerking, met
terugwerkende kracht tot aan het (wettelijk vermoeden)
tijdstip vn verwekking
Kind niet levend en levensvatbaar geboren?
Geen enkel rechtsgevolg + het kind wordt beschouwd
nooit bestaan te hebben
, Is ook een fictie, want er is wel degelijk een
ongeboren mensenlijk leven geweest (maar heeft
nooit bestaan als natuurlijke persoon)
door deze fictie buiten werking te laten,
vermijdt de wetgever dat de rechtsorde onnodig
verstoord wordt
o “verwekking”
eicel/embryo in baarmoeder;
met het inherente vermogen om zich tot mens te ontwikkelen;
ononderbroken ontwikkeling tot mens moet zijn ingezet
vermoeden vn verwekking (art. 326 oud BW)
o Wettelijke toepassingen
o Ruimere toepassing?
Kan ruimer worden toegepast dan wat HvC beschouwt als
algemeen rechtsbeginsel
Vb. wnr persoon zwangere vrouw neersteekt
Kan baby schade toebrengen
aansprakelijk? infans-cenceptusregel toepassen
§ FOCUS 3: Het menselijke leven voor de geboorte
o voor geboorte al ingrijpen ter bescherming vh kind
o Situering
Principe: natuurlijke persoon bestaat vanaf de levende (en
levensvatbare) geboorte v/e mens
Voor de geboorte: hele evolutie vh menselijk leven
Gameet zygoot embryo foetus (kan ononderbroken
of onderbroken zijn)
Volgens deze indeling in juridische categorieën, is het
ongeboren menselijk leven (zowel in als buiten het
menselijke lichaam) een voorwerp
Infans-conceptusregel volgt dit ook (wordt pas
retrocactief toegepast na levende en levensvatbare
geboorte)
Ongeboren menselijk leven herleiden tot voorwerp veel
weerstand
Er kan geen octrooi worden genomen op het gebruik van
menselijke embryo’s voor industriële of commerciële
doeleinden
HvJ breidde dit verbod uit tot de niet-bevruchte
menselijke eicel
EHRM vindt dat de embryo buiten het menselijk lichaam
niet kan worden beschouwd als eigendom vd vrouw met
wier eicel het is gecreëerd
, Want het begrip eigendom moet een financiële en
economische betekenis hebben (art. 1, Eerst Protocol
EVRM)
o Dadelijke bescherming van verwekt leven:
menswaardigheid
Infans-conceptusregel laat geen dadelijke bescherming toe
aan een verwerkt leven voor deze al levend (en levensvatbaar)
is geboren
Vb. jeugdhulpverlening is niet mogenlijk ten aanzien vh
verwerkte kind bij schadelijk gedrag v/e zwangere persoon
(vb. drugsverslaafd)
De belangen vh kind kunnen ook niet worden afgewogen
tegenover de beslissngen v/e zwangere persoon over het
levenseinde of de zwangerschapsafbreking
Maar onrechtmatige beëindiging vn ongeboren menselijk
leven moord, doodslag of slagen en verwondingen met
dood tot gevolg
DAAROM soms menselijk leven al vanaf verwekking (of later
moment in zwangerschap) rechtspersoonlijkheid toekennen
Vb: ‘het recht op leven van eenieder’ (art. 2 EVRM)
ongeboren mens ook als eenieder beschouwen
In 2 zaken over het recht op leven weigerde het EHRM om
antwoord te geven op de vraag of het ongeboren menselijk
leven als rechtspersoon beschouwt mag worden
Ook over art. 8 EVRM wou het EHRM zich niet uitspreken over
de kwalificatie vh ongeboren menselijk leven
o Nog niet verwekt leven
Vb. binnen joodse gemeenschap zijn personen nauw verwant
drm testen of 2 personen een kind mogen maken
wat als arts fout maakt? aansprakelijk? nog geen
antwoorden op
3 TOT AAN HET OVERLIJDEN
A) Overlijden
§ Situering
o Natuurlijke persoon eindigt te bestaan vanaf moment overlijden
onrechtstreeks afleiden uit relevante wetsbepalingen
geen titularis meer van zakelijke rechten (art. 3.14 en 4.1
BW)
§ Begrip
o Overlijden (geen rechtsbegrip) medisch vastgesteld door arts
Stelt attest op (art. 55, §1 oud BW)
o Dood = hersendood
, Hersenfunctie onherstelbaar geëindigd (inclusief
hersenstam)
o Overleden natuurlijke persoon = lijk
§ Akte van overlijden
o Door ambtenaar vd burgerlijke stand
Vanaf hij overlijdensattest ontvangt
Kennisgeving van overlijden wordt aangegeven door een
persoon die de inlichtingen kan meedelen (BW bepaalt
niet wie dit moet doen)
o Vermeldingen (art. 56 oud BW)
B) Afwezigheid (art. 112-125 oud BW)
§ = onzekerheid over leven of dood door verdwijning van persoon
§ Situering
° Evenwicht bereiken tussen belangen vd afwezige persoon en
belangen vd achterblijvers
° Tweetrapsregeling: i + ii
i) Vermoeden van afwezigheid
(a) Algemeen
Voorwaarden: driemaandenregel
Persoon is gedurende 3 maanden niet meer in zijn woon-
of verblijfsplaats verschenen
Er is gedurende deze 3 maanden geen nieuws van hem
ontvangen
Daaruit vloeit onzekerheid voort of hij nog in leven is (art.
112, §1 oud BW)
Gevolgen
Aan deze voorwaarden voldaan? vermoeden van
afwezigheid vastellen (op verzoek!)
Rechter moet belangen van vermoedelijke afwezige
behartigen
Goederen vd persoon
Beheerd door algemeen gevolmachtigde
Geen algemeen gevolmachtigde? gerechtelijk
bewindvoerder
Kinderen vd persoon
Voogdijrecht (art. 125 oud BW)
Afwezige enige ouder: voogdij valt open
Andere beschikbare ouder: die oefent alleen
gezag uit
300 dagen na verdwijning: afwezige wordt niet
automatisch ouder bij bevalling door
echtgenoot
Huwelijk/relatie
, Geen rechtstreekse gevolgen
Wel bijzondere bescherming voor achterblijvende
echtgenoot of wettelijk samenwonende
procureur des Konings (art. 112, §2 oud BW)
Moet waken over belangen van vermoedelijke
afwezige
Einde
(1) Mogelijke terugkering of terug nieuws ontvangen
Persoon kan derdenverzet aantekenen tegen
gerechtelijke vaststelling van vermoeden van
overlijden
Vrederechter beëindigt gerechtelijk bewind
zowiezo
Maatregelen in verband met de lidneren vervallen
(2) Vermoeden eindigt door het overlijden (terugvinden
identificeerbaar lijk)
Gerechtelijke bewind eindigt
(3) Vermoeden eindigt door verklaring van afwezigheid
(b)Gerechtelijk bewind (niet kennen)
ii) Verklaring van afwezigheid
Voorwaarden: vijfjaarsregel of zevenjaarsregel
5 jaar verstreken sinds vaststelling vermoeden
afwezigheid
Of 7 jaar verstreken sinds men nieuws ontving van
afwezige
(kan ook als verklaring van afwezigheid nooit is
uitgesproken)
Vermoeden van afwezigheid is GEEN verplichte
voorafgaande eerste trap aan de verklaring van
afwezigheid
Verzoek moet worden bekend gemaakt in:
Belgisch Staatsblad
2 lokale dagbladen
1 nationaal dagblad in taal v. procedure
Verklaring van afwezigheid kan pas 1 jaar na laatste
bekendmaking worden uitgesproken (art. 119-120 oud
BW)
Gevolgen
, Vanaf datum opmaak akte van afwezigheid zelfde
gevolgen van een overlijden (art. 121, §2 oud BW)
Fictie die de vorm vd burgerlijke dood aanneemt
Kinderen:
Voogdijrecht (indien nodig)
Geen regeling ivm vaderschap of meemoederschap
Terugkeer van de betrokkene
Akte van afwezigheid verbeteren door:
Vordering tot verbetering van akte vd burgerlijke
stand (art. 35jo. 122 oud BW)
Vastgesteld dat afwezige nog leeft
Bekendgemaakt op dezelfde wijze als verklaring en
verzoek afwezigheid (art. 123 oud BW)
C) Gerechtelijke verklaring van overlijden (art. 126-135 oud
BW)
§ = verklaring van overlijden (zekere dood, maar geen (zeker) lijk)
§ Situering
o zekerheid dat persoon overleden is MAAR vaststelling daarvan
onmogelijk omdat er geen (identificeerbaar) lijk is
= verdwenen persoon
Vb: gezin verbleef in hotel , hotel verdween tijdens tsunami
gezin ook
vanuit gaan dat gezin in tsunami is overleden
§ Voorwaarden
o 3 gezamenlijke voorwaarden voor gerechtelijke verklaring v
overlijden
Geen akte van overlijden
In levensbedreigende omstandigheden verdwenen
Geen (identificeerbaar) lijk
Overlijden kan als zeker worden beschouwd (art. 126
oud BW)
o Kan op inititatief vd rechtbank in Belgisch Staatsblad worden
gepubliceerd
o Enkel ad-hocbeschermingsmaatregelen (tijdens procedure) (art.
128 oud BW)
§ Gevolgen
o Overlijden bewezen? rechtbank stelt dit gerechtelijk vast
o Vonnis: dezelfde vermeldingen als bij akte v overlijden (art. 131
oud BW)
o Ambtenaar vd burgelijke stand stelt akte v overlijden op (art. 132
oud BW)
§ Verbetering
, o Persoon toch nog in leven? (art. 35jo, 134, eerste en tweede lid
oud BW)
Bekendgemaakt in Belgisch Staatsblad, 2 lokale
dagbladen en 1 nationaal dagblad in taal vd procedure)
§ FOCUS 4: het menselijke leven na de dood
o Situering
Persoon verdwijnt niet geen regels over juridisch statuut,
want dood is heel verschillend
3 regels om toe te passen:
o 1. Staat van de overledene
Kan post mortem nog worden vastgelegd
Vb: toekenning nationaliteit kind v overleden Belg
Vb: nietigverklaring v huwelijk (art. 184 e.v. oud BW)
o 2. Vermogen van de overledene
Gaat over op zijn wettelijke of aangeduide erfgenamen
Soms blijft vermogen zelf voortbestaan als nalatenschap
o 3. Persoonlijkheidsrechten van de overledene
Onderscheid tussen 2 soorten becherming:
Objectiefrechtelijke bescherming
Algemeen belang
Bescherming vd private belangen vd nabestaanden
*Niet van hoogstpersoonlijke belangen! die doven uit
AFDELING 3: de menselijke persoon en zijn persoonlijkheidsrechten
1 WAAROVER GAAT HET
§ Situering
o Elke mens van vlees en bloed, met gedachten, gevoelens, …
o Iedereen eigen persoonlijkheid ( juridisch beschermd)
2 vormen:
Afweerrecht: de oh en andere burgers te weerhouden van
binnen te komen in uw persoonlijkheid
Actief zeggenschap: zelf beslissen hoe je je
persoonlijkheid vorm geeft (vb. kiezen voor een piercing of
een tattoo)
er wordt meer belang gehecht aan afweerrecht
o Persoonlijkheidsrechten = regels over de mens zijn
gedachten, gevoelens, lichaam en gedrag
afgeleide vd grondrechten (recht voor burgers om
zichzelf te beschermen)
o Lichaam voorwerp
o Ook betrekking op sociale component (wel of niet bepaalde
relaties aangaan)