• Mauvais document ? Échangez-le gratuitement
  • Rédigé par des étudiants ayant réussi
  • Disponible immédiatement après paiement
  • Lire en ligne ou en PDF
Vendre
Où étudie-tu ?
La langue
Document preview thumbnail
Aperçu 4 sur 80 pages
Resume

Ethische en rechtsfilosofische stromingen | geslaagd met 15/20 | Volledige samenvatting: lesnotities + boek | Jan Verplaetse | UGent | 2025/26

Document preview thumbnail
Aperçu 4 sur 80 pages

Deze collegeanotities behandelen de inleiding op ethische en filosofische stromingen (2026) voor de Bachelor in de Rechten aan Universiteit Gent. De eerste afdeling gaat diepgaand in op het onderscheid tussen ethiek en moraal, niet-rationele houdingen zoals geloof en emoties, en het cruciale onderscheid tussen feitelijke en normatieve oordelen met talrijke praktijkvoorbeelden. Dit document is onmisbaar voor het begrijpen van de fundamentele concepten die aan de basis van het vak liggen, wat het ideaal maakt voor studenten die zich willen voorbereiden op collegetoetsen of deeltoetsen.

Aperçu du contenu

Ethiologische en filosofische stromingen
Inleiding
Wat is ethiek

Ethiek is het aannemen van een houding tegenover een moreel probleem op een rationele manier.

Voorbeeld: mag een dove ouder voor een doof kind kiezen?

Voorbeeld: is het goed dat er een verplichte samenlevingsdienst voor jongeren komt?

Elke moreel probleem is een normatief probleem, maar niet elk normatief probleem is een moreel
probleem.

Houding Moreel probleem

Oplossing Normatief probleem

Nieuw probleem zien Zorgt voor spanning

Zinvolle reflectie Weinig consensus

Een benadering waardoor er geen Mening wordt verwacht
probleem meer is

Wat is die rationaliteit? We gaan eerst over de niet-rationele houdingen

Niet-rationele houdingen

Geloof – wil van God

Plato schreef het dilemma van Euthyphro waarin hij probeerde duidelijk te maken dat ethiek niks te
maken heeft met geloof.

Euthyphro is woedend: hij is te weten gekomen dat zijn vader een slaaf heeft doodgemept,
ondanks dat dit verboden is. Hij wil zijn eigen vader inleveren en in die kwade bui komt hij
Socrates tegen. Euthyphro vertelt hem dit verhaal en Socrates vraagt hem ‘Waarom vind je dit
zo erg?’ waarop E zegt dat ‘het in strijd is met de wil van God’. Socrates antwoordt hierop:
‘hoe weet je dat dat de wil van God is?’. Euthyphro zei hierop dat Goden onmogelijk zo
immoreel konden zijn dat ze zulks gedrag zouden goedkeuren aangezien dit in strijd is met zijn
beeld van rechtvaardigheid.

DUS: waarom heb je die goden nodig? Kun je dan niet verwijzen naar het idee van
rechtvaardigheid? Je weet niet wat hun mening is over hetgeen wat mensen elkaar aandoen.




1

,Conclusie: argumenten op basis van religieuze overtuigingen kan je evengoed stellen zonder
verwijzigingen te maken naar God. Een loutere omschrijving van wat jij rechtvaardigheid vindt
volstaat, vandaar dat de religieuze argumenten dan ook nutteloos zijn binnen het ethische debat.

Emoties – instincten – intuïties

Emoties spelen een grote rol in moreel gedrag, maar niet altijd op een positieve wijze.

Voorbeeld: een kat uit een boom helpen.

Voorbeeld: een winkeluitbater in Charleroi maakte meerdere keren melding van meerdere
winkeldiefstallen. Politie vond het geen prioriteit dus greep niet in en de winkeluitbater
besloot hierop het heft in eigen handen te nemen: hij bond de dief naakt vast aan een
lantaarnpaal met de boodschap ‘je suis un voleur’ op de borst geschreven. Dit heeft te amen
met moraal: men offert zichzelf op om de gemeenschap duidelijk te maken, dat er rottende
appels in de samenleving zijn en je brandmerkt hem om aan de gemeenschap te laten zien
dat dit een van die rotte appels is. Winkeluitbater werd opgepakt omwille van eigenrichting.

Feitelijke toestand

Het verwarren van normatieve oordelen en feitelijke oordelen – het onderscheid tussen feiten en
normen is belangrijk.

Voorbeeld: 25 jaar geleden verscheen het boek Rape en het sloeg in als een bom: er wordt
een verklaring gegeven aan het seksueel geweld. Het boek gaat over soorten waarbinnen
verkrachting voorkomt: dit gaat van de mens tot de kever tot de bizon etc. Het boek probeert
verkrachting als iets natuurlijks weer te geven.

Men vat dit op als rechtvaardiging van het fenomeen verkrachting, maar dit is het niet:
wetenschappers steunen uiteraard alle initiatieven ter verhelping van het misdrijf. Men moet
wetenschappers de ruimte hier geven om het te zien als een fenomeen dat onderzocht kan
worden. Hier wordt dus een fel onderscheid gemaakt van feitelijke oordelen en normatieve
oordelen


Feitelijke toestand Normatief oordeel

Verklaren Rechtvaardigen

Begrijpen Aanvaarden

Voorspellen Verwerpen


Mits men dit onderscheid niet maakt, maakt men een naturalistische drogreden.

Voorbeeld: ‘seksueel geweld behoort tot onze natuur’ → ‘seksueel geweld is goed’.



2

,Iets kan natuurlijk zijn, maar moreel verwerpelijk zijn. Net zoals iets onnatuurlijk kan zijn, maar toch
ethisch verdedigbaar zijn. Er zijn ook een aantal fenomenen die niet makkelijk rationeel te
onderbouwen zijn. De kracht van sentimenten, instincten, … harder is dan welk redelijk oordeel ook.

Voorbeeld: Duits echtpaar zijn broer en zus, ze hebben 4 kinderen waarvan 3 met een
beperking. De man is geboren in een gezin met een agressieve vader en werd ondergebracht
in een adoptiegezin. Nadat hij wegging, is er nog een dochter geboren in hetzelfde gezin. De
vader sterft en de man keert terug naar zijn gezin op 18-jarige leeftijd. Eenmaal teruggekeerd,
wordt hij smoorverliefd op de dochter, en dus zijn eigen zus. Hij heeft zijn eigen zus 4 keer
bezwangerd.

Bij ons is dit wettelijk geen probleem, enkel trouwen is verboden. In Duitsland is de wet
strenger: het hebben van seksuele relaties met eigen zus of broer is bij wet verboden. De man
kreeg een celstraf van 8 (!!) jaar. De zus niet ov. persoonlijkheidsstoornis en was dus
ontoerekeningsvatbaar.
Rationele argumenten Irrationele argumenten
Wederzijdse toestemming Incest voelt vies (mits lange periodes samen
Meerderjarige volwassenen te leven (doorheen puberteit), minder
aversie mits je elkaar niet hebt gezien
doorheen puberteit (hier het geval))
Genetisch risico geen punt bij niet-verwante Vrijwel overal ter wereld taboe
koppels
Wat met verwante koppels die geen
kinderen willen of zich steriliseren?




3

, Waarom volstaan de morele vermogens (die we nu al bezitten) niet?

We beschikken in ons 10e levensjaar al over heel wat morele vermogens: (pijn)empathie, fairness en andere
vermogens.

Morele vermogens

Pijnempathie

Pijnempathie is het vermogen om mee te leven met een persoon die pijn ervaart. Hieraan wordt ook de
reflex gekoppeld die men heeft om de persoon te gaan helpen. Zelfs mensenapen hadden dit vermogen.

De ontwikkeling hiervan wordt voorgesteld in het Ontwikkelingsmodel van Martin Hoffman

Emotionele besmetting* –
Global distress 0 – 0,5 jaar
reactive crying**
Globaldistress vermijden door
Egocentrische empathie 0,5 – 1 jaar bron van pijn te vermijden – A
valt, B ziet het en loopt weg
Hulpreflex – eigen noden =
Quasi-egocentrische empathie 1 – 2 jaar
centraal
Theory of mind – andere noden =
Waarachtige empathie 2 – 4 jaar
centraal
Volledige pijnempathie vanaf 4
Verdere ontwikkeling 4 – 7 jaar
jaar

*emotionele besmetting: pasgeboren kind neemt emoties over & ervaart ze alsof ze dit zelf meemaakt.

**reactive crying: 1 baby huilt – andere baby’s beginnen ook te huilen.

***theory of mind: het vermogen om te beseffen dat jouw ervaringen niet overeenkomt met de ervaring
van een ander.

Sally & Anne Test: je hebt een doos en een box in een speelkamer. Sally komt binnen met een bal,
stopt deze in de doos en verlaat de kamer. Anne komt binnen, verplaatst de bal van de doos naar de
box en verlaat erna de kamer. Sally komt terug binnen: waar gaat Sally kijken? Doos of Box?

Fairness

Fairness is het gevoel van rechtvaardigheid. Er moet een onderscheid gemaakt worden tussen 6 verschillende
vormen:

1. Prosociaal gedrag versus altruïstisch gedrag: prosociale spel
 Prosociaal tegen pesterig – prosociaal zijn kost niets

Voorbeeld: A heeft een kledingstuk dat hij niet meer draagt, iemand wil dit kledingstuk. A kan ofwel
dat kledingstuk geven ofwel, ondanks dat hij er niets meer mee kan doen, het niet geven.

 Altruïstisch tegen egoïstisch – altruïstisch zijn kost iets


4

Livre connecté
 image
Éditeur: 15 september 2024 ISBN: 9789463106191 Édition: 1

Infos sur le Document

Livre entier ?
Oui
Publié le
14 juin 2026
Nombre de pages
80
Écrit en
2025/2026
Type
Resume
€11,16

Mauvais document ? Échangez-le gratuitement Dans les 14 jours suivant votre achat et avant le téléchargement, vous pouvez choisir un autre document. Vous pouvez simplement dépenser le montant à nouveau.
Rédigé par des étudiants ayant réussi
Disponible immédiatement après paiement
Lire en ligne ou en PDF

Seller avatar
Magistraat333
5,0
(1)
Vendu
2
Abonnés
0
Éléments
3
Dernière vente
3 mois de cela




Pourquoi les étudiants choisissent Stuvia

Créé par d'autres étudiants, vérifié par les avis

Une qualité sur laquelle compter : rédigé par des étudiants qui ont réussi et évalué par d'autres qui ont utilisé ce document.

Le document ne convient pas ? Choisis un autre document

Aucun souci ! Tu peux sélectionner directement un autre document qui correspond mieux à ce que tu cherches.

Paye comme tu veux, apprends aussitôt

Aucun abonnement, aucun engagement. Paye selon tes habitudes par carte de crédit et télécharge ton document PDF instantanément.

Student with book image

“Acheté, téléchargé et réussi. C'est aussi simple que ça.”

Alisha Student

Foire aux questions