HOOFDSTUK 1: OPFRISSING
SKS: KORTE OPFRISSING
Wordt verondersteld reeds gekend te zijn (vanuit OPO Spraak: diagnostiek).
Wordt niet meer expliciet bevraagd op examen.
Hoef je niet volledig opnieuw in te studeren, maar op volgende dia’s wordt cruciale kennis opnieuw
aangehaald.
CLASSIFICATIE VAN SKS
BESCHRIJVING VAN DE SKS-TYPES
FONOLOGISCHE STOORNISSEN
Kenmerken VFO
o Normale fonologische vereenvoudigingsprocessen persisteren (achterstand > 6mnd)
o Regelmatig geobserveerd bij VFO:
Substitutieprocessen: fronting, stopping van fricatieven, gliding van liquidae en
devoicing
Syllabestructuurprocessen: deletie finale consonant en clusterreductie
Andere processen: assimilatie en deletie onbeklemtoonde syllabe
Kenmerken AFS
o Consistent gebruik idiosyncratische vereenvoudigingsprocessen
o Idiosyncratisch?
Substitutieprocessen: backing, stopping van andere klanken dan fricatieven en
glottalisatie
Syllabestructuurprocessen: initiale consonantdeletie, consonantadditie, atypische
clusterreductie en coalescentie
Andere processen: progressieve consonant assimilatie
Chronologische mismatch
Kenmerken IFS
o Inconsistente (vaak idiosyncratische!) fonologische vereenvoudigingsprocessen
o Oorzaak: onstabiele fonologische regels (representaties)
Onstabiel fonologisch encoderen
Variabel fonologisch plan
Ontstaan
o Fonologisch encoderen:
selectie en ordening spraakklanken
Hiervoor worden fonologische regels toegepast
1
,Spraak therapie – Ontwikkelingsstoornissen (ontwikkeling)
fonologisch plan
Fonologische encoderingsprobleem: fonologische regels foutief/niet/onvoldoende geleerd.
E-SKS
Kenmerken
o Moeilijkheden met 1 of enkele spraakklanken
o OSD(A), geïsoleerd of gecombineerd
Ontstaan
o Motorische planning:
Spatiële doelen (plaats/wijze) + temporele doelen (timing) uit motorisch geheugen
Doelen variëren afhankelijk van context (coarticulatie)
Motorisch plan
o Motorische programmering:
Motorisch plan spierspecifiek afstemmen (richting/omvang/spanning /snelheid)
Rekening houdend met situationele context
motorisch programma
o Gestoorde spraakmotorische representaties bij E-SKS
SOD
3 kernsymptomen (moeten aanwezig zijn)
o Inconsistent foutenpatroon bij herhaalde productie syllaben/woorden
NIET voldoende: inconsistentie in lopende spraak of over verschillende contexten
Wel voldoende: inconsistentie bij herhaal produceren zelfde woord
Klank verschillend uitgesproken en/of inconsistente woordstructuur
o Verstoorde/vertraagde coarticulatie
Vertraagde (verlengde) of onderbroken klankovergangen binnen syllabe of woord:
‘syllabe-segregatiefouten’
Aarzelende, staccato kwaliteit
Zoekgedrag (‘groping’)
Inconsequent inlassen schwa-vocaal
Hyper- of hypocoarticulatie
o Ongewone/verstoorde prosodie: woord- en fraseklemtoon
Minder of meer beklemtoning syllaben
Spraak klinkt moedertaalvreemd
Vnl. met pseudowoorden te testen of juiste klemtoon gelegd kan worden en of dit
herhaaldelijk kan
Ontstaan
o Motorische commando’s moeilijk gevormd + opgeslagen
o Auditieve/somato-sensorisch feedback blijft nodig voor correcte uitvoer
2
,Spraak therapie – Ontwikkelingsstoornissen (ontwikkeling)
3
, Spraak therapie – Ontwikkelingsstoornissen (ontwikkeling)
S-SKS
Velofaryngale stoornissen
o Schisis: spraakkenmerken
Resonantiestoornissen: hypernasaliteit
Neusluchtverlies/nasale emissie, nasofaryngeale ruis
Compensatiebewegingen
‘Schisisspraak’
Tongafwijkingen
o Tongankylose: spraakkenmerken
Beperkte verticale beweeglijkheid van de tongpunt
voedingsproblemen, inter- en addentaliteit, open mondgedrag
o Macroglossie: spraakkenmerken
Open mondgedrag en mondademen
Interdentaliteit
Malocclusies
o Spraakkenmerken
Apico-alveolairen: interdentaliteit, addentaliteit, lateraal sigmatisme
Bilabialen: labiodentalisaties
4