Rédigé par des étudiants ayant réussi Disponible immédiatement après paiement Lire en ligne ou en PDF Mauvais document ? Échangez-le gratuitement 4,6 TrustPilot
logo-home
Document preview thumbnail
Aperçu 4 sur 51 pages
Resume

Samenvatting Probleemoplossend denken | Didactiek Wiskunde 2 | VIVES | 2025/26

Document preview thumbnail
Aperçu 4 sur 51 pages

Dit document behandelt hoofdstuk 4 tot 8 uit Didactiek Wiskunde 2 aan Katholieke Hogeschool VIVES Kortrijk. Het bevat het stappenplan voor wiskundige probleemoplossing (analyseren, model opstellen, plan uitvoeren, controleren), vakdidactische principes met realistische contexten, heuristieken, en praktische toepassingen voor optellen en aftrekken tot 20. Dit is de leerstof voor het examen van wiskunde in juni. Gebasseerd op de cursus en de powerpoints.

Aperçu du contenu

didactiek wiskunde 2 juni

H4: PROBLEEMOPLOSSEND DENKEN
EN VRAAGSTUKKEN
1. INLEIDING

Vakdidactische principe:

Realistische contexten: verkenning nieuwe begrippen en procedures.

 Vaardigheden ontwikkelen die kunnen helpen bij het oplossen van
problemen.

Klemtoon bij toepassingen of vraagstukken:

- Wiskundige kennis en vaardigheden
- Ontwikkelen en oefenen probleemoplossende vaardigheden

2. STAPPEN IN HET VAARDIG OPLOSSEN VAN WISKUNDIGE PROBLEMEN

2.1. HET STAPPENPLAN

Als we een wiskundig probleem of vraagstuk
wiskundig benaderen, dan moeten we volgende
stappen uitvoeren:

1. Analyseren van de situatie
2. Kiezen of ontwikkelen van een wiskunde
model
3. Toepassen van wiskundige technieken
4. Controleren en interpreteren van de resultaten

STAP 1: ANALYSEREN VAN DE SITUATIE

De eerste stap is de opgave analyseren om de probleemsituatie goed
te begrijpen
- We stellen ons de vraag: ‘Wat is het probleem?’
- Belangrijk is dat de leerling tot een goede mentale voorstelling
komt van wat er gegeven is, wat er gezocht wordt en welke
relaties tussen de gegevens onderling en tussen de gegevens
en het gezochte bestaan. Dus het onderstrepen of markeren wat
belangrijk is.

Het kan helpen om het probleem te laten uitleggen aan elkaar, het na te
vertellen met hun eigen woorden, …

1

,didactiek wiskunde 2 juni
Vaak wordt er gevraagd om de gegevens en de vraag in een kleur aan te
duiden
- Laat ze eerst de vraag aanduiden
- Pas dan weet je welke gegevens je zal nodig hebben om het probleem op
te lossen

STAP 2: EEN PASSEND WISKUNDIG MODEL OPSTELLEN

In deze stap gaan de leerlingen na welke methode ze zouden
kunnen volgen om het probleem op te lossen

- Dit gebeurt door de initiële probleemrepresentatie om te
zetten naar een nieuwe probleemrepresentatie in termen
van wiskundige symbolen en relaties

De oplosser bouwt dus met wat hij al aan formeel-wiskundige
kennis en vaardigheden verworven heeft een wiskundig model op dat past bij
de initiële voorstelling die hij of zij van de probleemsituatie heeft opgebouwd

STAP 3: HET OPLOSSINGSPLAN UITVOEREN

Tijdens de derde stap passen leerlingen de gekozen
oplossingsstrategie toe

Het oplossingsplan wordt uitgevoerd: de rekenkundige
operatie(s) die vervat ligt (liggen) in het wiskundig model, wordt
(worden) effectief uitgevoerd

Toch dienen ook in deze fase nog bepaalde beslissingen
genomen te worden

- Rekenwerk kan namelijk op verschillende manieren worden uitgevoerd:
cijferen, tellen, hoofdrekenen, schatten rekenen of zakrekenmachine
- Leerlingen moeten in staat zijn om de meest geschikte rekenwijze te
kiezen

Bij deze stap is de oorspronkelijke probleemsituatie naar het achterplan
verdwenen

STAP 4: ANTWOORD FORMULEREN + CONTROLEREN

 Uitkomst interpreteren: terugplaatsen in oorspronkelijke
probleemsituatie.
→ Uitkomst uit 3de stap om antwoord te formuleren op
vraag



2

,didactiek wiskunde 2 juni
 Klassieke vraagstukken: uitkomst stap 3 oplossing vraagstuk
 Rijke wiskundeproblemen: uitkomst van rekenwerk interpreteren
→ Afronden (rekening houdend met situatie)
→ Uitkomst gebruiken om 1/ andere beslissing te nemen als
antwoord op gestelde vraag
 Antwoord evalueren/ controleren (STAP 5):
→ Nagaan of alle voorgaande stappen goed doorlopen
werden en of er nergens een fout is binnengeslopen,
oplossing in opgave invullen, berekening controleren op
rekenfouten, realistisch, …




2.2. HET STAPPENPLAN GESCHEMATISEERD AANBRENGEN

In de praktijk brengt men dit stappenplan meestal geschematiseerd bij de
leerlingen aan

- Bv met de beertjes van
Meichenbaum 
- Het is een letterlijke vertaling van
de vier stappen uit het model
o Elk pictogram beeldt één
specifieke stap uit
o

3. HEURISTIEKEN OF ZOEKSTRATEGIEËN

3.1. WAT ZIJN HEURISTIEKEN?

Heuristieken of zoekstrategieën zijn oplossingsstrategieën die in je
broekzak zitten en als je niet meteen het antwoord weet, kan je ze uithalen en
‘ik ga dit proberen, of dit, of dit’

Vb. een tekening maken KAN helpen een oplossing te vinden voor iets, maar
niet altijd.

- Algoritmen  geven een vast stappenplan om een probleem aan te
pakken. Wanneer men nauwgezet de stappen volgt, dan komt men
gegarandeerd tot een oplossing
- Trail and error  men gaat eerder ‘in het wilde weg’ proberen, eventueel
op basis van intuïtie. Men vindt soms de oplossing door een samenloop
van intuïtie en gelukkig toeval


3

, didactiek wiskunde 2 juni
- Heuristieken  zijn gerichte zoektechnieken die niet zeker tot een
oplossing leiden, maar een systematiek inhouden en meer kracht geven
dan trial and error


3.2. HEURISTIEKEN IN HET STAPPENPLAN

De algemene strategie voor het vaardig oplossen van wiskundige problemen
bestaat uit vier stappen. Heuristieken of zoekstrategieën worden
gebruikt bij de eerste en tweede stap

3.3. HEURISTIEKEN DIE HELPEN BIJ HET ANALYSEREN VAN DE SITUATIE

3.3.1. MAAK EEN TEKENING VAN DE PROBLEEMSITUATIE

Op basis van de tekstuele informatie probeert de leerling een aanschouwelijke
voorstelling op te bouwen van de probleemsituatie in de vorm van een schets
of een tekening

3.3.2. HET PROBLEEM HERFORMULEREN EN/OF DRAMATISEREN

Heel wat vraagstukken vormen enkel en alleen maar een probleem voor
sommige leerlingen door het taalgebruik

3.3.3. ONDERSCHEID NOODZAKELIJKE EN OVERBODIGE GEGEVENS

Vooraleer gegevens aan te duiden in het vraagstuk, is het belangrijk dat de
vraag eerst aandachtig wordt bekeken. Daarna selecteren we de
NOODZAKELIJKE informatie.

3.3.4. GEBRUIK JE ERVARINGSKENNIS OF ZOEK ONTBREKENDE INFO

Bij het oplossen van een wiskundig probleem kan het zijn dat niet alle
noodzakelijke of relevante gegevens meegegeven worden voorbeelde
n in de
cursus!!
4. CONTEXTRIJKE OPGAVEN

4.1. ENKELVOUDIGE EN SAMENGESTELDE VRAAGSTUKKEN



vb van E naar S.  Ze krijgen in de ochtend
2 appelen en in de avond 3 appelen hoeveel
appelen zijn er in het totaal nodig


4

Table des matières

  1. 01 1. Inleiding 1
  2. 02 2. Stappen in het vaardig oplossen van wiskundige problemen 1
    1. 2.1. Het stappenplan 1
    2. 2.2. Het stappenplan geschematiseerd aanbrengen 3
  3. 03 3. Heuristieken of zoekstrategieën 3
    1. 3.1. Wat zijn heuristieken? 3
    2. 3.2. Heuristieken in het stappenplan 4
    3. 3.3. Heuristieken die helpen bij het analyseren van de situatie 4
  4. 04 4. Contextrijke opgaven 4
    1. 4.1. Enkelvoudige en samengestelde vraagstukken 4
    2. 4.2. Bewerkingen herkennen in een context 5
  5. 05 5. Typevraagstukken 5
    1. 5.1. Verhoudingen 6
    2. 5.2. Schaal 7
    3. 5.3. Afstand – tijd – snelheid. 8
    4. 5.4. Toepassingen op procenten 8
    5. 5.5. bruto – netto – tarra 8
    6. 5.6. Mengsels 9
    7. 5.7 Winst – verlies – prijsberekening 9
    8. 5.8 Ongelijke verdeling 9
    9. 5.9 Massadichtheid 10
  6. 06 6. ‘Rijke’ wiskundeproblemen 11
    1. 6.1. Wat zijn ‘rijke’ wiskundeproblemen? 11
    2. 6.2. Heuristieken die helpen bij het oplossen van het probleem 11
  7. 07 7. Waar loopt het fout bij het oplossen van wiskundige problemen? 12
    1. 7.1. Tekorten op het vlak van vakkennis en ervaringskennis 12
    2. 7.2. Gebrek aan metacognitieve en heuristische vraagstukken 12
    3. 7.3. Affectieve aspecten 13
  8. 08 8. Wat kan je als leerkracht doen? 13
    1. 8.1. Motiveer leerlingen 13
    2. 8.2. Activeer, remedieer of compenseer de nodige kennis 13
    3. 8.3. Demonstreer, bespreek klassikaal en laat samenwerken 13
    4. 8.4. Voorzie voldoende oefentijd en integratie 13
    5. 8.5. Kies de juiste opgave zorgvuldig 14
    6. 8.6. Oefenen op het begrijpen van de informatie en de wiskundige terminologie 14
  9. 09 9. Logisch denken ontwikkelen 15
    1. 9.1. Belangrijke aspecten van logisch denken 16
    2. 9.1.1 De operator ‘en’ 16
    3. 9.1.2 De operator ‘of’ 16
    4. 9.1.3 De operator ‘niet’ 16
    5. 9.1.4 Combinaties van ‘niet met ‘en/of’ 17
    6. 9.1.5 als-dan-relaties 17
    7. 9.1.6 Eigenschappen 17
    8. 9.1.7 Kenmerken 18
  10. 10 1. Kansrekenen 18
    1. 1.1. Kansrekenen bij jonge kinderen 18
    2. 1.2. Kansrekenen in de derde graad 19
  11. 11 2. Statistiek 20
    1. 2.1. Gemiddelde en mediaan 20
  12. 12 2.2. Tabellen en diagrammen 20
    1. 2.2.1 De enkelvoudige tabel 20
    2. 2.2.2 De kruistabel 21
    3. 2.2.3 Diagrammen opstellen 21
    4. 2.2.4 Diagrammen aflezen en interpreteren 22
  13. 13 1. Evalueren in wiskunde 23
    1. 1.1. Wat is evalueren? 23
    2. 1.2. Product- en procesevaluatie 23
    3. 1.3. Informatie waarderen 26
  14. 14 2. Differentiëren 27
    1. 2.1. Inleiding 27
    2. 2.3. De differentiatiecyclus 27
    3. 2.4. Afstemmen op sterke rekenaars 28
  15. 15 1. Inleiding 29
  16. 16 2. Rekenproblemen 30
    1. 2.2. Oorzaken 30
  17. 17 3. Rekenstoornissen of dyscalculie 30
    1. 3.1. Wat is dyscalculie? 30
    2. 3.2. Types van dyscalculie 30
    3. 3.3. Wie heeft dyscalculie? 32
    4. 3.4. Signaleren 32
    5. 3.5. Diagnosticeren 32
    6. 3.6. Doelen en ondersteunende maatregelen 32
    7. 3.7. Evalueren 34
  18. 18 1. Voorbereidend rekenen (wiskundige initiatie) 35
    1. 1.1. curriculum 35
    2. 1.2. Rekenvoorwaarden van Piaget 35
    3. 1.3. Post – Piagetiaanse inzichten 38
  19. 19 2. Aanvankelijk rekenen: getallenkennis 41
    1. 2.1 Inzicht verwerven in de hoeveelheden tot 10 41
    2. 2.2 Hoeveelheden voorstellen met telwoorden 42
    3. 2.3 Hoeveelheden voorstellen met getalbeelden 42
    4. 2.4 Hoeveelheden voorstellen met cijfersymbolen 44
    5. 2.6 Inzicht verwerven in natuurlijke getallen 44
  20. 20 3. Aanvankelijk rekenen: bewerkingen 45
    1. 3.1 Leerlijn splitsen 45
    2. 3.2 Leerlijn bewerkingen 46
    3. 3.3 Leerstofopbouw 47
    4. 3.4 Vlot leren optellen tot 10 48
    5. 3.5 Vlot leren aftrekken tot 10 49
    6. 3.6 Vlot leren optellen tot 20 zonder brug 50
    7. 3.7 Vlot leren aftrekken tot 20 zonder brug 50
    8. 3.8 Vlot leren optellen tot 20 met brug 50
    9. 3.9 Aftrekken met aftrektal tot 20 met brug 51
    10. 3.10 Optellen tot 20 met opteller van de vorm TE 51
    11. 3.11 Aftrekken tot 20 met de aftrekker van de vorm TE 51
    12. 3.12 Puntoefeningen 51

Infos sur le Document

Publié le
26 mai 2026
Nombre de pages
51
Écrit en
2025/2026
Type
Resume
€8,16

Mauvais document ? Échangez-le gratuitement Dans les 14 jours suivant votre achat et avant le téléchargement, vous pouvez choisir un autre document. Vous pouvez simplement dépenser le montant à nouveau.
Rédigé par des étudiants ayant réussi
Disponible immédiatement après paiement
Lire en ligne ou en PDF

Seller avatar
Les scores de réputation sont basés sur le nombre de documents qu'un vendeur a vendus contre paiement ainsi que sur les avis qu'il a reçu pour ces documents. Il y a trois niveaux: Bronze, Argent et Or. Plus la réputation est bonne, plus vous pouvez faire confiance sur la qualité du travail des vendeurs.
loredebrabanter
3,7
(3)
Vendu
37
Abonnés
3
Éléments
15
Dernière vente
4 mois de cela



Pourquoi les étudiants choisissent Stuvia

Créé par d'autres étudiants, vérifié par les avis

Une qualité sur laquelle compter : rédigé par des étudiants qui ont réussi et évalué par d'autres qui ont utilisé ce document.

Le document ne convient pas ? Choisis un autre document

Aucun souci ! Tu peux sélectionner directement un autre document qui correspond mieux à ce que tu cherches.

Paye comme tu veux, apprends aussitôt

Aucun abonnement, aucun engagement. Paye selon tes habitudes par carte de crédit et télécharge ton document PDF instantanément.

Student with book image

“Acheté, téléchargé et réussi. C'est aussi simple que ça.”

Alisha Student

Foire aux questions