Specifieke ortho
Hoofdstuk 1: Wat is handicap
De term die gebruikt wordt om te verwijzen nr mensen met een handicap is –
doorheen de jaren – erg veranderd.
De gebruikte terminologie verwijst vaak nr de visie die de maatschappij heeft op
personen met een handicap
Vb: gebruikte termen om verstandelijke handicap te omschrijven
- Zwakzinnig: zwak van zinnen -> worden niet als een volwaardig persoon
gezien
- Geestelijk gehandicapt: geen/te weinig onderscheid tss psychiatrische
problematiek en verstandelijke beperking
- Verstandelijk gehandicapt: hier wordt één eigenschap (nl. de verstandelijke
beperking) gebruikt om de hele persoon aan te duiden. Hier gaat men
voorbij ad persoonlijkheid van deze persoon. Deze persoon valt samen met
zijn beperking
- Personen met een verstandelijke handicap: hier maakt men een duidelijk
onderscheid tss persoon en een eigenschap
- Personen met een verstandelijke beperking: naast beperking heeft deze
persoon ook nog mogelijkheden…
Handicap definiëren
Individuele modellen
Vb. ICIDH-model en DSM-5
- Moreel model
- Medisch model
- Cultureel model
Sociale modellen
Vb. handicap-creatiemodel
Integratieve modellen
Vb. ICF en AAID
nieuwe modellen vervangen de oude niet mr blijven langs elkaar bestaan
Individuele modellen
- Handicap als verantwoordelijkheid en probleem vh individu
- Interventies gericht op het individu
- Verstoten/afzonderen vh individu?
- Behandelen vh individu?
Moreel-religieus model
- Handicap als straf vr het begaan vn een zonde
OF
- Een geschenk van God
Medisch model
- Handicap als afwijking die geminimaliseerd moet worden
, - Proberen te ‘genezen’ of gevolgen te beperken
- Individu moet zich aanpassen normaliseren
In veel Westerse landen is dit het dominante model!
International Classification of Impairment, Disabilities and Handicaps (ICIDH)
Pwp
Waar is er sprake vd stoornis bij de organen (impairment). Hoe bepaald die
stoornis ons in het dagelijkse leven (disability)
- Gepubliceerd in 1980 dr de WHO
- Meerdimensionale kijk op menselijk functioneren
- SL wordt toegevoegd als invalshoek (=/ sociaal model)
- Handicap = de culturele, sociale en economische consequentie vr het
individu vd aanwezigheid vn een stoornis of beperking
Dit model benoemt de ‘aandoening’ en diens gevolgen vr het functioneren op 3
niveaus.
Hierdoor konden ze vr het eerst (ivm de voorgaande visies en modellen) sociale
nadelen formuleren die de persoon ondervindt in het opnemen vn vss rollen in de
maatschappij
Vb. pwp
Kritische noot
- Suggestie van causaliteit
- Negatieve terminologie
- Onderwaarderen vd rol vd omgeving als bevorderende of belemmerende
factor
Cultureel model
- Het hebben van een handicap is een bepaalde manier vn in de wereld
staan
- Handicap = een unieke ervaring, een meerwaarde
- Deel vd identiteit
Sociale modellen
- Ontstaan als reactie op individuele modellen
- Handicap = onaangepastheid vd omgeving
Oorzaak vh hebben vn een handicap ligt buiten het individu. Het is de
omgeving die onaangepast is
- Functiebeperking vs handicap
Functiebeperking = een lichamelijke of geestelijke functie is beperkt
Handicap = de SL werpt drempels op waardoor er geen gelijke kansen zijn
vr mensen met een functiebeperking
- Focus op inclusieve SL
Inclusieve maatschappij
,Het sociale model pleit vr een inclusieve maatschappij. MAAR kritische noot: het
individuele aspect mag niet uit het oog verloren worden! Wat is het individueel
verhaal vd persoon met een handicap?
Integratief model
- Individu EN omgeving
- Handicap is een beperking eigen ad persoon mr waar de omgeving een rol
speelt in de beleving vd handicap
International Classification of Functioning, Disability and Health (ICF)
- ICF is de opvolger vn ICIDH gepubliceerd in 2001 dr de WHO
- Menselijk functioneren is het resultaat vn dynamische wisselwerking tss
gezondheidsproblemen en de context
- Blijvende hindernissen die de persoon ervaart op lichamelijk vlak, op vlak
vh uitvoeren vn activiteiten en op vlak vh deelnemen ad SL
Dynamische wisselwerking
Pwp
Functioneren vd cliënt
3 perspectieven:
- Menselijk organisme functies en anatomische eigenschappen
Fysiologische functies
Mentale functies
Anatomische eigenschappen
- Menselijk handelen activiteiten
Feitelijke prestaties in het dagelijks leven
- Deelname ah maatsc. leven participatie
Wisselwerking tss persoonlijke factoren en omgevingsfactoren
Beïnvloedende factoren
- Gezondheidstoestand: aandoeningen, ziekten, letsels bv. ziekte van
Alzheimer, blind, immuundeficiëntie, bloedarmoede, allergie, geen
onderste ledematen,..
- Persoonlijke factoren: individuele achtergrond en individuele kenmerken
vn een persoon die geen deel uitmaken vd functionele
gezondheidstoestand
- Externe factoren: factoren uit de fysieke en sociale omgeving waarin een
persoon leeft
Krachten
- Alg. model vn menselijk functioneren: kan zowel gwn als problematisch
functioneren in kaart brengen
- Omgeving toegevoegd als beïnvloedende factor
- Dynamisch model: interactie tss alle actoren
- Neutrale terminologie
- Streeft nr eenheid vn taal
, - Integratief kader: info vanuit verschillende disciplines kan toegevoegd
worden
- Internationaal
Impact vn ICF
- Nadruk meer op participatie ad SL
- De persoon is meer dan zijn ‘defecten’
- Visie vn ontw. als dynamisch gebeuren (bio-psycho-sociaal model)
- Meer gezonde kijk op functioneren
Stoornis – beperking – handicap
- Stoornis = afwijking in of verlies vn een psychische, fysiologische of
anatomische structuur of functie
- Beperking = tekorten in handelingen of vaardigheden die noodzakelijk zijn
vr het motorisch, sensorisch of geestelijk functioneren waartoe een mens
‘normaal gezien’ toe in staat is
- Handicap = participatieprobleem = wnr iem bij het opnemen vn een
bepaalde rol of het uitvoeren vn een activiteit een stoornis aanvoelt als
een belemmering vr het bereiken vn bepaalde doelen
Inclusieve woordenlijst: handicap
- Reduceer mensen niet tot hun handicap. Dit is mr een element vd
persoon die ze zijn. De handicap heeft veeleer te maken met de
maatschappij die niet aangepast is
- Let op dat je personen met een handicap niet voorstelt alsof ze altijd
gebukt gaan onder hun handicap: bv ‘lijden’, ‘rolstoelpatiënt’ enz
- Weet dat je zowel handicap als beperking kan gebruiken. De
meningen zijn beetje verdeeld, mr beide termen kunnen. Officieel wordt
'personen met een handicap' gebruikt als het gaat over erkenningen en in
het VN-Verdrag ('VN-Verdrag inzake de rechten vn personen met een
handicap'). Drm gebruikt Unia het woord handicap
- Mensen met een handicap Een beperking is iets wat je als persoon
hebt, mr je handicap heb je als gevolg vn drempels in de maatschappij.
Denk aan ontoega-nkelijkheid, vooroordelen of geen gelijke kansen krijgen.
In dit project gebruiken we ‘mensen met een handicap’ omdat we net
focussen op die drempels
Hoofdstuk 1: Wat is handicap
De term die gebruikt wordt om te verwijzen nr mensen met een handicap is –
doorheen de jaren – erg veranderd.
De gebruikte terminologie verwijst vaak nr de visie die de maatschappij heeft op
personen met een handicap
Vb: gebruikte termen om verstandelijke handicap te omschrijven
- Zwakzinnig: zwak van zinnen -> worden niet als een volwaardig persoon
gezien
- Geestelijk gehandicapt: geen/te weinig onderscheid tss psychiatrische
problematiek en verstandelijke beperking
- Verstandelijk gehandicapt: hier wordt één eigenschap (nl. de verstandelijke
beperking) gebruikt om de hele persoon aan te duiden. Hier gaat men
voorbij ad persoonlijkheid van deze persoon. Deze persoon valt samen met
zijn beperking
- Personen met een verstandelijke handicap: hier maakt men een duidelijk
onderscheid tss persoon en een eigenschap
- Personen met een verstandelijke beperking: naast beperking heeft deze
persoon ook nog mogelijkheden…
Handicap definiëren
Individuele modellen
Vb. ICIDH-model en DSM-5
- Moreel model
- Medisch model
- Cultureel model
Sociale modellen
Vb. handicap-creatiemodel
Integratieve modellen
Vb. ICF en AAID
nieuwe modellen vervangen de oude niet mr blijven langs elkaar bestaan
Individuele modellen
- Handicap als verantwoordelijkheid en probleem vh individu
- Interventies gericht op het individu
- Verstoten/afzonderen vh individu?
- Behandelen vh individu?
Moreel-religieus model
- Handicap als straf vr het begaan vn een zonde
OF
- Een geschenk van God
Medisch model
- Handicap als afwijking die geminimaliseerd moet worden
, - Proberen te ‘genezen’ of gevolgen te beperken
- Individu moet zich aanpassen normaliseren
In veel Westerse landen is dit het dominante model!
International Classification of Impairment, Disabilities and Handicaps (ICIDH)
Pwp
Waar is er sprake vd stoornis bij de organen (impairment). Hoe bepaald die
stoornis ons in het dagelijkse leven (disability)
- Gepubliceerd in 1980 dr de WHO
- Meerdimensionale kijk op menselijk functioneren
- SL wordt toegevoegd als invalshoek (=/ sociaal model)
- Handicap = de culturele, sociale en economische consequentie vr het
individu vd aanwezigheid vn een stoornis of beperking
Dit model benoemt de ‘aandoening’ en diens gevolgen vr het functioneren op 3
niveaus.
Hierdoor konden ze vr het eerst (ivm de voorgaande visies en modellen) sociale
nadelen formuleren die de persoon ondervindt in het opnemen vn vss rollen in de
maatschappij
Vb. pwp
Kritische noot
- Suggestie van causaliteit
- Negatieve terminologie
- Onderwaarderen vd rol vd omgeving als bevorderende of belemmerende
factor
Cultureel model
- Het hebben van een handicap is een bepaalde manier vn in de wereld
staan
- Handicap = een unieke ervaring, een meerwaarde
- Deel vd identiteit
Sociale modellen
- Ontstaan als reactie op individuele modellen
- Handicap = onaangepastheid vd omgeving
Oorzaak vh hebben vn een handicap ligt buiten het individu. Het is de
omgeving die onaangepast is
- Functiebeperking vs handicap
Functiebeperking = een lichamelijke of geestelijke functie is beperkt
Handicap = de SL werpt drempels op waardoor er geen gelijke kansen zijn
vr mensen met een functiebeperking
- Focus op inclusieve SL
Inclusieve maatschappij
,Het sociale model pleit vr een inclusieve maatschappij. MAAR kritische noot: het
individuele aspect mag niet uit het oog verloren worden! Wat is het individueel
verhaal vd persoon met een handicap?
Integratief model
- Individu EN omgeving
- Handicap is een beperking eigen ad persoon mr waar de omgeving een rol
speelt in de beleving vd handicap
International Classification of Functioning, Disability and Health (ICF)
- ICF is de opvolger vn ICIDH gepubliceerd in 2001 dr de WHO
- Menselijk functioneren is het resultaat vn dynamische wisselwerking tss
gezondheidsproblemen en de context
- Blijvende hindernissen die de persoon ervaart op lichamelijk vlak, op vlak
vh uitvoeren vn activiteiten en op vlak vh deelnemen ad SL
Dynamische wisselwerking
Pwp
Functioneren vd cliënt
3 perspectieven:
- Menselijk organisme functies en anatomische eigenschappen
Fysiologische functies
Mentale functies
Anatomische eigenschappen
- Menselijk handelen activiteiten
Feitelijke prestaties in het dagelijks leven
- Deelname ah maatsc. leven participatie
Wisselwerking tss persoonlijke factoren en omgevingsfactoren
Beïnvloedende factoren
- Gezondheidstoestand: aandoeningen, ziekten, letsels bv. ziekte van
Alzheimer, blind, immuundeficiëntie, bloedarmoede, allergie, geen
onderste ledematen,..
- Persoonlijke factoren: individuele achtergrond en individuele kenmerken
vn een persoon die geen deel uitmaken vd functionele
gezondheidstoestand
- Externe factoren: factoren uit de fysieke en sociale omgeving waarin een
persoon leeft
Krachten
- Alg. model vn menselijk functioneren: kan zowel gwn als problematisch
functioneren in kaart brengen
- Omgeving toegevoegd als beïnvloedende factor
- Dynamisch model: interactie tss alle actoren
- Neutrale terminologie
- Streeft nr eenheid vn taal
, - Integratief kader: info vanuit verschillende disciplines kan toegevoegd
worden
- Internationaal
Impact vn ICF
- Nadruk meer op participatie ad SL
- De persoon is meer dan zijn ‘defecten’
- Visie vn ontw. als dynamisch gebeuren (bio-psycho-sociaal model)
- Meer gezonde kijk op functioneren
Stoornis – beperking – handicap
- Stoornis = afwijking in of verlies vn een psychische, fysiologische of
anatomische structuur of functie
- Beperking = tekorten in handelingen of vaardigheden die noodzakelijk zijn
vr het motorisch, sensorisch of geestelijk functioneren waartoe een mens
‘normaal gezien’ toe in staat is
- Handicap = participatieprobleem = wnr iem bij het opnemen vn een
bepaalde rol of het uitvoeren vn een activiteit een stoornis aanvoelt als
een belemmering vr het bereiken vn bepaalde doelen
Inclusieve woordenlijst: handicap
- Reduceer mensen niet tot hun handicap. Dit is mr een element vd
persoon die ze zijn. De handicap heeft veeleer te maken met de
maatschappij die niet aangepast is
- Let op dat je personen met een handicap niet voorstelt alsof ze altijd
gebukt gaan onder hun handicap: bv ‘lijden’, ‘rolstoelpatiënt’ enz
- Weet dat je zowel handicap als beperking kan gebruiken. De
meningen zijn beetje verdeeld, mr beide termen kunnen. Officieel wordt
'personen met een handicap' gebruikt als het gaat over erkenningen en in
het VN-Verdrag ('VN-Verdrag inzake de rechten vn personen met een
handicap'). Drm gebruikt Unia het woord handicap
- Mensen met een handicap Een beperking is iets wat je als persoon
hebt, mr je handicap heb je als gevolg vn drempels in de maatschappij.
Denk aan ontoega-nkelijkheid, vooroordelen of geen gelijke kansen krijgen.
In dit project gebruiken we ‘mensen met een handicap’ omdat we net
focussen op die drempels