100% de satisfacción garantizada Inmediatamente disponible después del pago Tanto en línea como en PDF No estas atado a nada 4.2 TrustPilot
logo-home
Resumen

Samenvatting Hoorcolleges AP4 - KNO

Puntuación
-
Vendido
-
Páginas
37
Subido en
10-06-2025
Escrito en
2022/2023

Duidelijk en compleet onderzoek van het onderdeel KNO van het vak AP4 van jaar 2 geneeskunde aan de VU.

Institución
Grado











Ups! No podemos cargar tu documento ahora. Inténtalo de nuevo o contacta con soporte.

Escuela, estudio y materia

Institución
Estudio
Grado

Información del documento

Subido en
10 de junio de 2025
Número de páginas
37
Escrito en
2022/2023
Tipo
Resumen

Temas

Vista previa del contenido

Embryologie hoofd/hals


Het hoofd-halsgebied ontwikkelt zich van de 4e tot de 20e week in de embryologie.
Vrij vroeg in de ontwikkeling, rond de 10e week, kan een gezicht herkend worden.

De schedel wordt onderverdeeld in:
-​ neurocranium
-​ vormt het gedeelte dat om de hersenen zit
-​ viscerocranium
-​ vormt het aangezicht

De schedel bevat vooral structuren die endesmaal zijn ontstaan uit het mesenchym
(embryonaal bindweefsel). In deze situatie is er geen kraakbeenvoorstadium.

Met name na de geboorte fuseren de schedelbeenderen. Middels de anterieure fontanel en
de posterieure fontanel groeit de schedel langzaam aan elkaar. De achterste fontanel sluit
circa drie maanden na de geboorte en de voorste fontanel in het tweede levensjaar.

Als de suturen eerder sluiten dan de bedoeling is, ontstaat er een afwijkende vorm van de
schedel, ook wel craniosynostosis genoemd.
-​ Als de sagittale sutuur eerder sluit dan gaat de schedel in de lengte vergroeien, de
schedel kan namelijk niet verder groeien in de breedte.
-​ Als de coronale sutuur eerder sluit dan wordt de schedel breder.

Een baby kan een helmpje dragen om de vervormingen van de schedel te minimaliseren.

,Kieuwbogen, kieuwspleten en kieuwzakjes
Tussen de kieuwbogen zitten kieuwspleten en in de kieuwbogen zitten de kieuwzakjes.

Er zijn 6 kieuwbogen, de 5e ontstaat even kort en verdwijnt daarna weer → de 6e
kieuwboog wordt daarom soms als 5e aangeduid in de literatuur.

Uit de 1e kieuwboog ontstaan
-​ maxillaire zwellingen (bovenkaak)
-​ mandibulaire zwellingen (onderkaak)
waar de aangezichtszwellingen uit voortkomen

Eerste kieuwboog
De nervus trigeminus innerveert de derivaten van de 1e kieuwboog.
De bijbehorende spieren uit de eerste kieuwboog worden ook geïnnerveerd door de nervus
trigeminus, dit zijn de kauwspieren:
-​ musculus temporalis
-​ musculus masseter
Verder ontstaan uit de 1e kieuwboog:
-​ maxilla
-​ malleolus
-​ incus

Tweede kieuwboog
De nervus facialis innerveert de derivaten van de 2e kieuwboog.
De bijbehorende spieren zijn mimische spieren, die zorgen voor de aangezichtsmusculatuur.
Verder ontstaan uit de 2e kieuwboog:
-​ derde gehoorbeentje, de stapes
-​ deel van het os hyoideum

Derde kieuwboog
De nervus glossopharyngeus innerveert de derivaten van de 2e kieuwboog.
De farynxspier, m. stylopharyngeus (heft de keel bij het slikken).
Verder ontstaan uit de 3e kieuwboog:
-​ het andere deel van het os hyoideum

Vierde en zesde kieuwboog
De 10e hersenzenuw, ook wel nervus vagus, innerveert de derivaten van de 4e en 6e
kieuwboog. De laryngeus superior van de 4e boog en de laryngeus recurrens van de 6e
boog. De spieren die uit de 4e kieuwboog ontstaan, zijn de cricothyreoideus en de farynx
constrictors en uit de 6e kieuwboog ontstaan de andere intrinsieke larynxspieren.
Daarnaast komen de larynx-kraakbeen onderdelen voort uit de 4e en 6e kieuwboog

Kieuwspleten
De kieuwspleten moeten uiteindelijk allemaal verdwenen, behalve de 1e kieuwspleet.
De eerste kieuwspleet vormt namelijk de uitwendige gehoorgang.
Dit gebeurt doordat de tweede kieuwspleet naar beneden groeit en dan de andere
kieuwspleten bedekt. De tweede, derde en vierde kieuwspleten worden bedekt met weefsel

,en de holte tussen deze structuren wordt de sinus cervicalis genoemd. Die holte zal ook
weer verdwijnen.

-​ als de sinus cervicalis niet verdwijnt, ontstaan er laterale halscysten
-​ deze bevinden zich in de regel altijd voor de sternocleidomastoideus

Kieuwzakjes
In totaal hebben we 4 kieuwzakjes.
1e kieuwzak → het cavitas tympani en tuba auditiva
2e kieuwzak → tonsillen
3e kieuwzak → onderste bijschildklieren en thymus
4e kieuwzak → bovenste bijschildklieren
5e kieuwzak (eig onderste deel 4e kieuwzak) → C-cellen van de schildklier (die calcitonine
produceren)




Na het ontstaan van de structuren moeten deze nog migreren naar de juiste plaats.
Lateraal moeten twee structuren uit de derde kieuwzak migreren naar beneden en naar
elkaar toe om de schildklier te vormen.
Dit migratieproces gaat niet altijd goed, weefsel kan namelijk op de verkeerde plek
terechtkomen.
De schildklier migreert naar beneden maar houdt tijdens de migratie verbinding met het
foramen coecum. Deze verbinding wordt gevormd door de ductus thyroglossus en deze
ductus moet uiteindelijk in regressie gaan.
Sommige mensen hebben bij hun schildklier een lobus pyramidalis, een restant van de
ductus thyroglossus. Als cysten achterblijven in dit traject, dan spreekt men van een
mediane halscyste. Deze cysten bewegen mee met het slikken.
Een mediane halscyste kan operatief verwijderd worden en daarbij moet ook een gedeelte
van het os hyoideum meegenomen worden, anders zou er weer een nieuwe cyste kunnen
gaan vormen als er nog een stukje weefsel blijft zitten.

, Ontwikkeling aangezicht, neus en mondholte

Uit de 1e kieuwboog ontstaan zwellingen:
-​ de mandibulaire en maxillaire prominentia zwellingen.
Uit deze zwellingen vormen zich uiteindelijk de neus en het aangezicht.

Vroeg in de 6e week tot de 10e week vindt de ontwikkeling van het aangezicht plaats. Aan
de maxillaire zwelling kun je een mediale en een laterale processus nasalis benoemen. De
mediale processi van de neus moeten met elkaar fuseren om het mediale gedeelte van de
neus te vormen.
De maxillaire zwellingen fuseren ook met deze mediale processus en vormen zo het
middendeel van de bovenlip (het filtrum). Dit wordt ook wel het intermaxillaire proces
genoemd.

Uit de prominentia mandibularis wordt de onderkaak gevormd.

Deze fusieprocessen moeten goed verlopen om een schisis te voorkomen.




Aan de binnenkant ontstaat vanuit het intermaxillaire proces het primaire palatum.
Uit de maxillaire zwellingen ontstaat het secundaire palatum.
Op hetzelfde moment komt uit het mediale gedeelte het neusseptum.
$6.59
Accede al documento completo:

100% de satisfacción garantizada
Inmediatamente disponible después del pago
Tanto en línea como en PDF
No estas atado a nada

Conoce al vendedor
Seller avatar
jasmijnschouten

Conoce al vendedor

Seller avatar
jasmijnschouten Vrije Universiteit Amsterdam
Seguir Necesitas iniciar sesión para seguir a otros usuarios o asignaturas
Vendido
0
Miembro desde
3 año
Número de seguidores
0
Documentos
21
Última venta
-

0.0

0 reseñas

5
0
4
0
3
0
2
0
1
0

Por qué los estudiantes eligen Stuvia

Creado por compañeros estudiantes, verificado por reseñas

Calidad en la que puedes confiar: escrito por estudiantes que aprobaron y evaluado por otros que han usado estos resúmenes.

¿No estás satisfecho? Elige otro documento

¡No te preocupes! Puedes elegir directamente otro documento que se ajuste mejor a lo que buscas.

Paga como quieras, empieza a estudiar al instante

Sin suscripción, sin compromisos. Paga como estés acostumbrado con tarjeta de crédito y descarga tu documento PDF inmediatamente.

Student with book image

“Comprado, descargado y aprobado. Así de fácil puede ser.”

Alisha Student

Preguntas frecuentes