• Mauvais document ? Échangez-le gratuitement
  • Rédigé par des étudiants ayant réussi
  • Disponible immédiatement après paiement
  • Lire en ligne ou en PDF
Vendre
Où étudie-tu ?
La langue
Document preview thumbnail
Aperçu 4 sur 34 pages
Examen

Proeftoetsen voorbeeldvragen + antwoord

Document preview thumbnail
Aperçu 4 sur 34 pages

De proeftoetsvragen en de antwoorden voor alle hoofdstukken

Aperçu du contenu

Proeftoets 10


VRAAG 1
1. Tot de kritieken op het idee van de 'nulgroei' in het eerste rapport van de Club van
Rome behoorden:
1. Ook zonder economische groei blijven we de eindige natuurlijke middelen verder
opsouperen.
2. Nulgroei leidt tot meer werkloosheid.
3. Nulgroei is aanvaardbaar voor het arme Zuiden maar niet voor het rijke Noorden.
4. Nulgroei is niet aanvaardbaar voor derdewereldlanden die economische groei nodig
hebben om uit de armoede te geraken.

2 punten
VRAAG 2
1. Klimaatverdrage van Rio de Janeiro - 1992: wat is correct?

1. 'To care', zegt het Zuiden, waarmee men de zorg voorhet milieu bedoelt
2. 'To share', zegt het Noorden, waarmee men het rechtmatig gebruik van de natuurlijke
rijkdommen bedoelt.
3. 'To care', zegt het Noorden, waarmee men het rechtmatig gebruik van de natuurlijke
rijkdommen bedoelt.
4. 'To share, zegt het Zuiden, waarmee men het rechtmatig gebruik van de natuurlijke
rijkdommen bedoelt.

2 punten
VRAAG 3
1. Het begrip milieugebruiksruimte (MGR): wat is correct?

1. De MGR kan vergeleken worden met geldkapitaal en interest: als je wil dat het
kapitaal niet kleiner wordt, mag je enkel de interest opsouperen.
2. Hoe groter de wereldbevolking, hoe kleiner de MGR per persoon.
3. Door de reeds gebeurde roofbouw op het milieu is de totale MGR al kleiner
geworden.
4. De MGR zou niet verkleinen indien we enkel in dezelfde mate zouden vervuilen als de
natuur in staat is te recupereren

2 punten
VRAAG 4
1. Rekenoefening: in handboek staat dat er voor een wereldbevolking van 6 miljard
mensen 1,8 hectare land per persoon beschikbaar was. Als we er van uitgaan dat de
ecologisch productieve ruimte niet is toegenomen, hoeveel bedraagt dan het huidige
'eerlijkeaardeaandeel' als je weet dat de wereldbevolking momenteel ongeveer
7 miljard mensen bedraagt?
1. méér dan 1,8 hectare
2. minder dan 1,8 hectare
3. tussen 1,5 en 1,6 hectare
4. 2,1 hectare

, Proeftoets 10


2 punten
VRAAG 5
1. Sorteer onderstaande landen volgens de gemiddelde ecologische voetafdruk per
persoon, van groot naar klein.



India




België




de VS




Nederland (niet in handboek)




2 punten
VRAAG 6
1. Het IPCC:
1. is de afkorting van: Intergovernmental Panel on Climate Change
(en niet Climatic, zoals verkeerdelijk in het handboek staat)
2. is een organisatie van de Verenigde Naties
3. heeft - samen met Al Gore - de Nobelprijs voor de Vrede gekregen in 2007
4. bestaat grotendeels uit wetenschappers

2 punten

, Proeftoets 10


VRAAG 7
1. Welke (deel)verklaringen voor het ontstaan van milieuproblemen zijn correct?
1. Veel milieugoederen, zoals bijvoorbeeld 'schone lucht in de stad', zijn collectieve
goederen, gekenmerkt door niet-uitsluitbaarheid en non-rivaliteit in de consumptie,
waardoor vrijbuitersgedrag ontstaat: 'als iedereen met de auto rijdt in de stad,
behalve ik, draag ik niets noemenswaardigs bij aan een schonere stadslucht; als
iedereen minder met de auto zou rijden, wordt de stadslucht schoner, zelfs als ik even
veel blijf rijden'. De meeste mensen gaan dus niet uit zichzelf minder rijden,
of ruimer, zich milieuvriendelijker gedragen. Dus moet de overheid ingrijpen.
2. Milieuproblemen zijn een exclusieve eigenschap
van vrijemarkteconomieën. Communistisch geïnspireerde planeconomieën kenden
het probleem van milieuverontreiniging niet. Omdat in de praktijk de meeste
economieën gebaseerd zijn op de vrijemarktwerking, gaat het nu zo slecht met ons
milieu.
3. Milieuproblemen zijn onder andere een gevolg van een verschil
in tijdshorizon tussen het moment waarop de vervuiling plaatsvindt, en het moment
waarop de gevolgen van de vervuiling zichtbaar en voelbaar worden.
4. De milieuverontreining door bedrijven behoorde vroeger tot de 'externe kosten': ze
werden niet meegerekend in de boekhouding en dus ook niet in de
winstberekening. Daardoor hadden de meeste bedrijven ook niet de neiging er iets
aan te doen.

2 punten
VRAAG 8
1. Combineer de instrumenten van milieubeleid met de beschreven voorbeelden.

Normeren A. Een overheidsinstelling lanceert een
Verbieden website waarop je je persoonlijke
ecologische voetafdruk kunt
Sensibiliseren berekenen, en waarop tips staan om
die te verkleinen.
Belasten (in
B. Het gebruik van asbest in
de betekenis
isolatiemateriaal is niet toegestaan.
van:
belastingen C. Vlaams minister van Leefmilieu Joke
heffen) Schauvliege wil de norm voor de
sterkte van gsm-masten in
Vlaanderen verlagen van 20 naar 3
Volt per meter.
D. Staatssecretaris voor Milieufiscaliteit
Bernard Clerfayt wil de accijnzen op
diesel met 20 cent verhogen.

2 punten

, Proeftoets 10


VRAAG 9
1. Stel: een bedrijf stoot elk jaar anderhalf miljoen ton CO2 uit en beschikt over 1,4
miljoen ton uitstootrechten.

Het bedrijf heeft de keuze uit 2 opties:

A. Ofwel koopt het bedrijf extra uitstootrechten aan via het EU Emissions Trading
System (EU ETS) aan 16 euro per ton.

B. Ofwel doet het bedrijf een investering van 2 miljoen euro en stoot daardoor 150 000
ton minder CO2 uit; het overschot aan uitstootrechten wordt verkocht via het EU
Emissions Trading System (EU ETS) aan 16 euro per ton.

Welke uitspraken zijn correct?

1. Als het bedrijf kiest voor optie A, zou het voor 1 600 000 euro uitstootrechten moeten
kopen.
2. Als het bedrijf kiest voor optie B, zou het voor 2 400 000 euro uitstootrechten kunnen
verkopen.
3. Optie B zou het bedrijf per saldo (= investeringskosten - verkoopopbrengsten van de
uitstootrechten) 1 200 000 euro kosten.
4. Optie B is financieel de interessantste optie.

2 punten
V R A A G 10
1. De EU 2020-strategie is de nieuwe langetermijnstrategie van de Europese Unie voor een
sterke en duurzame economie met veel werkgelegenheid. Het getal 20 komt er
meerdere malen in voor, namelijk:
1. de uitstoot van broeikasgassen moet met 20 procent worden verminderd ten
opzichte van 1990

(opmerking: die 1990 klopt sowieso; in de groene en rode versies van het
handboek staat 2005, maar dat is een fout)
2. 20 procent van de energie moet op duurzame wijze worden opgewekt.
3. Investeringen in onderzoek van overheid en bedrijven moeten stijgen tot 20 procent
van het bruto binnenlands product.
4. De tijdshorizon waartegen deze doelstellingen zouden moeten bereikt zijn, is het
jaar 2020.

Infos sur le Document

Publié le
10 mars 2021
Nombre de pages
34
Écrit en
2020/2021
Type
Examen
Contient
Questions et réponses
€7,99

Mauvais document ? Échangez-le gratuitement Dans les 14 jours suivant votre achat et avant le téléchargement, vous pouvez choisir un autre document. Vous pouvez simplement dépenser le montant à nouveau.
Rédigé par des étudiants ayant réussi
Disponible immédiatement après paiement
Lire en ligne ou en PDF

Seller avatar
Les scores de réputation sont basés sur le nombre de documents qu'un vendeur a vendus contre paiement ainsi que sur les avis qu'il a reçu pour ces documents. Il y a trois niveaux: Bronze, Argent et Or. Plus la réputation est bonne, plus vous pouvez faire confiance sur la qualité du travail des vendeurs.
Vendu
20
Abonnés
13
Éléments
22
Dernière vente
9 mois de cela




Pourquoi les étudiants choisissent Stuvia

Créé par d'autres étudiants, vérifié par les avis

Une qualité sur laquelle compter : rédigé par des étudiants qui ont réussi et évalué par d'autres qui ont utilisé ce document.

Le document ne convient pas ? Choisis un autre document

Aucun souci ! Tu peux sélectionner directement un autre document qui correspond mieux à ce que tu cherches.

Paye comme tu veux, apprends aussitôt

Aucun abonnement, aucun engagement. Paye selon tes habitudes par carte de crédit et télécharge ton document PDF instantanément.

Student with book image

“Acheté, téléchargé et réussi. C'est aussi simple que ça.”

Alisha Student

Foire aux questions