PERINATALE MENTALE GEZONDHEID
1
,PERINATALE MENTALE GEZONDHEID: VOORAF
De transitie naar ouderschap kenmerken:
1. beeldvorming en verwachtingen rond de imaginaire baby
2. aanpassingsvermogen
3. engagement of betrokkenheid
Hoe oplossingsgericht werken met perinatale problemen?
actief luisteren en vragen stellen
Onderstaande Flowchart: Oplossingsgericht denken volgens het Brugs model helpt ons als niet-
mentale zorgverlener om onze eigen mogelijkheden in te zetten en grenzen te bewaken in de
ondersteuning van toekomstige of jonge ouders bij perinatale problemen.
STAP 1: is er sprake van een probleem of beperking?
- Probleem: veranderbaar, de zorgvrager kan op zoek naar een mogelijke oplossing
- Beperking: niet of tijdelijk veranderbaar, op zoek naar hoe de zorgvrager de beperking kan
aanvaarden of er leren mee omgaan
STAP 2: is er een hulpvraag?
1. geen duidelijjke hulpvraag en bepaalde mate niet bereid om iets te veranderen
VRIJBLIJVENDE RELATIE MET DE ZORGVERNER dus inzetten op:
o ruimte geven
o ‘joinen’: alliantie vormen om tot een werkbare therapeutische relatie te komen
o Respect, waarderen, complimenteren, informeren
VRIJBLIJVENDE RELATIE MET DE ZORGVRAGER dus nog geen mandaat om: advies geven,
opdrachten geven,..
2. probleem wordt onderkend maar is nog vaag, niet werkbaar en hulpvrager ziet geen oplossingen
ZOEKENDE RELATIE dus:
o Hulpvraag werkbaar en doelstellingen zoeken
o Wat is je ervaring? Wat doe je met problemen, beperkingen?
2
, o Empoweren
3. zorgvrager wil het probleem aanpakken, zelf of met hulp
CONSULTERENDE RELATIE dus:
o Zorgvrager zoekt mee naar oplossingen
o Puzzelstukjes juist leggen i.f.v oplossing
o Coping nagaan?
o Hulpbronnen binnen de omgeving?
o Impact van peers en lotgenoten?
4. zorgvrager is in staat om het probleem zelf aan te pakken
CO-EXPERTENRELATIE dus:
o Duwtje in de rug, schouderklopje, applaus en feedback geven
o Complimenteren en aamoedigen
3
, 1. BEGELEIDING BIJ PERINATALE MENTALE PROBLEMEN
1.1 PRE-, POST- OF PERINATALE DEPRESSIE?
POSTPARTUMDEPRESSIE (PPD)
POSTPARTUMPSYCHOSE (PPP) PERINATALE DEPRESSIE
POSTTRAUMATISCHE STRESS STOORNIS (PTSS)
1.2 POSTPARTUM DEPRESSIE
1.2.1 BEGRIPSOMSCHRIJVING PPD
Perinatale depressie
Liever postpartumdepressie dan postnatale depressie
Een perinatale depressie is een term die gebruikt wordt om een depressieve periode gedurende de
zwangerschap en/of postpartum periode te beschrijven.
Daarnaast hebben we nog het begrip postnatale depressie wat meer ingeburgerd is dan postpartum
depressie. Postnataal betekent letterlijk ‘na de geboorte’ waardoor het lijkt alsof het kind depressief
is en niet de moeder. Daarom is het beter om te spreken van een postpartum depressie in plaats van
een postnatale depressie
1.2.2 PREVALENTIE
Een depressie tijdens en na de bevalling treedt meer op dan de meeste mensen zich realiseren. Veel
moeders hebben het in de periode na de geboorte van hun kind moeilijk met de grote veranderingen
in hun leven.
De prevalentie van prenatale depressie is ongeveer 12 procent en de prevalentie van postpartum
depressie in het eerste jaar na de geboorte bedraagt 10 tot 22%.
In Vlaanderen zouden naar schatting jaarlijks bijna 10.000 vrouwen worden getroffen door een
postpartumdepressie.
1.2.3 SIGNALEN EN SYMPTOMEN
Signalen en symptomen van een perinatale depressie zijn vergelijkbaar met deze die tevens kunnen
voorkomen op andere momenten in het leven. Bij de meeste vrouwen begint een postpartum
depressie binnen de 12 weken postpartum.
Voorkomende symptomen zijn dysforie, emotionele labiliteit, slapeloosheid, verwarring,
schuldgevoelens en zelfmoordgedachten.
Wanhoop is hierbij geïdentificeerd als één van de belangrijkste kenmerken van depressie. Een
depressie wordt ook omschreven als een patroon van negatieve verwachtingen voor de toekomst.
Volgens onderzoek van Kind & Gezin kunnen volgende symptomen, tot 1 jaar na geboorte, wijzen op
een post-partumdepressie:
somberheid en pessimistische gedachten
gebrek aan interesse en initiatief
weinig plezier beleven aan het kindje
geen 'moedergevoel' of juist overbezorgd om het kindje
extreme vermoeidheid en lusteloosheid
huilbuien
4
1
,PERINATALE MENTALE GEZONDHEID: VOORAF
De transitie naar ouderschap kenmerken:
1. beeldvorming en verwachtingen rond de imaginaire baby
2. aanpassingsvermogen
3. engagement of betrokkenheid
Hoe oplossingsgericht werken met perinatale problemen?
actief luisteren en vragen stellen
Onderstaande Flowchart: Oplossingsgericht denken volgens het Brugs model helpt ons als niet-
mentale zorgverlener om onze eigen mogelijkheden in te zetten en grenzen te bewaken in de
ondersteuning van toekomstige of jonge ouders bij perinatale problemen.
STAP 1: is er sprake van een probleem of beperking?
- Probleem: veranderbaar, de zorgvrager kan op zoek naar een mogelijke oplossing
- Beperking: niet of tijdelijk veranderbaar, op zoek naar hoe de zorgvrager de beperking kan
aanvaarden of er leren mee omgaan
STAP 2: is er een hulpvraag?
1. geen duidelijjke hulpvraag en bepaalde mate niet bereid om iets te veranderen
VRIJBLIJVENDE RELATIE MET DE ZORGVERNER dus inzetten op:
o ruimte geven
o ‘joinen’: alliantie vormen om tot een werkbare therapeutische relatie te komen
o Respect, waarderen, complimenteren, informeren
VRIJBLIJVENDE RELATIE MET DE ZORGVRAGER dus nog geen mandaat om: advies geven,
opdrachten geven,..
2. probleem wordt onderkend maar is nog vaag, niet werkbaar en hulpvrager ziet geen oplossingen
ZOEKENDE RELATIE dus:
o Hulpvraag werkbaar en doelstellingen zoeken
o Wat is je ervaring? Wat doe je met problemen, beperkingen?
2
, o Empoweren
3. zorgvrager wil het probleem aanpakken, zelf of met hulp
CONSULTERENDE RELATIE dus:
o Zorgvrager zoekt mee naar oplossingen
o Puzzelstukjes juist leggen i.f.v oplossing
o Coping nagaan?
o Hulpbronnen binnen de omgeving?
o Impact van peers en lotgenoten?
4. zorgvrager is in staat om het probleem zelf aan te pakken
CO-EXPERTENRELATIE dus:
o Duwtje in de rug, schouderklopje, applaus en feedback geven
o Complimenteren en aamoedigen
3
, 1. BEGELEIDING BIJ PERINATALE MENTALE PROBLEMEN
1.1 PRE-, POST- OF PERINATALE DEPRESSIE?
POSTPARTUMDEPRESSIE (PPD)
POSTPARTUMPSYCHOSE (PPP) PERINATALE DEPRESSIE
POSTTRAUMATISCHE STRESS STOORNIS (PTSS)
1.2 POSTPARTUM DEPRESSIE
1.2.1 BEGRIPSOMSCHRIJVING PPD
Perinatale depressie
Liever postpartumdepressie dan postnatale depressie
Een perinatale depressie is een term die gebruikt wordt om een depressieve periode gedurende de
zwangerschap en/of postpartum periode te beschrijven.
Daarnaast hebben we nog het begrip postnatale depressie wat meer ingeburgerd is dan postpartum
depressie. Postnataal betekent letterlijk ‘na de geboorte’ waardoor het lijkt alsof het kind depressief
is en niet de moeder. Daarom is het beter om te spreken van een postpartum depressie in plaats van
een postnatale depressie
1.2.2 PREVALENTIE
Een depressie tijdens en na de bevalling treedt meer op dan de meeste mensen zich realiseren. Veel
moeders hebben het in de periode na de geboorte van hun kind moeilijk met de grote veranderingen
in hun leven.
De prevalentie van prenatale depressie is ongeveer 12 procent en de prevalentie van postpartum
depressie in het eerste jaar na de geboorte bedraagt 10 tot 22%.
In Vlaanderen zouden naar schatting jaarlijks bijna 10.000 vrouwen worden getroffen door een
postpartumdepressie.
1.2.3 SIGNALEN EN SYMPTOMEN
Signalen en symptomen van een perinatale depressie zijn vergelijkbaar met deze die tevens kunnen
voorkomen op andere momenten in het leven. Bij de meeste vrouwen begint een postpartum
depressie binnen de 12 weken postpartum.
Voorkomende symptomen zijn dysforie, emotionele labiliteit, slapeloosheid, verwarring,
schuldgevoelens en zelfmoordgedachten.
Wanhoop is hierbij geïdentificeerd als één van de belangrijkste kenmerken van depressie. Een
depressie wordt ook omschreven als een patroon van negatieve verwachtingen voor de toekomst.
Volgens onderzoek van Kind & Gezin kunnen volgende symptomen, tot 1 jaar na geboorte, wijzen op
een post-partumdepressie:
somberheid en pessimistische gedachten
gebrek aan interesse en initiatief
weinig plezier beleven aan het kindje
geen 'moedergevoel' of juist overbezorgd om het kindje
extreme vermoeidheid en lusteloosheid
huilbuien
4