Minor Coachen in het Onderwijs
Hoofdstuk 1: Wat is Transactionele Analyse?
Definitie: “Transactionele Analyse is een persoonlijkheidstheorie en een
systematische psychotherapie van persoonlijke groei en -verandering.”
Transactionele Analyse is een theorie over persoonlijkheid en een psychologische
methode die helpt bij persoonlijke groei en verandering.
Als persoonlijkheidstheorie beschrijft TA hoe mensen mentaal zijn opgebouwd. Dit
wordt duidelijk aan de hand van het ego-toestandenmodel, wat helpt om te
begrijpen hoe mensen denken, voelen en zich gedragen.
Modellen die de TA toepast:
Model van ego-toestanden: beschrijft hoe men zijn persoonlijkheid is
opgebouwd.
Communicatietheorie: beschrijft hoe men met elkaar communiceert.
Ontwikkelingstheorie: beschrijft hoe men zich ontwikkelt.
Theorie van de psychopathologie: hoe psychische ‘problemen’
ontstaan.
TA wordt op verschillende gebieden gebruikt; therapie, onderwijs en
maatschappelijk werk zoals politie. Het is nuttig voor het begrijpen van mensen,
relaties en communicaties.
Het model van ego-toestanden (OVK model)
Een ego-toestand is een combinatie van gedachten, gevoelens en gedrag. Het
model onderscheidt drie ego-toestanden:
1. Volwassene ego-toestand: Gedrag, gedachten en gevoelens die passen
bij de huidige situatie.
2. Ouder ego-toestand: Gedrag, gedachten en gevoelens die gebaseerd
zijn op wat je hebt geleerd van je ouders.
3. Kind ego-toestand: Gedrag, gedachten en gevoelens die lijken op hoe je
je als kind voelde of gedroeg.
Transacties, strooks en tijdstructurering
Transactie: Dit is het uitwisselen van berichten tussen mensen, waarbij
elke persoon vanuit een van de drie ego-toestanden communiceert.
Feitelijke TA: Het analyseren van de transacties (communicatie) met
behulp van het ego-toestandenmodel.
Strook: Dit is elke vorm van erkenning of aandacht die iemand krijgt van
een ander.
Tijdstructurering: Hoe mensen in groepen hun interacties organiseren en
de tijd beheren. Dit kan op verschillende manieren worden geanalyseerd.
Levensscript
Je levensscript: het verhaal dat je in je kindertijd begint te ontwikkelen, en
waarvan je in je jeugd vaak onbewust blijft geloven.
,In de scriptanalyse: je kijkt naar het levensscript om te begrijpen hoe mensen
zichzelf onbewust in de weg staan en hoe ze dit kunnen veranderen.
Miskenning, herdefiniëring , symbiose
Herdefiniëring: Dit is wanneer je de werkelijkheid zo aanpast dat deze
past bij je levensscript.
Miskenning: Dit is wanneer je onbewust bepaalde dingen niet ziet, omdat
ze niet in je script passen.
Symbiose: Dit is het aangaan van relaties die lijken op de ouder-kind
relatie om je script in stand te houden.
Rackets, zegels en Spelen
Racketgevoelens: Dit zijn gevoelens die je hebt als je je levensscript in
de volwassenheid probeert te volgen, maar in plaats van je echte
gevoelens, ervaar je vaak de gevoelens die je als kind had.
Zegel (Sparen): Dit gebeurt wanneer je een racketgevoel hebt, maar je
deze gevoelens niet uitdrukt.
Spel: Dit is een reeks van transacties (uitwisselingen) die steeds opnieuw
worden herhaald en eindigen met het ervaren van racketgevoelens van
beide partijen. Spelen bevat altijd een soort rolwisseling.
Autonomie
Om autonomie (zelfstandigheid) te bereiken, moet je jezelf bewust worden van je
oude scripts, spontaan kunnen handelen en in staat zijn tot echte intimiteit. Dit
betekent dat je je kinderlijke script moet herzien en in de volwassenheid meer
vrijheid en zelfcontrole moet krijgen.
De filosofie van de TA
“Mensen zijn OK”
“Iedereen heeft het vermogen om te denken”
“Mensen bepalen hun eigen lot door middel van besluiten, en deze besluiten
kunnen herzien worden”
Hieruit volgen twee basisprincipes van de TA
Werken met contracten: Dit houdt in dat mensen afspraken maken over
hoe ze met elkaar omgaan.
Open communicatie: Dit betekent eerlijk en direct met elkaar praten.
, Hoofdstuk 2: Het model van ego-toestanden
Om een gezonde en evenwichtige persoonlijkheid te ontwikkelen, hebben we alle
drie ego-toestanden nodig. Elke ego-toestand heeft zijn eigen rol:
1. Volwassene ego-toestand: Deze is belangrijk voor het oplossen van
problemen in het hier-en-nu. De Volwassene helpt ons objectief en
rationeel te denken, zodat we met problemen op een praktische manier
om kunnen gaan.
2. Ouder ego-toestand: De Ouder bevat de regels en normen die we van
onze ouders of verzorgers hebben meegekregen. Deze regels helpen ons
goed te functioneren in de maatschappij en zorgen voor structuur en
discipline in ons gedrag.
3. Kind ego-toestand: In de Kind ego-toestand vinden we de
spontaniteit, creativiteit en energie die we als kind hadden. Deze kant
van onszelf helpt ons om plezier te maken, nieuwe ideeën te bedenken en
open te staan voor ervaringen.
Definitie van ego-toestanden
Eric Berne definieerde een ego-toestand als een consistent patroon van voelen
en ervaren, dat altijd gepaard gaat met een specifiek patroon van gedrag. Dit
betekent dat elke ego-toestand een manier van denken, voelen en handelen
bevat die herkenbaar is in ons gedrag.
Het verschil tussen het OVK model en het model van Freud
Gedrag is
waarneembaar: In het
OVK-model worden de ego-
toestanden omschreven
door gedragingen die je
kunt zien. Bijvoorbeeld,
iemand in de Volwassene
ego-toestand gedraagt zich
rationeel en nuchter, terwijl
iemand in de Kind ego-
toestand speels of impulsief
kan reageren. In Freud's
model zijn de psychische
entiteiten (zoals het id,
ego, en superego) meer
abstract en moeilijker te
observeren in het gedrag.
Ego-toestanden zijn
gericht op identiteiten: Berne’s ego-toestanden zijn specifieke
identiteiten (bijvoorbeeld Volwassene, Ouder, Kind), en dus gemakkelijker
te begrijpen en te herkennen in gedrag. Bij Freud zijn de psychische
onderdelen van de persoonlijkheid meer gegeneraliseerd en bevatten ze