Samenvatting Psychodiagnostics
GGZ2030 - Blok 6
Inhoudsopgave
Taak 1: psychological tests; diagnostic cycle, gevolgen van een diagnose, BDI-
II, Self-confidence test + College 1..................................................................2
1) Diagnostische test en criteria.....................................................................................2
8. Gevolgen van een diagnose........................................................................................ 6
9. Diagnostic cycle.......................................................................................................... 7
7. Sensitivity en specifity / validity en reliability...........................................................14
8. BDI-II test.................................................................................................................. 14
9. Self-confidence/ selfesteem test and narcissism.......................................................15
Task 2: reliability, cronbach’s alpha, measure the quality...............................17
1. What is reliability? (types) → Repetition of tests.......................................................17
2. What is Cronbach’s alpha? ......................................................................................20
3. How can you interpret these?...................................................................................21
4. How do you measure the quality of a psychological test?.........................................21
5. Meetfouten/ errors.................................................................................................... 23
a) meten van fouten en fouten oplossen (fout = lage reliability)...............................25
College 2 – COTAN........................................................................................29
Task 3: validity............................................................................................. 33
1. Wat is een valide test en hoe evalueer je dit?...........................................................33
2. Welke soorten validiteit heb je en hoe meet je deze?...............................................33
3. Wat heeft allemaal invloed op de validiteit van een test?.........................................36
4. Wat doe je als een test invalid of niet betrouwbaar is?.............................................37
5. Wat is self-other disagreement?...............................................................................37
6. Toepassing op taak................................................................................................... 39
Task 4: biases en decision-making.................................................................40
1. What type of biases are there and how do you deal with these biases (during
decision-making)?......................................................................................................... 40
2. What influences decision-making during the process? And What are common errors
in diagnostic processes?............................................................................................... 44
3. What is Bayes’ Rule?................................................................................................. 46
Task 5: cultural background..........................................................................49
1. How does cultural background influence the choice of a particular test?.................49
2. What biases are caused by differences in culture? (hoe je testen kunt aanpassen/
biases kunt voorkomen)............................................................................................... 51
College 3 – clinical decision making...............................................................57
1
,College 4 – psychological report writing........................................................58
College 5 – ethiek.........................................................................................61
Task 6: ethische principes en therapeutic assessment....................................62
1. What is therapeutic assessment and how does it differ from more traditional
psychological assessment?...........................................................................................63
2. What is the ethical code of professionals and specifically for testing? (not know the
entire code, just gives you some cues) ........................................................................68
3. What kind of information do you have to disclose to a patient? (guidelines for files).
..................................................................................................................................... 70
Taak 1: psychological tests; diagnostic cycle, gevolgen van een diagnose, BDI-
II, Self-confidence test + College 1
1) Diagnostische test en criteria
Evalueren kwaliteit van tests:
- NZa: bepalen hoeveel geld en tijd diagnostician krijgen ze voor een diagnose
- COTAN: beoordelingssysteem voor het evalueren van de testkwaliteit
Geeft advies over de kwaliteit van psychologische tests en educatieve tests en
testgebruik
Jij bent verantwoordelijk
Leden zijn deskundigen van Nederlandse universiteiten, instituten etc.
How evaluates COTAN tests:
- Twee onafhankelijke reviewers
- Redacteur
- Geen compensatie
- Anoniem
- Antwoord uitgever
- Oordeel + uitleg
- Alleen tests die door de uitgever zijn ingediend
COTAN is een judgement maar jij moet zelf als psycholoog de keus maken en informatie op doen
over de betrouwbaarheid en kwaliteit van een test
Psychodiagnostics:
Psychodiagnostics = een wetenschappelijk onderzoek dat je helpt een gefundeerde uitspraak te doen
over een persoon (hun emoties, cognitie en gedrag)
= een zorggestuurd proces waarbij onderzoek wordt gedaan naar de aard en kwaliteit van cognitieve
(dys)functies, psychopathologie, persoonlijke factoren en omgevingsinvloeden om het probleem te
verklaren
= dit onderscheidt zich van classificatiediagnostiek volgens DSM 5, die zich richt op het identificeren
en herkennen van problemen op gedragsniveau
= in de psychodiagnostiek wordt gebruik gemaakt van een combinatie van verschillende
gestandaardiseerde, betrouwbare, gevalideerde en klinisch relevante meetinstrumenten, methoden en
technieken, in contact en overleg met de cliënt en belangrijke anderen
= de uitkomsten van een psychodiagnostisch onderzoek leiden tot een integraal rapport met
antwoorden op de onderzoeksvragen en aanbevelingen
= psychodiagnostiek richt zich op cliënten met complexe, chronische, meervoudige en/of onverklaarde
problematiek
2
, - Heeft te maken met iets dat wordt gereguleerd door de hersenen of het zenuwstelsel
- Had te maken met beoordeling, een uitspraak doen over individuen
- Ervoor zorgen dat mensen de juiste behandeling krijgen
- Beter begrijpen wat er aan de hand is
- Persoonlijke factoren
- Omgevingsfactoren (vrienden, familie, woonsituatie)
- Doel: een beslissing nemen, iemand adviseren of een behandeling geven
- Alsof je een detective bent = uitvinden wat er aan de hand is met een cliënt
inzicht in betrokken factoren, meer inzicht betekend niet altijd betere voorspellingen
Why are we using tests:
- Om informatie te verkrijgen (interviews, vragenlijsten, opdrachten, tests)
- Om de kans te vergroten dat een juiste beslissing/conclusie wordt genomen
- Deze beslissingen/conclusies kunnen belangrijke gevolgen hebben voor een opdrachtgever, een
organisatie of een samenleving
De kwaliteit van deze instrumenten en procedures moet goed zijn
Assessment in psychology serves several key purposes:
1. Beschrijf het huidige functioneren: het evalueren van cognitieve vaardigheden, de ernst van de
stoornissen en het vermogen om zelfstandig te leven.
2. Valideer klinische indrukken: Bevestig, weerleg of wijzig indrukken die zijn gevormd door
minder gestructureerde interacties met artsen.
3. Identificeer therapeutische behoeften: benadruk problemen voor behandeling, beveel
interventies aan en voorspel resultaten.
4. Differentiële diagnose: hulp bij het diagnosticeren van emotionele, gedrags- en cognitieve
stoornissen.
5. Monitor de behandeling: houd de voortgang bij en identificeer nieuwe problemen naarmate de
behandeling vordert.
6. Beheer risico's: Minimaliseer wettelijke aansprakelijkheid en identificeer bijwerkingen van
behandelingen.
7. Geef feedback: gebruik beoordelingsfeedback als therapeutisch hulpmiddel.
Psychological testing = een relatief eenvoudig proces waarbij een bepaalde schaal wordt afgenomen
om een specifieke score te verkrijgen.
- Score heeft één betekenis.
3
, Psychological assessment = betrokken bij de arts die een verscheidenheid aan testscores neemt,
doorgaans verkregen uit meerdere testmethoden, en de gegevens beschouwt in de context van de
geschiedenis, verwijzingsinformatie en waargenomen gedrag om de persoon die wordt geëvalueerd te
begrijpen en de verwijzingsvragen te beantwoorden en vervolgens de bevindingen communiceren met
de patiënt, zijn of haar belangrijke anderen en verwijzingsbronnen.
- Score kan verschillende betekenissen hebben (na bestudering van alle relevante informatie).
- Assessment maakt gebruik van test-afgeleide informatiebronnen in combinatie met historische
gegevens, het presenteren van klachten, observaties, interviewresultaten en informatie van
derden om de concurrerende mogelijkheden te ontwarren.
Evaluatiemethoden:
- Ongestructureerde interviews ontlokken informatie die relevant is voor thematische
levensverhalen, omdat ze denken dat ze worden beperkt door het scala aan behandelde
onderwerpen en de dubbelzinnigheden die inherent zijn aan het interpreteren van deze
informatie;
- Gestructureerde interviews en zelfrapportage-instrumenten onthullen details over het
bewuste begrip van zichzelf door patiënten en openlijk ervaren symptomatologie, hoewel ze
worden beperkt door de motivatie van de patiënt om openhartig te communiceren en hun
vermogen om nauwkeurige oordelen te vellen;
- Performance-based personality tests ontlokken gegevens over gedrag in
ongestructureerde omgevingen of impliciete dynamieken en onderliggende patronen van
perceptie en motivatie, hoewel ze worden beperkt door taakbetrokkenheid en de aard van het
stimulusmateriaal;
- Performance-based cognitive tasks lokken bevindingen uit over probleemoplossende en
functionele capaciteiten, hoewel ze worden beperkt door motivatie, taakbetrokkenheid en
setting;
- Observer rating scales ontlokken de perceptie van de informant over de patiënt, hoewel ze
worden beperkt door de parameters van een bepaald type relatie en de setting waarin de
observaties plaatsvinden.
Criteria:
- Wat meet de test volgens de handleiding?
- Zijn er normen beschikbaar om iemands prestaties te vergelijken met die van anderen?
- Meet de test inderdaad wat hij beweert te meten (validiteit)
- Is de test accuraat (betrouwbaarheid)?
Psychological test =
a standardized measure of a sample of behavior: een gevestigd referentiepunt dat een testscorer
kan gebruiken om te evalueren, beoordelen, meten en vergelijken
- hoe komen we aan deze referentiepunten?
Establishing norms
norms:
is afhankelijk van het aantal testpersonen dat een bepaalde test doet, om vast te
stellen wat normaal is in de groep
Vervolgens kunnen scorers bepalen waar een individu binnen die groep valt
hoe groter de steekproef, hoe beter!
Important test items that correspond to what the test is to discover about the test-taker
Test items: de vragen die een testpersoon bij een bepaalde test wordt gesteld
moet relevant zijn voor wat de test probeert te meten
moeten grote sets hebben om een goede meting te kunnen uitvoeren
* meer vragen staan gelijk aan meer kansen om vast te stellen wat een testpersoon wel
en niet weet
Based on uniformity of procedures in administering and scoring the tests:
- beheerders presenteren de test op dezelfde manier
- testpersonen nemen de test op dezelfde manier
- scorers scoren de test op dezelfde manier
4
GGZ2030 - Blok 6
Inhoudsopgave
Taak 1: psychological tests; diagnostic cycle, gevolgen van een diagnose, BDI-
II, Self-confidence test + College 1..................................................................2
1) Diagnostische test en criteria.....................................................................................2
8. Gevolgen van een diagnose........................................................................................ 6
9. Diagnostic cycle.......................................................................................................... 7
7. Sensitivity en specifity / validity en reliability...........................................................14
8. BDI-II test.................................................................................................................. 14
9. Self-confidence/ selfesteem test and narcissism.......................................................15
Task 2: reliability, cronbach’s alpha, measure the quality...............................17
1. What is reliability? (types) → Repetition of tests.......................................................17
2. What is Cronbach’s alpha? ......................................................................................20
3. How can you interpret these?...................................................................................21
4. How do you measure the quality of a psychological test?.........................................21
5. Meetfouten/ errors.................................................................................................... 23
a) meten van fouten en fouten oplossen (fout = lage reliability)...............................25
College 2 – COTAN........................................................................................29
Task 3: validity............................................................................................. 33
1. Wat is een valide test en hoe evalueer je dit?...........................................................33
2. Welke soorten validiteit heb je en hoe meet je deze?...............................................33
3. Wat heeft allemaal invloed op de validiteit van een test?.........................................36
4. Wat doe je als een test invalid of niet betrouwbaar is?.............................................37
5. Wat is self-other disagreement?...............................................................................37
6. Toepassing op taak................................................................................................... 39
Task 4: biases en decision-making.................................................................40
1. What type of biases are there and how do you deal with these biases (during
decision-making)?......................................................................................................... 40
2. What influences decision-making during the process? And What are common errors
in diagnostic processes?............................................................................................... 44
3. What is Bayes’ Rule?................................................................................................. 46
Task 5: cultural background..........................................................................49
1. How does cultural background influence the choice of a particular test?.................49
2. What biases are caused by differences in culture? (hoe je testen kunt aanpassen/
biases kunt voorkomen)............................................................................................... 51
College 3 – clinical decision making...............................................................57
1
,College 4 – psychological report writing........................................................58
College 5 – ethiek.........................................................................................61
Task 6: ethische principes en therapeutic assessment....................................62
1. What is therapeutic assessment and how does it differ from more traditional
psychological assessment?...........................................................................................63
2. What is the ethical code of professionals and specifically for testing? (not know the
entire code, just gives you some cues) ........................................................................68
3. What kind of information do you have to disclose to a patient? (guidelines for files).
..................................................................................................................................... 70
Taak 1: psychological tests; diagnostic cycle, gevolgen van een diagnose, BDI-
II, Self-confidence test + College 1
1) Diagnostische test en criteria
Evalueren kwaliteit van tests:
- NZa: bepalen hoeveel geld en tijd diagnostician krijgen ze voor een diagnose
- COTAN: beoordelingssysteem voor het evalueren van de testkwaliteit
Geeft advies over de kwaliteit van psychologische tests en educatieve tests en
testgebruik
Jij bent verantwoordelijk
Leden zijn deskundigen van Nederlandse universiteiten, instituten etc.
How evaluates COTAN tests:
- Twee onafhankelijke reviewers
- Redacteur
- Geen compensatie
- Anoniem
- Antwoord uitgever
- Oordeel + uitleg
- Alleen tests die door de uitgever zijn ingediend
COTAN is een judgement maar jij moet zelf als psycholoog de keus maken en informatie op doen
over de betrouwbaarheid en kwaliteit van een test
Psychodiagnostics:
Psychodiagnostics = een wetenschappelijk onderzoek dat je helpt een gefundeerde uitspraak te doen
over een persoon (hun emoties, cognitie en gedrag)
= een zorggestuurd proces waarbij onderzoek wordt gedaan naar de aard en kwaliteit van cognitieve
(dys)functies, psychopathologie, persoonlijke factoren en omgevingsinvloeden om het probleem te
verklaren
= dit onderscheidt zich van classificatiediagnostiek volgens DSM 5, die zich richt op het identificeren
en herkennen van problemen op gedragsniveau
= in de psychodiagnostiek wordt gebruik gemaakt van een combinatie van verschillende
gestandaardiseerde, betrouwbare, gevalideerde en klinisch relevante meetinstrumenten, methoden en
technieken, in contact en overleg met de cliënt en belangrijke anderen
= de uitkomsten van een psychodiagnostisch onderzoek leiden tot een integraal rapport met
antwoorden op de onderzoeksvragen en aanbevelingen
= psychodiagnostiek richt zich op cliënten met complexe, chronische, meervoudige en/of onverklaarde
problematiek
2
, - Heeft te maken met iets dat wordt gereguleerd door de hersenen of het zenuwstelsel
- Had te maken met beoordeling, een uitspraak doen over individuen
- Ervoor zorgen dat mensen de juiste behandeling krijgen
- Beter begrijpen wat er aan de hand is
- Persoonlijke factoren
- Omgevingsfactoren (vrienden, familie, woonsituatie)
- Doel: een beslissing nemen, iemand adviseren of een behandeling geven
- Alsof je een detective bent = uitvinden wat er aan de hand is met een cliënt
inzicht in betrokken factoren, meer inzicht betekend niet altijd betere voorspellingen
Why are we using tests:
- Om informatie te verkrijgen (interviews, vragenlijsten, opdrachten, tests)
- Om de kans te vergroten dat een juiste beslissing/conclusie wordt genomen
- Deze beslissingen/conclusies kunnen belangrijke gevolgen hebben voor een opdrachtgever, een
organisatie of een samenleving
De kwaliteit van deze instrumenten en procedures moet goed zijn
Assessment in psychology serves several key purposes:
1. Beschrijf het huidige functioneren: het evalueren van cognitieve vaardigheden, de ernst van de
stoornissen en het vermogen om zelfstandig te leven.
2. Valideer klinische indrukken: Bevestig, weerleg of wijzig indrukken die zijn gevormd door
minder gestructureerde interacties met artsen.
3. Identificeer therapeutische behoeften: benadruk problemen voor behandeling, beveel
interventies aan en voorspel resultaten.
4. Differentiële diagnose: hulp bij het diagnosticeren van emotionele, gedrags- en cognitieve
stoornissen.
5. Monitor de behandeling: houd de voortgang bij en identificeer nieuwe problemen naarmate de
behandeling vordert.
6. Beheer risico's: Minimaliseer wettelijke aansprakelijkheid en identificeer bijwerkingen van
behandelingen.
7. Geef feedback: gebruik beoordelingsfeedback als therapeutisch hulpmiddel.
Psychological testing = een relatief eenvoudig proces waarbij een bepaalde schaal wordt afgenomen
om een specifieke score te verkrijgen.
- Score heeft één betekenis.
3
, Psychological assessment = betrokken bij de arts die een verscheidenheid aan testscores neemt,
doorgaans verkregen uit meerdere testmethoden, en de gegevens beschouwt in de context van de
geschiedenis, verwijzingsinformatie en waargenomen gedrag om de persoon die wordt geëvalueerd te
begrijpen en de verwijzingsvragen te beantwoorden en vervolgens de bevindingen communiceren met
de patiënt, zijn of haar belangrijke anderen en verwijzingsbronnen.
- Score kan verschillende betekenissen hebben (na bestudering van alle relevante informatie).
- Assessment maakt gebruik van test-afgeleide informatiebronnen in combinatie met historische
gegevens, het presenteren van klachten, observaties, interviewresultaten en informatie van
derden om de concurrerende mogelijkheden te ontwarren.
Evaluatiemethoden:
- Ongestructureerde interviews ontlokken informatie die relevant is voor thematische
levensverhalen, omdat ze denken dat ze worden beperkt door het scala aan behandelde
onderwerpen en de dubbelzinnigheden die inherent zijn aan het interpreteren van deze
informatie;
- Gestructureerde interviews en zelfrapportage-instrumenten onthullen details over het
bewuste begrip van zichzelf door patiënten en openlijk ervaren symptomatologie, hoewel ze
worden beperkt door de motivatie van de patiënt om openhartig te communiceren en hun
vermogen om nauwkeurige oordelen te vellen;
- Performance-based personality tests ontlokken gegevens over gedrag in
ongestructureerde omgevingen of impliciete dynamieken en onderliggende patronen van
perceptie en motivatie, hoewel ze worden beperkt door taakbetrokkenheid en de aard van het
stimulusmateriaal;
- Performance-based cognitive tasks lokken bevindingen uit over probleemoplossende en
functionele capaciteiten, hoewel ze worden beperkt door motivatie, taakbetrokkenheid en
setting;
- Observer rating scales ontlokken de perceptie van de informant over de patiënt, hoewel ze
worden beperkt door de parameters van een bepaald type relatie en de setting waarin de
observaties plaatsvinden.
Criteria:
- Wat meet de test volgens de handleiding?
- Zijn er normen beschikbaar om iemands prestaties te vergelijken met die van anderen?
- Meet de test inderdaad wat hij beweert te meten (validiteit)
- Is de test accuraat (betrouwbaarheid)?
Psychological test =
a standardized measure of a sample of behavior: een gevestigd referentiepunt dat een testscorer
kan gebruiken om te evalueren, beoordelen, meten en vergelijken
- hoe komen we aan deze referentiepunten?
Establishing norms
norms:
is afhankelijk van het aantal testpersonen dat een bepaalde test doet, om vast te
stellen wat normaal is in de groep
Vervolgens kunnen scorers bepalen waar een individu binnen die groep valt
hoe groter de steekproef, hoe beter!
Important test items that correspond to what the test is to discover about the test-taker
Test items: de vragen die een testpersoon bij een bepaalde test wordt gesteld
moet relevant zijn voor wat de test probeert te meten
moeten grote sets hebben om een goede meting te kunnen uitvoeren
* meer vragen staan gelijk aan meer kansen om vast te stellen wat een testpersoon wel
en niet weet
Based on uniformity of procedures in administering and scoring the tests:
- beheerders presenteren de test op dezelfde manier
- testpersonen nemen de test op dezelfde manier
- scorers scoren de test op dezelfde manier
4