Escrito por estudiantes que aprobaron Inmediatamente disponible después del pago Leer en línea o como PDF ¿Documento equivocado? Cámbialo gratis 4,6 TrustPilot
logo-home
Resumen

Samenvatting inleiding bacteriele ziekten 1ste master

Puntuación
-
Vendido
2
Páginas
24
Subido en
11-08-2025
Escrito en
2024/2025

Dit is een samenvatting van de inleiding van het vak Bacteriele ziekten in de eerste master. De belangrijkste termen zijn aangeduid zodat het makkelijk is om te studeren.

Institución
Grado

Vista previa del contenido

Bacteriële ziekten Introductie 1ste Master 2024-2025
HOOFDSTUK 1 – Introductie van bacteriële en mycotische ziekten – Disease Ecology

1. Ziekte begrijpen
Disease triangle
• Ziekte = samenspel tussen gastheer, pathogeen en omgeving.
• Ziekte ≠ infectie: infectie = binnentreden van pathogeen; vaak subklinisch.
• Factoren:
o Gastheer: gevoeligheid van het dier.
o Pathogeen: virulentie.
o Omgeving: factoren die ziekte uitlokken of ondersteunen
(predisponerende factoren).

Gastheerspectrum
• Breed spectrum: pathogenen kunnen meerdere diersoorten infecteren (i.t.t. virussen die vaak gastheerspecifiek
zijn).
o Voorbeelden breed spectrum: Pseudomonas, Salmonella, Campylobacter jejuni, Coxiella burnetii,
Pasteurella multocida, Listeria monocytogenes, Dermatophilus congolensis, Aspergillus fumigatus,
Cryptococcus neoformans.
o Salmonella Typhimurium = zoönose, niet gastheerspecifiek.
▪ Reservoir: kippen, insecten, reptielen.
▪ Klinisch beeld bij paard, hond, mens, varken: diarree, koliek, koorts.
• Specifiek(er) spectrum: Voorbeelden: Taylorella equigenitalis (CEM, Gr-, endometritis bij merrie), Streptococcus
equi subsp. equi (droes), Mycoplasma hyopneumoniae.


2. Collecties
• = verschillende epidemiologische entiteiten (bv. toom kippen).
• Taak dierenarts: transmissie tussen groepen onderbreken (wild, dierentuin, industrie…).
• Belangrijkste wapen: bioveiligheid en sanitaire maatregelen.


3. Gastheer gevoeligheid
Op orde-niveau
• Carnivoren = relatief ongevoelig voor bacteriële problemen (weinig primaire darmpathogenen).
o Salmonella bij hond: meestal secundair bij diarree, niet primaire oorzaak.
o Evolutie: carnivoren eten vaak zieke prooien → aangepast immuunsysteem.
o Gieren: eten karkassen → zeer ongevoelig voor darminfecties.
• Ongevoeligheid geldt ook voor pathogenen van CZS: botulisme, tetanus, listeria.
• Anthrax:
o Herbivoren: ernstige septicemie, bloedingen, sterfte.
o Carnivoren: nauwelijks gevoelig.
o Cheetahs: minder aaseters → kunnen acuut sterven bij infectie.
Voorbeelden gevoeligheid:
1. Paard met typhlocolitis → herbivoren zeer gevoelig voor bacteriële darminfecties.
2. Schapen, runderen: zeer gevoelig voor listeriose (CZS-stoornissen, abortus).
o Listeria = Gr+, sterk verspreid in omgeving, beperkt aantal diersoorten gevoelig.
3. Tetanus: paarden extreem gevoelig → routinematig vaccineren.



1

,Bacteriële ziekten Introductie 1ste Master 2024-2025
Op klasse-niveau Men spreekt over ziekte, niet over infectie
• Rotkreupel (Dichelobacter nodosus + Fusobacterium necrophorum):
o Pijn, manken, aantasting klauwen.
o Runderen: vaak geïnfecteerd, zelden ziekte.
o Schapen: belangrijke ziekte, alleen virulente stammen veroorzaken problemen.
o Wilde geiten/schapen: zeer gevoelig, zelfs aan niet-pathogene stammen van schapen.

Op rasniveau
• Vaak gevolg van menselijke selectie.
Voorbeelden:
• Aspergillose (Aspergillus fumigatus):
o Schimmelsporen worden continu ingeademd.
o Langsnuitige rassen (collies) → sterk gepredisponeerd.
o Schimmelproppen in neus → aantasting conchae, uitbreiding naar sinussen/hersenen.
• Pyodermie bij herders:
o Waarschijnlijk genetisch.
o Zeer chronisch, moeilijk behandelbaar, vaak recidiverend.
• Otitis externa:
o Flaporen (bv. Cocker, Cavalier King Charles) → warme, vochtige omgeving, hogere incidentie.
o Katten: zelden otitis door droge oren en goede ventilatie.
• Huidplooien (bv. bij bepaalde rassen): Warme, vochtige lucht + wrijving → microtrauma en pyodermie.
• Urinair stelsel: Vrouwelijke dieren → brede, korte opening → bacteriën bereiken makkelijker de blaas → cystitis,
pyelonefritis.

Afweer en gastheergevoeligheid
Aangeboren afweer
• Mechanisch: huid, mucosae als barrière.
• Afdrijving: mucus, peristaltiek, tranen, mucociliaire clearance, urine, hoesten, niezen.
• Secreties: HCl, gal, antimicrobiële peptiden (AMP), lysozyme, vetzuren.
• Microbioom: natuurlijke microbiële flora.
• Antimicrobiële factoren in lichaamsvloeistoffen: complement, lysozyme, transferrine, enz.
• Cellen: fagocyten, NK-cellen…
• Verstoring van deze systemen → snellere bacteriële infecties.
o VB: scheren van schapen → kleine wondjes → intredepoort.
o VB: paarden en konijnen → zeer gevoelig aan microbioomverstoring (bv. na antibioticagebruik).
• Belangrijk: barrières intact houden en alle verstoringen vermijden.

Verworven afweer
• Actief (eigen immuunrespons) en passief (maternale immuniteit via colostrum).
• YOPI’s = meest gevoelig (young, old, pregnant, immunosuppressed):
o Dracht & lactatie → immunosuppressie.
• Leeftijd = bepalend voor gevoeligheid:
o Jonge dieren: vaak bacteriële infecties, o.a. neonatale septicemie.
▪ Oorzaak: onvoldoende opname van IgG uit colostrum →
immuniteit pasgeborene volledig afhankelijk van
colostrumkwaliteit en -hoeveelheid.
▪ Cruciaal: snel en veel colostrum in eerste 24u.
▪ Duur bescherming afhankelijk van titer in bloed moederdier.


2

, Bacteriële ziekten Introductie 1ste Master 2024-2025
Colostrummanagement
• Moeder vaccineren → hogere titers in colostrum (bv. tetanus bij veulens).
• Risicogroepen:
o Veulens van niet-gevaccineerde merries.
o Jong met lage titers bij primipare zeugen.
o Premature lactatie (verlies colostrum vóór geboorte).
o Premature geboorte (geen colostrum aangemaakt).
o Mastitis of moeder weigert te zogen.
• Immunity gap: periode waarin IgG sterk gedaald is, maar eigen immuniteit nog onvoldoende actief → hoge
infectiegevoeligheid.

Neonatale septicemie
• Alle zoogdieren gevoelig; typische verwekker = E. coli.
• Besmetting: vanuit omgeving (vuile stal = hogere infectiedruk).
• Symptomen:
o Acute sterfte.
o Niet drinken.
o Eventueel polyartritis bij overleving.
• Behandeling:
o Plasma van volwassen dier → IgG-aanvulling.
o Antibiotica (nodig omdat bacteriën in bloed vermeerderen).
• Preventie:
o Goede colostrummanagement.
o Hygiëne rond partus.
o Maternale immuniteit ook voor specifieke pathogenen (bv. tetanus).

Leeftijdsgebonden gevoeligheid voor specifieke pathogenen
• ETEC (enterotoxigene E. coli):
o Bindt via fimbriae op microvilli enterocyten → enkel bij dieren <3 dagen.
o Produceert enterotoxines.
• Paratuberculose:
o Jonge dieren → gevoelig voor infectie maar niet voor ziekte.
o Kliniek pas op latere leeftijd (kort na eerste dracht).
o Symptomen: ruwe vacht, vermagering, intermitterende diarree → progressief erger.
• Droes (Streptococcus equi subsp. equi):
o Jonge paarden gevoelig.
o Faryngitis, lymfadenitis, rhinitis, abcessen lnn. hoofd.
o Hoge besmettelijkheid, lage mortaliteit.
o Behandeling: groepsopdeling per infectiestatus.
• Rhodococcus equi:
o Veulens <6 maanden.
o Granulomateuze, abcederende longprocessen.
o Oorzaak: onvoldoende complementactiviteit → geen opsonisatie.
o Therapie: plasma volwassen paarden.
• Neonatale conjunctivitis (Chlamydia felis):
o Kittens met etterige, gesloten ogen.
o Oorzaken: onvoldoende maternale As of opflakkering infectie bij dracht.
• Kennelhoest (Bordetella bronchiseptica, parainfluenza, CPV):
o Droge hoest bij jonge honden, vaak in asiel/hondenschool.

3

Escuela, estudio y materia

Institución
Estudio
Grado

Información del documento

Subido en
11 de agosto de 2025
Número de páginas
24
Escrito en
2024/2025
Tipo
RESUMEN

Temas

$6.19
Accede al documento completo:

¿Documento equivocado? Cámbialo gratis Dentro de los 14 días posteriores a la compra y antes de descargarlo, puedes elegir otro documento. Puedes gastar el importe de nuevo.
Escrito por estudiantes que aprobaron
Inmediatamente disponible después del pago
Leer en línea o como PDF


Documento también disponible en un lote

Conoce al vendedor

Seller avatar
Los indicadores de reputación están sujetos a la cantidad de artículos vendidos por una tarifa y las reseñas que ha recibido por esos documentos. Hay tres niveles: Bronce, Plata y Oro. Cuanto mayor reputación, más podrás confiar en la calidad del trabajo del vendedor.
dhaeyeremarthe Universiteit Gent
Seguir Necesitas iniciar sesión para seguir a otros usuarios o asignaturas
Vendido
59
Miembro desde
2 año
Número de seguidores
7
Documentos
39
Última venta
1 mes hace

3.0

2 reseñas

5
1
4
0
3
0
2
0
1
1

Por qué los estudiantes eligen Stuvia

Creado por compañeros estudiantes, verificado por reseñas

Calidad en la que puedes confiar: escrito por estudiantes que aprobaron y evaluado por otros que han usado estos resúmenes.

¿No estás satisfecho? Elige otro documento

¡No te preocupes! Puedes elegir directamente otro documento que se ajuste mejor a lo que buscas.

Paga como quieras, empieza a estudiar al instante

Sin suscripción, sin compromisos. Paga como estés acostumbrado con tarjeta de crédito y descarga tu documento PDF inmediatamente.

Student with book image

“Comprado, descargado y aprobado. Así de fácil puede ser.”

Alisha Student

Preguntas frecuentes