Inhoudsopgave
DEEL I. EEN INLEIDING IN DE CRIMINOLOGISCHE PSYCHOLOGIE......................................................................3
1. Een schets van de criminologische psychologie.......................................................................................3
1.1 De ontwikkeling van de criminologische psychologie.................................................................................3
1.2 Verschillende vormen van binnen de criminologie toegepaste psychologie..............................................6
1.3 Wat is criminologische psychologie?..........................................................................................................8
1.4 Criminaliteit, afwijkend gedrag en de strafbaarstelling ervan als referentiekader voor de
criminologische psychologie.............................................................................................................................8
1.5 Verklaringsmodellen voor criminaliteit.......................................................................................................9
2. Bio-psycho-sociale verklaringen voor het plegen van criminaliteit...........................................................9
2.1 Het complexe samenspel tussen biologische, psychologische en sociale factoren als verklaring voor
crimineel gedrag...............................................................................................................................................9
2.2 Biologische factoren....................................................................................................................................9
2.3 Psychologische factoren............................................................................................................................18
2.4 Sociale factoren.........................................................................................................................................31
3. Het blijven plegen van criminaliteit versus het stopzetten van een criminele carrière............................36
3.1 Wat is recidive?.........................................................................................................................................36
3.2 Wat is desistance?....................................................................................................................................38
3.3 Welke factoren dragen bij aan recidive dan wel desistance?...................................................................38
4. Enkele specifieke criminaliteitsvormen onder de loep...........................................................................41
4.1 Agressief en gewelddadig gedrag.............................................................................................................41
4.2 Partnergeweld...........................................................................................................................................45
4.3 Siblinggeweld............................................................................................................................................51
4.4 Brandstichting...........................................................................................................................................55
4.5 School shootings.......................................................................................................................................60
DEEL II. DE DOORWERKING VAN CRIMINOLOGISCH-PSYCHOLOGISCHE INZICHTEN BIJ DE OPSPORING EN
VERVOLGING VAN MISDRIJVEN................................................................................................................... 66
5. De relevantie van criminologisch-psychologische inzichten bij diverse scharniermomenten..................66
6. Daderprofilering................................................................................................................................... 66
6.1 Wat is daderprofilering?...........................................................................................................................66
6.2 Verschillende benaderingen en methoden...............................................................................................68
6.3 Evaluatie....................................................................................................................................................72
7. Op zoek naar de waarheid: leugendetectie........................................................................................... 72
7.1 Concepten.................................................................................................................................................72
7.2 Fysiologische technieken: de polygraaf....................................................................................................73
7.3 Non-verbale leugendetectietechnieken....................................................................................................76
7.4 Verbale leugendetectietechnieken............................................................................................................78
8. Een bijzondere vorm van ‘misleiding’: malingering................................................................................82
8.1 Het concept: veinzen en overdrijven.........................................................................................................82
1
, Criminologische psychologie 2025 - 2026
8.2 Motieven voor malingering.......................................................................................................................82
8.3 Geheugenverlies voor een delict?.............................................................................................................83
9. Het inschatten en voorspellen van het risico op crimineel gedrag..........................................................85
9.1 Concepten.................................................................................................................................................85
9.2 Dreigingsanalyse.......................................................................................................................................85
9.3 Risicotaxatie....................................................................................................................................... 88
Risicobeoordeling in het vooronderzoek.........................................................................................................93
10. Theoretische modellen met het oog op de rehabilitatie van daders.....................................................98
10.1 Van nothing works naar what works?....................................................................................................98
10.2 het Risk Need Responsivity model (RNR)................................................................................................99
10.3 het Good Lives Model (GLM).................................................................................................................101
Begrippenlijst:
- SO/ SLO: slachtoffer
- PSH: persoonlijkheid
- NT: neurotransmitter
- PFC: prefrontale cortex
- WH: werkelijkheid
- Crimi: criminaliteit/ crimineel
- LT: lange termijn & KT: korte termijn
- FPC: forensisch psychiatrisch centra
- VB: verstandelijk beperkt, LVB: licht verstandelijk beperkt
- MBV: met behulp van
- VH: voorlopige hechtenis, GVS: gevangenis/ gevangenisstraf, ET: elektronisch toezicht
- SL: samenleving
- OR: onderzoeksrechter
- VOV: vrijheid onder voorwaarden
- Ivg: in vergelijking met
2
, Criminologische psychologie 2025 - 2026
DEEL I. EEN INLEIDING IN DE CRIMINOLOGISCHE PSYCHOLOGIE
1. Een schets van de criminologische psychologie
1.1 De ontwikkeling van de criminologische psychologie
Kan worden opgedeeld in meerdere subdisciplines
Biologische of fysiologische psychologie, ontwikkelingspsychologie, sociale psychologie,
cognitieve psychologie, differentiële psychologie
Toegepaste disciplines
Klinische psychologie, schoolpsychologie, organisatiepsychologie, psychologie toegepast op
rechtsdomein
Lombroso: grondlegger biologische criminologie en positivisme
o Uiterlijke kenmerken mensen – crimineel gedrag: bv. asymmetrische schedel, grote kaak,
afwijkende oren
o Crimi = aangeboren, misdadigers herkennen door fysieke kenmerken
o Atavisme = misdadiger als een soort ‘evolutionaire terugval’
Garofolo: inspiratie van lombroso
o Crimi: gebrek aan gevoelens zoals empathie – misdadigers
o Sancties maar crimi niet veranderen: iets dat er niet is kan je niet creëren
o Fysiologische oorzaken (lichamelijk), invloed van sociale factoren: opvoeding
o Studies van lombroso geen harde feiten: geen wetenschappelijke basis
Stern: grondleggers criminologische psychologie (inval recht, rechtspsycholoog)
o 1930: verhuist naar VS (door jodenvervolging: joodse academicus), is duitser
o Onderzoek bij ooggetuigen bij misdrijf in scène gezet, verschillende verklaringen uit getuigenissen
van zelfde misdrijf
o Tijdens lessen misdrijf in scène zetten: mock crimes
o Deskundige in rechtbank, baanbrekend onderzoek naar impact van geheugen en feilbaarheid van
geheugen van ooggetuigen => ‘psychology of testimony’
o Heeft psychologie mee in rechtszaak gekregen
Münsterberg: duitser, actief in zelfde periode als stern, claimde grondlegger psychologie toegepast op
recht (rechtspsychologie: heeft daarin grote naam gemaakt)
o Maar: bouwde verder op andere hun werken, geen referentie, heeft informatie overgenomen
o ‘on the witnessed stand’: gaf daarin niet toe aan referenties, niet constructief in bevindingen, was
negatief over juristen etc. => bekeek vanuit psychologisch perspectief naar juristen (stage of
mocked crime: feilbaarheid van geheugen)
o In VS: juridische wereld negatief tov psychologie: hij heeft ontwikkeling van psychologie
achteruitgezet door negatief tav juristen
Gross: founding father criminologische psychologie in Europa - ‘kriminalpsychologie’
o Brede toepassing van psychologie binnen recht, strafprocedure, in ogen van alle actoren bekijken
o Psychische kant van juristen tov besluitvorming
o Oog op verklaringen crimi gedrag vanuit psychologisch perspectief: ontwikkeling profilering
methode
3
, Criminologische psychologie 2025 - 2026
Kaufmann & Wulffen: zijn verdergegaan
o Onderzoek naar oorzaken van crimi gedrag en impact op psychische gezondheid
Aschaffenburg: duitse psychiater, grondlegger criminele psychologie vandaag
o Focus psychologie van misdadigers: wat speelt er om in hun hoofd = cognitieve processen, PSH
kenmerken
bestuderen van plegers en kijken welke psychologische factoren er toedoen
Grondleggers Leuvense traditie:
Braffort: oprichter Leuvense school voor criminologie
o Eerste voorzitter, was zelf een jurist, psychologie kreeg hierdoor plaats in criminologie,
o Vervolgd in WO I door Duitsers, bijstaan van mensen die vervolgd werden, moest onderduiken maar
besloot om niet te vluchten => hierdoor opgepakt en vermoord
Degreeff: vervolger van Braffort voorzitter Leuvense school
o Ook samen even actief geweest, studeerde geneeskunde en stage in psychiatrie, werkzaam in
universitair psychiatrisch centrum
o criminologisch psychologisch onderzoek in Leuven, onderzoek naar passionele moorden: wat
brengt mensen er naartoe om deze moorden te plegen - ontwikkelingspsychologie: wat is de rol
waarin mensen opgroeien
o Criminogenese: techniek om in kaart te brengen hoe iemand op bepaald moment tot misdrijf komt
– delict plegen
Welke factoren en processen bijdragen aan crimi gedrag
Rol van intense emoties en persoonlijke relatiepatronen
=> wordt vandaag nog gebruikt
Dellaert: samen actief met Degreeff
o Arts en psychiater en opvoedkundige: psycho – socio – crimi achtergrond
o Neopositivisme (medische verklaringen voor criminaliteit – hersenen), werkzaam in antwerps
ziekenhuis en als arts in gevangenis – veel praktijkvoorbeelden
Combineren van medische en psychologische kennis
o Interdisciplinaire benadering: welke rol speelt PSH in verklaring crimi gedrag
o Psychologische verklaringen voor crimi
o Strafuitvoering: wat doen met mensen die crimi gepleegd hebben en hoe ermee omgaan
De Batselier: kritische criminologie, klinische benadering is eenzijdig = individuele vaststaande factoren =>
moeten breder bekijken: combinatie psychologie en sociologie
o Aandacht voor dichte omgeving (bv. Gezin), gedrag mensen door reactie van maatschappij –
sociologie
Crimi gedrag in bredere sociale context begrijpen
o Systeem van maatschappelijke kwetsbaarheid: daardoor bepaalde kwetsbaarheid evt ontwikkelen
o Psychopathologie van elke mens: vanuit maatschappij vanalles opzich krijgen en evt bep
problematiek ontwikkelen
Goethals: combinatie van klinische en maatschappelijke factoren
o Genetica: structuur van hersenen => geïntegreerde benadering
4
, Criminologische psychologie 2025 - 2026
Hoe interageren genetische aanleg met psychische aandoeningen om crimi gedrag te
veroorzaken
o Onderzoek rond recidive (+ stopzetten van crimineel gedrag) en onveiligheidsgevoelens (wat doet
angst voor criminaliteit met mensen)
Vervaeke: rechtspsycholoog
o Invloeden op besluitvorming, kwaliteit van getuigen, aandacht voor crimi psycho: maar niet
factoren die bijdragen aan crimi hoe omgaan met deze factoren
o Persoonsgerichte interventies, hoe aan criminogese doen, onderzoek naar specifieke
criminaliteitsvormen: bv. Partnergeweld, online stalking
Stromingen:
o Klassieke benadering: delinquent als rationele actor
o Beslissingen als bewuste keuze uit vrije wil: kosten-batenanalyse, op eigen voordeel gerichte dader
Niet waarom maar wijze waarop delinquent aanpakken
Afschrikkingstheorieën, rationele keuzetheorieën, route-activiteitentheorie
Repressieve houding
Kritiek vanuit psychologie: menselijk gedrag niet gebaseerd op vrije wil en
verantwoordelijkheid maar interne en externe factoren
o Neopositivistische benadering ‘nieuwe richting’:
Vrije wil geldt voor veel delinquenten niet
Crimi aangeboren en mentale afwijking, psychologisch weinig aan te doen
Delinquent als ‘zieke’ of ‘afwijkende’
(degreef en dellaert)
insteek van crimi psycho: biopsychosociaal
o Labeling en kritische criminologie: minimale bijdrage van psychologie
Weinig aandacht voor inzichten uit crimi psycho: crimi verklaren vanuit sociologie
(omgeving, buurt opvoeding en opgroeien) etikettering
vandaag: alle benaderingen worden samengenomen: interactie tussen actoren
Niveau 1: samenleving
Crimi = maatschappelijk fenomeen
Belangen dominante klasse
Weinig aandacht individuele kenmerken
Niveau 2: zones en groepen
Crimi = immigratieprocessen; wisselende bevolkingsgroepen
Omgeving en gelegenheid, niet psychologische invalshoek
Niveau 3: socialisatie- en groepsprocessen (kleine intieme groepen)
Subcultuurtheorieën, sociaal leren, differentiële associatietheorie
Psychologische leertheorieën
Socialisatie en sociale beïnvloeding door gezin, school en peergroep
Niveau 4: criminele activiteiten en gebeurtenissen
Delict zonder achterliggende motieven en PSH kenmerken
Patronen in delict = centraal
Beschikbaarheid vd buit, kenmerken omgeving: crimi uitlokken
Niveau 5: individuele delinquenten
Biologische invloeden, psychologische kenmerken en processen: bv. Impulsiviteit, gebrek zelfcontrole
5
, Criminologische psychologie 2025 - 2026
(Niet in details kennen: wel verschil micro en macro)
1.2 Verschillende vormen van binnen de criminologie toegepaste psychologie
Deeldomeinen binnen ‘psychologie en recht’
Toegepast op recht, vormen zijn geen synoniemen van elkaar
Criminologische psychologie: enkel aandacht op daders en verdachten in strafrechtelijke context,
bestudeert delinquent gedrag, verklaringen op geaggregeerd niveau (= groepsniveau), verschillen
delinquenten en niet- delinquenten op spanningsbehoefte
o => behoefte verklaart dat mensen risicovolle handelingen gaan stellen en in crimi belanden (=
differentiële psycho)
o Gebruikt psychologie (als academische discipline) als wetenschap om oorzaken crimi beter te
verstaan
o Bv. Differentiële psychologie, psychodynamische concepten of leertheoretische principes om crimi te
verklaren, criminologische psychopathologie (geestesstoornis)
! Onderscheiden van gerechtelijke psychologie: niet focussen dader maar anderen (getuigen)
Forensische psychologie: Focus op slachtoffers, individuele situaties voor rechtbank (gerechtelijke context)
Experts aangesteld door rechter om advies geven rond individuele en specifieke gevallen
(psychologie toegepast op recht)
o Bv. Hoeveel schade aangebracht aan werknemer x ten gevolge van arbeidsongeval
o Bv. Slachtoffer legt verklaring af en kijken of er trauma is en welke impact dit heeft op verklaring van
slachtoffer
Specifiek subdomein: daderprofilering (psychologen werken samen met politie) ! Opsporing van concrete
daders, steunt op manier waarop delict is gepleegd, geven aanwijzingen over dader: info over PSH
kenmerken, gedrag en sociografische kenmerken
o Vooral bij seksueel getinte moorden, brandstichting, gijzelneming, aanranding & verkrachting
o Bij gevallen waarin geen onmiddellijke & specifieke hypotheses omtrent verdachte bestaan
Gerechtelijke psychologie: niet alleen daders, slachtoffers maar ook getuigen, politie, advocaten, alle
actoren binnen juridische procedure, bestuderen van besluitvorming in procedure, hoe bewijs vormen
Niet beperkt tot strafrecht (forensische en criminologische psychologie wel), ook burgerlijke problemen
(forensische en criminologische psychologie wel)
o Bv. Wat is de impact van leeftijd kind op verklaring van echtscheiding, inschatting effecten
arbeidsongeval
o (= legal psychology, psycholegal studies en psychology and law)
o Minder daders: bv. Liegen en ondervragingstechnieken (leugendetector)
overlap: hebben allemaal daders en verdachten gemeen
A: criminologische & forensische psychologie & rechtspsychologie
o Focus op daders en verdachten bij forensische, rechts, en criminologische psychologie
Verschil dader en verdachte niet duidelijk: verdachte = vermoeden
o Bv. Criminologische: welke verhoortechnieken werken bij welke personen
6
, Criminologische psychologie 2025 - 2026
o Bv. Forensische: toerekeningsvatbaarheid, psychische problematiek bij daders, niet enkel
slachtoffers
B: forensische & rechtspsychologie
o Focussen allebei op slachtoffers
o Rechtspsychologie: geloofwaardigheid van verklaring over feiten als ooggetuigen, niet
strafrechtelijk (ook in echtscheiding, asielprocedures) => groep georiënteerd
Problematiek die impact heeft op verklaring van persoon, strafrechtelijk maar soms ook
in andere procedures (echtscheiding)
o Forensische psychologie: is er sprake van bepaald trauma, op individueel niveau toepassen
Bv. Strafrechtelijk, toerekeningsvatbaarheid, mentale stoornis aanwezig, risicotaxatie =>
evaluatie maken van SLO
Toepassing psychologie niet altijd strafrechtelijk
Toepassing in alles wat met crimi te maken heeft = broad church met 2 altaren:
rechtspsychologie (proces) en criminologische psychologie (begrijpen)
C: rechtspsychologie & criminologische psychologie
o Focussen op groepsniveau, data verzamelen bij grote groep mensen (SLO, getuigen, daders)
inzichten verwerven, algemene theorieën (voldoen ze aan bepaalde kenmerken)
o Vergelijken met andere niet- brandstichters/ mensen die geen crimi plegen: kijken of er
verschillen zijn op vlak van karakteristieken
o Rechtspsychologie: ooggetuigen als groep, welke factoren hebben invloed op waarneming, kijken
of algemene uitspraken kunnen doen voor waarnemingen (bv. Spelen met lichtinval, welke impact
dit heeft op waarneming)
o Hoe verhoren aanpakken: vergelijken
Investigative psychology: daderprofilering, focus op plegers
Technieken gebruikt door justitie en politie om daders te vinden
Door sommigen als aparte benadering beschouwt
D: focus op politionele autoriteiten: rechtspsycho & police psycho
o Rechtspsychologie: hoe politie beslissingen neemt in strafrechtelijk onderzoek (bv. Enkel bewijs
voor verdachte, druk zetten op bepaalde mensen in verhoor en bij andere niet)
o Police psychology: psychologische inzichten toepassen op trainingen en selectie politie
Bv. Aanwervingsbeleid politiemensen, aan welke voorwaarden voldoen, niet alleen
beslissingen van politie zelf, HR-beleid bij politie
Correctional psychology: forensisch & criminologisch psychologie
o Psychologische inzichten toepassen op correctionele instellingen voor behandeling = rehabilitatie
veroordelen
Bv. Omstandigheden die effect hebben op plegers, inrichting gevangenis, onderzoek rond
rehabilitatie
o Kenmerken van gedetineerden gebruiken om uitspraken doen over gevangenisbeleid
7
, Criminologische psychologie 2025 - 2026
1.3 Wat is criminologische psychologie?
Plegers: hebben feiten zeker gepleegd
Maar verdachten vallen ook binnen studiegebied
Bestuderen van individuele verschillen naargelang cultuur en tijd
o Geen afgelijnde discipline: raakvlakken
o Geen eenduidigheid: wel gemene delers
Focus op plegers en verdachten crimi gedrag
Verklaringen plegen crimi gedrag
Hoe met plegers en verdachten omgaan in rechtspleging: preventie; vroegtijdig ingrijpen?
Hoe tot inzicht komen door te praten?
o Factoren afleiden die leiden tot criminaliteit
Ontwikkeling: parallel met algemene psychologie
Onder invloed psychoanalyse Freud: crimi => ontw van ego en superego
Problemen ontstaan: opvoeding zonder warmte, misbruik, verwaarlozing
Gestandaardiseerde psychologische testinstrumenten: PSH
Leertheorieën: crimi niet primair uit genetische aanleg maar invloed omgeving: beloning & bestraffing
Meer belang cognitieve psychologie: cognities, attitudes => crimi
=> behandelen: veranderen van foutieve cognities en attitudes
1.4 Criminaliteit, afwijkend gedrag en de strafbaarstelling ervan als referentiekader voor de
criminologische psychologie
Geen eenduidigheid, geen afgelijnde discipline, raakvlakken en overlap met aanverwante disciplines
Betekenis van crimineel verschilt binnen culturen/ landen en doorheen tijd: gedrag kan op
verschillende manieren als crimineel worden bestempeld
o Moeilijk om cijfers te vergelijken
o Bv. Seksuele geaardheid verschilt per cultuur/ land: wordt soms gezien als afwijkend
o meeste onderzoeken gebaseerd op gewelddadig gedrag en zedendelicten
Dynamisch en evolutief: verandert met tijd mee = sociaal construct
o Bv. Partnergeweld doorheen jaren versterkt en anders geworden
Op verschillende manieren beschrijven: recht, moreel onverantwoord, sociaal, psychologisch (bv.
Drang naar soort gedrag)
Mala in se vs. Mala prohibita: bekijken naar wat we inherent zelf slecht vinden vs. Focussen op wat
verboden is en wat we strafbaar gaan stellen
kijken naar wat moreel verboden is
8