Parachuutjes
, Inleiding
Een kracht is een natuurkundige grootheid die een voorwerp van vorm of van
snelheid kan veranderen. Door de werking van een kracht kan arbeid verricht
worden. Krachten kunnen worden genoemd naar de werking die ze op een
voorwerp hebben, zoals trekkracht en drukkracht. In dit onderzoek gaan we
gebruik maken van de zwaartekracht en de luchtweerstand. Ook kijken we naar
de resulterende kracht.
De zwaartekracht zorgt ervoor dat alles naar de aarde valt, en dus in deze proef
dat de parachute naar de aarde valt. In Nederland is de zwaartekracht 9,81 m/s.
De luchtweerstand is de tegenwerkende kracht op een bewegend object die zich
door de lucht beweegt. Deze hangt van verschillende factoren af:
- P = De dichtheid van de stof waarin een object zich beweegt [kg/m3]
- v = De snelheid van het object [m/s]
- A = Het frontale oppervlakte, loodrecht op de bewegingsrichting [m2]
- Cw = Weerstandscoëfficiënt van het object, dit is altijd een vaste waarde per
object.
De Formule voor de luchtweerstand:
F = 1/2 x P x V2 X A X Cw
Als op een voorwerp meerdere krachten werken, in dit geval de zwaartekracht
en de luchtweerstand op het voorwerp, de parachute, dan wordt het netto-effect
van deze krachten gegeven door de resulterende kracht.
Bij een parachute die met constante snelheid daalt, geldt dat de resulterende
kracht gelijk is aan nul, en dat dus de zwaartekracht op het geheel gelijk is aan
de luchtweerstand. Daarbij nemen we aan dat voor de luchtweerstand alleen van
belang is hoe groot de oppervlakte A van de parachute is, en niet hoe de lucht
langs de randen van de parachute stroomt.
In formule krijg je dan: m x g = 1/2 x P x V2 x A x Cw
, Inleiding
Een kracht is een natuurkundige grootheid die een voorwerp van vorm of van
snelheid kan veranderen. Door de werking van een kracht kan arbeid verricht
worden. Krachten kunnen worden genoemd naar de werking die ze op een
voorwerp hebben, zoals trekkracht en drukkracht. In dit onderzoek gaan we
gebruik maken van de zwaartekracht en de luchtweerstand. Ook kijken we naar
de resulterende kracht.
De zwaartekracht zorgt ervoor dat alles naar de aarde valt, en dus in deze proef
dat de parachute naar de aarde valt. In Nederland is de zwaartekracht 9,81 m/s.
De luchtweerstand is de tegenwerkende kracht op een bewegend object die zich
door de lucht beweegt. Deze hangt van verschillende factoren af:
- P = De dichtheid van de stof waarin een object zich beweegt [kg/m3]
- v = De snelheid van het object [m/s]
- A = Het frontale oppervlakte, loodrecht op de bewegingsrichting [m2]
- Cw = Weerstandscoëfficiënt van het object, dit is altijd een vaste waarde per
object.
De Formule voor de luchtweerstand:
F = 1/2 x P x V2 X A X Cw
Als op een voorwerp meerdere krachten werken, in dit geval de zwaartekracht
en de luchtweerstand op het voorwerp, de parachute, dan wordt het netto-effect
van deze krachten gegeven door de resulterende kracht.
Bij een parachute die met constante snelheid daalt, geldt dat de resulterende
kracht gelijk is aan nul, en dat dus de zwaartekracht op het geheel gelijk is aan
de luchtweerstand. Daarbij nemen we aan dat voor de luchtweerstand alleen van
belang is hoe groot de oppervlakte A van de parachute is, en niet hoe de lucht
langs de randen van de parachute stroomt.
In formule krijg je dan: m x g = 1/2 x P x V2 x A x Cw