Inhoudsopgave
Week 1: Grondslagen van de internationale rechtsorde..................................................................................1
Week 2: Subjecten van het internationaal publiekrecht..................................................................................4
Week 3: Bronnen van het internationaal publiekrecht..................................................................................11
Week 4: Handhaving en geschillenbeslechting.............................................................................................. 17
Week 5: Aansprakelijkheidsrecht.................................................................................................................. 23
Week 6: Rechtsmacht en immuniteiten........................................................................................................ 29
Week 7: Nederland en de internationale rechtsorde.....................................................................................38
Week 1: Grondslagen van de internationale rechtsorde
Internationaal publiekrecht recht tussen staten
Nationaal recht is voornamelijk een verticale structuur/ rechtsorde, terwijl er op internationaal
niveau juist een horizontale structuur/ rechtsorde is
Er rust een verplichting op Nederland om bij te dragen aan de internationale rechtsorde (gematigd
monisme)
De wereld van vandaag: internationale betrekkingen en onderlinge afhankelijkheden maken
internationale samenwerking noodzakelijk het internationaal publiekrecht helpt bij het vormgeven
van die samenwerking
‘Internationaal publiekrecht regelt de uitoefening van publiek gezag in de internationale
gemeenschap. Het kent bevoegdheden toe aan entiteiten die publiek gezag uitoefenen (vooral Staten
en internationale organisaties) en biedt een juridisch kader waarbinnen zij deze bevoegdheden
uitoefenen.’
Internationale rechtsbronnen:
Gewoonterecht
Verdragen
Algemene rechtsbeginselen
Besluiten van internationale organisaties
Secundair: rechterlijke beslissingen & opvattingen van de meest bevoegde schrijvers
Verhouding tot nationaal recht
Dualisme vs. monisme
Internationaal Publiekrecht:
Reguleert de uitoefening van publiek gezag in de internationale gemeenschap
Internationale actoren
Staten
Andere internationale actoren (bijv. internationale organisaties)
Beschermt publieke belangen: bijv. veiligheid, welzijn, bescherming van natuur en milieu etc.
Niet – juridische normen
Bijv. aanbevelingen van de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties (AVVN)
Morele en religieuze normen
, Publieke overwegingen
Niet – juridische normen spelen wel een rol in de internationale rechtsorde, maar worden
onderscheiden van (internationale) juridische normen aan de hand van 2 criteria:
Bron van een regel (positivisme)
Schending gekoppeld aan een sanctie
Handhaving en aansprakelijkheid
Nationale rechtsorde Internationale rechtsorde
Hoogontwikkeld Gefragmenteerd
Verticale structuur (bijv. tussen staat en Horizontale structuur (bijv. tussen soevereine
rechtssubjecten) staten)
Centraal gezag (wetgever, rechterlijke en Geen centraal gezag; decentraal karakter
uitvoerende macht)
Rechter bindende uitspraken Geen ‘automatische wereldrechter’,
rechtsmacht Internationaal Gerechtshof
Grote beleidsvrijheid voor staten
Geschiedenis
Oorsprong van het internationaal publiekrecht: Vrede van Westfalen (1649)
scheiding tussen kerk en staat begin soevereine staat
Hugo de Groot (Grotius) 1583 – 1645
Alumnus van Leiden
Ontspant in boekenkist uit slot Loevestein
Voorloper natuurrechtelijke denkers
De iure belli ac pacis (over het recht van oorlog en vrede)
Mare liberum (vrijhandel en toegang tot de zee)
Einde WOII en Dekolonisatie
Handvest van de Verenigde naties (1945)
Beginsel van zelfbeschikking: het recht van volkeren om over hun eigen lot te beschikken
50 staten na WOII, +/- 193 staten in 2024
Europese invloed in Internationaal recht
Historisch gezien ‘Europees’ publiekrecht, verbreid over de wereld door koloniaal gezag
Nederland speelde daarbij een grote rol (VOC, WIC) en oefende koloniaal gezag uit
Dus wel internationaal (in geografische zin), maar zeker niet universeel
Na WOI verloor Europa zijn greep op de internationale rechtsorde Verenigde Staten als
machtsfactor en opkomst communistische Sovjet – Unie
Westerse aanname: met toenemende globalisering zouden ook Westerse ideeën, zoals
democratie en mensenrechten, globaal worden overgenomen
Maar: kloof tussen westen en China/ Rusland groter dan ooit; veel staten in Azië en Afrika
kiezen niet de kant van het westen
Kernbegrip: soevereiniteit
Soevereine gelijkheid van staten
rechtsmacht van staten en beperkingen daarop
Betekent het dat alle Staten precies hetzelfde zijn? Nee
Het betekent dat alle Staten een gelijke juridische positie hebben
Rol van macht en politiek in het internationaal publiekrecht
Maar: internationaal recht is en blijft recht – ook al wijkt het vaak voor politieke belangen
,Kernbegrip: instemming
Een belangrijk kenmerk van het internationaal publiekrecht is het beginsel van instemming
(consent)
een staat moet instemmen met een bepaalde regel of lidmaatschap van een
internationale organisatie voordat deze bindend is voor de staat
vloeit voort uit het beginsel van soevereine gelijkheid
Organisatie van internationaal recht
3 organisatievormen:
1. Recht van coëxistentie vreedzaam naast elkaar bestaan van onafhankelijke staten
2. Recht van samenwerking - gemeenschappelijke belangen, actieve samenwerking tussen
staten (bijv. terrorismebestrijding, klimaatverandering)
3. Recht van integratie bijv. EU, en in mindere mate de VN
Vrede en veiligheid: Een van de grondslagen van de internationale rechtsorde
Internationale rechtsorde
Co-existentie en samenwerking
Soevereine gelijkheid van staten
Geweldsverbod
Vreedzame geschillenbeslechting
Verenigde Naties
Maar: nog steeds oorlogen
Geschiedenis
Vroeger behoorde oorlog voeren simpelweg tot de manieren waarop staten en volkeren hun
buitenlandse betrekkingen uitvoerden: een ultimum remedium
‘War is a mere continuation of policy with other means’ (Karl von Clausewitz, Vom Kriege,
1832)
WOI & WOII
erkenning van Risico op escalatie en een oorlog met kernwapens
steeds meer aandacht voor mensenrechten en menselijke waardigheid
Volkenbond (League of Nations) 1919 – 1946
Verenigde Naties (United Nations) 1945 – nu
Handvest van de Verenigde Naties (1945)
Preambule: Wij, de volken van de Verenigde Naties,
Vastbesloten
Komende gelsachten te behoeden voor de gesel van de oorlog,
Fundamentele rechten van de mens
Gerechtigheid
Vrede
Handhaving van de internationale vrede en veiligheid
Artikel 1 VN – Handvest
Vrede en Veiligheid na 1945
Stelsel van collectieve veiligheid, vreedzame geschillenbeslechting en geweldsverbod
Art.2 lid 3 VN - Handvest alle leden brengen hun internationale geschillen lands
vreedzame weg
Art. 2 lid 4 VN - Handvest onthouden alle Leden zich van bedreiging met of het
gebruik van geweld
Jud as bellum het recht van toepassing op het al dan niet beginnen van een oorlog
Jus in bello het recht van toepassing tijdens een oorlog
, Geweldsverbod
Art. 2 lid 4 VN – Handvest: in hun internationale betrekkingen onthouden alle Leden zich van
bedreiding met of het gebruik van geweld tegen de territoriale integriteit of de politieke
onafhankelijkheid van een staat en van elke andere handelwijze die onverenigbaar is met de
doelstellingen van de Verenigde Naties
Behoort tot het gewoonterecht, ook dwingend recht (jus cogens)
Zowel het daadwerkelijke gebruik van geweld als bedreiging ermee
In principe alleen van toepassing op geweld tussen staten, en niet binnen een staat
2 uitzonderingen:
1. Zelfverdediging: art. 51 VN – Handvest
Behoort ook tot het gewoonterecht
Individueel of collectief
‘gewapende aanval’ hogere drempel dan art. 2 lid 4 om escalatie te
voorkomen
Anticiperende zelfverdediging?
Criteria:
1) ‘gewapende aanval’
2) Meldplicht aan VN – Veiligheidsraad
3) Aanvullende voorwaarden: noodzakelijkheid en proportionaliteit
2. Gebruik van geweld door of namens de VN
Stelsel van collectieve veiligheid van de VN
Dwangmaatregelen zonder geweld (art. 41)
Bijv. verbreken economische/ diplomatieke betrekkingen
Dwangmaatregelen met geweld (art. 42)
Veelal pas nadat art. 41 niet tot resultaat heeft geleid
Delegatie van gebruik van geweld
Vredesbewaring
VN – Veiligheidsraad
Mandaat: handhaven van de internationale vrede en veiligheid
Bindende resoluties
15 leden: 5 permanente leden met veto – recht (China, Frankrijk, Rusland,
Verenigd Koninkrijk en Verenigde Staten) en 10 niet – permanente leden
Nederland was in 2018 voor het laatst lid
Algemene Vergadering van de VN (AVVN)
193 leden (alle lidstaten van de VN; elk lid heeft 1 stem
Niet bindende resoluties
De oorlog in Oekraïne
2014: annexatie Krim
Sinds 2014: oorlog in Oost-Oekraïne (pro-Russische protesten: uitroeping van zelfverklaarde
volksrepublieken)
24 februari 2022: speciale militaire operatie :grootschalige invasie van Oekraïne door Rusland
Wordt sterk veroordeeld door de internationale gemeenschap; veel economische en militaire
steun aan Oekraïne
Oekraïense tegenaanvallen
VN – Veiligheidsraad verlamd i.v.m. veto Rusland
Week 2: Subjecten van het internationaal publiekrecht
Rechtssubjectiviteit