JURIDISCHE BENADERING
1
,DEEL I. MEDISCH BEGELEIDE VOORTPLANTING EN DRAAGMOEDERSCHAP, JURIDISCH
BENADERD
HOOFDSTUK 1. HET RECHT OP VOORTPLANTING: BESTAAT HET EIGENLIJK WEL?
Het recht op voortplanting is geen afdwingbaar recht. Niemand kan:
Zijn of haar partner dwingen om mee te werken aan voortplanting.
Een fertiliteitscentrum verplichten om een behandeling uit te voeren.
o Fertiliteitscentrums moeten een afweging maken en een fertiliteitscentrum kan hier
zelf een beslissing in maken. Bescherming van hogere belangen (centrum kan om
bepaalde redenen weigeren)
Bij een rechter afdwingen dat hij of zij een kind krijgt.
Mensenrechtelijk perspectief
Het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens (EVRM) erkent:
Artikel 8 EVRM: het recht op gezinsleven.
Artikel 12 EVRM: het recht om een gezin te stichten.
Echter:
Dit houdt geen positief claimrecht in op het krijgen van kinderen.
Het garandeert enkel de vrijheid om voor ouderschap te kiezen, zonder bemoeienis van
derden of de overheid.
Beperkingen zijn mogelijk als er zwaarder wegende maatschappelijke belangen zijn,
bijvoorbeeld wanneer een fertiliteitscentrum een behandeling weigert vanwege de mentale
gezondheid van de verzoeker.
Burgerrechtelijk perspectief
Gehuwden hebben een plicht tot geslachtsverkeer, maar dit betekent niet dat er een
verplichting tot voortplanting is.
Het homohuwelijk bevestigt dat voortplanting geen verplichting binnen een huwelijk is.
Een partner kan zonder toestemming van de ander:
o Anticonceptie gebruiken.
o Sterilisatie ondergaan.
Een volgehouden weigering om kinderen te krijgen kan wel een grond voor
echtscheiding zijn.
Conclusie
Er is een recht om te kiezen voor voortplanting, maar dit is niet absoluut.
Niemand kan een ander dwingen om mee te werken aan voortplanting.
Een plicht tot voortplanting bestaat niet.
2
, HOOFDSTUK 2. MEDISCH BEGELEIDE VOORTPLANTING
2.1. INLEIDING
Definitie van medisch begeleide voortplanting (MBV) (art. 2 Wet MBV):
Dit omvat medische technieken waarbij een eicel en/of embryo wordt behandeld, waaronder:
1. Kunstmatige inseminatie
2. In-vitrofertilisatie (IVF) en gerelateerde technieken
Belang en evolutie van MBV:
In België komt 5 tot 7% van de baby’s ter wereld via MBV, en dit percentage stijgt.
De stijging komt niet alleen door meer onvruchtbaarheid, maar ook door:
o Later ouderschap bij vrouwen
o Toename van kinderwensen bij holebi-koppels en alleenstaanden
Wetgeving (Wet van 6 juli 2007 – Wet MBV):
Na jarenlang debat goedgekeurd om MBV juridisch te regelen.
België had al een sterke internationale reputatie op dit gebied.
Doel van de wet:
o Voorkomen van misbruik en wantoestanden zoals in andere landen.
o Eenvormigheid brengen in de procedures bij Belgische fertiliteitscentra.
De wet bepaalt onder welke voorwaarden MBV juridisch geoorloofd is.
2.2. ONDER WELKE VOORWAARDEN IS MEDISCH BEGELEIDE VOORTPLANTING JURIDISCH
GEOORLOOFD?
Belangrijkste krachtlijnen met betrekking tot medisch begeleide voortplanting (MBV)
1. Locatie en uitvoering van MBV
MBV en bewaring door invriezing van embryo’s, gameten, gonaden en fragmenten van
gonaden mogen in principe enkel plaatsvinden in een erkend fertiliteitscentrum.
Uitzondering: kunstmatige inseminatie (K.I.) mag eventueel ook buiten een
fertiliteitscentrum worden uitgevoerd, bijvoorbeeld door een gynaecoloog die niet
verbonden is aan een fertiliteitscentrum.
2. Gewetensclausule en weigeringsrecht van fertiliteitscentra
Fertiliteitscentra mogen zelf beslissen of ze een verzoek tot MBV inwilligen, zelfs als de
aanvragers aan de wettelijke voorwaarden voldoen.
Redenen om een verzoek te weigeren kunnen zijn:
o Persoonlijke beleidskeuzes (bv. enkel heteroseksuele paren helpen)
o Medische of psychosociale bezwaren
Indien een verzoek wordt geweigerd, moet het centrum de wensouder(s) binnen een
maand op de hoogte brengen en indien gewenst doorverwijzen naar een ander
fertiliteitscentrum.
3. Psychologische begeleiding en informatieplicht
Als een fertiliteitscentrum ingaat op een verzoek tot MBV, moet het:
o Psychologische begeleiding bieden vóór en tijdens de behandeling.
3