100% de satisfacción garantizada Inmediatamente disponible después del pago Tanto en línea como en PDF No estas atado a nada 4.2 TrustPilot
logo-home
Resumen

Volledige samenvatting cursus Materieel strafrecht OU

Puntuación
-
Vendido
-
Páginas
30
Subido en
25-11-2025
Escrito en
2025/2026

Alle leereenheden uitgewerkt.

Institución
Grado










Ups! No podemos cargar tu documento ahora. Inténtalo de nuevo o contacta con soporte.

Escuela, estudio y materia

Institución
Estudio
Grado

Información del documento

Subido en
25 de noviembre de 2025
Número de páginas
30
Escrito en
2025/2026
Tipo
Resumen

Temas

Vista previa del contenido

Samenvatting materieel strafrecht
Leereenheid 1: De objectieve zijde van een strafbaar feit

De verschillende causaliteit theorieën
1. Aan de basis van de theorievorming over causaliteit staat de zogenaamde ‘conditio sine qua
non’ als criterium. Het gedrag in kwestie moet redelijkerwijs een onmisbare, noodzakelijke
voorwaarde voor het gevolg zijn geweest. Er is in beginsel geen juridische causaliteit wanneer
aannemelijk zou zijn dat het gevolg ook zonder het gedrag zou zijn ingetreden. Kritiek: als
volwaardige theorie voldoet de leer die dit criterium stelt niet, omdat het te weinig selectief
vermogen heeft. Voor de meeste gevolgen zijn immers vele onmisbare voorwaarden aan te
wijzen wanneer men een casus in een breder verband plaatst.
2. De causa proxima-theorie kiest de naaste, dichtstbijzijnde oorzaak als de juridisch relevante
oorzaak. Overwegingen waarin over een ‘onmiddellijk en rechtstreeks’ gevolg wordt
gesproken, passen bij deze leer. De laatste belangrijke schakel staat hier centraal. Hoe groter
de afstand is tussen gedraging en gevolg, hoe moeilijker aan de hand van deze theorie een
noodzakelijk verband tussen beide is aan te nemen, hoe meer reden er kan zijn om te denken
aan niet meer door de dader te beheersen toeval. Kritiek: deze theorie is minder plausibel als
de stappen tussen oorzaak en gevolg niet zo belangrijk zijn. Soms zijn die tussenstappen niet
echt belangrijk of tellen ze volgens de regels niet zo zwaar mee. Deze theorie houdt ook te
weinig rekening met de situatie. In sommige gevallen kunnen de omstandigheden belangrijk
zijn om te bepalen welke oorzaak het zwaarst meeweegt. Maar deze theorie laat dat niet
goed toe.
3. De relevantietheorie selecteert binnen de onmisbare voorwaarden voor het intreden van het
gevolg de oorzaak die in de optiek van de wetgever voor het delict in kwestie als de meest
relevante geldt. Het gaat hierbij dus om voor het delict typische oorzaken waarbij ook van
belang kan zijn de manier waarop het gevolg intreedt.
4. De adequatietheorie, hierbij staat de voorzienbaarheid voor de verdachte van de kans op een
bepaald gevolg vooral centraal. Het typische gevolg is immers meestal ook goed
voorzienbaar. Uit jurisprudentie volgt dat bij toepassing van de voorzienbaarheidsleer
beoordeeld moet worden of voor een gemiddeld mens het gevolg in kwestie in het
algemeen te voorzien is.

De geldende causaliteitscriteria
Sinds 1978 hanteert de Hoger Raad als criterium voor strafrechtelijke causaliteit ‘de redelijke
toerekening’. Voor de vraag of het redelijk is een gevolg toe te rekenen, komt in de eerste plaats
gewicht toe aan het gedrag van de verdachte. Zoals de Hoge Raad duidelijk maakt in het Niet
behandelde longinfectie-arrest. In dit arrest werd een man veroordeeld voor doodslag op zijn
vriendin, omdat hij haar met een vuurwapen had neergeschoten. Door het schot raakte zij
zwaargewond: het schot veroorzaakte een hoge dwarslaesie en kort daarna een ernstige longinfectie.
Het slachtoffer wilde geen verdere medische behandeling van de longinfectie, waarna zij daaraan
overleed. De Hoge Raad liet de veroordeling voor doodslag in stand omdat de verdachte de
omstandigheden in het leven heeft geroepen die het slachtoffer ertoe hebben gebracht de beslissing
te nemen af te zien van medische behandeling en die beslissing in de keten der gebeurtenissen niet
een zodanige invloed heeft gehad dat de dood van het slachtoffer redelijkerwijs niet meer als gevolg
van het handelen van de verdachte aan deze zou kunnen worden toegerekend.

,De leer van de redelijke toerekening is de heersende causaliteitsleer (HR Haarlemse doodslag). Hierbij
is de vraag of het gevolg redelijkerwijs aan de gedraging van de verdachte kan worden toegerekend.
Gezichtspunten om het begrip redelijke toerekening in te vullen:
- De aard van de gedraging waarbij de gedraging van de verdachte gebruikt kan worden om te
bepalen of het redelijk is om het gevolg aan hem toe te rekenen (hoe gevaarlijker het gedrag,
hoe sneller het redelijk zal zijn om een bepaald gevolg aan verdachte toe te rekenen).
- Oude causaliteitsleren kunnen gebruikt worden als gezichtspunten bij de invulling van de
redelijke toerekening, met als ondergrens conditio sine qua non die als voorwaarde voor
redelijke toerekening dient (Groninger HIV-zaken).

HR Groninger HIV: de Hoge Raad past hier de leer van de redelijke toerekening toe en overwoog
daarbij dat de ondergrens van het strafrechtelijk causaal verband doorgaans wordt gevormd door een
conditio sine qua non-verband. Dit verband stelt de vraag of het gevolg ook zou zijn ingetreden indien
de gedraging niet had plaatsgevonden. De Hoge Raad stelt echter ook dat als niet met zekerheid een
conditio sine qua non-verband kan worden vastgesteld, dit niet per se betekent dat het gevolg van de
gedraging redelijkerwijs aan de gedraging van de verdachte kan worden toegerekend. Er kan ook een
alternatieve oorzaak het gevolg zijn (alternatieve causaliteit). Twee vragen die volgens HR Groninger
HIV beantwoord moeten worden:
1. Heeft het gedrag van de verdachte een onmiskenbare schakel gevormd?
2. Is het aannemelijk dat het gevolg met een aanzienlijke mate van waarschijnlijkheid door de
gedraging van de verdachte is veroorzaakt?
 Hierbij is het van belang of de gedraging van de verdachte naar haar aard geschikt is
om het gevolg teweeg te brengen en of zij naar ervaringsregels van dien aard is dat zij
heeft geleid tot het intreden van het gevolg;
 Er kan ook gekeken worden in hoeverre de handelingen van de verdachte
hoogstwaarschijnlijk wel en de andere mogelijkheid hoogstwaarschijnlijk niet tot het
gevolg heeft geleid.

Causaliteit in het geval van nalaten
In het geval van een omissiedelict, waarbij een verdachte een handeling nalaat, moet er een causaal
verband worden vastgesteld tussen het nalaten en het gevolg. Er bestaat in dat geval dus geen
zekerheid over een conditio sine qua non-verband. De gezichtspunten uit de zaak Millecam moeten
dan worden toegepast.

, Wederrechtelijkheid als element en als bestanddeel
Wederrechtelijkheid wordt door de Hoge Raad gedefinieerd als ‘in strijd met het objectieve recht’, dit
wil zeggen met het geschreven en ongeschreven recht.
- Indien een gedraging valt binnen een wettelijke delictsomschrijving en wederrechtelijkheid
een element is, dan wordt verondersteld dat die gedraging ook wederrechtelijk is geweest: er
is immers vastgesteld dat deze in strijd is met het geschreven recht (dat is anders indien
wederrechtelijkheid een bestanddeel is, dan zal wederrechtelijkheid moeten worden
bewezen). Wederrechtelijkheid is daarmee een ongeschreven voorwaarde voor
strafrechtelijke aansprakelijkheid.
- In delictsomschrijvingen kan wederrechtelijkheid ook als bestanddeel zijn opgenomen (bijv.
art. 282 Sr). Bij deze delictsomschrijvingen zal de OvJ de wederrechtelijkheid opnemen in de
tenlastelegging en deze moeten bewijzen. Dit heeft tot gevolg:
o Dat de vraag naar het eventueel ontbreken van de wederrechtelijkheid (de vraag of
er rechtvaardigingsgronden zijn) beantwoord moet worden. Kan de tenlastelegging
worden bewezen?
o Dat bij aanname van een rechtvaardigingsgrond (noodtoestand, noodweer, wettelijk
voorschrift of bevoegd gegeven ambtelijk bevel) de wederrechtelijkheid vervalt, en
de tenlastelegging niet bewezen kan worden.
o Een geslaagd beroep op een rechtvaardigingsgrond leidt tot vrijspraak omdat het
strafbare feit dan niet bewezen kan worden.

De verschillende verschijningsvormen van wederrechtelijkheid als bestanddeel
1. Expliciet de term ‘wederrechtelijkheid’
2. Omschreven als: ‘zonder daartoe gerechtigd te zijn’
3. Impliciet: gedraging omschreven in termen die reeds het oordeel in zich dragen dat de
rechtsorde het gedrag afkeurt. Bijv. mishandeling.

De leer van de facetwederrechtelijkheid
In de literatuur is de opvatting verdedigd dat de strekking van de wederrechtelijkheid als bestanddeel
dermate verschillend van die als element is dat een, door de rechter geaccepteerd, beroep op een
rechtvaardigingsgrond ook tot ontslag van alle rechtsvervolging (OVAR) dient te leiden indien de
wederrechtelijkheid als bestanddeel in de delictsomschrijving is opgenomen.

Want: afhankelijk van de delictsomschrijving heeft de wederrechtelijkheid als bestanddeel de
betekenis ‘onbevoegd’, ‘zonder toestemming’ of ‘zonder daartoe gerechtigd te zijn’. Slechts deze
beperkte betekenis moet dan bewezen worden. Maar aangezien de wederrechtelijkheid als element
een ruimere strekking heeft, is het na bewezenverklaring van het bestanddeel wederrechtelijkheid
het meest zuiver om, indien de rechter een rechtvaardigingsgrond aanwezig acht, tot OVAR te
besluiten. Dit heet de leer van de facetwederrechtelijkheid. De heersende leer van de Hoge Raad
houdt echter in dat bij aanvaarding van een rechtvaardigingsgrond het bestanddeel
‘wederrechtelijkheid’ niet bewezen kan worden en vrijspraak moet volgen.

Indien wederrechtelijkheid als bestanddeel is opgenomen in de delictsomschrijving (bijv. vernieling
art. 350 Sr), dan hoeft de OvJ niet te bewijzen dat er geen sprake is van een rechtvaardigingsgrond.
Voldoende is dat bewezen wordt dat de vernieling zonder toestemming van de rechthebbende is
$11.10
Accede al documento completo:

100% de satisfacción garantizada
Inmediatamente disponible después del pago
Tanto en línea como en PDF
No estas atado a nada


Documento también disponible en un lote

Conoce al vendedor

Seller avatar
Los indicadores de reputación están sujetos a la cantidad de artículos vendidos por una tarifa y las reseñas que ha recibido por esos documentos. Hay tres niveles: Bronce, Plata y Oro. Cuanto mayor reputación, más podrás confiar en la calidad del trabajo del vendedor.
gittevangerven Juridische Hogeschool
Seguir Necesitas iniciar sesión para seguir a otros usuarios o asignaturas
Vendido
12
Miembro desde
4 año
Número de seguidores
4
Documentos
8
Última venta
5 días hace

5.0

1 reseñas

5
1
4
0
3
0
2
0
1
0

Recientemente visto por ti

Por qué los estudiantes eligen Stuvia

Creado por compañeros estudiantes, verificado por reseñas

Calidad en la que puedes confiar: escrito por estudiantes que aprobaron y evaluado por otros que han usado estos resúmenes.

¿No estás satisfecho? Elige otro documento

¡No te preocupes! Puedes elegir directamente otro documento que se ajuste mejor a lo que buscas.

Paga como quieras, empieza a estudiar al instante

Sin suscripción, sin compromisos. Paga como estés acostumbrado con tarjeta de crédito y descarga tu documento PDF inmediatamente.

Student with book image

“Comprado, descargado y aprobado. Así de fácil puede ser.”

Alisha Student

Preguntas frecuentes