,
,
, Kennisbasis Nederlands Taal voor PABO 2025
1. Taalonderwijs en taal
Taalonderwijs
1.1 Belang van taalonderwijs
1. Schriftelijke taalvaardigheid ontwikkelt zich niet vanzelf. Kinderen moeten expliciet leren lezen
en schrijven, waarbij zowel de technische vaardigheden (decoderen) als de communicatieve
aspecten (begrijpen en produceren) systematisch geoefend worden.
2. Niet ieder kind bereikt zelfstandig een toereikend taalniveau. Kinderen die het Nederlands niet
als eerste taal hebben geleerd, of die met taalachterstanden starten, hebben vaak intensieve en
gerichte ondersteuning nodig. Differentiatie en remediëring zijn daarom onmisbaar in het
taalonderwijs.
3. De schooltaal verschilt wezenlijk van de thuistaal. In de klas ligt de nadruk op het
Standaardnederlands en op het gebruik van formele registers. Dit vraagt van leerlingen dat zij
abstracte begrippen leren hanteren, specifieke schooltaalwoorden verwerven en leren praten
over taal met behulp van een passend begrippenapparaat.
4. Bepaalde talige vaardigheden kunnen uitsluitend via onderwijs worden verworven. Voorbeelden
zijn het schrijven van betogende teksten, het samenvatten van langere passages of het voeren
van een discussie waarbij argumentatie en beurtwisseling centraal staan.
5. Het ontwikkelen van plezier in taal en lezen vraagt om bewuste aandacht. Een van de
kerndoelen van taalonderwijs is leerlingen laten ervaren dat taal en literatuur ook een bron van
verbeelding en ontspanning vormen.
Dit gebeurt door kinderen in aanraking te brengen met uiteenlopende tekstsoorten, door
interactie met jeugdliteratuur en door het bespreken van tekstkenmerken.
Taalonderwijs op de basisschool
In het basisonderwijs worden de verschillende domeinen van taal veelal geïntegreerd aangeboden.
Traditioneel is dit georganiseerd via methodes die systematisch alle onderdelen behandelen.
Onderverdeling:
Mondeling onderwijs
Schriftelijk onderwijs
Taalbeschouwing en strategieën