Elena Meert Sociaal werk Semester 2
gPsychologie:
Verschillende open vragen (leerdoelen als vraag maken als test)
4 studiepunten
Indeling:
• 0. Inleiding
• 1. Psychologie: een palet vol theorieën
• 2. Psychoanalyse
• 3. Behaviorisme
• 4. Humanistische psychologie
• 5. Cognitieve psychologie
• 6. Systeemtheorie
• 7. Omgevingspsychologie (geen leerstof!)
• 8. Biologische psychologie
• 9. Epiloog (geen leerstof!)
Mensbeelden in drie niveaus
Hoe hoger het niveau, hoe complexer
het gedrag
(model niet vanbuiten kennen)
1
,Elena Meert Sociaal werk Semester 2
De kenmerken van een lager niveau heeft een hoger niveau ook maar een hoger niveau is
geen som van de lagere niveaus
Voorbeeldje pagina 43 onder puntje 3
Psychoanalyse:
Waarom is het belangrijk voor sociaal werk?
• Omdat de ideeën uit de psychodynamische theorieën heel invloedrijk waren in de
periode (1930-60) dat het traditionele sociaal werk ontstond. Die theorieën zijn dus
de basis van het case work.
• De latere andere invloedrijke psychologische stromingen zijn op de psychoanalyse
gebaseerd of hebben zich ontwikkeld in oppositie tegenover de psychoanalyse.
• De psychoanalyse is doorgedrongen in de Westerse cultuur: de leek is er mee
vertrouwd, het jargon is gemeengoed geworden in het algemeen taalgebruik
Ø Denk aan de recente hernieuwde belangstelling voor “hechting” (zowel bij de
professionele hulpverlener als de leek die daarover van alles hoort via de media)
• Het psychoanalytisch denken kan een alternatief zijn voor de moralisering en
normalisering in de heersende menswetenschappen -> geen strikt onderscheid
tussen ‘normaliteit’ en ‘pathologie’
Sigmund Freud (1856-1939):
• ‘Bedenker’ van de psychoanalyse.
2
, Elena Meert Sociaal werk Semester 2
• Bij het lezen van de teksten van Freud moet je rekening houden met op welk
moment in de ontwikkeling van zijn theorie de tekst is geschreven. Alles is
onlosmakelijk verbonden met het tijdstip waarop Freud deze werken schreef en dit
moet telkens geplaatst worden binnen de context van de toenmalige ontwikkelingen
binnen de psychoanalytische theorie.
• De theorie wordt gewijzigd, aangevuld, herzien op basis van de klinische praktijk.
Jacques Lacan (1901-1981)
• Frans psychoanalyticus
• Le retour à Freud (de terugkeer naar Freud)
Ø Herleest de teksten van Freud op een systematische manier (geen bloemlezing), een
kritisch herlezen.
Ø Grondstelling (!!!): het onbewuste is gestructureerd als een taal
Ø Voorziet de psychoanalyse van referentiekaders waar Freud niet over
beschikte: de structurele linguistiek van o.a. de Saussure, de structurele
antropologie van Lévi-Strauss, de logica, de mathematica, de topologie,… om
die grondstelling te bekrachtigen en te ondersteunen.
Freud:
vertrok vanuit het neurologisch/biologische denkkader maar liep daar in vast en dit leidde
naar een nieuwe denkwijze.
Kliniek van de hysterie: van hypnose naar vrije associatie
• 1896: publicatie van “Studien über Hysterie” samen met Josef Breuer
Ø Door middel van hypnose: catharsis (een vorm van loutering en zuivering)
De patient wordt in de gelegenheid gesteld om traumatische gebeurtenissen en
efecten wakker te roepen en nadien af te kunnen reageren.
Ø Theorie over de hysterie is nog volledig ontwikkeld naar de paradigma’s van de
toenmalige neurologie.
Ø Hysterie kwam voornamelijk bij vrouwen voor
Ø Centrale vraagstuk in de toenmalige neuropathologie was de vraag naar de oorzaak
(etiologie) van de neurose, meer bepaald van de hysterie -> men veronderstelde dat
3
gPsychologie:
Verschillende open vragen (leerdoelen als vraag maken als test)
4 studiepunten
Indeling:
• 0. Inleiding
• 1. Psychologie: een palet vol theorieën
• 2. Psychoanalyse
• 3. Behaviorisme
• 4. Humanistische psychologie
• 5. Cognitieve psychologie
• 6. Systeemtheorie
• 7. Omgevingspsychologie (geen leerstof!)
• 8. Biologische psychologie
• 9. Epiloog (geen leerstof!)
Mensbeelden in drie niveaus
Hoe hoger het niveau, hoe complexer
het gedrag
(model niet vanbuiten kennen)
1
,Elena Meert Sociaal werk Semester 2
De kenmerken van een lager niveau heeft een hoger niveau ook maar een hoger niveau is
geen som van de lagere niveaus
Voorbeeldje pagina 43 onder puntje 3
Psychoanalyse:
Waarom is het belangrijk voor sociaal werk?
• Omdat de ideeën uit de psychodynamische theorieën heel invloedrijk waren in de
periode (1930-60) dat het traditionele sociaal werk ontstond. Die theorieën zijn dus
de basis van het case work.
• De latere andere invloedrijke psychologische stromingen zijn op de psychoanalyse
gebaseerd of hebben zich ontwikkeld in oppositie tegenover de psychoanalyse.
• De psychoanalyse is doorgedrongen in de Westerse cultuur: de leek is er mee
vertrouwd, het jargon is gemeengoed geworden in het algemeen taalgebruik
Ø Denk aan de recente hernieuwde belangstelling voor “hechting” (zowel bij de
professionele hulpverlener als de leek die daarover van alles hoort via de media)
• Het psychoanalytisch denken kan een alternatief zijn voor de moralisering en
normalisering in de heersende menswetenschappen -> geen strikt onderscheid
tussen ‘normaliteit’ en ‘pathologie’
Sigmund Freud (1856-1939):
• ‘Bedenker’ van de psychoanalyse.
2
, Elena Meert Sociaal werk Semester 2
• Bij het lezen van de teksten van Freud moet je rekening houden met op welk
moment in de ontwikkeling van zijn theorie de tekst is geschreven. Alles is
onlosmakelijk verbonden met het tijdstip waarop Freud deze werken schreef en dit
moet telkens geplaatst worden binnen de context van de toenmalige ontwikkelingen
binnen de psychoanalytische theorie.
• De theorie wordt gewijzigd, aangevuld, herzien op basis van de klinische praktijk.
Jacques Lacan (1901-1981)
• Frans psychoanalyticus
• Le retour à Freud (de terugkeer naar Freud)
Ø Herleest de teksten van Freud op een systematische manier (geen bloemlezing), een
kritisch herlezen.
Ø Grondstelling (!!!): het onbewuste is gestructureerd als een taal
Ø Voorziet de psychoanalyse van referentiekaders waar Freud niet over
beschikte: de structurele linguistiek van o.a. de Saussure, de structurele
antropologie van Lévi-Strauss, de logica, de mathematica, de topologie,… om
die grondstelling te bekrachtigen en te ondersteunen.
Freud:
vertrok vanuit het neurologisch/biologische denkkader maar liep daar in vast en dit leidde
naar een nieuwe denkwijze.
Kliniek van de hysterie: van hypnose naar vrije associatie
• 1896: publicatie van “Studien über Hysterie” samen met Josef Breuer
Ø Door middel van hypnose: catharsis (een vorm van loutering en zuivering)
De patient wordt in de gelegenheid gesteld om traumatische gebeurtenissen en
efecten wakker te roepen en nadien af te kunnen reageren.
Ø Theorie over de hysterie is nog volledig ontwikkeld naar de paradigma’s van de
toenmalige neurologie.
Ø Hysterie kwam voornamelijk bij vrouwen voor
Ø Centrale vraagstuk in de toenmalige neuropathologie was de vraag naar de oorzaak
(etiologie) van de neurose, meer bepaald van de hysterie -> men veronderstelde dat
3