1
,Basisaspecten die zowel gelden voor lage als hogere eukaryoten.
Elementen hierop aangeduid zijn gemeenschappelijk voor alle eukaryoten.
Eukaryote cellen onderscheiden zich v prokaryoten cellen door:
- Bevatten v kern
- Bevatten v organellen: (lysosoom kenmerkend voor de eukaryoten).
Hoe gaat de cel interageren met zijn omgeving? dit met extracellulaire matrix =
bindweefsel, cellen moeten hiermee gaan interageren en beïnvloed dan de
eigenschappen van de cel.
Hoe gaan cellen interagerne met elkaar? Geeft aanleiding tot weefsels en organen
2
,Opmerkelijk, aantal bacteriele cellen in ons lichaam is nog hoger! Denk aan microbiota in onze
darmen, op onze huid. In aantal overstijgen ze dus het aantal humane cellen!
Onze microbiota is cruciaal voor onze gezondheid!
Versch activatietoestanden, denk aan T cel:
In rust tijdens circulatie in bloed en w geactiveerd na herkenning v Ag
Wrm hebben Eukaryote cellen organellen? Om al die levensnoodzakelijke reacties binnen de
cel te compartimentiseren.
Eukaryote cel bevat compartimenten waar specifieke functies w uitgevoerd, anders dan bij
bacteriecel. Die enzymes en andere proteïnen moeten in voldoende hoge conc aanwezig zijn!
De drempelwaarde van de conc deze bepaalde molecules moet dus hoog genoeg zijn binnnen
context van het organel => zou niet het geval zijn moesten al die moleculesn vrij kunnen
diffunderen in cytoplasma.
Ttz een cel werkt volgens het principe v compartementalisatie, zeer slim want bepaalde
moleculen om bepaalde functies uit te oefenen, moeten op 1 plaats aanwezig zijn, ipv dat die
molecules overal in hoge hoeveelheden aanwezig moeten zijn. Compartementalisatie heel
essentieel concept om alles in de cel te doen laten draaien.
3
,Cel kan zich verankeren op versch type bodems.
Cellen moeten kunnen interageren met elkaar, er zijn x aantal molecules die ervoor
zorgen dat cellen met elkaar kunnen praten.
Denk aan arm plooien -> alle spiercellen moeten gelijktijdig gaan samentrekken.
4
,Cellen moeten ook kunnen interageren met hun omgeving!
Hoe gaan cellen reageren op veranderlijke omgevingsfactoren: bv beschikbaarheid van
bepaalde ionen, zuurtegraad...
5
,Als we al de connecties tussen de cellen kennen, komen we tt een weefsel en versch
weefsels kunnen een orgaan vormen.
6
,7
, Aanwezig bij alle eukaryotische cellen, maar is noodzakelijk niet altijd de enige barriere
tussen cel en omgeving. Bij dierlijke is dit wel zo, maar bij een plantencel heb je ook
een plasmamembraan maar ook een celwand. Same bij fungi (gisten) hebben ook een
celwand.
Bestaat uit een fosfolipidedubbellaag. Why dubbellaag? Elk van die lipiden bestaan uit
een hydrofiele kop en een hydrofobe staart, de binnenkant v een cel = hydrofiel en
buitenkant v cel (interstitiele vl) bestaat ook hoofdzakelijk uit water, stel buitenkant
bestaat uit olie (hydrofoob) dan zou een monolaag voldoende zijn.
! Functie van de proteïnen -> contact laten maken met de buitenwereld, denk aan
transportproteïnen.
8
,Basisaspecten die zowel gelden voor lage als hogere eukaryoten.
Elementen hierop aangeduid zijn gemeenschappelijk voor alle eukaryoten.
Eukaryote cellen onderscheiden zich v prokaryoten cellen door:
- Bevatten v kern
- Bevatten v organellen: (lysosoom kenmerkend voor de eukaryoten).
Hoe gaat de cel interageren met zijn omgeving? dit met extracellulaire matrix =
bindweefsel, cellen moeten hiermee gaan interageren en beïnvloed dan de
eigenschappen van de cel.
Hoe gaan cellen interagerne met elkaar? Geeft aanleiding tot weefsels en organen
2
,Opmerkelijk, aantal bacteriele cellen in ons lichaam is nog hoger! Denk aan microbiota in onze
darmen, op onze huid. In aantal overstijgen ze dus het aantal humane cellen!
Onze microbiota is cruciaal voor onze gezondheid!
Versch activatietoestanden, denk aan T cel:
In rust tijdens circulatie in bloed en w geactiveerd na herkenning v Ag
Wrm hebben Eukaryote cellen organellen? Om al die levensnoodzakelijke reacties binnen de
cel te compartimentiseren.
Eukaryote cel bevat compartimenten waar specifieke functies w uitgevoerd, anders dan bij
bacteriecel. Die enzymes en andere proteïnen moeten in voldoende hoge conc aanwezig zijn!
De drempelwaarde van de conc deze bepaalde molecules moet dus hoog genoeg zijn binnnen
context van het organel => zou niet het geval zijn moesten al die moleculesn vrij kunnen
diffunderen in cytoplasma.
Ttz een cel werkt volgens het principe v compartementalisatie, zeer slim want bepaalde
moleculen om bepaalde functies uit te oefenen, moeten op 1 plaats aanwezig zijn, ipv dat die
molecules overal in hoge hoeveelheden aanwezig moeten zijn. Compartementalisatie heel
essentieel concept om alles in de cel te doen laten draaien.
3
,Cel kan zich verankeren op versch type bodems.
Cellen moeten kunnen interageren met elkaar, er zijn x aantal molecules die ervoor
zorgen dat cellen met elkaar kunnen praten.
Denk aan arm plooien -> alle spiercellen moeten gelijktijdig gaan samentrekken.
4
,Cellen moeten ook kunnen interageren met hun omgeving!
Hoe gaan cellen reageren op veranderlijke omgevingsfactoren: bv beschikbaarheid van
bepaalde ionen, zuurtegraad...
5
,Als we al de connecties tussen de cellen kennen, komen we tt een weefsel en versch
weefsels kunnen een orgaan vormen.
6
,7
, Aanwezig bij alle eukaryotische cellen, maar is noodzakelijk niet altijd de enige barriere
tussen cel en omgeving. Bij dierlijke is dit wel zo, maar bij een plantencel heb je ook
een plasmamembraan maar ook een celwand. Same bij fungi (gisten) hebben ook een
celwand.
Bestaat uit een fosfolipidedubbellaag. Why dubbellaag? Elk van die lipiden bestaan uit
een hydrofiele kop en een hydrofobe staart, de binnenkant v een cel = hydrofiel en
buitenkant v cel (interstitiele vl) bestaat ook hoofdzakelijk uit water, stel buitenkant
bestaat uit olie (hydrofoob) dan zou een monolaag voldoende zijn.
! Functie van de proteïnen -> contact laten maken met de buitenwereld, denk aan
transportproteïnen.
8