ME: Eigen vragen
Wat is media-economie?
o Leg uit: Neoklassieke theorie.
o Leg uit: Agency theorie.
o Leg uit: transactiekostentheorie.
o Bespreek de 3 types productiekosten.
Marktstructuren
o Leg uit: Perfecte competitie.
o Leg uit: Monopolie.
o Leg uit: Monopolistische competitie.
o Leg uit: Oligopolie.
o Leg het SCP-model uit. Welke kritieken zijn er op dit model?
o Vergelijk ‘economies of scale’ met ‘economies of scope’.
Belgische mediamarkten
o Waarom was een commerciële tv-zender in Wallonië geen instant succesverhaal?
o Beschrijf de politiek pluriforme dagbladpers.
o Vergelijk ‘kwaliteitsvolle brands’ met ‘brands op grote massa gericht’.
o Wat zijn de 5 grote uitgeversgroepen in België?
o Vergelijk de ‘oplages en betaalde verspreiding’ tussen Wallonië en Vlaanderen.
Convergentie & multi-platform
o Geef en bespreek de 4 verschillende types van convergentie.
o Geef en bespreek de verschillende stappen in de waardeketen.
o Bespreek 2 strategieën hoe een bedrijf kan omgaan met de dominantie van
monopolies.
Mediaconcentratie
o Leg uit: horizontale expansie.
o Leg uit: verticale expansie.
o Leg uit: diagonale expansie.
o Leg uit: internationale expansie.
o Bespreek de positieve en negatieve gevolgen van mediaconcentratie.
o Leg uit: liberale visie – vrijemarktmodel.
o Leg uit: kritisch-marxistische visie – publiekbeleidsmodel.
Media in de netwerkeconomie
o Vergelijk een ‘uni-directioneel netwerk’ met een ‘bi-directioneel netwerk’.
o Leg de ‘Wet van Metcalfe’ uit.
o Vergelijk directe met indirecte netwerkeffecten.
o Geef en bespreek de 5 kenmerken van netwerken.
Gilles ME: Eigen vragen 1
Wat is media-economie?
o Leg uit: Neoklassieke theorie.
o Leg uit: Agency theorie.
o Leg uit: transactiekostentheorie.
o Bespreek de 3 types productiekosten.
Marktstructuren
o Leg uit: Perfecte competitie.
o Leg uit: Monopolie.
o Leg uit: Monopolistische competitie.
o Leg uit: Oligopolie.
o Leg het SCP-model uit. Welke kritieken zijn er op dit model?
o Vergelijk ‘economies of scale’ met ‘economies of scope’.
Belgische mediamarkten
o Waarom was een commerciële tv-zender in Wallonië geen instant succesverhaal?
o Beschrijf de politiek pluriforme dagbladpers.
o Vergelijk ‘kwaliteitsvolle brands’ met ‘brands op grote massa gericht’.
o Wat zijn de 5 grote uitgeversgroepen in België?
o Vergelijk de ‘oplages en betaalde verspreiding’ tussen Wallonië en Vlaanderen.
Convergentie & multi-platform
o Geef en bespreek de 4 verschillende types van convergentie.
o Geef en bespreek de verschillende stappen in de waardeketen.
o Bespreek 2 strategieën hoe een bedrijf kan omgaan met de dominantie van
monopolies.
Mediaconcentratie
o Leg uit: horizontale expansie.
o Leg uit: verticale expansie.
o Leg uit: diagonale expansie.
o Leg uit: internationale expansie.
o Bespreek de positieve en negatieve gevolgen van mediaconcentratie.
o Leg uit: liberale visie – vrijemarktmodel.
o Leg uit: kritisch-marxistische visie – publiekbeleidsmodel.
Media in de netwerkeconomie
o Vergelijk een ‘uni-directioneel netwerk’ met een ‘bi-directioneel netwerk’.
o Leg de ‘Wet van Metcalfe’ uit.
o Vergelijk directe met indirecte netwerkeffecten.
o Geef en bespreek de 5 kenmerken van netwerken.
Gilles ME: Eigen vragen 1