Overzicht
De voorbereiding met boek niet gedaan dus staat ook niet hieronder.
Thema A
HC 1 – Neuro-anatomie en neuro-fysiologie
Voorbereiding
- De zelfstudie ‘Van FF naar NZA’; e-learning module en kennisclips AZS (te vinden onder
thema A op Blackboard) ->
Zelfstudie
1. Bekijk ook nog eens de e-module over het autonoom zenuwstelsel (The autonomic nervous
system), die je hebt leren kennen tijdens het vak FF. De module kun je vinden op de dop
(https://media.vet.uu.nl/dop/ ), onder FF.
Zie document FF jaar 1 WC en zoek op: ‘Maak nu de Dgk e-module The autonomic nervous system
(tot en met hoofdstuk 3)’.
Hh dingen (allemaal bekijken):
- somatisch (vrijwillig), visceraal (onvrijwillig).
- ANS = visceral efferent/motorisch
- Hypothalamus, pons en medulla zijn de controlecentra die checken of alles goed is in lichaam
en of ANS in actie moet komen
, -
- Ruggenmerg met buitenste witte stof en binnenste grijze stof (vlinder)
- Wit door veel gemyeliniseerde axonen. In de witte stof heb je de opstijgende en afdalende
banen
groen is de asc tracts, de andere niet ingekleurde met stippellijn omgeven rondjes zijn desc
- DorSaal zit Sensorisch en ventraal is motorisch.
- Dorsolateraal = ascenderende neuronen = visceraal sensorische info naar het brein
- Dorsomediaal = somatisch sensorisch
- Ventromediaal = descenderende neuronen = somatomotorisch
- Ventrolateraal = visceromotorisch
- Dus lateral is visceral en Medial is soMatisch
,-
Dorsale hoorn hier zit boven, ventraal beneden. Dus je herkent ventral aan de inkeping in de
wervel. De vlinder steekt op sommige plaatjes meer uit dorsal.
-
- De somatische weg van motorneuronen is 1 weg van ruggenmerg naar target tissue, zoals
skeletspier, en de autonome weg is via een ganglion! Autonome systeem heeft daarom pre
en postganglion neuronen dus heeft 2 neuronen nodig voor 1 weg ipv 1. Pre = cellichaam in
CNS, post = cellichaam in autonoom ganglion buiten CNS.
, En zie Di1 jaar 2 HC: E-module ‘“The autonomic nevous system”:’ voor het ENS deel
!! Somatisch
gebruikt Ach en N1 R
M R en adrenerge R is G eiwit gekoppeld en werkt daarom minder snel dan de nicotine. De nicotine R
is geen G-eiwit gekoppelde receptor, maar eerder een ligand-geactiveerd ionkanaal. Wanneer
acetylcholine of nicotine bindt aan de nicotinische acetylcholinereceptor, opent het kanaal zich,
waardoor ionen zoals natrium (Na+) en kalium (K+) door het membraan kunnen stromen, wat
resulteert in een verandering in de elektrische lading van de cel en het genereren van een neuronale
impuls.
2. ANS kennisclip 1
De voorbereiding met boek niet gedaan dus staat ook niet hieronder.
Thema A
HC 1 – Neuro-anatomie en neuro-fysiologie
Voorbereiding
- De zelfstudie ‘Van FF naar NZA’; e-learning module en kennisclips AZS (te vinden onder
thema A op Blackboard) ->
Zelfstudie
1. Bekijk ook nog eens de e-module over het autonoom zenuwstelsel (The autonomic nervous
system), die je hebt leren kennen tijdens het vak FF. De module kun je vinden op de dop
(https://media.vet.uu.nl/dop/ ), onder FF.
Zie document FF jaar 1 WC en zoek op: ‘Maak nu de Dgk e-module The autonomic nervous system
(tot en met hoofdstuk 3)’.
Hh dingen (allemaal bekijken):
- somatisch (vrijwillig), visceraal (onvrijwillig).
- ANS = visceral efferent/motorisch
- Hypothalamus, pons en medulla zijn de controlecentra die checken of alles goed is in lichaam
en of ANS in actie moet komen
, -
- Ruggenmerg met buitenste witte stof en binnenste grijze stof (vlinder)
- Wit door veel gemyeliniseerde axonen. In de witte stof heb je de opstijgende en afdalende
banen
groen is de asc tracts, de andere niet ingekleurde met stippellijn omgeven rondjes zijn desc
- DorSaal zit Sensorisch en ventraal is motorisch.
- Dorsolateraal = ascenderende neuronen = visceraal sensorische info naar het brein
- Dorsomediaal = somatisch sensorisch
- Ventromediaal = descenderende neuronen = somatomotorisch
- Ventrolateraal = visceromotorisch
- Dus lateral is visceral en Medial is soMatisch
,-
Dorsale hoorn hier zit boven, ventraal beneden. Dus je herkent ventral aan de inkeping in de
wervel. De vlinder steekt op sommige plaatjes meer uit dorsal.
-
- De somatische weg van motorneuronen is 1 weg van ruggenmerg naar target tissue, zoals
skeletspier, en de autonome weg is via een ganglion! Autonome systeem heeft daarom pre
en postganglion neuronen dus heeft 2 neuronen nodig voor 1 weg ipv 1. Pre = cellichaam in
CNS, post = cellichaam in autonoom ganglion buiten CNS.
, En zie Di1 jaar 2 HC: E-module ‘“The autonomic nevous system”:’ voor het ENS deel
!! Somatisch
gebruikt Ach en N1 R
M R en adrenerge R is G eiwit gekoppeld en werkt daarom minder snel dan de nicotine. De nicotine R
is geen G-eiwit gekoppelde receptor, maar eerder een ligand-geactiveerd ionkanaal. Wanneer
acetylcholine of nicotine bindt aan de nicotinische acetylcholinereceptor, opent het kanaal zich,
waardoor ionen zoals natrium (Na+) en kalium (K+) door het membraan kunnen stromen, wat
resulteert in een verandering in de elektrische lading van de cel en het genereren van een neuronale
impuls.
2. ANS kennisclip 1