H1 POLITIEK EN POLITICOLOGIE
1. Wat is politicologie
1.1 Een fundamentele vraag
Integratiewetenschap
o Inzichten en methodes uit zusterdiscplines w gebruikt (integreren &
toepassen) als ondersteuning vr de studie v politieke verschijnselen en
processen
Vb sociologie, bestuurskunde, ges, recht, eco, comwet,…
o Bestaat er een specifieke politieke wetenschap/aparte discipline?
Field of enquiry
o = eerder een onderzoeksveld ipv afzonderlijke discipline tgv
Openheid (= geen algemeen aanvaarde wetenschappelijke
theorie, geen algemeen aanvaard centraal begrippenkader, …)
Eclecticisme (= combo v versch disciplines) v politiek)
o Geen unique selling proposition (onderscheidende kern) = kwetsbaar
voor kritiek
Fundamentele existentiële vraag
o Complexe vraag à geen eensgezindheid
‘betrekking op het sturen v een samenleving of op het geheel
van afspraken die nodig zijn om het geordend leven in een grote
groep mogelijk te maken
Antwoorden zoeken veroorzaakt discussies
o Politieke discussie = debat over overheidsoptreden (wanneer?):
1/ Is iets een pol probleem of niet? Moet/mag pol zich ermee
bezighouden?
Evolutie doorheen de jaren (vandaag zijn allerlei problemen
politiek die dat vroeger niet waren) à dr nieuwe
maatschappij/uitdagingen
, 2/ Minimal state >< nannystate
Minimal = staat zorgt voor orde & tucht, bescherming v grenzen
& burger vr zichzelf
Nannystate = “interventionistische welvaartsstaat” begeleidt
mens v wieg tot graf
o Wetenschappelijke/politicologische discussie = geen algemeen
aanvaarde def v pol
= sterk uiteenlopende omschrijvingen vh object v
wetenschappelijke bezigheid
Onderling verschil v mening tssn politicologen over mnr waarop
pol werkelijkheid het best gekend & gehanteerd kan w
Reikwijdte vd politiek: domein/arena vs aspect/proces
Domein- en Aspect/procesbenadering
arenabenadering (hoe?)
(waar?)
Basisidee Politiek is een Politiek is een
afgebakende proces of aspect
sfeer in de dat overal kan
samenleving voorkomen
Waar ligt Op specifieke Op de manier
de focus? instellingen, waarop macht,
actoren en besluitvorming en
arena’s waar conflicten
politiek plaatsvinden,
plaatsvindt ongeacht locatie
Wat Het feit dat het Het feit dat
maakt iets zich afspeelt gedrag politieke
politiek? binnen politieke kenmerken
instituties vertoont (macht,v
erdeling, conflict,
samenwerking)
Voorbeeld Parlement, Bedrijfsbeslissinge
en regering, n, buurtcomités,
politieke sportverenigingen
partijen, , internationale
administratie, onderhandelingen
staatsorganen ,..
Nadeel Te beperkt à Te breed à risico
negeert politieke dat “alles politiek”
processen buiten wordt
formele
instellingen
Beeld van Pol = Pol = een sociaal
, politiek institutiegebond fenomeen in
en activiteit allerlei contexten
Typisch “politiek gaat “politiek speelt
voorbeeld over wat de ook als mensen
zin regering en het samen besluiten
parlement doen” nemen”
Belangrijk “Afgebakende “Sociale relaties”
concept sfeer” à macht, verdeling,
à instituties en conflict samenwerking
machtscentra
Wezenlijk betwiste begrippen
o = een concept waarover eindeloos debat bestaat
o Alle centrale begrippen (macht, belang, vrijheid, elite, klassenstrijd,
ideologie, etc.) zijn in de politiek wezenlijk betwist
= geschil/onenigheid hierover à mensen zullen het altijd oneens
blijven over de precieze inhoud, omdat het
begrip waardegeladen, complex en politiek geladen is
o Pol = containerbegrip
Pol is een wezenlijk betwist begrip omdat alle bouwstenen die
gebruikt w om de inhoud ervan te bepalen, op zichzelf
ook gecontesteerd zijn
Grote nood aan duidelijkheid:
o = vastleggen v kern & sleutelbegrippen verduidelijken
Doel = gemeenschappelijke gespreksbasis vormen
Zo niet = overdreven relativisme zal ertoe leiden dat alle
begrippen betwist w & gesprek onmogelijk w
o = met respect voor diversiteit en relativiteit
à maar we maken een keuze/houvast voor een tocht door de
complexiteit
1.2 Essentiële onderdelen van politiek
1. Bestuur van een samenleving:
o Onderscheid tssn:
Polity à een groep mensen die samen wonen en die instellingen
hebben opgericht om samen te leven , een staatsvorm of
bestuursvorm bv staten, regeringsvormen, federalisme
, Politics à machtsuitoefening, besluitsvorming,
vertegenwoordiging, belangenverdediging
Policy à beleid (vb buitenlands of arbeidsmarktbeleid
o Oorsprong = het Oudgriekse politeia (politika) à verwijst naar alles
wat betrekking heeft op polis/stadstaat vd oude Grieken, op de
burgerlijke samenleving, op het leven als burger in de samenleving en
op het bestuur vd gemeenschap
= leven v burger in gemeenschap
politikos (=burger/polis betreffend) vs idiotikos (=
individueel, privé)
= geen onderscheid tssn publiek & politiek (=)
2. Van een bevolking op een territorium:
o Territorium in vorm v staten, de EU of internationale organisaties van
staten
Territoriaal gebonden samenleving à iedereen (burgers) moet alle
regels op dat territorium volgen
= regels gelden voor ied & zijn omvangrijker & regelen bijna alle
levensdomeinen
Niet-territoriale verenigingen à vb kerk, studentenclubleden
= regels beperkt & lidmaatschap vrijblijvender
o Territorialisering van politiek = pol is gekoppeld aan bepaald
grondgebied (territorium) à vb staat
= kent historische evolutie: vroeger eerder vager, verspreid >< nu
in moderne staat: staat/land = belangrijkste pol territorium tgv:
Globalisering (handel, internet, migratie)
Decentralisering (pol op gemeeentelijk/regionaal niv)
Federalisering (bevoegdheden verdeeld tssn versch nivs:
nationaal, regionaal,lokaal
Europese integratie (beslissingen op Europees niv)
Internationale samenwerking
Niet-statelijke actoren (Apple, Google, Elon Musk) à hebben
ook grote pol invloed
3. Het nemen van collectief bindende beslissingen
o Def David Easton: politiek is dat systeem van onderlinge
samenhang in elke samenleving waardoor bindende of
gezaghebbende toewijzingen/allocaties worden gedaan en
geïmplementeerd