Rédigé par des étudiants ayant réussi Disponible immédiatement après paiement Lire en ligne ou en PDF Mauvais document ? Échangez-le gratuitement 4,6 TrustPilot
logo-home
Document preview thumbnail
Aperçu 3 sur 22 pages
Resume

Samenvatting biologische modelsystemen

Document preview thumbnail
Aperçu 3 sur 22 pages

Dit is een samenvatting voor het vak biologische modelsystemen van het 3de jaar biomedische wetenschappen aan de UGent.

Aperçu du contenu

Biologische modelsystemen


Deel 1: Historiek, definite, criteria en mendaliaanse overerving

1. Historiek
Vroeger: observatie en beschrijving van dierenrijk
19de eeuw: embryologie
20ste eeuwn: splitsing embryologie en evolutionaire biologie

1.1. Experimentele embryologie
- Invloed beschadiging cellen in toekomst
- Cellen kleuren en volgen
- Manipuleren door transplantatie (bv. Groep die hoofd vormt ergens anders = 2
hoofden)
2. Definitie en keuze modelorganismen
Afh van wat je wil bestuderen, 6 meest gebruikte (besproken in cursus) => liggen niet verspreid
in dierenrijk

3. Criteria
Beschikbaarheid: zebravis en xenopus makkelijk in grote hoeveelheid te bekijken
Kostprijs: fruitvliegen in doosje goedkoper dan kooien van muizen
Toegankelijkheid: embryologisch onderzoek liefst buiten lichaam => kan niet altijd
Kleine lichaamsgrootte: soms materiaal te klein om mee te kunnen werken
Snelheid: bij een muis moet je veel langer wachten op een nieuwe generatie dan een fruitvlieg
Manipuleerbaarheid: hoe makkelik kan je het manipuleren buiten het lichaam
Genetica en genenkaarten:
Relevantie: muis staat dichter bij de mens dan de andere


Deel 2: Caenorhabditis elegans

= kennis uitbreiden naar meercellige organismen

1. Eigenschappen
- Klein, wijd verspreidt
- Makkelijk kweken op agarplaten
- Snelle generatietijd: 3 dagen
- Zelfbevruchtend hermafrodiet
- Vast en klein aantal cellen, wel alle germlayers, spijsverteringsstelsel, zenuwstelsel,
zintuigen, spieren, geslachtsstelsel, excretiestelsel

2. Ontwikkeling
Eerste delin => eerste larve => worm, 10% cellen deelt verder => groeit en vervelt 4 keer =>
volwassen
Ongunstige omstandigheden = slaapstadie tot betere omstandigheden

Brenner: maakte stamboom van alle cellen en hun uiteindelijke plaats, nadien volledig
delingspatroon opgesteld

2.1. Embryonale ontwikkeling
= invariant, elke cel deelt op hetzelfde moment in alle wormen samen
P0, P1, P2, P3 en P4 = germinale lijn

Mozaïekontwikkeling: alle cellen weten autonoom wat ze moeten doen en waar ze
naartoe moeten, bepaald door asymmetrische verdeling stoffen => hebben cellen
ernaast nodig om elkaar te helpen met communicatie

,3. Genoom
XX: hermafrodiet
XO: mannetje
5 chromosomen + 1 geslachtschromosoom

=> doen aan zelfbevruchting, dus minder generaties nodig om homozygote mutatie te
verkrijgen => voordeel

3.1. Kruising
Mannetjes belangrijk want homozygoten vaak lethaal en steriel dus:
- Mannetjes bewaren die heterozygoot zijn
- Mannelijk sperma voorrang bij terugkruising
- Nodig om mutatie te induceren in hermafrodiete individuen (slide 16)



3.2. Voordelen
- Snelle ontwikkeling
- Zelfbevruchting
- Genetische variatie en stocks dmv mannetjes
- Onuitputbare stock
- Manipulatie makkelijk
- Volledig genoom in kaart

4. Technieken
4.1. 4D-microscopie
Computermicroscoop = maakt 3D film van embryonale ontwikkeling
=> de celdeling kan autonoom gevolgd worden
=> opstelling delingspatroon

4.2. Laserablatie
= uitschakelen embryonale cellen met UV om signalen tussen cellen op te sporen
Laser = beschadiging van DNA = apoptose, maar hersteld soms
=> gat maken en cel eruit halen is beter

4.3. Micro-injectie
= inspuiten stof (bv. GFP en fluorescentie checken)
DNA-construct in ovaria (alle cellen zijn hier verbonden) inspuiten = nakomelingen
dragen mutant/vreemd gen

4.4. Transformatie met merkergen
= kijken welke nakomeling het ‘foute’ gen van de ouder heeft, door een merkergen naast
het foute gen te implementeren

4.5. GFP-transformatie
= micro-injectie op eiwitniveau, sequentie GFP naast gen plakken => mee afgeschreven
=> zichtbaar onder fluorescentiemicroscoop

4.6. RNA-interferentie
= maken van een knock-down individu geen knock-out
Dicer knipt RNA in stukjes, RISC bindt op het RNA
Deel degradeert ander deel met RISC bindt op overeenkomstig RNA RISC zorgt dat het
niet volledig afgeschreven wordt => geen volledig eiwit (+ slide 26)

, 5. Genetische screens
Forward: fenotype gekend => je zoekt genotype; vaak mutatie in gen aanbrengen en resultaat
bekijken
Reverse: genotype gekend => je zoekt fenotype

5.1. Chromosomale mutaties
Deletie: stuk weg
Duplicatie: stuk verdubbeld
Inversie: omgedraaid
Insertie: extra stuk ingebracht
Translocatie: verwisselt van plaats

5.2. DNA-mutaties
Substitutie: vervangen door ander
Deletie: verwijdert
Insertie: extra ingevoegd
Inversie: omgedraaid

Gevolgen:
Silent: geen invloed
Nonsense: vervroegd stopcodon
Missense: geconserveerd = ander aminozuur maar met dezelfde fysische eigenschappen
of niet geconserveerd = ander aminozuur met andere fysische eigenschappen

Hierbij kan je loss of function of gain of function hebben afh van de mutatie

Simple screens: genen met mutatie veroorzaken zelfde fenotype
Modifier screens: genen met mutatie die geen fenotype uitlokken, maar een regelende
rol spelen in het gennetwerk

5.3. Genetische interactie
2 loss of function allelen (slide 34)
- Negatieve interactie: beide allelen LOF = geen groei
- Positieve interactie: beide allelen LOF = groei

Tussen loss of function en overexpressie gen (slide 35)

- Synthetische dosis dood: geen groei
- Dosis suppresie: cel groei

5.4. Toediening mutagen
Bij L4 stadium: maximumaantal germline nuclei
Vroeger: kans op dubbel werk want mutaties kunnen herhaald worden
Later: minder efficiënt, eitjes impermeabel

5.5. Hoeveelheid individuen onderzocht
Gain of function = 100-200 petriplaten want 1/37500 gen kopies
Loss of function = 10-20 petriplaten want 1/2000 gen kopies

6. Soorten screens
6.1. Visual phenotype screening
= kijken naar een visueel verschil tussen individuen bv. Lengte of manier van bewegen

6.2. Selection screening
Omgeving creëren waar enkel de mutanten kunnen overleven (bv. Toxische omgeving)
=> je werkt alleen met de mutanten verder
6.3. Fluorescence based screens

Infos sur le Document

Publié le
7 avril 2026
Nombre de pages
22
Écrit en
2025/2026
Type
Resume
€6,46

Mauvais document ? Échangez-le gratuitement Dans les 14 jours suivant votre achat et avant le téléchargement, vous pouvez choisir un autre document. Vous pouvez simplement dépenser le montant à nouveau.
Rédigé par des étudiants ayant réussi
Disponible immédiatement après paiement
Lire en ligne ou en PDF

Seller avatar
Les scores de réputation sont basés sur le nombre de documents qu'un vendeur a vendus contre paiement ainsi que sur les avis qu'il a reçu pour ces documents. Il y a trois niveaux: Bronze, Argent et Or. Plus la réputation est bonne, plus vous pouvez faire confiance sur la qualité du travail des vendeurs.
amber50
5,0
(1)
Vendu
12
Abonnés
5
Éléments
25
Dernière vente
4 mois de cela



Pourquoi les étudiants choisissent Stuvia

Créé par d'autres étudiants, vérifié par les avis

Une qualité sur laquelle compter : rédigé par des étudiants qui ont réussi et évalué par d'autres qui ont utilisé ce document.

Le document ne convient pas ? Choisis un autre document

Aucun souci ! Tu peux sélectionner directement un autre document qui correspond mieux à ce que tu cherches.

Paye comme tu veux, apprends aussitôt

Aucun abonnement, aucun engagement. Paye selon tes habitudes par carte de crédit et télécharge ton document PDF instantanément.

Student with book image

“Acheté, téléchargé et réussi. C'est aussi simple que ça.”

Alisha Student

Foire aux questions