Deel 1: De basis
Structuur en functie van pulpa-dentinecomplex
1. Ontwikkeling v/h pulpa-dentinecomplex
• oorsprong:
o glazuur => ectoderm
o dentine en pulpa => (ecto)mesenchym
• ontwikkelingsstadia v tandkiem:
o glazuurorgaan glazuur
o dentale papil dentine en pulpa
o dentale follikel parodontium
• dentinogenese:
o in late klokstadium
o door ameloblasten (Od) => organisch matrix afzetten + mineraliseren
o samen met amelogenese
2. Dentine
= gemineraliseerde organische matrix => 70% mineralen - 20% organische materie - 10% water
• ≠ vormen:
primair dentine secundair dentine tertiair dentine*
vorming? tijdens tandontwikkeling → eruptie na eruptie → levenslang lokaal dr pathologisch proces
afzetting? hoog tempo trager dan 1e sneller dan 1e
structuur? regelmatig + S-vormige tubuli onregelmatiger sterk onregelmatig
o * tertiair dentine => afv pathologische proces (cariës, abrasie,…)
▪ milde irritatie => opregulatie bestaande Od-activiteit (= reactionair dentine)
▪ sterke irritatie => Od pulpale prognitorcellen → Od-achtige cellen (= reparatief dentine)
o manteldentine:
▪ 5-30 µm dik
▪ aan buitenste (1e)dentine laag
▪ eerstgevormd dentine (dr niet volledig gedifferentieerde Od)
▪ weinig gemineraliseerd => zachter dan 1e dentine + vertakte kleinere tubuli! ➔ cariës!
o predentine:
▪ 15-20 µm dik
▪ tss Od en gemineraliseerd dentine (2e)
▪ ongemineraliseerd dentinematrix
• dentinetubuli:
o wat? => buisachtige structuren in dentine: van dentine-glazuurgrens tot dentine-cementgrens
o vorm? => licht taps (aan pulpa breder)
o diameter? => 1 à 2,5 µm diameter
o densiteit:
▪ aan pulpale zijde => veel tubuli
➔ dentinepermeabiliteit = 1/afstand tot pulpa
▪ aan glazuur zijde => weinig tubuli
1
, o structuur:
▪ vezels van Tomes (= Od-uitlopers in tubuli)
▪ peritubulair dentine (= dentine aan BINNENZIJDE v tubulus: afgezet dr Od-uitlopers)
▪ intertubulair dentine (= de rest TUSSEN tubuli: minder gemineraliseerd dan PTD)
o gevuld met dentinevloeistof:
• ≈ plasmasamenstelling
• functie:
o diffusie toelaten (bv. microbiële producten cariës!)
o weefseldruk in pulpa >> in mondholte
▪ verdedigingsmechanisme: uitwaartse stroom bij dentineblootstelling
3. Pulpa
3.1. bouw
• morfologische zones:
o odontoblastenlaag:
▪ vlak onder predentine
▪ hieruit => Od-uitlopers in dentine (in tubuli)
▪ hiertussen => capillairen, zenuwvezels, dendritische cellen (= antigeen presenterende cellen)
o celarme zone (= zone van Weil) => 40µm breed zonder cellen
o celrijke zone => veel cellen: fibroblasten, immuuncellen, mesenchymale stamcellen
o eigenlijke pulpa => centrale massa: losmazig BW, bloedvaten, zenuwen
• ≠ cellen:
o odontoblasten => meest specifieke: dentinogenese
o fibroblasten => meest talrijke: extracellulair matrix ECM produceren + onderhouden
o afweercellen => macrofagen (= niet-specifieke afweer), dendritische cellen (= APC), lymfocyten
3.2. innervatie
• algemeen:
o pulpa sterk geïnnerveerd met véél axonen
o afferente + efferente neuronen
o sensorische innervatie:
▪ = afkomstig v n. trigeminus
▪ 2 types zenuwvezels:
vezeltype myelinisatie locatie zenuwuiteinde pijn karakter stimulatie drempel
A-δ-vezels ja (snel) thv pulpa-dentine overgang scherp relatief laag
C-vezels nee (traag) centraal in pulpa dof, knagend relatief hoof
o sympathische innervatie:
▪ = afkomstig v ganglion superior cervicalis
▪ zenuwvezels vormen plexussen rond arteriolen => pulpale bloedstroom regelen!
• innervatie in tand:
o zenuwbundels in tand via foramen apicale (samen met arteriolen + venulen)
via radiculaire pulpa naar coronale pulpa; daar uitwaaieren onder celrijke zone
verder vertakken tot sub-Od plexus (= plexus van Raschkow) ≈ enkelvoudige axonen!
vrije zenuwuiteinden eindigen:
o tss Od (= marginale pulpa) => geraken NIET tot predentine!
o in predentine
o verder (dieper) in tubuli
o
2
, o opmerkingen:
▪ pulpale zenuwvezels overleven lang na pulpanecrose (=> cellichamen in ganglion ver v pulpa)
▪ densiteit pulpale zenuwuiteinden => coronaal > cervicaal > wortel
• innervatie buiten tand:
o algemene schema:
n. trigeminus
n. maxillaris n. mandibularis
n. alveolaris sup. n. nasopalatinus n. palatinus major n. alveolaris inf. n. lingualis n. buccalis
n. alv. sup. ant. n. mentalis
n. alv. sup. med. n. incisivus
n. alv. sup. post.
o bovenkaak:
incisieven/ hoektanden n. alv. sup. ant. - n. alv. sup. med. - n. nasopalatinus
premolaren n. alv. sup. ant. - n. alv. sup. med. - n. nasopalatinus - n. palatinus major
molaren n. alv. sup. post. - n. alv. sup. med. - n. palatinus major
o onderkaak:
incisieven/ hoektanden n. alveolaris inf. + vertakkingen (n. mentalis, n. incisivus)
premolaren n. alveolaris inf. + n. buccalis + n. lingualis + n. mentalis
molaren n. alveolaris inf. + n. buccalis + n. lingualis
• nociceptieve transmissie (afgelegde weg): (EXAMEN!)
o stimulus thv pulpa…
1) vrije zenuwuiteinden plexus van Raschkow coronale pulpa radiculaire pulpa
2) via de bovenvermelde nn. n. trigeminus ganglion trigeminale (=> hier cellichaam!)
3) naar medulla spinalis hier synaps in nucleus spinalis met 2de neuron
4) 2de neuron contralateraal stijgen naar thalamus hier synaps met 3de neuron
5) 3de neuron ipsilatreraal naar cerebrale cortex
➔ stimulus gewaarwording!
• hydrodynamische theorie: (= dentinegevoeligheid)
o wat? => stimuli thv perifere dentine waargenomen thv dentine-pulpagrens
o hoe? => stimuli zorgen vr vloeistofbeweging in tubuli
die omzetten in elektrische sign. dr mechanotransducers thv zenuwuiteinden in tubuli
A-vezels activeren (GEEN C)
o stimuli?
▪ warme ➔ inwaarste vloeistofbeweging!
▪ luchtstoot, hyperosmotische vloeistof (bv. zoete drank), koude ➔ uitwaartse beweging!
3.3. bloedvoorziening
• bloedstroom: 0,15 à 0,60 ml/min/g => coronaal meer (2x) capillaire bloedstroom dan radiculaire
• in tand:
o arteriolen in tand via foramen apicale
centraal in pulpa lopen + laterale vertakkingen geven (=> capillaire plexus onder Od)
postcapillaire venulen venules centraal in pulpa
• buiten tand:
o a. carotis externa => a. maxillaris 3 takken:
o OK (alle tanden) => a. alveolaris inf.
o BK (ST) => a. alveolaris sup. ant. (tak van a. infraorbitalis)
o BK (M en PM) => a. alveolaris sup. post.
3
, 3.4. veranderingen met leeftijd
• fysiologische veranderingen:
o pulpa volume↓
▪ oorzaak? => levenslange afzetting v 2e dentine
▪ gevolg? => pulpakamer en kanalen kleiner
▪ molaren => bodem > dak > wanden (= pulpakamer platter ≈ breder!)
▪ boven snijtanden => palatale wand > incisaal > rest
o dentinemineralisatie↑
▪ oorzaak? => toename peritubulair dentine + toename ratio mineraal/collageen
o gevolg? => tubuli obliteratie (= tubulair sclerose)
o waar? => eerst apicaal, dan coronaal
o wanneer? => vanaf ≈40j (toepassing: leeftijdsbepaling!)
▪ gevolg? => toename buigsterkte dentine
o bloedvoorziening↓
o innervatie↓
o #cellen↓ & #vezels↑
o vetinfiltratie
o calcificaties
• pathologische veranderingen:
o vorming tertiair dentine
o pulpa obliteratie
o calcificaties:
▪ veel voorkomend (≥1 calcificatie bij 50% v alle tanden)
▪ niet per se pathologisch (zie hierboven!)
▪ obstakel vr endodontische behandeling
▪ ontstaan in wand v bloedvaten/zenuwen of uit degenerend weefsel
▪ 2 soorten:
pulpastenen grote, goed omlijnde in pulpakamer HA kristallen
diffuse calcificatie onregelmatige, strengvormige in radiculaire pulpa HA kristallen
4
Structuur en functie van pulpa-dentinecomplex
1. Ontwikkeling v/h pulpa-dentinecomplex
• oorsprong:
o glazuur => ectoderm
o dentine en pulpa => (ecto)mesenchym
• ontwikkelingsstadia v tandkiem:
o glazuurorgaan glazuur
o dentale papil dentine en pulpa
o dentale follikel parodontium
• dentinogenese:
o in late klokstadium
o door ameloblasten (Od) => organisch matrix afzetten + mineraliseren
o samen met amelogenese
2. Dentine
= gemineraliseerde organische matrix => 70% mineralen - 20% organische materie - 10% water
• ≠ vormen:
primair dentine secundair dentine tertiair dentine*
vorming? tijdens tandontwikkeling → eruptie na eruptie → levenslang lokaal dr pathologisch proces
afzetting? hoog tempo trager dan 1e sneller dan 1e
structuur? regelmatig + S-vormige tubuli onregelmatiger sterk onregelmatig
o * tertiair dentine => afv pathologische proces (cariës, abrasie,…)
▪ milde irritatie => opregulatie bestaande Od-activiteit (= reactionair dentine)
▪ sterke irritatie => Od pulpale prognitorcellen → Od-achtige cellen (= reparatief dentine)
o manteldentine:
▪ 5-30 µm dik
▪ aan buitenste (1e)dentine laag
▪ eerstgevormd dentine (dr niet volledig gedifferentieerde Od)
▪ weinig gemineraliseerd => zachter dan 1e dentine + vertakte kleinere tubuli! ➔ cariës!
o predentine:
▪ 15-20 µm dik
▪ tss Od en gemineraliseerd dentine (2e)
▪ ongemineraliseerd dentinematrix
• dentinetubuli:
o wat? => buisachtige structuren in dentine: van dentine-glazuurgrens tot dentine-cementgrens
o vorm? => licht taps (aan pulpa breder)
o diameter? => 1 à 2,5 µm diameter
o densiteit:
▪ aan pulpale zijde => veel tubuli
➔ dentinepermeabiliteit = 1/afstand tot pulpa
▪ aan glazuur zijde => weinig tubuli
1
, o structuur:
▪ vezels van Tomes (= Od-uitlopers in tubuli)
▪ peritubulair dentine (= dentine aan BINNENZIJDE v tubulus: afgezet dr Od-uitlopers)
▪ intertubulair dentine (= de rest TUSSEN tubuli: minder gemineraliseerd dan PTD)
o gevuld met dentinevloeistof:
• ≈ plasmasamenstelling
• functie:
o diffusie toelaten (bv. microbiële producten cariës!)
o weefseldruk in pulpa >> in mondholte
▪ verdedigingsmechanisme: uitwaartse stroom bij dentineblootstelling
3. Pulpa
3.1. bouw
• morfologische zones:
o odontoblastenlaag:
▪ vlak onder predentine
▪ hieruit => Od-uitlopers in dentine (in tubuli)
▪ hiertussen => capillairen, zenuwvezels, dendritische cellen (= antigeen presenterende cellen)
o celarme zone (= zone van Weil) => 40µm breed zonder cellen
o celrijke zone => veel cellen: fibroblasten, immuuncellen, mesenchymale stamcellen
o eigenlijke pulpa => centrale massa: losmazig BW, bloedvaten, zenuwen
• ≠ cellen:
o odontoblasten => meest specifieke: dentinogenese
o fibroblasten => meest talrijke: extracellulair matrix ECM produceren + onderhouden
o afweercellen => macrofagen (= niet-specifieke afweer), dendritische cellen (= APC), lymfocyten
3.2. innervatie
• algemeen:
o pulpa sterk geïnnerveerd met véél axonen
o afferente + efferente neuronen
o sensorische innervatie:
▪ = afkomstig v n. trigeminus
▪ 2 types zenuwvezels:
vezeltype myelinisatie locatie zenuwuiteinde pijn karakter stimulatie drempel
A-δ-vezels ja (snel) thv pulpa-dentine overgang scherp relatief laag
C-vezels nee (traag) centraal in pulpa dof, knagend relatief hoof
o sympathische innervatie:
▪ = afkomstig v ganglion superior cervicalis
▪ zenuwvezels vormen plexussen rond arteriolen => pulpale bloedstroom regelen!
• innervatie in tand:
o zenuwbundels in tand via foramen apicale (samen met arteriolen + venulen)
via radiculaire pulpa naar coronale pulpa; daar uitwaaieren onder celrijke zone
verder vertakken tot sub-Od plexus (= plexus van Raschkow) ≈ enkelvoudige axonen!
vrije zenuwuiteinden eindigen:
o tss Od (= marginale pulpa) => geraken NIET tot predentine!
o in predentine
o verder (dieper) in tubuli
o
2
, o opmerkingen:
▪ pulpale zenuwvezels overleven lang na pulpanecrose (=> cellichamen in ganglion ver v pulpa)
▪ densiteit pulpale zenuwuiteinden => coronaal > cervicaal > wortel
• innervatie buiten tand:
o algemene schema:
n. trigeminus
n. maxillaris n. mandibularis
n. alveolaris sup. n. nasopalatinus n. palatinus major n. alveolaris inf. n. lingualis n. buccalis
n. alv. sup. ant. n. mentalis
n. alv. sup. med. n. incisivus
n. alv. sup. post.
o bovenkaak:
incisieven/ hoektanden n. alv. sup. ant. - n. alv. sup. med. - n. nasopalatinus
premolaren n. alv. sup. ant. - n. alv. sup. med. - n. nasopalatinus - n. palatinus major
molaren n. alv. sup. post. - n. alv. sup. med. - n. palatinus major
o onderkaak:
incisieven/ hoektanden n. alveolaris inf. + vertakkingen (n. mentalis, n. incisivus)
premolaren n. alveolaris inf. + n. buccalis + n. lingualis + n. mentalis
molaren n. alveolaris inf. + n. buccalis + n. lingualis
• nociceptieve transmissie (afgelegde weg): (EXAMEN!)
o stimulus thv pulpa…
1) vrije zenuwuiteinden plexus van Raschkow coronale pulpa radiculaire pulpa
2) via de bovenvermelde nn. n. trigeminus ganglion trigeminale (=> hier cellichaam!)
3) naar medulla spinalis hier synaps in nucleus spinalis met 2de neuron
4) 2de neuron contralateraal stijgen naar thalamus hier synaps met 3de neuron
5) 3de neuron ipsilatreraal naar cerebrale cortex
➔ stimulus gewaarwording!
• hydrodynamische theorie: (= dentinegevoeligheid)
o wat? => stimuli thv perifere dentine waargenomen thv dentine-pulpagrens
o hoe? => stimuli zorgen vr vloeistofbeweging in tubuli
die omzetten in elektrische sign. dr mechanotransducers thv zenuwuiteinden in tubuli
A-vezels activeren (GEEN C)
o stimuli?
▪ warme ➔ inwaarste vloeistofbeweging!
▪ luchtstoot, hyperosmotische vloeistof (bv. zoete drank), koude ➔ uitwaartse beweging!
3.3. bloedvoorziening
• bloedstroom: 0,15 à 0,60 ml/min/g => coronaal meer (2x) capillaire bloedstroom dan radiculaire
• in tand:
o arteriolen in tand via foramen apicale
centraal in pulpa lopen + laterale vertakkingen geven (=> capillaire plexus onder Od)
postcapillaire venulen venules centraal in pulpa
• buiten tand:
o a. carotis externa => a. maxillaris 3 takken:
o OK (alle tanden) => a. alveolaris inf.
o BK (ST) => a. alveolaris sup. ant. (tak van a. infraorbitalis)
o BK (M en PM) => a. alveolaris sup. post.
3
, 3.4. veranderingen met leeftijd
• fysiologische veranderingen:
o pulpa volume↓
▪ oorzaak? => levenslange afzetting v 2e dentine
▪ gevolg? => pulpakamer en kanalen kleiner
▪ molaren => bodem > dak > wanden (= pulpakamer platter ≈ breder!)
▪ boven snijtanden => palatale wand > incisaal > rest
o dentinemineralisatie↑
▪ oorzaak? => toename peritubulair dentine + toename ratio mineraal/collageen
o gevolg? => tubuli obliteratie (= tubulair sclerose)
o waar? => eerst apicaal, dan coronaal
o wanneer? => vanaf ≈40j (toepassing: leeftijdsbepaling!)
▪ gevolg? => toename buigsterkte dentine
o bloedvoorziening↓
o innervatie↓
o #cellen↓ & #vezels↑
o vetinfiltratie
o calcificaties
• pathologische veranderingen:
o vorming tertiair dentine
o pulpa obliteratie
o calcificaties:
▪ veel voorkomend (≥1 calcificatie bij 50% v alle tanden)
▪ niet per se pathologisch (zie hierboven!)
▪ obstakel vr endodontische behandeling
▪ ontstaan in wand v bloedvaten/zenuwen of uit degenerend weefsel
▪ 2 soorten:
pulpastenen grote, goed omlijnde in pulpakamer HA kristallen
diffuse calcificatie onregelmatige, strengvormige in radiculaire pulpa HA kristallen
4