Escrito por estudiantes que aprobaron Inmediatamente disponible después del pago Leer en línea o como PDF ¿Documento equivocado? Cámbialo gratis 4,6 TrustPilot
logo-home
Resumen

Inleiding tot het recht samenvatting met alle colleges, GESLAAGD vanaf de eerste zit met 13/20

Puntuación
-
Vendido
-
Páginas
147
Subido en
28-08-2025
Escrito en
2024/2025

Samenvatting met 147 pagina's aangevuld met notities van in de les door prof Tim van Opgenhaffen. Alle colleges zitten er in. Ik was hiermee geslaagd vanaf de eerste zit

Institución
Grado

Vista previa del contenido

H1: Wat is recht?
Hoofdstuk 1: Het recht

1. Het begrip recht


I. Oorsprong van het recht

Bedoeling recht
Samenleving ordenen

1. Geschillen vermijden door duidelijke regels

2. Geschillen beslechten (straf)

3. Symbool = niet direct functie, het is er gewoon

Voorbeeld: dood geboren kinderen zijn nooit personen geweest (juridisch gezien)

⇒ Akte van een levenloos kind (erkenning voor de ouders, geen rechtsgevolg)

4. Gezag + gebrek aan keuze

Bij basic fit heb je de keuze om de regels te schenden (bij recht niet de keuze)



Recht ~ ethiek (gaan hand in hand)
Recht streeft naar rechtvaardigheid (streeft morele doelen na)

Als denkbeelden veranderen dan verandert ook het recht

Bijvoorbeeld: abortus, transgenders…

Materiële doelen

Fysieke integriteit beschermen (doodslag, verkrachting strafbaar)

Goederen beschermen

Economisch systeem organiseren

Politiek systeem organiseren

Streeft naar rechtszekerheid
→ als je recht wilt handhaven moeten de regels:

1. Bekendmaking

2. Duidelijkheid

3. Coherentie

4. Juridische stabiliteit




H1: Wat is recht? 1

, 💡 Elke maatschappij kent 1 of andere vorm van het recht als systeem om de macht te kaderen.
Recht behoort zo tot het samenleven van mensen. Hoe complex of eenvoudig een maatschappij
ook mag zijn: er is steeds een vorm van rechtssysteem. Recht is deel van de menselijke conditie.



II. Begripsomschrijving van het recht
A. Het verschil
Objectief recht (HET recht)

Het recht hoe het staat in de wetboeken

Objectief contentieux

Naar administratieve rechtscolleges als problemen

Jij vs. De overheid

Je stelt een probleem vast bij HET recht (parkeer regelement die gemeente vastzet)

gemeente volgt regels niet bij benoeming ambtenaar

⇒ Je was niet betrokken in de benoeming, je aanvecht omdat iemand anders de benoeming heeft
gekregen.

Je krijgt er niks uit (als een ambtenaar niet met gelijke kansen is benoemd daardoor ben je het niet
geworden)

Nieuwe procedure

bouwaanvraag wordt geweigerd ⇒de overheid heeft HET recht geschonden

Je had geen recht op de bouwvergunning MAAR de overheid had zijn beslissing niet gemotiveerd

Subjectief recht (MIJN recht)

Mijn individuele aanspraken, de rechten die ik uit de regels kan afleiden

Subjectief contentieux

Naar gewone hoven en rechtbanken als je problemen hebt

Jij vs. andere burgers

Jij vs. de overheid

Je werkgever betaalt je niet ⇒uw recht als werkgever is geschonden

Je aannemer verdwijnt met de noorderzon ⇒ ‘rechter pas HET recht aan op mijn probleem’

Je krijgt je pensioen niet ⇒ UW recht

Je bent mishandeld en wil schadevergoeding ⇒ je gaat recht afdwingen

Wat als ik op student job ziek word = Uw recht leidt u af uit HET recht

Gebuisd en prof geeft geen motivatie

Objectief recht ⇒ je hebt dan niet het recht om geslaagd te zijn maar dat je geen antwoord hebt
gekregen waarom je bent gebuisd

Gebonden bevoegdheid

Het recht zegt wat de overheid moet doen wanneer alle voorwaarden vervuld zijn

Als a ⇒b (als je voldoet aan voorwaarden krijg je iets)




H1: Wat is recht? 2

, Parkeerkaart voor handicappen = subjectief recht als overheid het niet geeft ook al voldoe je aan
voorwaarden

Discretionaire bevoegdheid

Het recht geeft de overheid wanneer alle voorwaarden voldaan is nog een beleidsvrijheid

bouwvergunning = geen subjectief recht, de overheid mag de keuze maken of je wel of niet mag
bouwen ( je hebt het recht niet)

Marginale bevoegdheid van rechter

De rechter: hoe heeft de overheid gehandeld binnen beleidsmarge

Heeft de overheid goed gehandeld?



B. Objectief recht (HET recht)
= het geheel van algemene gedragsregels, opgelegd door een daartoe bevoegde overheid, die de
ordening van het maatschappelijk leven beogen en waarvan de naleving afdwingbaar is.



Kenmerken

1. Algemeen

Het recht is algemeen + onpersoonlijk

Logisch → anders geen regel

Waarborg tegen willekeur

MAAR een wet kan ontstaan door een bepaald misdrijf

Bende van Nijvel

Misdrijven verjaren = je kan niet meer vervolgd worden

De wetgever maakt een wet: het misdrijf dat de bendel van Nijvel heeft gepleegd word over 10
jaar verjaard →20 jaar

Rechtsregel (voor groep personen) ↔ individueel besluit (rechtsbesluit voor 1 of meer personen)

individueel besluit = rechtsgevolg voor 1 of meerdere personen

Rechtsregel = geldt algemeen



2. Gedrag

Denken wat je wilt (niet zegge)

Recht beoordeelt gedrag van rechtssubjecten

= mensen (natuurlijke personen)
= door mensen gecreëerde juridische entiteiten (rechtspersonen)

NIET rechtsobjecten (dieren, goederen…)

Geen juridische verantwoordelijkheid

als robot je aanvalt ga je die niet aanklagen maar de maker

Geen procespartij




H1: Wat is recht? 3

, 3. Opgelegd

Recht legt je dingen op

Acties verbieden en verplichten

Iemand aangevallen? → verplicht politie bellen of hulp bieden en verbied niet helpen

Inspanningsverbintenis

Ik zal mijn best doen ook al ben ik niet zeker of ik het resultaat bereik

aleatoir karakter = veel twijfel (vb. levend uit hartoperatie, levend eruit of niet?)

Chirurg kan niet garanderen dat ik het overleef maar gaat zijn best doen

Hoe beoordeeld? ⇒ zou het een andere chirurg ook voorkomen

Ja? = heeft zijn verbintenis niet geschonden

Nee? = geschonden

‘Culpa levis in abstracto’

Je gsm geven aan vriendin en ze raakt die kwijt

Je gaat vergelijken hoe ze omging met haar spullen en jou spullen

Als ze slecht omgaat met haar spullen ⇒ ook met jouwe

‘Culpa levis in concreto’

Resultaatsverbintenis

Je bent gebonden tegen het resultaat tenzij er overmacht is

Bakker geen taart voorziet op de afgesproken dag

Kan er onder uitkunnen als er overmacht is (een situatie buiten u wil)

Elektriciteit gaat uit/ oven kapot…

Hoe herkennen?

1. Er is een duidelijk gebod/verbod

2. Gebrek aan ‘aleatoir karakter’ = het resultaat is simpel te bereiken

3. Overeenkomst tussen partijen ⇒ vb. op de taart moet peppa pig niet george



4. Ordenend

5. Afdwingbaar

Recht gaat rechttrekken van wat krom is

Afdwing normen geven de voorkeur aan de rechtsherstel
→ Bij onrechtmatige daad

boom van buren op mijn huis ⇒ het recht geeft jou het recht om je buurman aan te klagen = om de
fout te herstellen

→ Bij overeenkomst

100 euro uitlenen maar hij betaalt het niet terug (recht gaat ervoor zorgen dat je rechtsherstel)

→ in relatie met overheid




H1: Wat is recht? 4

, Niet enkel rechtsherstel OOK schade herstel

buurman moet ook bijkomende schade vergoede (hotel terugbetalen)

100 euro terugbetalen OOK schade vergoede (100 euro nodig gehad → probleem)

Ook sancties (leed toevoeging)

Publieke straffen

Straf 1: (repressieve) vrijheidsberoving

Boete

Moordenaar naar gevangenis

Straf 2: Vermogensrechtelijke straffen

Private straffen

Kan in principe niet

Niet buurman extra pijn doen

C. Subjectief recht (MIJN recht)

Rechtsfeit + het recht (objectief recht) = mijn recht (subjectief recht)

vb. buurman zijn boom valt op huis + het recht = schade vergoeding + rechtsherstel

vb. Auto-ongeluk + wie een fout begaat en daardoor schade veroorzaak, moet deze vergoeden =
ik heb recht op een schade vergoeding


2. Het recht opdelen
A. Nationaal - Internationaal - Supranationaal

Nationaal recht = uitgangspunt

Internationaal² en supernationaal³ recht = uitzondering

Landen die verdragen sluiten (VN = een verdrag BUPO)²

Naast verdragen ook instellingen maken die bevoegdheden hebben³

EU = instelling die richtlijnen kan maken die bindend zijn voor lidstaten



B. Publiek - Privaat




H1: Wat is recht? 5

, Privaatrecht: rechtsverhouding tussen 2 individuen (geschillen tussen individuen)

Contract met Jan = Boek 5 BW

Kiezen tussen verschillende taarten

Publiekrecht: de organisatie van de staat + recht

Verhouding tussen burger en de staat

Contract met FOD justitie = overheidsopdrachtenwet

Onderscheid vervaagt

Onrechtmatige daad door overheid

Overheid als ‘private contractant



Belang van onderscheid blijft omdat:

1. Dwingend karakter van publiekrecht

2. Eenzijdig karakter van publiekrecht

Overheid kan beslissingen opleggen (afdwingen) zonder dat hij naar de rechter moet

3. Zwaardere verplichtingen in publiekrecht

Moet eerlijk blijven

4. Overheid neemt zelf initiatief om normenschending af te dwingen




H1: Wat is recht? 6

, H2: Fundamentele beginselen
1. Alleen personen hebben rechtspersoonlijkheid
A. Rechtssubjecten

Rechtssubjecten zijn dragers van rechten en plichten




Rechtspersonen zijn juridische constructies opgericht door de wet of door natuurlijke personen

vb. VZW, KU Leuven ⇒ kunnen in eigen naam en voor eigen rekening optreden in het
rechtsverkeer en hebben een eigen vermogen

vb. België, overheid, gemeentes = rechtspersonen

Binnen bepaalde grenzen :

1. Wettelijkheidsbeginselen 2. Doelbeperkingsbeginsel

Binnen de wettelijke voorwaarden Rechtspersonen hebben een “statutair
doel”
vb. minimum kapitaal
Wat je wilt doen en wat niet
Wet kent beperkt aantal rechtsvormen
vb. Café? Bedoeling drank aankopen +
vb. NV = winst maken;
verkopen
VZW = geen bedoeling om winst te
En mogen enkel binnen dat doel handelen
maken
vb. een appartement kopen als uw
rechtspersoon een café is; dit is niet
het statutair doel



Wat is het nut?

Zodat jij beschermt bent en dat je rechtspersoon failliet gaat

Vb.

Feitelijke verenging = geen rechtspersoon, een groep mensen die samen gaan organiseren

nagellak recept → je investeert → de nagellak flop → de bank gaat naar de rijkste van de groep

Rechtspersoon = 5 mensen creëren een rechtspersoon en geven het een kapitaal, de rechtspersoon
leent het geld van de bank




H2: Fundamentele beginselen 1

, flop? = de bank gaat naar rechtspersoon voor de lening = heeft niet?

⇒ gaat failliet MAAR die 5 personen krijgen geen gevolgen bij persoonlijke vermogen



Rechtssubjecten = dragers rechten + plichten

Ook al heb je het recht kun je het niet uitoefenen

Iemand doet het voor het rechtspersoon

Minderjarige kan geen lening uitoefenen ookal hebben ze het recht ze hebben hun ouders nodig

Rechtsbekwaamheid = hebben van het recht

Een minderjarige kan niet gaan stemmen

Handelingsbekwaam = het recht herkent u als iemand die zelf het recht kan uitoefenen

Niet = kinderen mogen niet zelf handelen, 1 van getrouwde kan niet zelf het huis gaan verkopen
zonder andere toestemming

Wilsbekwaamheid = kan ik het uitoefenen?

als je dronken bent een bus kopen



Rechtssubjecten zijn dragers van rechten + plichten

Maar een recht hebben wil niet steeds zeggen dat je het ook zelfstandig mag en kan uitoefenen

Iemand doet het voor het rechtspersoon

Minderjarige kan geen lening uitoefenen ookal hebben ze het recht ze hebben hun ouders nodig



Rechtsbekwaamheid = heb je het recht?

Een minderjarige kan niet gaan stemmen

Handelingsbekwaam = Mag je het recht zelf(standig) uitoefenen?

het recht herkent u als iemand die zelf het recht kan uitoefenen

Niet vb =

kinderen mogen niet zelf handelen,

1 van getrouwde kan niet zelf het huis gaan verkopen zonder andere toestemming

Wilsbekwaamheid = kan je het recht zelf uitoefenen?

Bij ernstige cognitieve beperkingen, dementie of bepaalde psychiatrische aandoeningen kan een
vertegenwoordiger nodig zijn om beslissingen te nemen.



b) Rechtsobjecten

Rechtsobjecten zijn geen dragers van rechten + plichten
⇒ maar kunnen voor rechtssubjecten aanleiding geven tot rechten en plichten




H2: Fundamentele beginselen 2

, Dieren = art 3.39 BW



2. Bronnen van het recht

A. Materiële en formele bronnen van het recht

vb. ‘Ik heb het recht om te trouwen met iemand van hetzelfde
geslacht

= Over de inhoud van de regel




De plek in uw wetboek waar je de bron terug vindt

Vb. Art 143 oud BW

Bindend




Formele bron → Bindend

(Formele) wetten: een wet gestemd door de parlementen

Wet: gestemd door Federale parlement

Decreet: wat gestemd wordt door de parlementen van de gemeenschappen of gewesten met
uitzondering tot Brussel

Ordonnantie: wat gestemd wordt door parlementen van het Brussels gewest

Besluiten uitvoerende macht

Koninklijk besluit/ besluit van de regering: alle ministers nemen het besluit

Ministerieel besluit: slechts 1 minister neemt het besluit

Provinciale verordening: een beslissing van een provincie (regionaal)

Gemeentelijke verordening: een beslissing van een gemeente (lokaal)




H2: Fundamentele beginselen 3

, Gebruiken en gewoonten

Lopende zaken (nergens neergeschreven

Vb. Oude regering blijft uitvoerende macht uitoefenen tot er een nieuwe regering komt MAAR het
mag geen nieuwe dingen uitvoeren (nieuwe wetten maken)

Algemene rechtsbeginselen

Ne bis in idem: niet 2 keer vervolgd kunnen worden voor hetzelfde misdrijf

Vb. een geldboeten gekregen, de overheid kan niet later zeggen ‘kom terug want we willen een
nieuwe straf geven

Formele bron → Gezaghebbend

Rechtspraak

Interpretaties: de ene rechter kan een bepaalde interpretatie geven aan een zaak, en een andere
rechter kan deze volgen, maar is daartoe niet verplicht en kan zelf een andere interpretatie geven
(in België)

Vb. De manier waarop de Reuzegommers zijn veroordeeld, betekent niet dat rechters in
Brussel dezelfde uitspraak moeten doen.

Precedenten: de rechters moeten op dezelfde manier het recht toepassen (Engeland)

Rechtsleer

Vb. Artikel over dementie: mensen mogen dat lezen en hun eigen mening erover hebben



B. Materiële en formele wetten




Formele wet: gestemd door het parlement

Vaak materieel maar niet altijd: vb. naturalisatiewet, wet op legercontigent…

Individuele beslissingen: vb. een wet voor de koning




Materiële wet: algemeen bindende neergeschreven rechtsregel (geldt voor iedereen + onpersoonlijk)

Niet alle materiële wetten zijn ook een formele wet: vb KB




H2: Fundamentele beginselen 4

Escuela, estudio y materia

Institución
Estudio
Grado

Información del documento

Subido en
28 de agosto de 2025
Número de páginas
147
Escrito en
2024/2025
Tipo
RESUMEN

Temas

$11.75
Accede al documento completo:

¿Documento equivocado? Cámbialo gratis Dentro de los 14 días posteriores a la compra y antes de descargarlo, puedes elegir otro documento. Puedes gastar el importe de nuevo.
Escrito por estudiantes que aprobaron
Inmediatamente disponible después del pago
Leer en línea o como PDF

Conoce al vendedor

Seller avatar
Los indicadores de reputación están sujetos a la cantidad de artículos vendidos por una tarifa y las reseñas que ha recibido por esos documentos. Hay tres niveles: Bronce, Plata y Oro. Cuanto mayor reputación, más podrás confiar en la calidad del trabajo del vendedor.
Criminologiestudentjex Katholieke Universiteit Leuven
Seguir Necesitas iniciar sesión para seguir a otros usuarios o asignaturas
Vendido
16
Miembro desde
10 meses
Número de seguidores
0
Documentos
6
Última venta
6 días hace

0.0

0 reseñas

5
0
4
0
3
0
2
0
1
0

Recientemente visto por ti

Por qué los estudiantes eligen Stuvia

Creado por compañeros estudiantes, verificado por reseñas

Calidad en la que puedes confiar: escrito por estudiantes que aprobaron y evaluado por otros que han usado estos resúmenes.

¿No estás satisfecho? Elige otro documento

¡No te preocupes! Puedes elegir directamente otro documento que se ajuste mejor a lo que buscas.

Paga como quieras, empieza a estudiar al instante

Sin suscripción, sin compromisos. Paga como estés acostumbrado con tarjeta de crédito y descarga tu documento PDF inmediatamente.

Student with book image

“Comprado, descargado y aprobado. Así de fácil puede ser.”

Alisha Student

Preguntas frecuentes