• Mauvais document ? Échangez-le gratuitement
  • Rédigé par des étudiants ayant réussi
  • Disponible immédiatement après paiement
  • Lire en ligne ou en PDF
Vendre
Où étudie-tu ?
La langue
Document preview thumbnail
Aperçu 4 sur 94 pages
Resume

Samenvatting JAL 2024, tweede semester. 13/20 behaald in eerste zit.

Document preview thumbnail
Aperçu 4 sur 94 pages

Aantekeningen van de les en het boek zijn volledig verwerkt in deze samenvatting.

Aperçu du contenu

Juridische argumentatieleer




Juridische
argumentatieleer




1

,Juridische argumentatieleer




Deel 1: redeneren
Titel 1: Cognitieve achtergrond

H1. De mens als dier met sterke cognitieve capaciteiten

Cognitieve capaciteiten < evolutionaire wortels:

• Theorie van het drievuldig brein of triune brain: stellen een
evolutionair stadium voor
 Oudste laag/basaal brein: reptielachtig brein (= rigide, obsessief, compulsief, paranoïde gedrag)
 Tweede laag/ oude zoogdierenbrein: oude zoogdierenbrein (=emoties, drijfveren en motivatie,
kennisverwerving, geheugen...) ‘Aangenaam of onaangenaam’
 Nieuwste laag/neocortex: recente zoogdierenbrein (=bijzondere cognitieve functies zoals
abstract redeneervermogen)

MAAR! = niet wetenschappelijk nauwkeurig, voordeel is dat het een kader geeft voor de menselijke
onredelijkheid. (Vogels beschikken over cognitieve vaardigheden: werktuigen maken+ structuren van
limbisch systeem zijn ook bij velen aanwezig)

- Mensen en dieren verschillen niet alleen weinig qua cognitieve capaciteiten, op sommige
punten zijn dieren veel ‘verstandiger’

- Humans (echte mensen) vs. Econs (zuiver rationale actoren):
o Onderscheid homo sapiens – homo economicus
o Echte mensen- zuiver rationele actoren
o Concrete situatie waarin mensen zich bevinden als ze iets moeten beslissen zorgt er met
evolutionaire geschiedenis voor dat we vaak niet vrij of onbeïnvloed keuzes kunnen
maken – econs zouden wel bestaan: chimpansees

- Idee van mens als rationele actor is zeer invloedrijk (geweest) in het recht, bv. Contractenrecht

Het gevolg van evolutionaire wortels van het menselijk redeneren en dus dat we niet in het ijle
beslissingen nemen: kan op onze emoties en basale behoeften worden ingespeeld: manipuleerbaarheid
(nudging) maar het kan ook ten goede komen

H2. Systeem 1 en systeem 2- denken

Systeem 1 Systeem 2
Snel, intuïtief: automatische piloot en stuurt Traag, rationeel: bewust activeren
meest van onze handelingen

2

,Juridische argumentatieleer

GEEN ‘EMOTIE’ GEEN ‘REDE’
= in reptielenbrein


Inslijting,
Cognitieve ervaring zijn al millenia ongewijzigd maar behoefte om complexe redeneertaken uit te
vaardigheden
voeren
Ookisnadelen:
groter geworden.
hoe meer vanzelfsprekend, hoe moeilijker om te begrijpen dat dit voor
anderen veel meer
- Systeem tijd enom
1: neiging moeite kost (curse
willekeurige info of
te knowledge): zoeen
verwerven tot ookcoherent
moeilijk overdragen
verhaal (bv.
Complottheorieen, hallucinaties: strookt dus vaak niet met de werkelijkheid)
- Systeem 2: kritisch nadenken activeren (JAL)



H3. Het brein als verbandendleggende machine

Systeem 1: spontaan verbanden tussen allerlei soorten informatie (concepten, gebeurtenissen,
stellingen)

We onthouden hierbij ook veel makkelijker de structuur ipv de woorden die er tijdens het gesprek
werden uitgesproken. Brein= verbandenleggende of narratieve machine; vaak geen logica of toeval: focus
ligt op samenhang en

• Voordeel is een coherent kader dat hieruit voortkomt

• Nadeel:  complottheorieen (trump, 5G...) “Wanneer een gebeurtenis die als bedreigend wordt
ervaren, wordt toegeschreven aan een samenzwering tussen individuen die hun (geheime) doel
via niet-legitieme weg trachten te bereiken”

• Op korte termijn weten wat we met informatie moeten doen die we aan een
veelheid binnen krijgen: zo betrouwbaar inschatten wat ons te wachten staat:
complottheorie = alles in 1 omvattend verhaal gieten

3.1 centrale verbanden

1) Voorwaardelijke verbanden= Bepaalde zin of uitspraak vormt voorwaarde voor andere
propositie (als-dan) (
Als het 15 u is, dan begint de les

2) Via-verbanden of metonymieën= Associëren talloze dingen met elkaar: een ding of entiteit
(vehikelentiteit) wordt gebruikt om mentale toegang te krijgen tot een ander ding of entiteit
(doelentiteit) dat er in ervaring nauw mee verbonden is

+ moeten voldoende dicht bij elkaar liggen in conceptuele ruimte : moeten elkaar raken in onze
gedachten (contigu zijn)
Brussel heeft weer een populaire maatregel genomen, ik lees graag Shakespeare

- deel-geheel (van groep naar 1 of omgekeerd) en oorzaak-gevolg metonymie

3

, Juridische argumentatieleer

- Ongericht en associatief: sterke verbanden
- Neiging om verbanden te leggen tussen dingen die niet
gerelateerd zijn, staan eigenlijk los van elkaar: apofenie,
(drogreden van de gokker)
- Via verbanden zijn op zich niet problematisch maar mogelijk
gevaarlijk

3) Causale verbanden= neiging om samenhangende
gebeurtenissen in een relatie van oorzaak en gevolg tot elkaar te
plaatsen.

Correlatie= aangeven in welke mate variabelen verband met elkaar
houden (= GEEN CAUSALITEIT)

• Positief: als ene variabele stijgt, andere ook
• Negatief: ene daalt, andere ook

Feit dat variabelen verband houden met elkaar wilt nog niets zeggen over de verklaring van dat verband
maar systeem 1: geen rekening hiermee.

Vergissingen: Kritische vragen :

Eenduidige causale verbanden zijn zeldzaam; er zijn een Hoe weet ik zeker dat er een causaal verband is (en niet enkel
zestal vergissingen correlatie)? Kans dat er toch causaal verband, is groter als positief
antwoord op deze vragen:


(1) Zwakke correlatie tussen feit 1 en feit 2 (i) Positieve correlatie tussen feit 1 en feit 2?

(2) Onbepaalde richting van causaal verband ‘paraplu’ • Bv. ‘ik druk op knop X’ en ‘de televisie gaat aan’
en ‘regenen’= de ene gebeurtenis kan evengoed (ii) Vaak voorkomende correlatie tussen feit 1 en feit 2?
zowel voor als na de andere plaatsvinden: geen
causale relatie • Bv. de televisie is al vaak aangegaan als ik op knop X heb
gedrukt
(3) Alternatieve verklaringen zoals gemeenschappelijke
oorzaak, bv. ‘keizersnede’ en ‘autisme’ (iii) Redenen dat feit 1 oorzaak is van feit 2 en niet omgekeerd?

(4) Overhaaste extrapolatie ‘neerslag is goed voor de • Bv. niet plausibel dat het aangaan van de televisie tot gevolg
oogst’ (maar niet altijd!): heeft dat jij op knop X drukt
Kan niet afleiden dat meer neerslag steeds gaat
(iv) Kan je uitsluiten dat tussen feiten 1 en 2 nog een derde feit zit?
zorgen voor een betere oogst.: te weinig gegevens=
dit doortrekken tot in het oneindige terwijl op • In dit geval ja. Anders bv. bij ‘Armoede’ (1) en ‘Ziekten’ (2): 1
gegeven moment teveel neerslag= slechte oogst → verminderde hygiëne → 2

(5) Vage beschrijving van de oorzaak (v) Kan je een derde factor uitsluiten die zowel feit 1 als feit 2
veroorzaakt?
(6) Geen oog voor relevante kwantitatieve gegevens

4

Livre connecté
 image
Frederik Peeraer Juridisch argumenteren
Éditeur: Inconnu ISBN: 9789463715447 Édition: 2

Infos sur le Document

Livre entier ?
Oui
Publié le
11 février 2026
Fichier mis à jour le
18 février 2026
Nombre de pages
94
Écrit en
2024/2025
Type
Resume
€8,96

Mauvais document ? Échangez-le gratuitement Dans les 14 jours suivant votre achat et avant le téléchargement, vous pouvez choisir un autre document. Vous pouvez simplement dépenser le montant à nouveau.
Rédigé par des étudiants ayant réussi
Disponible immédiatement après paiement
Lire en ligne ou en PDF

Seller avatar
Les scores de réputation sont basés sur le nombre de documents qu'un vendeur a vendus contre paiement ainsi que sur les avis qu'il a reçu pour ces documents. Il y a trois niveaux: Bronze, Argent et Or. Plus la réputation est bonne, plus vous pouvez faire confiance sur la qualité du travail des vendeurs.
ellahvm
4,5
(2)
Vendu
14
Abonnés
0
Éléments
14
Dernière vente
2 mois de cela

Avis d'acheteurs vérifiés

8 mois de cela

Perfect summary to use in class. It is very complete and accurate with a good structure and matches well with the powerpoints. Examples that Professor van Assche provides during the lessons are also included in this summary, making it a great alternative to purchasing the overpriced syllabus.




Pourquoi les étudiants choisissent Stuvia

Créé par d'autres étudiants, vérifié par les avis

Une qualité sur laquelle compter : rédigé par des étudiants qui ont réussi et évalué par d'autres qui ont utilisé ce document.

Le document ne convient pas ? Choisis un autre document

Aucun souci ! Tu peux sélectionner directement un autre document qui correspond mieux à ce que tu cherches.

Paye comme tu veux, apprends aussitôt

Aucun abonnement, aucun engagement. Paye selon tes habitudes par carte de crédit et télécharge ton document PDF instantanément.

Student with book image

“Acheté, téléchargé et réussi. C'est aussi simple que ça.”

Alisha Student

Foire aux questions