Systematische benadering van de acute patiënt
De ABCDE-systematiek wordt gebruikt om snel en gestructureerd de
situatie van een acuut zieke patiënt te beoordelen, met nadruk op het
functioneren van de vitale functies (zoals ademhaling en circulatie) zonder
directe focus op een diagnose.
Twee belangrijke principes:
1. Treat first what kills first – eerst behandelen wat het meest
levensbedreigend is.
2. Do no further harm – voorkom extra schade, vermijd onnodige of
risicovolle handelingen.
Vitale functies:
Airway (luchtweg)
Breathing (ademhaling)
Circulation (circulatie)
Disability (bewustzijn)
Exposure (lichaamstemperatuur)
Binnen de acute zorg ligt de nadruk vooral op bewustzijn, ademhaling en
circulatie, omdat deze sterk met elkaar samenhangen. Uitval van één van
deze functies kan snel leiden tot uitval van de andere.
Voorbeelden laten zien hoe een probleem bij één functie (zoals een
luchtwegblokkade of circulatiestilstand) leidt tot een kettingreactie
waardoor ook de andere functies falen, wat levensbedreigend is.
Airway
Bij een bewusteloze patiënt kunnen de luchtwegen geblokkeerd raken
doordat de tong naar achteren zakt door spierontspanning. Dit kan
meestal worden opgelost met een chinlift, maar soms zijn extra
handelingen nodig. Een geblokkeerde luchtweg is levensgevaarlijk, omdat
zuurstoftekort binnen enkele minuten onherstelbare hersenschade kan
veroorzaken.
Tegelijk met het veiligstellen van de luchtweg moet ook de cervicale
wervelkolom worden gestabiliseerd, vooral bij trauma. Hierbij wordt een
jawthrust uitgevoerd i.p.v. een chinlift.
, Oorzaken van luchtwegproblemen
Eigen lichaam: verslapping van tong, kaakspieren, zacht gehemelte en
strottenhoofd bij bewusteloosheid.
Vreemde voorwerpen (corpus alienum): voedsel, speelgoed, kunstgebit,
etc.
Vloeistoffen: bloed, braaksel of water.
Trauma: verwondingen aan gezicht of strottenhoofd.
Zwelling door allergieën (anafylaxie), verbranding, hete lucht of rook.
Laryngospasme: kramp van het strottenhoofd, o.a. door manipulatie of
bij gedeeltelijk bewustzijn
Volledig geblokkeerde luchtweg afwezige ademhaling, onvermogen
om te spreken of hoesten, hulpademhalingsspieren en de patiënt zal naar
de keel grijpen en rood aanlopen.
Gedeeltelijk geblokkeerde luchtweg De patiënt is in paniek, de
hulpademhalingsspieren worden gebruikt en zijn bijgeluiden te horen:
Inspiratoire stridor = Obstructie ter hoogte van de larynx of hierboven
Expiratoire stridor (Wheezing) = Obstructie in de lagere luchtwegen door
slijm, bronchoconstrictie, astma of een allergische reactie.
Snurken = Gedeeltelijke blokkade van de bovenste luchtwegen door
verslapping van de tongbasis.
Heesheid = Beschadiging adamsappel en zwelling/verwondingen in de
hals.
Deze obstructies kunnen veroorzaakt worden door bewusteloosheid,
inhalatietrauma, allergie/anafylaxie, aangezichts- en hals letsel of een
corpus alienum.
Alarmsymptomen
Afwezigheid ademhaling
Gierende ademhaling
Rood, paars of blauw gelaat
Bloed of braaksel in de mond
Onrust
Verminderd bewustzijn
Snurken
Zwelling van tong of gelaat
Heesheid
Controles in de Airway
Kijken: abnormale adembewegingen, cyanose van de slijmvliezen/mond,
zwelling in de hals & obstructie in de mond/keel?
Luisteren: kan de patiënt praten/hoesten en zijn er bijgeluiden?
Voel zo nodig of er een ademhaling is.
De ABCDE-systematiek wordt gebruikt om snel en gestructureerd de
situatie van een acuut zieke patiënt te beoordelen, met nadruk op het
functioneren van de vitale functies (zoals ademhaling en circulatie) zonder
directe focus op een diagnose.
Twee belangrijke principes:
1. Treat first what kills first – eerst behandelen wat het meest
levensbedreigend is.
2. Do no further harm – voorkom extra schade, vermijd onnodige of
risicovolle handelingen.
Vitale functies:
Airway (luchtweg)
Breathing (ademhaling)
Circulation (circulatie)
Disability (bewustzijn)
Exposure (lichaamstemperatuur)
Binnen de acute zorg ligt de nadruk vooral op bewustzijn, ademhaling en
circulatie, omdat deze sterk met elkaar samenhangen. Uitval van één van
deze functies kan snel leiden tot uitval van de andere.
Voorbeelden laten zien hoe een probleem bij één functie (zoals een
luchtwegblokkade of circulatiestilstand) leidt tot een kettingreactie
waardoor ook de andere functies falen, wat levensbedreigend is.
Airway
Bij een bewusteloze patiënt kunnen de luchtwegen geblokkeerd raken
doordat de tong naar achteren zakt door spierontspanning. Dit kan
meestal worden opgelost met een chinlift, maar soms zijn extra
handelingen nodig. Een geblokkeerde luchtweg is levensgevaarlijk, omdat
zuurstoftekort binnen enkele minuten onherstelbare hersenschade kan
veroorzaken.
Tegelijk met het veiligstellen van de luchtweg moet ook de cervicale
wervelkolom worden gestabiliseerd, vooral bij trauma. Hierbij wordt een
jawthrust uitgevoerd i.p.v. een chinlift.
, Oorzaken van luchtwegproblemen
Eigen lichaam: verslapping van tong, kaakspieren, zacht gehemelte en
strottenhoofd bij bewusteloosheid.
Vreemde voorwerpen (corpus alienum): voedsel, speelgoed, kunstgebit,
etc.
Vloeistoffen: bloed, braaksel of water.
Trauma: verwondingen aan gezicht of strottenhoofd.
Zwelling door allergieën (anafylaxie), verbranding, hete lucht of rook.
Laryngospasme: kramp van het strottenhoofd, o.a. door manipulatie of
bij gedeeltelijk bewustzijn
Volledig geblokkeerde luchtweg afwezige ademhaling, onvermogen
om te spreken of hoesten, hulpademhalingsspieren en de patiënt zal naar
de keel grijpen en rood aanlopen.
Gedeeltelijk geblokkeerde luchtweg De patiënt is in paniek, de
hulpademhalingsspieren worden gebruikt en zijn bijgeluiden te horen:
Inspiratoire stridor = Obstructie ter hoogte van de larynx of hierboven
Expiratoire stridor (Wheezing) = Obstructie in de lagere luchtwegen door
slijm, bronchoconstrictie, astma of een allergische reactie.
Snurken = Gedeeltelijke blokkade van de bovenste luchtwegen door
verslapping van de tongbasis.
Heesheid = Beschadiging adamsappel en zwelling/verwondingen in de
hals.
Deze obstructies kunnen veroorzaakt worden door bewusteloosheid,
inhalatietrauma, allergie/anafylaxie, aangezichts- en hals letsel of een
corpus alienum.
Alarmsymptomen
Afwezigheid ademhaling
Gierende ademhaling
Rood, paars of blauw gelaat
Bloed of braaksel in de mond
Onrust
Verminderd bewustzijn
Snurken
Zwelling van tong of gelaat
Heesheid
Controles in de Airway
Kijken: abnormale adembewegingen, cyanose van de slijmvliezen/mond,
zwelling in de hals & obstructie in de mond/keel?
Luisteren: kan de patiënt praten/hoesten en zijn er bijgeluiden?
Voel zo nodig of er een ademhaling is.