Rédigé par des étudiants ayant réussi Disponible immédiatement après paiement Lire en ligne ou en PDF Mauvais document ? Échangez-le gratuitement 4,6 TrustPilot
logo-home
Document preview thumbnail
Aperçu 6 sur 107 pages
Resume

Samenvatting - Biomoleculen (Biochemie 2)

Document preview thumbnail
Aperçu 6 sur 107 pages

Deze samenvatting van biomoleculen omvat alle geziene hoofdstukken: koolhydraten, lipiden, nucleïnezuren, vitaminen, metabolisme van lipiden, metabolisme van koolhydraten, metabolisme van aminozuren, citroenzuurcyclus en de elektronentransportketen. De samenvatting is opgesteld op basis van de PowerPoint 's die tijdens de lessen werden gebruikt. Kleine opmerking: - Bij het onderdeel vitaminen ontbreekt vitamine B5; dit betrof slechts één dia uit de volledige PowerPoint. - Bij de citroenzuurcyclus zijn enkel de stappen van de cyclus samengevat. De bijkomende uitleg over de vrijstelling van metabole energie heb ik tijdens het studeren bekeken in de PowerPoint. De elektronentransportketen is wel volledig samengevat. Met deze samenvatting kon ik mijn examen goed invullen!

Aperçu du contenu

Biomoleculen
1. Koolhydraten
Synoniemen voor koolhydraten: sachariden, glyciden
Synoniemen voor suikers: gluciden, zoetsmakende glyciden
 Alle suikers zijn koolhydraten, maar niet alle koolhydraten zijn suikers

Algemene formule: C n ¿ ¿

Glucose is de meest voorkomende suiker in de natuur

Namen van suikers eindigen op -OSE


1.1. Monosachariden
Kleinste eenheid die nog de eigenschappen van suiker vertoont

Voorbeelden: glucose (aldohexose), fructose (ketohexose)


1.1.1. Indeling en nomenclatuur
Monosachariden zijn enkelvoudige suikers  ze zijn niet te splitsen door
hydrolyse

Het zijn polyhydroxyaldehyden of polyhydroxyketonen
 ze hebben meerdere alcoholgroepen (-OH)
 ze hebben één aldehydegroep of één ketongroep

 Polyfunctionele verbindingen:
o Verbindingen met meerdere functionele groepen
o Functionele groep = dat gedeelte in de molecule dat O
verantwoordelijk is voor de reactie
H OH
HO H
De eenvoudigste monosacharide = glyceraldehyde (3 C-atomen) H OH
H OH
Karakteristieken van een monosacharide, molecule heeft minstens:
OH
 Eén asymmetrisch C-atoom
D-Glucose
 Twee hydroxygroepen O
 Eén carbonylgroep H OH OH
HO H O
H OH HO H
Een aldose is een suiker die een aldehyde-functie bevat
H OH H OH
Een ketose is een suiker die een keton-functie bevat H OH
OH
D-Glucose OH
Figuur 1:
aldose OH
D-Fructose
O 1
Figuur 2: ketose

HO H
H OH
H OH

,Aantal C-atomen Aldose Ketose
4 Aldotetrose Ketotetrose
5 Aldopentose Ketopentose
6 Aldohexose Ketohexose
7 Aldoheptose Ketoheptose
8 Aldoctose Ketooctose


1.1.2. Stereochemie
Fischerprojectie wordt vooral gebruikt bij monosachariden

Regels:

 Hoofdketen van koolstofatomen  verticaal
 Hoofdfunctie  bovenaan
 De verticale C – C bindingen wijzen naar achter
 De horizontale bindingen wijzen naar voren

Bepalen van D- of L-suiker: kijk naar de OH-groep op het hoogste
genummerde asymmetrisch C-atoom
 OH-groep recht = D – suiker (de meeste natuurlijke suikers (ossen))
 OH-groep links = L – suiker (de meeste synthetische ossen)

D- of L-configuratie zegt niet iets over draaiing van licht, maar over de
absolute configuratie.

Enantiomeren (moleculen die elkaars spiegelbeeld zijn) van
glyceraldehyde:

Glyceraldehyde heeft 1 asymmetrisch
C-atoom

 hierdoor bestaan er 2 vormen met
verschillende configuratie
(spiegelbeeld):
D – en L – glyceraldehyde




Structuurisomeren: dezelfde formule, andere plaatsing van atomen of
groepen



1.1.3. Voorbeelden
Zie PowerPoint Les 1  dia 13 – 25




2

,Stereo-isomeren: een molecule met n chirale centra kan 2n sterio-isomeren
hebben
 Epimeren: als ze stereo-isomeren van elkaar zijn en in precies één
asymmetrisch koolstofatoom de configuratie omgekeerd is.
 Enantiomeren: spiegelbeeld
 Diastereoisomeren: alle stereo-isomeren die verschillen in configuratie
op 1 of meerdere chirale centra


Aldopentosen:

In totaal zijn er 8 aldopentosen  suikers met 5 C-atomen en een
aldehydegroep

 4 behoren tot de D-serie
 4 tot de L-serie


Namen:
ribose, arabinose, xylose, lyxose


Ketopentosen:

Zijn suikers met 5 C-atomen die een ketongroep bevatten, meestal op C-2
in de keten

Belangrijkste keto – hexose: D-Fructose




1.1.4. Belangrijkste monosachariden
 Glucose
 Galactose
 Fructose




3

,1.1.4.1. Glucose
Glucose = druivensuiker = dextrose

Het is een aldohexose  heeft 6 C-atomen en een aldehydegroep
Glucose is een reducerende suiker, omdat de aldehydegroep gemakkelijk
e- kan afstaan

Het chirale centrum met de hoogste nummering (5de C-atoom) bepaalt of
het een D- of L-vorm is  D-vorm is meest voorkomend in de natuur


Bij glucose komt de D-vorm overeen met de
(+)-vorm
 (+) geeft aan dat de molecule gepolariseerd
licht rechtsom laat draaien
 (-) geeft aan dat de molecule gepolariseerd
licht linksom laat draaien




1.1.4.2. Galactose

1.1.4.3. Fructose
Fructose = vruchtensuiker = levulose

Fructose heeft dezelfde brutoformule als glucose, maar het is een
ketohexose
 de ketongroep bevindt zich meestal op C-2

Ook van fructose bestaan er verschillende vormen:

 D- en L-fructose
 Ringvormen: α- en β-fructopyranose (zesring) en fructofuranose
(vijfring)
 In oplossing komen hoofdzakelijk de zesringstructuur voor,
gevormd door ringsluiting tussen C-2 en C-6




4

,1.1.5. Cyclische structuur van monosachariden




Monosachariden met een
aldehyde- of ketongroep en
een hydroxylgroep elders in het molecuul kunnen intramoleculair een
hemiacetaal (bij aldehyden) of hemiketaal (bij ketonen) vormen
 hierdoor ontstaat een cyclische structuur

 Zesringen = pyranose (afgeleid van de structuur van pyraan)
 Vrijfring = furanose (afgeleid van de structuur van furaan (C4H4O))




Het evenwicht licht naar rechts  vijfring is stabieler




Anomere koolstof:

Na ringsluiting  hemiacetaal of hemiketaal  hierdoor ontstaat een
nieuwe AKA op C1 = anomere koolstof

Deze koolstof kan 2 verschillende configuraties aannemen: α- en β-vorm


Een anomeer = een stereo-isomeer van een koolhydraat in de ringvorm,
waarbij het enige verschil de configuratie van de hemiacetaal of
hemiketaal is

Bij D-suikers geldt:


5

,  α-anomeer: OH-groep op de anomere koolstof naar beneden gericht
 β-anomeer: OH-groep naar boven gericht



1.1.6. Mutarotatie
= een verschijnsel waarbij er een evenwicht ontstaat tussen de α- en β-
anomeren van een suiker

 dit evenwicht wordt beïnvloed door het zogenaamde anomeer effect
Door sterke dipool – dipoolinteracties tussen het O-atoom en de
equatoriaal geplaatste OH-groep komt de α-vorm vaker voor dan
theoretisch verwacht



1.1.7. Acetaalvorming / glycosiden
Glycosiden ontstaan door acetaalvorming
 een suiker bindt aan een alcohol (aglycon): R – OH

Afhankelijk van de ringvorm wordt een furanoside of pyranoside gevormd

De suiker kan deel uitmaken van een di-, tri- of polysacharide




= een condensatiereactie
 de OH-groep verdwijnt, hierdoor is ringopening van de suiker niet meer
mogelijk en kan er geen mutarotatie meer optreden


1.1.8. Desoxysachariden
Suikers waarbij één OH-groep vervangen is door een H-atoom


1.1.9. Aminosachariden
Suikers waarbij één OH-groep vervangen is door een aminogroep (NH2)



1.2. Oligosachariden
Zijn opgebouwd uit een beperkt aantal monosachariden
Disachariden = twee monosachariden aan elkaar gekoppeld

6

Infos sur le Document

Publié le
21 janvier 2026
Fichier mis à jour le
21 janvier 2026
Nombre de pages
107
Écrit en
2025/2026
Type
Resume
€15,98

Mauvais document ? Échangez-le gratuitement Dans les 14 jours suivant votre achat et avant le téléchargement, vous pouvez choisir un autre document. Vous pouvez simplement dépenser le montant à nouveau.
Rédigé par des étudiants ayant réussi
Disponible immédiatement après paiement
Lire en ligne ou en PDF

Vendu
1
Abonnés
0
Éléments
3
Dernière vente
11 mois de cela



Pourquoi les étudiants choisissent Stuvia

Créé par d'autres étudiants, vérifié par les avis

Une qualité sur laquelle compter : rédigé par des étudiants qui ont réussi et évalué par d'autres qui ont utilisé ce document.

Le document ne convient pas ? Choisis un autre document

Aucun souci ! Tu peux sélectionner directement un autre document qui correspond mieux à ce que tu cherches.

Paye comme tu veux, apprends aussitôt

Aucun abonnement, aucun engagement. Paye selon tes habitudes par carte de crédit et télécharge ton document PDF instantanément.

Student with book image

“Acheté, téléchargé et réussi. C'est aussi simple que ça.”

Alisha Student

Foire aux questions