100% de satisfacción garantizada Inmediatamente disponible después del pago Leer en línea o como PDF No estas atado a nada 4,6 TrustPilot
logo-home
Resumen

geslaagde samenvatting toolbox marktkennis (19/20)

Puntuación
4.0
(1)
Vendido
3
Páginas
43
Subido en
31-05-2025
Escrito en
2024/2025

geslaagde samenvatting toolbox marktkennis (19/20)

Institución
Grado

Vista previa del contenido

TOOLBOX MARKTKENNIS
1– RESIDENTIEEL VASTGOED
Actualiteit!!!  Wordt bevraagd op het examen
Linken in de ppt  gekende leerstof
Zie ppt voor gerelateerde artikels bij de leerstof

1.1 WOONLANDSCHAP
 hoe ziet ons landschap er uit? Hoe is onze evolutie?

De AANBODMARKT in Vlaanderen is divers: (op welke manieren kunnen wonen?)
- Woning
- Appartement
- Co – housing
- Zorgwoning
- Stapelwoning
- Duplex
- …

70% is verkavelingsarchitectuur we hebben inspanning geleverd zodat het
ons allemaal eigen wordt; momenteel ligt de focus op stadsvernieuwing.
- Idee van “iedereen een villa” is weg  we moeten dichter op elkaar
gaan wonen
- Meer nadenken over ons woonlandschap
- Meer naar stad wonen

De gebruiker is op verscheidene domeinen
1. kopen
o Privaat
o Sociaal
2. huren
o Privaat
o Sociaal
3. investeren
4. beleggen

Deze kerncijfers kennen!
- 72% woont in zijn eigen woning (eigenaars)
o We zitten in een eigenaarsmarkt
- Huurmarkt privaat= 20%
- Sociale huurder = 7%
- Gratis bewoner = 2%
- Het groter vraag  hoe hoger prijs
- Eigendom stimuleren = nadeel voor mensen die huren

- Meer wonen op platteland dan in steden
- in Duitsland is het bijna
50/50 huurders-
eigenaars
- Wij zitten op 70/30

,1.2 KOPEN

1.2.1 EINDGEBRUIKER – EIGENAAR
 Hierbij is de eindgebruiker zelf de eigenaar (huis gekocht om erin te wonen)
 Gaat dus over die 72% eigenaars

VRAAGPERSPECTIEF
De cyclus v/e verkoper, wanneer er geen beweging is, is er geen werk. Telkens
verhuizen dus de vraag verandert. De vastgoedmarkt is steeds in beweging!

Waarom de beslissing tot kopen?
- Kwanitatief (oppervlakte, voldoende ruimtefuncties)
- Kwalitatief (functies, technische eisen, andere doelstellingen, imago-
Oxfam)
o Gebouw showen
- Locactie (woonwerk-verkeer, natuur, station)
- financieel (betaalbaar, te duur, mag duurder)

Door een vraag, moet ook een aanbod volgen, maar er is een DYNAMISCHE VRAAG maar een STATISCH AANBOD => een BOEM
in de vastgoedprijzen.

WONINGPRIJS
Wat bepaalt de woningprijs?
- Besteedbaar budget: ability
o koopkracht : eigen middelen + ontleningscapaciteit
- Wil om te kopen: willingness (bereidheid/vertrouwen)
- Vraag en aanbod  bepaalt de prijs

Het gaat niet over de kostprijs!! Bouwen kosten evenveel op welke plaats dan ook.
 slide op ppt met primaire bronnen over woningprijzen

Hierbij zijn er enkele vaststellingen waaronder bv de WOONQUOTE, dit is het aantal procent v/d inkomsten die aan woonlasten
besteed mag worden.
 de vuistregel is maximum 30 procent v/h beschikbaar inkomen

1. ABILITY (KUNNEN) – waar haal je het budget van om te kopen?
- Eigen middelen (spaarboek)
- Hypothecaire lening (onroerend onderpand – hypotheek)
o Persoonlijke lening is duurder dan hypothecaire lening  onderpand staat vast
- Andere: erfenis, schenking, …

Wanneer we ons verdiepen in de eigen middelen en de hypothecaire lening dan is de verhouding afhankelijk van:
- Leeftijd
- Gezinstoestand
- Ingeschatte inkomensevolutie
- Spaarsnelheid
- Toevaligheden (erfenis, slimme investering, ...)

- meer
dan
90

, procent v/d startende eigenaars is jonger dan 45  hypothecaire
lening
- slechts 10 procent v/d kopers vanf 65 jaar  hypothecaire lening
- totaal 78 procent v/d aankopen / bouwen  hypothecaire lening
- verhouding eigen vermogen en hypothecaire lening verschilt
sterk in functie van leeftijd



Als we kijken naar de determinerende factor LENEN: ONTLENINGSCAPACITEIT (3 soorten inkomsten / 3 soorten uitgaven)
- Inkomen
o Inkomen (besteedbaar inkomen  woonquote!)
 Afkomstig van arbeid/loonbriefje
o Fiscaliteit (woonbonus?)
 Premies van overheid (bv als je een huis koopt met de bedoeling om die energiezuinig te verbouwen
dan kan de overheid beslissen om minder belanstingen te betalen bij de aankoop v/d woning)
 Kan gezien worden als een uitgave maar het punt hiervan is dat je minder moet uitgeven
o Premies? (bv huis kopen zonder zonnepannelen  premie krijgen voor zonnepanelen, thuisbatterijen, …)
- Uitgaven
o Intrestvoet (nu 3,08%) (bij lening)
 Bepaald de kost v/d lening
 Het percentage bepaald heel sterk hoeveel je kan lenen
 Hoe lager het percentage hoe meer je kan lenen voor hetzelfde termijn van bv 20 jaar
o Fiscaliteit (BTW, registratie)
 Belasting die overheid heft op uw vastgoed
 BTW bij nieuwbouw
 Registratie bij bestaand vastgoed
o Hypotheektype

De laatste 40 jaar ging het inkomen maal 10. De laatste jaren, tot 2 jaar geleden was er een historisch lage interestvoeten,
hypothecaire lening terug aan het stijgen.
bv hypothecaire lening & beleningsbedrag (1300 euro/maand – 20 jaar):
- 1%  300 000 euro
- 2,5%  243 000 euro
- 4,5%  200 000 euro
- 14,5%  100 000 euro

Er is een HEFBOOMEFFECT, is het wel gunstig om te lenen afhankelijk van
factoren.
Wat is er aan de hand?
o Inflatie (waardeverminding v/h geld, daling koopkracht)
o Rentes
 Vraag verminderen door lenen van geld duurder te maken  vraag naar lenen dalen = rente stijgt =
bedrag dat je kan lenen voor dezelfde afbetaling wordt lager
 Prijsstijging laten afremmen door vraag af te remmen adhv hogere rente
o Woningprijzen
 Vanaf 2005 gap tss inkomen en woonprijzen  de woningprijzen waren substantieel gestegen maar
het inkomen niet. Hoe komt dat?
 Overheid heeft een tussenkomst gegeven op de hypothecaire lening
 Gezinnen kregen een stimulus v/d overheid om meer te kunnen lenen = woonbonus
 inkomen bleef gelijk maar je kreeg een tegemoetkoming op u lening (woonbonus)
 je kon meer lenen met hetzelfde inkomen, leenbedrag lag hoger
 woningprijzen zijn terug gestegen

, Basisbegrip  AFBETALINGSRATIO vs WOONQUOTE
1. afbetalingsratio: de initiële afbetaling v/d hypotheek in verhouding tot de inkomen
2. woonquote: verhouding afbetaling/huur + woonkosten tussen en inkomen
o vuistregel: maximaal 30% van inkomen
o Vlaanderen  gemiddeld eigenaars 25%
o Europa  25%




 x-as = 1997, 2005, 2013, 2018

Bv: afbetaling van 1000 euro in de maand voor een loon van 3000 euro in de maand (afbetalingsratio = 33%)
- Afbetaling is 33% van uw inkomen
- Nochtans met dezelfde afbetaling van 1000 euro kan de leningslast toch dalen door inflatie
o Die 1000 euro is binnen 5 jaar minder waard  inflatie zorgt ervoor dat de waarden van die 1000 euro daalt
o Systeem in België: inkomen evolueren mee met de inflatie (= wanneer spilindex overschreden is dan stijgen de
lonen met 2%)
o Lonen stijgen  afbetalingskost blijft hetzelfde  afbetalingslast daalt

MAAR reële ontleningsLAST daalt  relatieve ontleningslast dalend
- Inflatie
- Loonstijging
- Herfinancieringen

Hoe kan de woningprijs sterk stijgen als de initiële afbetalingsratio bijna niet verandert? Hoe kunnen we een hoger bedrag
lenen? Welke mechanismen?  besteedbaar bedrag verhogen!!! (verhouding van 1/3 afbetaling v/h inkomen blijft)
- Inkomensevolutie
o inkomen stijgt  afbebetaling laten stijgen  we kunnen meer lenen
(want we blijven op de verhouding 1/3 v/h loon afbetalen)
- Evolutie hypothecaire interestvoeten
o Het stijgen/dalen van de rente (prijs die je betaalt voor te lenen)
- Looptijd hypothecaire lening (
o De mogelijkheid hebben om 25 jaar de afbetaling te doen ipv 20 jaar  meer kunnen lenen in het begin
- Beleningsgraad
o Percentage die je mag lenen voor het bedrag dat je een woning koopt
o Bv je mag niet voor een woning van 450 000 euro 450 000 euro lenen bij bank
o Je mag lenen tot ongeveer 80-90% v/h bedrag v/d woning
- Fiscaliteit  bouwsparen en woonbonus

1° inkomensevolutie  deze blijven stabiel  zie lesopname van dia 28!!
2° evolutie hypothecaire intrestvoeten
Sinds 1982 sterke daling  bij maandelijkse afbetaling verschuft van interestbelasting naar kapitaaloplossing. Meer kapitaal
lenen  groot besteedbaar bedrag.
3° looptijd hypothecaire lening (hoe lang afbetalen ???)
Men is gestart met de invoering v/d WOONBONUS. Hierbij is er een langere fiscale aftrek. Een langere looptijd wil zeggen een
lagere maandelijkse afbetaling. Hierbij dezelfde afbetaling maar aan een hoger beleenbaar bedrag.  verhoging v/d
woonprijzen (door om huishoudenscompetitie)

Escuela, estudio y materia

Institución
Estudio
Grado

Información del documento

Subido en
31 de mayo de 2025
Número de páginas
43
Escrito en
2024/2025
Tipo
RESUMEN

Temas

$12.15
Accede al documento completo:

100% de satisfacción garantizada
Inmediatamente disponible después del pago
Leer en línea o como PDF
No estas atado a nada


Documento también disponible en un lote

Reseñas de compradores verificados

Se muestran los comentarios
2 meses hace

4.0

1 reseñas

5
0
4
1
3
0
2
0
1
0
Reseñas confiables sobre Stuvia

Todas las reseñas las realizan usuarios reales de Stuvia después de compras verificadas.

Conoce al vendedor

Seller avatar
Los indicadores de reputación están sujetos a la cantidad de artículos vendidos por una tarifa y las reseñas que ha recibido por esos documentos. Hay tres niveles: Bronce, Plata y Oro. Cuanto mayor reputación, más podrás confiar en la calidad del trabajo del vendedor.
22student22 Hogeschool Gent
Seguir Necesitas iniciar sesión para seguir a otros usuarios o asignaturas
Vendido
20
Miembro desde
9 meses
Número de seguidores
0
Documentos
12
Última venta
1 mes hace

4.0

1 reseñas

5
0
4
1
3
0
2
0
1
0

Documentos populares

Recientemente visto por ti

Por qué los estudiantes eligen Stuvia

Creado por compañeros estudiantes, verificado por reseñas

Calidad en la que puedes confiar: escrito por estudiantes que aprobaron y evaluado por otros que han usado estos resúmenes.

¿No estás satisfecho? Elige otro documento

¡No te preocupes! Puedes elegir directamente otro documento que se ajuste mejor a lo que buscas.

Paga como quieras, empieza a estudiar al instante

Sin suscripción, sin compromisos. Paga como estés acostumbrado con tarjeta de crédito y descarga tu documento PDF inmediatamente.

Student with book image

“Comprado, descargado y aprobado. Así de fácil puede ser.”

Alisha Student

Preguntas frecuentes